Intrekking Wegenverordening

De verenigde vergadering van Schieland en de Krimpenerwaard;

 

op voordracht van dijkgraaf en hoogheemraden van Schieland en de Krimpenerwaard van 12 oktober 2021;

 

Gelet op artikel 78, eerste lid, van de Waterschapswet;

 

B E S L U I T :

Artikel I  

De Wegenverordening van Schieland en de Krimpenerwaard 2012 wordt ingetrokken.

Artikel II  

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de Waterschapsverordening Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard in werking treedt.

Rotterdam, 24 november 2021

de verenigde vergadering voornoemd,

secretaris, voorzitter,

Toelichting

De bepalingen uit de Wegenverordening van Schieland en de Krimpenerwaard 2012 (wegenverordening) zijn van volledig en beleidsarm opgenomen in hoofdstuk 11 van de Waterschapsverordening Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard (waterschapsverordening). Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet treedt ook de waterschapsverordening in werking. Vanaf dat moment zijn de bepalingen uit de wegenverordening volledig afgedekt door de bepalingen uit hoofdstuk 11 van de waterschapsverordening.

 

Om onduidelijkheid te voorkomen met betrekking tot welke regeling voor de wegen van HHSK van kracht is, wordt de wegenverordening ingetrokken. Met deze actie wordt voorkomen dat met betrekking tot de wegen van HHSK twee regelingen naast elkaar bestaan die beide hetzelfde regelen, maar waarvan slechts één regeling daadwerkelijk geldt.

 

Artikel 78, eerste lid, van de Waterschapswet (Wschw) is de juridische grondslag voor de wegenverordening. Wanneer deze grondslag zou wegvallen zouden de regelingen die op deze grondslag zijn gebaseerd ook automatisch komen te vervallen, dus ophouden te bestaan. Artikel 78 van de Wschw blijft met de invoering van de Omgevingswet echter ongewijzigd, waardoor de wegenverordening niet van rechtswege vervalt.

 

Op grond van artikel 59, tweede lid, van de Wschw houdt de wegenverordening met de invoering van de Omgevingswet en de waterschapsverordening van rechtswege op te gelden. Dat betekent dat de wegenverordening van rechtswege geen rechten of verplichtingen meer in het leven kan roepen, maar niet ophoudt te bestaan. Door deze verordening nadrukkelijk in te trekken houdt de verordening in het geheel op te bestaan niet alleen de rechtskracht daarvan.

Naar boven