Mandaatbesluit waarnemend dijkgraaf intrekken onttrekkings- en beregeningsverboden Waterschap Rivierenland

 

Het College van Dijkgraaf en Heemraden,

 

overwegende dat:

 

  • de waterstanden binnen het watersysteem van het waterschap door de periode van droogte en zomerse temperaturen onder druk zijn komen te staan;

     

  • de aanwezigheid van blauwalg door de zomerse temperaturen in de afgelopen periode op verschillende plaatsen in het oppervlaktewater binnen het taakgebied van het waterschap is toegenomen;

     

  • het waterschap verschillende maatregelen heeft genomen om mogelijke schadelijke gevolgen van lagere waterstanden en de aanwezigheid van blauwalg te voorkomen;

     

  • het waterschap op 9, 11 en 18 augustus 2022 onttrekkings- en beregeningsverboden heeft ingesteld voor bepaalde gebieden binnen het taakgebied van Waterschap Rivierenland;

     

  • het waterschap snel wil kunnen handelen zodra de situatie zich voordoet dat de onttrekkings- en beregeningsverboden geheel of gedeeltelijk kunnen worden ingetrokken;

     

  • de wens bestaat daartoe de bevoegdheid om de onttrekkings- en beregeningsverboden in te trekken te mandateren aan de waarnemend dijkgraaf.

 

Gelet op artikel 5.30, eerste lid van de Waterwet en artikel 3.8, eerste lid onder b van de Keur Waterschap Rivierenland 2014,

 

BESLUIT:

 

De bevoegdheid om de op 9, 11 en 18 augustus 2022 door het college genomen onttrekkings- en beregeningsverboden in te trekken te mandateren aan de waarnemend dijkgraaf.

 

Dit besluit treedt in werking op 24 augustus 2022.

 

Tiel, 23 augustus 2022

 

het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Rivierenland,

de secretaris-directeur,

ir. Z.C. Vonk

de waarnemend dijkgraaf,

M.H.M. Gremmen

Naar boven