Eerste wijziging Besluit mandaat, volmacht en machtiging waterschap Vechtstromen 2019

Het dagelijks bestuur van het waterschap Vechtstromen;

 

gezien het advies d.d. @@;

 

gelet op de artikelen 10:3 en 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 3:60 van het Burgerlijk Wetboek en de artikelen 84, lid 1, en 95 van de Waterschapswet en de Omgevingswet;

 

BESLUIT

 

Het Besluit Mandaat, volmacht en machtiging waterschap Vechtstromen 2019 als volgt te wijzigen.

Artikel I  

  • A.

    Artikel 3, lid 3, wordt als volg gewijzigd:

     

    • 3.

      Mandaat wordt niet verleend voor:

      • a.

        het doen van voorstellen aan het algemeen bestuur;

      • b.

        de bevoegdheid tot het vaststellen van beleidsregels als bedoeld in 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

      • c.

        het nemen van maatregelen in geval van dringend of dreigend gevaar, als bedoeld in artikel 96 van de Waterschapswet;

      • d.

        het opleggen van gedoogplichten op grond van artikel 10.17 van de Omgevingswet;

      • e.

        besluiten tot het vaststellen van projectbesluiten op grond van artikel 5.44 van de Omgevingswet;

      • f.

        gevallen waarin het waterschap aan zichzelf vergunning of ontheffing van een algemeen verbindend voorschrift verleent;

      • g.

        het nemen van m.e.r.-boordelingsbesluiten als bedoeld in artikel 16.43 van de Omgevingswet;

      • h.

        het nemen van een besluit tot het al dan niet verlenen van inspraak of het starten van een participatieproces op grond van de Inspraak- en participatieverordening waterschap Vechtstromen of het toepassen van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht;

      • i.

        het afwijken van het inkoop- en aanbestedingsbeleid voor zover voor wordt afgeweken van procedures die gelden voor Europese aanbestedingen;

      • j.

        besluiten over de rechtspositie van de secretaris-directeur of andere directeuren;

      • k.

        aangelegenheid die de secretaris-directeur persoonlijk, of zijn bloed- of aanverwanten tot de tweede graad ingesloten, direct of indirect aangaat of waarin hij als gemachtigde is betrokken;

      • l.

        het sluiten van een cao;

      • m.

        voor een besluit inzake schadevergoeding of nadeelcompensatie groter dan € 10.000;

      • n.

        het nemen van besluiten over klachten over leden van het bestuur of de bestuursorganen van het waterschap;

      • o.

        voor het beslissen op bezwaarschriften;

      • p.

        het besluiten over en het voeren van civielrechtelijke en strafrechtelijke rechtsgedingen en bestuursrechtelijke procedures en het instellen van rechtsmiddelen, zowel eisend als verwerend, en het nemen van de daarbij behorende beslissingen ter voorbereiding, ter voorkoming of ter beëindiging van deze procedures, indien een recht daartoe bij wettelijk voorschrift aan het waterschap of aan het waterschapsbestuur toekomt;

      • q.

        het indienen van zienswijzen, bezwaren en klaagschriften indien een recht daartoe bij wettelijk voorschrift aan het waterschap of aan het waterschapsbestuur toekomt;

      • r.

        het aangaan van vaststellingsovereenkomsten of schikkingen alsmede het opdragen van geschillenbeslechting aan scheidslieden;

      • s.

        het berusten in rechtsvorderingen;

      • t.

        het nemen van besluiten over het aanvragen van surseances van betaling, faillissementen, derdenbeslagen, verpandingen en cessies;

      • u.

        het vaststellen van de beheerbegroting;

      • v.

        het vaststellen van het exploitatiebudget per beleidsprogramma, c.q. per beleidsveld en beleidsproduct;

      • w.

        het binnen een programma schuiven met begrote netto-kosten of investeringskredieten;

      • x.

        het aangaan van borgstellingen;

      • y.

        het vaststellen van een subsidieplafond en de wijze van verdeling ervan.

Artikel ll  

  • A.

    Dit besluit treedt tegelijk in werking met de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024.

  • B.

    Dit besluit kan worden aangehaald als: Eerste wijziging Besluit mandaat, volmacht en machtiging waterschap Vechtstromen 2019.

Aldus vastgesteld in de vergadering d.d. .

Het dagelijks bestuur,

dr. S.M.M. Kuks, watergraaf

drs. R.I. Andringa, secretaris

Toelichting Eerste wijziging Besluit mandaat, volmacht en machtiging waterschap Vechtstromen 2019

 

ALGEMENE TOELICHTING

Met het Besluit mandaat, volmacht en machtiging 2019 wordt aan de secretaris-directeur mandaat verleend voor de bevoegdheden die aan het dagelijks bestuur zijn verleend. Daaronder vallen ook de door het algemeen bestuur aan het dagelijks bestuur gedelegeerde bevoegdheden.

 

Omgevingswet

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden de Waterwet en Wet milieubeheer (grotendeels) vervangen. Het Besluit mandaat, volmacht en machtiging 2019 is deels gebaseerd op de Waterwet en de Wet milieubeheer en moet dus worden aangepast aan de Omgevingswet.

 

ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING

Artikel I

  • A.

    In artikel 3, lid 3, van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging 2019 worden expliciet de bevoegdheden genoemd die niet aan de secretaris-directeur worden opgedragen (gemandateerd).

    Hierbij worden een aantal bevoegdheden uit de Waterwet genoemd, die omgezet moeten worden naar de situatie van de Omgevingswet:

    • -

      Het opleggen van gedoogplichten (bij beschikking) komt in de Waterwet te vervallen en wordt in de Omgevingswet geregeld in artikel 10.17.

      Dit wordt gewijzigd in de opsomming onder punt d.

       

    • -

      Het nemen van een onteigeningsbeschikking is onder de Omgevingswet een bevoegdheid van het algemeen bestuur. Deze bevoegdheid kan niet worden gedelegeerd aan het dagelijks bestuur (de aard van de bevoegdheid verzet zich hiertegen). Het dagelijks bestuur kan dan vervolgens niet bepalen dat deze bevoegdheid niet wordt gemandateerd. Dit onderdeel kan dus komen te vervallen in de opsomming.

       

    • -

      Het instrument projectplan uit de Waterwet wordt in de Omgevingswet (deels) vervangen door het projectbesluit en wordt in de Omgevingswet geregeld in artikel 5.44.

      Dit wordt gewijzigd in de opsomming onder punt e (nieuw).

       

    • -

      Het nemen van een besluit over een m.e.r.-beoordeling komt in de Wet milieubeheer te vervallen en wordt in de Omgevingswet geregeld in artikel 16.43.

      Dit wordt gewijzigd in de opsomming onder punt g (nieuw).

       

    • -

      Onder punt h. (nieuw) wordt de tekst aangevuld met het starten van een participatieproces op grond van de Inspraak- en participatieverordening waterschap Vechtstromen. Dit onderdeel ontbrak in de opsomming.

       

    • -

      Onder punt p. tot en met s. (nieuw) wordt de tekst verduidelijkt wat betreft de juridische en processuele bevoegdheden. De tekst sluit (beter) aan bij de bepalingen in het Delegatiebesluit op dit punt.

 

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

  • 3.

    Mandaat wordt niet verleend voor:

    • a.

      het doen van voorstellen aan het algemeen bestuur;

    • b.

      de bevoegdheid tot het vaststellen van beleidsregels als bedoeld in 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

    • c.

      het nemen van maatregelen in geval van dringend of dreigend gevaar, als bedoeld in artikel 96 van de Waterschapswet;

    • d.

      het opleggen van gedoogplichten op grond van artikel 5.23 en 5.24 van de Waterwet;

    • e.

      het nemen van besluiten over onteigening;

    • f.

      besluiten tot het vaststellen van projectplannen;

    • g.

      gevallen waarin het waterschap aan zichzelf vergunning of ontheffing van een verbindend voorschrift verleent;

    • h.

      het nemen van m.e.r.-boordelingsbesluiten als bedoeld in artikel 7.19 van de Wet milieubeheer;

    • i.

      het nemen van een besluit tot het al dan niet verlenen van inspraak op grond van de Inspraakverordening of het toepassen van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht;

    • j.

      het afwijken van het inkoop- en aanbestedingsbeleid voor zover voor wordt afgeweken van procedures die gelden voor Europese aanbestedingen;

    • k.

      besluiten over de rechtspositie van de secretaris-directeur of andere directeuren;

    • l.

      aangelegenheid die de secretaris-directeur persoonlijk, of zijn bloed- of aanverwanten tot de tweede graad ingesloten, direct of indirect aangaat of waarin hij als gemachtigde is betrokken;

    • m.

      het sluiten van een cao;

    • n.

      voor een besluit inzake schadevergoeding of nadeelcompensatie groter dan € 10.000;

    • o.

      het nemen van besluiten over klachten over leden van het bestuur of de bestuursorganen van het waterschap;

    • p.

      voor het beslissen op bezwaarschriften;

    • q.

      voor een besluit tot het voeren van, beëindigen van of berusten in civielrechtelijke, strafrechtelijke en bestuursrechtelijke procedures, geschillen en arbitrage indien een recht daartoe bij wettelijk voorschrift aan het waterschap of aan het waterschapsbestuur toekomt;

    • r.

      het nemen van besluiten over het aanvragen van surseances van betaling, faillissementen, derdenbeslagen, verpandingen en cessies;

    • s.

      het vaststellen van de beheerbegroting;

    • t.

      het vaststellen van het exploitatiebudget per beleidsprogramma, c.q. per beleidsveld en beleidsproduct;

    • u.

      het binnen een programma schuiven met begrote netto-kosten of investeringskredieten;

    • v.

      het aangaan van borgstellingen;

    • w.

      het vaststellen van een subsidieplafond en de wijze van verdeling ervan.

  • 3.

    Mandaat wordt niet verleend voor:

    • a.

      het doen van voorstellen aan het algemeen bestuur;

    • b.

      de bevoegdheid tot het vaststellen van beleidsregels als bedoeld in 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

    • c.

      het nemen van maatregelen in geval van dringend of dreigend gevaar, als bedoeld in artikel 96 van de Waterschapswet;

    • d.

      het opleggen van gedoogplichten op grond van artikel 10.17 van de Omgevingswet;

    • e.

      besluiten tot het vaststellen van projectbesluiten op grond van artikel 5.44 van de Omgevingswet;

    • f.

      gevallen waarin het waterschap aan zichzelf vergunning of ontheffing van een algemeen verbindend voorschrift verleent;

    • g.

      het nemen van m.e.r.-boordelingsbesluiten als bedoeld in artikel 16.43 van de Omgevingswet;

    • h.

      het nemen van een besluit tot het al dan niet verlenen van inspraak of het starten van een participatieproces op grond van de Inspraak- en participatieverordening waterschap Vechtstromen of het toepassen van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht;

    • i.

      het afwijken van het inkoop- en aanbestedingsbeleid voor zover voor wordt afgeweken van procedures die gelden voor Europese aanbestedingen;

    • j.

      besluiten over de rechtspositie van de secretaris-directeur of andere directeuren;

    • k.

      aangelegenheid die de secretaris-directeur persoonlijk, of zijn bloed- of aanverwanten tot de tweede graad ingesloten, direct of indirect aangaat of waarin hij als gemachtigde is betrokken;

    • l.

      het sluiten van een cao;

    • m.

      voor een besluit inzake schadevergoeding of nadeelcompensatie groter dan € 10.000;

    • n.

      het nemen van besluiten over klachten over leden van het bestuur of de bestuursorganen van het waterschap;

    • o.

      voor het beslissen op bezwaarschriften;

    • p.

      het besluiten over en het voeren van civielrechtelijke en strafrechtelijke rechtsgedingen en bestuursrechtelijke procedures en het instellen van rechtsmiddelen, zowel eisend als verwerend, en het nemen van de daarbij behorende beslissingen ter voorbereiding, ter voorkoming of ter beëindiging van deze procedures, indien een recht daartoe bij wettelijk voorschrift aan het waterschap of aan het waterschapsbestuur toekomt;

    • q.

      het indienen van zienswijzen, bezwaren en klaagschriften indien een recht daartoe bij wettelijk voorschrift aan het waterschap of aan het waterschapsbestuur toekomt;

    • r.

      het aangaan van vaststellingsovereenkomsten of schikkingen alsmede het opdragen van geschillenbeslechting aan scheidslieden;

    • s.

      het berusten in rechtsvorderingen;

    • t.

      het nemen van besluiten over het aanvragen van surseances van betaling, faillissementen, derdenbeslagen, verpandingen en cessies;

    • u.

      het vaststellen van de beheerbegroting;

    • v.

      het vaststellen van het exploitatiebudget per beleidsprogramma, c.q. per beleidsveld en beleidsproduct;

    • w.

      het binnen een programma schuiven met begrote netto-kosten of investeringskredieten;

    • x.

      het aangaan van borgstellingen;

    • y.

      het vaststellen van een subsidieplafond en de wijze van verdeling ervan.

 

Artikel II

In dit artikel wordt de inwerkingtreding van dit wijzigingsbesluit geregeld.

En krijgt dit wijzigingsbesluit een citeertitel.

Naar boven