Legesverordening Wetterskip Fryslân 2026

Het algemeen bestuur van Wetterskip Fryslân;

gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur van 25 november 2025;

gelet op de artikelen 110, 113 en 115, eerste lid, onder b en c van de Waterschapswet en artikel 13.1a lid 1 en lid 3 van de Omgevingswet;

BESLUIT:

De: Legesverordening Wetterskip Fryslân 2026 vast te stellen luidende als volgt.

Tarieventabel bij de Legesverordening Wetterskip Fryslân 2025

 

Hoofdstuk 1 Documenten

Het tarief bedraagt voor:

1.1

Het verstrekken van afschriften van stukken die geen tarief hebben elders of in een andere wettelijke regeling (per pagina)

€ 0,23

 

Bedragen tot € 5,- worden niet in rekening gebracht.

 

1.2

Het verstrekken van kaarten en tekeningen

 

 

A-0 formaat per stuk

€ 10,24

 

A-1 formaat per stuk

€ 7,79

 

A-2 formaat per stuk

€ 6,41

 

A-3 formaat per stuk

€ 5,16

 

A-4 formaat per stuk

€ 3,84

 

Bedragen tot € 5,- worden niet in rekening gebracht.

 

 

Het behandeling nemen van een aanvraag tot voldoen aan een verzoek op grond van de Wet open overheid

De landelijk vastgestelde bedragen op grond van artikel 8.6 van Woo.

 

Het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in artikel 13 en 14 van de Algemene verordening gegevensbescherming en het verzoek kennelijk ongegrond of buitensporig is, vooral vanwege het repetitieve karakter.

Een redelijke vergoeding zoals genoemd in artikel 12, lid 5, sub van de Algemene verordening gegevensbescherming.

 

 

Hoofdstuk 2 Bestuursstukken

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een exemplaar van:

2.1

de begroting

€ 32,17

2.2

de kaderbrief

€ 23,19

2.3

de jaarrapportage

€ 32,17

2.4

het waterbeheerprogramma

€ 29,54

2.5

een gebiedsplan

€ 29,54

2.5

een peilbesluit

€ 29,54

2.6

openbare vergaderstukken per set

€ 40,08

 

Het tarief bedraagt voor een abonnement op de openbare vergaderstukken voor een kalenderjaar:

2.7

op de vergaderstukken voor de vergadering van het algemeen bestuur

€ 128,93

2.8

op de vergaderstukken voor een commissie

€ 129,93

Hoofdstuk 3 Archief

3.1

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het doen van nasporingen (ongeacht het resultaat) in stukken die in het archief van Wetterskip Fryslân berusten door een ambtenaar, per kwartier (tot 15 minuten wordt niet in rekening gebracht).

€ 14,07

Voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag krijgt de aanvrager een mededeling met een schatting van de hoeveelheid tijd die met de nasporing gemoeid zal zijn.

3.2

Het verstrekken van reproducties van archiefstukken, zoals kaarten, tekeningen, foto’s en van afschriften of uittreksels uit een in het archief berustend stuk of een gedeelte daarvan.

Werkelijke kosten.

 

Hoofdstuk 4 Vergunningen betreffende waterstaatwerken en beschermingszones en voor handelingen met betrekking tot lozingsactiviteiten op oppervlaktewateren en zuiveringstechnische werken.

Het tarief om een aanvraag voor een dienst, vergunning of ontheffing op grond van de Omgevingswet, de waterschapsverordening of andere wet- en regelgeving in behandeling te nemen, bedraagt voor:

4.1.

Vergunningen die zonder overleg en/of onderzoek worden afgehandeld.

€ 416,64

4.2.

Vergunningen die beperkt intern overleg en/of onderzoek kosten.

€ 812,96

4.3.

Vergunningen die multidisciplinair overleg, onderzoek en/of modelrekenwerk kosten.

€ 2.002,32

4.4

Vergunningen die intensief multidisciplinair overleg, onderzoek en/of modelrekenwerk kosten.

Starttarief € 2.298,90

 

4.5

Vergunningen voor relatief grote infrastructurele en ruimtelijke projecten die veel uren en meerdere disciplines van het waterschap kosten.

Startarief € 4.007,34

4.6

Voor beperkingengebiedactiviteiten en overige activiteiten ten aanzien van waterstaatwerken

Afhankelijk van omvang van de dienstverlening geldt een van de tarieven in categorie 4.1 tot en 4.5.

4.7

Voor een aanvraag om een maatwerkvoorschrift als bedoeld in artikel 1.8 van de Waterschapsverordening.

Idem als onder 4.6

4.8

Voor een aanvraag om toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel, als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet

Idem als onder 4.6

4.9

De tarieven in dit hoofdstuk worden verhoogd met de kosten die een ander bestuursorgaan voor een advies of instemming heft wanneer het waterschap dat op basis van een wettelijk voorschrift, andere regelingen en/of afspraken om advies of instemming moet vragen.

Idem als onder 4.6

4.10

Als een ander bestuursorgaan het waterschap om advies of instemming vraagt op basis van een wettelijk voorschrift, andere regelingen en/of afspraken, voor het in behandeling nemen van een aanvraag of het verlenen van een dienst, is het tarief gelijk aan de leges die het waterschap zou heffen als het waterschap het bevoegd gezag bij de aanvraag zou zijn. Het bestuursorgaan dat advies of instemming van het waterschap vraagt kan de verschuldigde belasting verhalen op degene wiens aanvraag tot het advies leidt.

Idem als onder 4.6

 

Hoofdstuk 5 Peilbesluiten

 

5.1

Aanvragen tot wijziging van een vastgesteld peilbesluit en het maken van de daarvoor noodzakelijke werken inclusief de kosten van publicatie

€ 3.434,87

 

Hoofdstuk 6 Extern deskundigenadvies

 

6.1

Een werk of activiteit waarvoor een extern deskundigenadvies moet worden ingewonnen voor de vergunningverlening:

Het legestarief in hoofdstuk 4 van de tarieventabel, verhoogd met de werkelijke kosten van het advies

Voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag krijgt de aanvrager een mededeling van een schatting van de werkelijke kosten.

Hoofdstuk 7. Overige bepalingen

  • 1.

    De startbedragen in hoofdstuk 4 onder 4.4, 4.5, worden verhoogd met een bedrag van de (externe) advieskosten waarover de aanvrager een mededeling kreeg voorafgaand aan het in behandeling nemen van een aanvraag, blijkend uit een begroting die door of vanwege de heffingsambtenaar is vastgesteld. Dit is eveneens van toepassing op het gestelde onder 4.6 tot met 4.10 als blijkt dat de mate van dienstverlening een omvang heeft die overeenkomt met het gestelde in 4.4 of 4.5.

  • 2.

    Voor de toepassing van artikel 7 lid 1 wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de aanvrager is geïnformeerd over begroting van de advieskosten.

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    waterschap: Wetterskip Fryslân;

  • b.

    heffingsambtenaar: de door het dagelijks bestuur aangewezen ambtenaar, bedoeld in artikel 123, derde lid, onderdeel b, van de Waterschapswet;

  • c.

    invorderingsambtenaar: de door het dagelijks bestuur aangewezen ambtenaar, bedoeld in artikel 123, derde lid, onderdeel c, van de Waterschapswet.

Artikel 2 Aard van de heffing en belastbaar feit

Onder de naam leges worden rechten geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een dienst of het nemen van een besluit. De verschillende aanvragen worden genoemd in de tarieventabel bij deze verordening.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst of degene voor wie de aanvraag is gedaan.

Artikel 4 Maatstaf en tarief

  • 1.

    De leges worden geheven naar de maatstaf en het tarief in de tarieventabel bij deze verordening.

  • 2.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van de in de tarieventabel genoemde eenheid als volle eenheid aangemerkt.

Artikel 5 Wijze van heffing

  • 1.

    De leges worden geheven door middel van een aanslag, of door middel van een mondelinge of een gedagtekende schriftelijke kennisgeving zoals een stempelafdruk, nota of andere schriftuur.

  • 2.

    Als het bedrag dat vermoedelijk gevorderd zal worden dat rechtvaardigt, kan een voorlopig bedrag gevorderd worden.

Artikel 6 Vrijstellingen

Geen leges worden geheven in de volgende gevallen:

  • a.

    Het verstrekken van stukken die ingevolge enig wettelijk voorschrift kosteloos worden verstrekt.

  • b.

    Het opzoeken van documenten in het archief voor wetenschappelijke- of onderwijsdoeleinden;

  • c.

    Het toezenden van stukken aan de publiciteitsmedia;

  • d.

    Kleine administratieve verrichtingen zoals wijzigingen in de tenaamstelling;

  • e.

    Het toezenden van stukken aan particulieren, de rechterlijke macht, bedrijven en instellingen in het ambtelijk en bestuurlijk verkeer;

  • f.

    Het behandelen van een aanvraag voor een revisievergunning op verzoek van het waterschap;

  • g.

    Het behandelen van een vergunningaanvraag voor een tijdelijke afwijking van een vastgesteld peil die dienstig is aan het weidevogelbeheer.

  • h.

    Het behandelen van een aanvraag om vergunning, ontheffing of andere dienst als die aanvraag voortvloeit uit de uitvoering van werkzaamheden door of vanwege het waterschap zelf of werkzaamheden die daarvan een direct gevolg zijn.

Artikel 7 Betalingstermijnen

In afwijking van artikel 9 van de Invorderingswet 1990, gelden bij de heffing van de leges de volgende betaaltermijnen.

  • a.

    Als de leges worden geheven door middel van aanslag, moet de belasting binnen vier weken na dagtekening van het aanslagbiljet worden betaald.

  • b.

    Als de leges worden geheven door middel van een mondelinge kennisgeving, moet de belasting op het moment waarop de kennisgeving wordt gedaan worden betaald.

  • c.

    Als de leges worden geheven door middel van een schriftelijke kennisgeving, moet de belasting op het moment van uitreiken van de kennisgeving worden betaald, of wanneer de kennisgeving wordt toegezonden, binnen vier weken na dagtekening van de kennisgeving.

  • d.

    In afwijking van sub a geldt voor de diensten als bedoeld in hoofdstuk IV, V en VI van de bij deze verordening behorende tarieventabel, waarvoor de te heffen leges meer bedragen dan € 250,-, dat de leges moeten worden betaald in één dan wel twee gelijke maandelijkse termijnen, waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die van de dagtekening van de kennisgeving en de tweede een maand later.

Artikel 8 Gedeeltelijke teruggave leges

Een gedeeltelijke teruggave van de leges wordt verleend voor het in behandeling nemen van een aanvraag die:

  • a.

    ingevolge het bepaalde bij artikel 4:5 jo 3:18 Awb niet wordt behandeld, voor 75%;

  • b.

    binnen één maand nadat deze in behandeling is genomen wordt ingetrokken, voor 50%;

  • c.

    op een later tijdstip dan bedoeld onder b. wordt ingetrokken, voor 25%;

  • d.

    wordt geweigerd, voor 15%;

  • e.

    betrekking heeft op het wijzigen van een verleende vergunning of ontheffing, voor 50%;

  • f.

    indien achteraf blijkt dat de werkelijke advieskosten zoal genoemd onder 7.1 van de tarieventabel lager zijn dan het op basis van de begroting bepaalde bedrag, wordt voor het verschil teruggaaf verleend.

  • g.

    van gedeeltelijke teruggave van leges zijn uitgezonderd de advieskosten zoals genoemd onder hoofdstuk 6 van de tarieventabel.

Artikel 9 Kwijtschelding

Bij de invordering van leges wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 10 Nadere regels door het dagelijks bestuur

Het dagelijks bestuur van het waterschap kan nadere regels geven voor de heffing en de invordering van de leges.

Artikel 11 Hardheidsclausule

Als strikte toepassing van deze verordening zou leiden tot onvoorziene onbillijkheden van overwegende aard kan de heffingsambtenaar afwijken van de regels in deze verordening. De heffingsambtenaar maakt pas gebruik van de bevoegdheid na overleg met de dijkgraaf van het waterschap.

Artikel 12 Intrekking, inwerkingtreding, tijdstip van ingang van de heffing en citeertitel

  • 1.

    De Legesverordening Wetterskip Fryslân 2025 en de daarbij behorende tarieventabel, wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is de datum van de inwerkingtreding van deze verordening.

  • 4.

    Deze verordening wordt aangehaald als de legesverordening Wetterskip Fryslân 2026.

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van het algemeen bestuur van Wetterskip Fryslân, gehouden op 16 december 2025 te Leeuwarden.

L.M.B.C. Kroon, E. van der Kuil

Dijkgraaf interim secretaris-directeur

TOELICHTING OP DE LEGESVERORDENING WETTERSKIP FRYSLAN 2025

 

Algemene toelichting

Wettelijke basis/begrip leges

Het begrip leges komt niet meer in de Waterschapswet voor vanaf de inwerkingtreding op 1 januari 1995 van de wet tot wijziging van de Waterschapswet met betrekking tot de materiële belastingbepalingen (Stb 1994, 419) . Dit begrip is vervallen omdat de wetgever geen verschil ziet tussen leges en (genots)rechten. Leges vallen dus onder de genotsrechten uit artikel 115 Waterschapswet. Wel bepaalt onderdeel c van artikel 115 van de Waterschapswet (wellicht ten overvloede) dat de waterschappen leges mogen heffen voor het behandelen van verzoeken tot het verlenen van vergunningen. De grondslag voor rechtenheffing staat om misverstanden te voorkomen toch in artikel 13.1a van de Omgevingswet voor waterschappen. Artikel 13.1a van de Omgevingswet dekt overigens niet alle activiteiten in het kader van de Omgevingswet. Het in behandeling nemen van een aanvraag voor een maatwerkvoorschrift en voor toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel, vallen bijvoorbeeld niet onder het bereik van artikel 13.1a van de Omgevingswet. Daarvoor vormt artikel 115 lid 1, b en c van de Waterschapswet dus nog steeds de grondslag. Artikel 13.1a van de Omgevingswet en artikel 115 lid 1, b en c van de Waterschapswet zijn dus samen de wettelijke grondslag voor de legesverordening.

Omdat de term “leges” een bekend en ingeburgerd begrip is, wordt het wel gehanteerd in de legesverordening.

Inhoud verordening

Een belastingverordening moet in elk geval vermelden (artikel 111 van de Waterschapswet): de belastingplichtige, het voorwerp van de belasting, het belastbare feit, de heffingsmaatstaf, het tarief, het tijdstip van ingang van de heffing wat belangrijk is voor de heffing en de invordering en het tijdstip van inwerkingtreding. Deze verplichte elementen komen dan ook terug in de legesverordening.

Karakter leges en begrip diensten

Leges kunnen alleen worden geheven voor het genot van door of vanwege het bestuur van het waterschap verleende diensten (artikel 115, eerste lid, onderdeel b, van de Waterschapswet). Pas nadat de dienst is verleend, kan leges worden geheven. Anders gezegd: als een waterschap geen aanvraag tot één of meer door het waterschap te verlenen diensten in behandeling neemt, kan zij geen leges heffen. De tarieventabel bij de verordening moet de diensten waarvoor de leges geheven worden duidelijk omschrijven.

De jurisprudentie heeft het begrip “dienst” of “dienstverlening” verder gedefinieerd omdat de wet dat niet doet. Het moet gaan om handelingen die vooral in het individuele belang van de aanvrager van de dienst worden verricht. Geen leges kunnen daarom worden gevraagd voor:

  • inspraak, bezwaar en beroep;

  • kosten voor het behandelen van een verzoek om schadevergoeding;

  • kosten in verband met het maken van een beleidsplan;

  • kosten van toezicht en handhaving.

Vrijstellingen

Een aantal diensten is vrijgesteld van leges.

Kosten, kostenberekening en kostendekking

Door leges te heffen verhaalt de overheid (deels) de kosten van dienstverlening op degene die belang heeft bij die dienst. De tarieven in verordeningen op grond waarvan rechten worden geheven zoals de tarieven uit legesverordeningen moeten zo worden vastgesteld dat de geraamde baten niet uitgaan boven de geraamde lasten (artikel 115, derde lid, van de Waterschapswet). Dus: de overheid mag niet aan leges verdienen. De te berekenen leges mogen alleen bestaan uit de directe kosten (zoals loonkosten, kapitaallasten en materiële kosten) en een redelijke opslag voor overhead). De leges hoeven echter niet per individuele dienst te worden berekend.

Inwerkingtreding

De verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking, tenzij de verordening een ander tijdstip noemt (artikel 74 van de Waterschapswet). Het tijdstip van ingang van de heffing is één van de onderwerpen die in de belastingverordening moet worden geregeld (artikel 111 van de Waterschapswet). Daarom noemt het derde lid van artikel 12 de datum dat de heffing ingaat, dus per wanneer de nieuwe leges gelden.

Het vierde lid van artikel 12 van de verordening voorziet de verordening van een citeerartikel. De naam van het waterschap is in het citeerartikel genoemd.

Artikelsgewijze toelichting

 

Artikel 1 Begripsbepalingen

Dit artikel bevat enkele definities. Het dagelijks bestuur belast specifieke ambtenaren als de heffings- en de invorderingsambtenaar die op grond van de Waterschapswet zijn belast met de heffing van waterschapsbelastingen en met de invordering van waterschapsbelastingen.

Artikel 2 Aard van de heffing en belastbaar feit

De tarieventabel hoort bij de verordening en somt de diensten op waarvoor leges kunnen worden geheven. Met de omschrijving van het belastbare feit als “het door het waterschap in behandeling nemen van een aanvraag tot het door het waterschap verlenen van diensten, genoemd in de bij deze verordening behorende tarieventabel”, ontstaat de materiële belastingschuld niet pas wanneer de aangevraagde dienst wordt verleend, maar al wanneer de aanvraag in behandeling wordt genomen. Dit artikel verstaat onder e “aanvraag” de term die wordt gedefinieerd in artikel 1:3, sub 3 van de Algemene wet bestuursrecht. Ten slotte onderstreept artikel 2 het feit dat de leges naar hun aard rechten zijn als bedoeld in artikel 115 van de Waterschapswet.

Artikel 3 Belastingplicht

Uitgangspunt is dat de aanvrager van de dienst belastingplichtig is. De aanvrager zal meestal immers ook belanghebbende bij de dienst zijn. Er zijn echter situaties denkbaar waarin de aanvrager niet ook de belanghebbende is, bijvoorbeeld wanneer een derde in opdracht voor een ander een dienst aanvraagt. In deze gevallen is degene voor wie de dienst wordt aangevraagd belastingplichtig en niet de aanvrager. Het woord “of” voorkomt dat bij dezelfde dienst de aanvrager én de belanghebbende belastingplichtig zijn.

Artikel 4 Maatstaf en tarief

De belastingverordening moet onder andere de heffingsmaatstaf vermelden (artikel 111 van de Waterschapswet). Hiervoor dient de tarieventabel bij de verordening. Voor de berekening van de leges worden eenheden niet telkens omgerekend, een deel van een uur of bladzijde wordt als heel uur of hele bladzijde gerekend.

Artikel 5 Wijze van heffing

Waterschapsbelastingen kunnen worden geheven door middel van een aanslag, voldoening op aangifte of op andere wijze (artikel 125 van de Waterschapswet). Heffing door middel van afdracht op aangifte is voor waterschapsbelastingen niet toegestaan. De belastingverordening moet vermelden op welke wijze de heffing plaatsvindt. Wetterskip Fryslân kiest in het eerste lid van artikel 4 voor heffing door middel van een aanslag en voor heffing op andere wijze, namelijk een mondelinge of schriftelijke kennisgeving. Een “heffing op andere wijze” wordt voor de toepassing van de Algemene wet aangemerkt als bij wege van aanslag geheven belastingen (artikel van artikel 125a, lid 2, van de Waterschapswet). De dagtekening van de kennisgeving is onder meer van belang voor de termijn waarbinnen bezwaar kan worden gemaakt. Bij een mondelinge kennisgeving zal dit lastiger zijn.

Wetterskip Fryslân biedt zo vormvrijheid. De leges kunnen direct en makkelijk in rekening worden gebracht voor relatief eenvoudige handelingen en voor verzoeken waaraan min of meer direct gevolg kan worden gegeven (zoals exemplaren van stukken verstrekken) terwijl in andere gevallen een aanslagbiljet passend is (zoals bij een ontheffing voor de aanleg van bouw- en kunstwerken in en op waterstaatswerken).

Artikel 6 Vrijstellingen

In een aantal gevallen wordt geen leges geheven.

Artikel 7 Betalingstermijnen

De hoofdregel voor de betalingstermijnen staat in artikel 9 van de Invorderingswet. De belastingverordening mag afwijkende voorschriften bevatten (artikel 139, eerste lid, van de Waterschapswet). De aanhef van artikel 7 meldt dan ook expliciet dat Wetterskip Fryslân afwijkt. De regeling voor de betalingstermijnen is gekoppeld aan de wijze waarop de legesheffing plaatsvindt. Bij een aanslagbiljet (sub a) moeten de leges binnen vier weken na de dagtekening van het aanslagbiljet worden betaald. Bij een mondelinge kennisgeving (sub b) moet de belasting meteen worden betaald. Bij een schriftelijke kennisgeving (sub c) moet de belasting meteen bij het uitreiken van de kennisgeving te worden betaald of binnen vier weken na toezending.

Sub d biedt een afwijkmogelijkheid voor de voorgaande betaaltermijnen voor diensten waarmee een bepaald bedrag aan leges is gemoeid en die bij wege van aanslag worden geheven.

Artikel 8 Gedeeltelijke teruggave leges

In een aantal gevallen kan de aanvrager van een dienst in aanmerking komen voor een gedeeltelijke teruggave van leges.

Artikel 9 Kwijtschelding

De tekst spreekt voor zich.

Artikel 10 Nadere regels door het dagelijks bestuu r

Het algemeen bestuur stelt de legesverordening vast omdat zij bevoegd is tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van belastingen (artikel 110 van de Waterschapswet). Zij kan deze bevoegdheid om rechten en belastingen te heffen niet overdragen aan het dagelijks bestuur (artikel 83, tweede lid, onderdeel d, van de Waterschapswet).

Het dagelijks bestuur is wel bevoegd om nadere regels te stellen voor de heffing en invordering van leges (derde tranche van de Algemene wet bestuursrecht en de daarop gebaseerde aanpassingswetgeving (Stb. 1996, 333 en Stb. 1997, 510 en 580), zie artikel 123, derde lid, onderdeel a, van de Waterschapswet). Het dagelijks bestuur mag nadere regels stellen over de volgende bevoegdheden:

  • de plicht te verzoeken om uitreiking van een aangiftebiljet;

  • de mogelijkheid om een voorlopige aanslag op te leggen en invorderingsrente te berekenen (artikel 31 Invorderingswet, op grond waarvan regels voor het niet in rekening brengen van invorderingsrente en regels voor afrondingen gesteld kunnen worden).

Deze bevoegdheden waren tot 1 januari 1998 expliciet in de belastingverordening geregeld. Met dit artikel 10 is kenbaar voor de belastingplichtige dat naast de regels in de verordening nog nadere regels voor de heffing en invordering van de belasting kunnen gelden die zijn vastgesteld door het dagelijks bestuur.

Artikel 11 Hardheidsclausule

Een hardheidsclausule biedt een soort veiligheidsklep bij onvoorzienbare en zeer uitzonderlijke gevallen. Een hardheidsclausule beschrijft niet vooraf (precies) of afwijking nodig zal zijn en zo ja, in welke gevallen of groepen gevallen. Ontheffings- en vrijstellingsbepalingen beschrijven dit wel precies op voorhand. De heffingsambtenaar van Wetterskip Fryslân moet overleg voeren met de dijkgraaf van het waterschap voordat deze hardheidsclausule mag worden gebruikt.

Artikel 12 Intrekking, inwerkingtreding, tijdstip van ingang van de heffing en citeertitel

Dit artikel regelt per wanneer deze legesverordening geldt en dus per wanneer de heffing van deze leges.

Algemeen verbindende voorschriften zoals deze legesverordening zijn pas van kracht per wanneer zij zijn bekendgemaakt of op de genoemde datum van inwerkingtreding (artikel 73 van de Waterschapswet).

Toelichting op de Tarieventabel

Fiscaal gezien zijn de omschrijvingen van de in de tabel genoemde ‘diensten’ omschrijvingen van belastbare feiten. De bedragen zijn de belastingtarieven.

Kostendekkendheid

De leges voor de behandeling van een aanvraag voor een vergunning zijn in het algemeen niet kostendekkend. Er is een alternatief voor het beschikbaar stellen van bestuursstukken: de stukken kunnen van de website van het waterschap worden gedownload.

Tarieven en kosten van advies

Wetterskip Fryslân werkt zoveel mogelijk met vaste tarieven. Dat geeft de aanvrager duidelijkheid en is gemakkelijk voor de ambtelijke organisatie. De kosten van extern advies zullen in rekening worden gebracht. Deze kosten zullen op basis van een begroting aan de aanvrager moeten worden meegedeeld voordat de aanvraag in behandeling wordt genomen. Pas als de aanvrager hiermee instemt, is er een belastingplicht.

Hoofdstuk 1

In dit hoofdstuk is de legesheffing opgenomen voor het verstrekken van documenten. Er geldt een efficiëncydrempel van € 5,-.

Hoofdstuk 2

In dit hoofdstuk is bepaald welk tarief geldt voor nasporingen in het archief. Er geldt een efficiëncydrempel van een kwartier.

Hoofdstuk 4

De Waterschapsverordening regelt voor welke handelingen in het watersysteem een vergunning is vereist. Het gaat om bijvoorbeeld het maken van werken op of in waterkeringen en wateren zoals het maken van dammen. Verder gaat het om aanvragen voor een vergunning om uit oppervlaktewater of grondwater water te mogen onttrekken, aanvragen voor een vergunning om stoffen in oppervlaktewater te brengen of met behulp van een werk - geen openbaar vuilwaterriool - water of stoffen op een zuiveringstechnisch werk van het waterschap te brengen.

Voor infiltratie in de bodem is geen tarief opgenomen. Als zelfstandige handeling – dus zonder grondwateronttrekking - vindt dit alleen plaats voor de drinkwatervoorziening.

De behandeling van aanvragen voor vergunningen genoemd onder 4.1 t/m 4.5

Er is een onderscheid tussen aanvragen die relatief weinig tijd vragen en aanvragen die meer tijd kosten omdat er meer onderzoek, overleg en/of berekeningen nodig zijn.

In de eerste categorie vallen een groot aantal van de aanvragen voor een vergunning zoals het aanleggen van een dam, het aanbrengen van beschoeiing en een geringe slootdemping met compensatie. De dienstverlening is veelal routinematig van aard.

Voor de tweede categorie van aanvragen is beperkt intern overleg/of onderzoek nodig.

De derde categorie betreft aanvragen voor vergunningen die multidisciplinair overleg, onderzoek en/of modelrekenwerk vereisen.

De vierde categorie betreft aanvragen voor vergunningen die veel uren aan intensief multidisciplinair overleg, onderzoek en/of berekeningen vereisen. Bijvoorbeeld bouw- en kunstwerken op/bij een waterstaatswerk, aan kabels en leidingen door/langs waterkeringen of grote (gebiedsontwikkelings)projecten van overheden. De vijfde categorie betreft grote infrastructurele en ruimtelijke projecten, die veel uren en meerdere disciplines van het waterschap vereisen. Hierbij denken we aan de aanleg van wegen, spoorwegen en bijbehorende infrastructuur zoals tunnels, viaducten, bruggen en aquaducten.

4.6 Beperkingenbiedactiviteiten en overige activiteiten ten aanzien van Waterstaatswerken

De zesde categorie ziet specifiek op activiteiten in een beperkingengebied en andere activiteiten. Deze vergunningplichtig op grond van de waterschapsverordening.. Overheden kunnen een waterstaatswerk (zoals een waterkering, oppervlaktewaterlichaam, bergingsgebied) aanwijzen als een gebied waar beperkingen gelden. Dit heet een beperkingengebied. Het doel van dit gebied is om de functies van het waterstaatswerk te behouden en schade te voorkomen. Ook andere activiteiten kunnen gevolgen hebben voor waterstaatswerken.

4.7 Maatwerkvoorschrift

Categorie 7 is geïntroduceerd omdat het legestarief per maatwerkvoorschrift verschilt en voor ambtshalve gestelde maatwerkvoorschriften geen leges verschuldigd zijn. Waterschappen kunnen in de waterschapsverordening onderwerpen aanwijzen waarvoor het maatwerkvoorschriften kan stellen. Een maatwerkvoorschrift is een beschikking waarmee het waterschap in een individueel geval de plicht oplegt om te voldoen aan bepaalde voorschriften bovenop of afwijking van een geldende algemene regel. De wetgever noemt de volgende vier vormen van maatwerkvoorschriften:

- maatwerkvoorschriften die onderwerpen nader in- of aanvullen;

- maatwerkvoorschriften die strengere eisen opleggen dan de eisen in de algemene regels;

- maatwerkvoorschriften die minder strenge eisen opleggen dan die in de algemene regels;

- maatwerkvoorschriften die (eventueel onder voorwaarden of beperkingen) een ontheffing verlenen van een verbod in de algemene regels.

Leges heffen is mogelijk bij maatwerkvoorschriften waartoe een verzoek of aanvraag wordt gedaan. Dit is namelijk een dienst. Als het waterschap ambtshalve maatwerkvoorschriften stelt, is geen legesheffing mogelijk. Artikel 1.8 van de waterschapsverordening bepaalt of en in welke gevallen maatwerkvoorschriften kunnen worden gesteld.

4.8 Het treffen van een gelijkwaardige maatregel

Wanneer de waterschapsverordening een maatregel voorschrijft, kan een aanvrager ook toestemming vragen voor een gelijkwaardige maatregel in plaats van de voorgeschreven maatregel. Dit betekent dat er een andere techniek of maatregel mag worden toegepast als die hetzelfde effect heeft. Er moet dus tenminste hetzelfde resultaat worden bereikt. De ruimte voor een gelijkwaardige maatregel biedt burgers en bedrijven de mogelijkheid om op andere manieren aan de gestelde normen te voldoen. Voor aanvragen of verzoeken om toestemming tot het treffen van een gelijkwaardige maatregel, is legesheffing mogelijk. Dit kwalificeert namelijk als een dienst.

4.9 en 4.10 Meervoudige aanvragen

Bij een meervoudige aanvraag is één overheid bevoegd gezag, maar zijn achter de schermen meerdere overheden betrokken bij de vergunning omdat in de vergunning ook werken of werkzaamheden zitten die vallen onder de bevoegdheid van een ander bestuursorgaan. Het waterschap moet dan op grond van op grond van artikel 16.15 of 16.16 van de Omgevingswet advies of advies met instemming vragen aan dat andere bestuursorgaan. Als dat bestuursorgaan daarvoor kosten in rekening brengt aan het waterschap, worden deze kosten doorberekend aan de aanvrager.

Hoofdstuk 5 Peilbesluiten

Voor het behandelen van aanvragen voor peilbesluiten geldt het tarief in de tarieventabel.

Kosten publicatie

Het legestarief is inclusief kosten van publicatie (ter inzagelegging en bekendmaking) van de vergunning, peilbesluit. Dit kan discussie over het toe te rekenen bedrag voorkomen. Bekendmaking en plaatsing vindt plaats in het elektronisch waterschapsblad zodat de kosten beperkt zijn.

 

 

Naar boven