Artikel I
A
Artikel 4 komt te luiden:
Met inachtneming van het bepaalde dienaangaande in de Kostentoedelingsverordening, bedraagt het tarief van de wegenheffing voor de categorie ingezetenen € 61,02 per woonruimte.
B
Artikel 6 komt te luiden:
Met inachtneming van het bepaalde dienaangaande in de Kostentoedelingsverordening, bedraagt het tarief van de heffing voor ongebouwde onroerende zaken € 34,37 per hectare.
C
Artikel 8 komt te luiden:
Met inachtneming dienaangaande van het bepaalde in de Kostentoedelingsverordening, bedraagt het tarief van de heffing voor natuurterreinen € 34,37 per hectare.
D
Artikel 10 komt te luiden:
Met inachtneming dienaangaande van het bepaalde in de Kostentoedelingsverordening, bedraagt het tarief van de heffing voor gebouwde onroerende zaken 0,0250 % van de heffingsmaatstaf als bedoeld in artikel 3, onderdeel c van deze verordening.
E
Artikel 15 komt te luiden:
Artikel 15 Termijn van betaling
- 1.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet, moet de wegenheffing worden betaald binnen twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet.
- 2.
In afwijking van het eerste lid moeten, indien een machtiging voor automatische incasso is afgegeven en zolang de verschuldigde bedragen via automatische incasso kunnen worden afgeschreven, de aanslag(en) worden betaald in maximaal 10 termijnen. De eerste termijn vervalt een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
- 3.
In afwijking van het tweede lid is betaling via automatische incasso alleen mogelijk voor zover het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde belastingaanslagen minder is het genoemde bedrag in het Reglement automatische incasso Regionale Belasting Groep.
- 4.
Het minimum termijnbedrag bij automatische incasso bedraagt € 15,00.
- 5.
De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.