Kostentoedelingsverordening watersysteembeheer en wegenbeheer

De verenigde vergadering van Schieland en de Krimpenerwaard;

 

op voordracht van dijkgraaf en hoogheemraden van Schieland en de Krimpenerwaard van 26 augustus 2025

 

gelet op de artikelen 120 en 122 122a en 122b van de Waterschapswet en artikel 22 van het provinciale Reglement van bestuur voor het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard;

 

 

B E S L U I T :

 

 

vast te stellen de volgende Kostentoedelingsverordening watersysteembeheer en wegenbeheer:

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    buitendijks gelegen onroerende zaken: onroerende zaken die geheel of gedeeltelijk buiten de primaire en/of voorliggende waterkering zijn gelegen;

  • b.

    gebied van het waterschap: het gebied dat is aangegeven op de bij het provinciale Reglement van bestuur voor het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard behorende kaart waarin de zorg voor het watersysteem aan het waterschap is opgedragen en het taakgebied dat is aangegeven op de bij het provinciale Reglement van bestuur voor het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard behorende kaart waarin het waterschap bevoegd is het wegenbeheer uit te oefenen;

  • c.

    heffingplichtige categorieën: de categorieën genoemd in artikel 117, eerste lid, onderdelen a tot en met d, van de Waterschapswet.

  • d.

    ingezetenen: degenen die blijkens de basisregistratie personen bij het begin van het kalenderjaar woonplaats hebben in het gebied van het waterschap en die aldaar gebruik hebben van woonruimte;

  • e.

    kosten voor het watersysteembeheer: netto-kosten van de kostendrager watersysteembeheer zoals opgenomen in de begroting van het waterschap en die gedekt worden met behulp van de watersysteemheffing;

  • f.

    kosten voor het wegenbeheer: netto-kosten van de kostendrager wegenbeheer zoals opgenomen in de begroting van het waterschap en die gedekt worden met behulp van de wegenheffing;

  • g.

    natuurterreinen: ongebouwde onroerende zaken waarvan de inrichting en het beheer geheel of nagenoeg geheel en duurzaam zijn afgestemd op het behoud of de ontwikkeling van natuur. Onder natuurterreinen worden mede verstaan bossen en open wateren met een oppervlakte van tenminste één hectare;

  • h.

    verharde openbare wegen: het verharde gedeelte van een openbare weg en de verharde wegdelen die dienstbaar zijn aan de verkeersfunctie van de weg;

  • i.

    woonruimte: ruimte die blijkens zijn inrichting bestemd is om als een afzonderlijk geheel te voorzien in woongelegenheid en waarvan de delen blijkens de inrichting van die ruimte niet bestemd zijn om afzonderlijk in gebruik te worden gegeven;

  • j.

    zakelijk gerechtigden natuurterreinen: degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht in het gebied van het waterschap het genot hebben van natuurterreinen;

  • k.

    zakelijk gerechtigden van gebouwde onroerende zaken: degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van gebouwde onroerende zaken in het gebied van het waterschap;

  • l.

    zakelijk gerechtigden van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen: degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van ongebouwde onroerende zaken die geen natuurterreinen zijn in het gebied van het waterschap.

Artikel 2 Kostentoedeling watersysteembeheer

  • 1.

    De kosten voor het watersysteembeheer worden als volgt aan elk van de heffingplichtige categorieën toegedeeld:

    • a.

      50,00 % aan de ingezetenen;

    • b.

      3,738 % aan de zakelijk gerechtigden van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen;

    • c.

      0,014 % aan de zakelijke gerechtigden van natuurterreinen;

    • d.

      46,248 % aan de zakelijk gerechtigden van gebouwde onroerende zaken.

  • 2.

    Het aantal hectaren ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen, en het aantal hectaren natuurterreinen wordt bepaald aan de hand van de gegevens zoals die een jaar voorafgaand aan de vaststelling van de kostentoedelingsverordening beschikbaar zijn.

Artikel 3 Kostentoedeling wegenbeheer Krimpenerwaard

  • 1.

    De kosten voor het wegenbeheer worden als volgt aan elk van de heffingplichtige categorieën toegedeeld:

    • a.

      32,00 % aan de ingezetenen;

    • b.

      5,42 % aan de zakelijk gerechtigden van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen;

    • c.

      1,12 % aan de zakelijke gerechtigden van natuurterreinen;

    • d.

      61,46 % aan de zakelijk gerechtigden van gebouwde onroerende zaken.

  • 2.

    De waarde in het economische verkeer van de onroerende zaken bedoeld in het vorige artikellid, onderdelen b, c en d, wordt bepaald naar de waarde die de onroerende zaken op de waardepeildatum hebben naar de staat en hoedanigheid waarin zij op die datum verkeren.

  • 3.

    De waardepeildatum is 1 januari 2022.

Artikel 4 Tariefdifferentiatie

  • 1.

    Voor buitendijks gelegen ongebouwde onroerende zaken die geen natuurterreinen zijn en voor buitendijks gelegen gebouwde onroerende zaken geldt een tariefdifferentiatie als bedoeld in artikel 122, eerste lid, van de Waterschapswet. Het tarief na toepassing van de tariefdifferentiatie is 75% lager dan het tarief dat blijkens de verordening op de watersysteemheffing voor elk van deze categorieën geldt.

  • 2.

    Voor verharde openbare wegen geldt een tariefdifferentiatie als bedoeld in artikel 122, derde lid, onderdeel b, van de Waterschapswet. Het tarief na toepassing van de tariefdifferentiatie is 100% hoger dan het tarief dat blijkens de verordening op de watersysteemheffing voor ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen, geldt.

Artikel 5 Cumulatie van tariefdifferentiatie

De tariefdifferentiatie voor verharde openbare wegen, genoemd in artikel 4, tweede lid, wordt naast de tariefdifferentiatie voor ongebouwde onroerende zaken die geen natuurterreinen zijn en die gelegen zijn in buitendijkse gebieden als bedoeld in het eerste lid van artikel 4, toegepast.

Artikel 6 Inwerkingtreding, overgangsbepaling en citeerartikel

  • 1.

    De Kostentoedelingsverordening watersysteembeheer en wegenbeheer Schieland en de Krimpenerwaard 2024, laatstelijk gewijzigd 4 oktober 2023, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid van deze bepaling genoemde datum, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastingjaren waarvoor zij heeft gegolden.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die van haar bekendmaking.

  • 3.

    Deze verordening vindt voor het eerst toepassing in het belastingjaar dat aanvangt op 1 januari 2026.

  • 4.

    Deze verordening wordt aangehaald als Kostentoedelingsverordening watersysteembeheer en wegenbeheer Schieland en de Krimpenerwaard 2026.

Rotterdam, 8 oktober 2025

de verenigde vergadering voornoemd,

secretaris,

Elektronisch getekend door Nicolet Dukker op 10-10-2025

voorzitter,

Elektronisch getekend door Pieter van de Stadt op 10-10-2025

Naar boven