Besluit tot wijziging van de Algemene regels Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013 (4e wijziging)

Dijkgraaf en heemraden van Waterschap Vallei en Veluwe;

 

gelet op artikel 3.9 van de Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013;

 

b e s l u i t e n:

 

de Algemene regels Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013 zoals vastgesteld op 29 oktober 2013, gewijzigd bij besluit d.d. 3 februari 2015, 8 december 2015 en 27 november 2017 en herzien bij besluit van 5 december 2016 van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Vallei en Veluwe, te wijzigen als volgt:

Artikel I

Artikel 1 van de Algemene regel vaartuigen en vlotten in en bij oppervlaktewaterlichaam A (3.2.51) wordt vervangen door:

 

Artikel 1 Criteria

  • 1.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.2, eerste lid van de Keur, voor het aanleggen, verwijderen of behouden van een vaartuig of een vlot, voor zover dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam, categorie A, als aangewezen in de legger, en dit oppervlaktewaterlichaam op de bij deze algemene regels behorende Vaarwaterenkaart is aangeduid als vaarwater categorie I.

  • 2.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.2, eerste lid van de Keur, voor het aanleggen, verwijderen of behouden van een vaartuig of een vlot in een oppervlaktewaterlichaam, categorie A, niet zijnde een vaarwater categorie I zoals aangeduid op bij deze algemene regels behorende Vaarwaterenkaart, voor zover liggend buiten de bebouwde kom, als

    • a.

      het object buiten de natuurvriendelijke oever of onderhoudsstrook wordt aangelegd of gehouden, en

    • b.

      het object in de periode van 1 maart tot 1 november wordt aangelegd en gehouden.

  • 3.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.2, eerste lid van de Keur voor het aanleggen en hebben van een vaartuig of vlot in het Valleikanaal, voor zover liggend binnen de bebouwde kom, als het object in de periode van 1 maart tot 1 november wordt aangelegd en gehouden.

  • 4.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.2, eerste lid van de Keur voor het aanleggen en hebben van een vaartuig of vlot in een oppervlaktewaterlichaam categorie A, niet zijnde een vaarwater categorie I of Valleikanaal, voor zover liggend binnen de bebouwde kom en grenzend aan gronden die behoren tot het publieke domein, als:

    • a.

      het object buiten de natuurvriendelijke oever of onderhoudsstrook wordt aangelegd of gehouden, en

    • b.

      het object in de periode van 1 maart tot 1 november wordt aangelegd en gehouden.

  • 5.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.2, eerste lid van de Keur voor het aanleggen en hebben van een vaartuig of vlot in een oppervlaktewaterlichaam categorie A, niet zijnde een vaarwater categorie I of Valleikanaal, voor zover liggend in de bebouwde kom en grenzend aan gronden die niet behoren tot het publieke domein, als:

    • a.

      het object buiten de natuurvriendelijke oever of onderhoudsstrook wordt aangelegd en gehouden, en

    • b.

      de doorvaarbreedte 5 meter of meer blijft.

Artikel II

Artikel 1 van de Algemene regel Brengen van water in oppervlaktewaterlichaam A, B en C (3.2.54) wordt vervangen door:

 

Artikel 1 Criteria

  • 1.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.4 van de Keur, voor het brengen van water in een oppervlaktewaterlichaam via drainage voor zover:

    • a.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam categorie A, B en C als aangewezen in de legger;

    • b.

      de drainage zich niet bevindt in een gebied met een natuurfunctie, zijnde Natura2000gebied of natte landnatuur inclusief hydrologische beschermingszones dan wel overige gebieden met een natuurfunctie, zoals aangegeven op de bij deze algemene regel behorende natuurkaart, en

    • c.

      het lozingspunt van de drainage niet dieper ligt dan 1,00 meter onder maaiveld en de drainage niet lager ligt dan 3,00 meter onder maaiveld.

  • 2.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.4 van de Keur, voor het brengen van water in een oppervlaktewaterlichaam via nieuw verhard oppervlak buiten de bebouwde kom voor zover:

    • a.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam categorie A, B en C als aangewezen in de legger;

    • b.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam waaraan op grond van de bij deze algemene regel behorende natuurkaart de aanduiding water met natuurfunctie zijnde Hen-Sed water is toegekend, en

    • c.

      het totaal aaneengesloten nieuwe oppervlak niet meer bedraagt dan 0,15 ha.

  • 3.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.4 van de Keur, voor het brengen van water in een oppervlaktewaterlichaam via nieuw verhard oppervlak buiten de bebouwde kom voor zover:

    • a.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam categorie A, B en C als aangewezen in de legger;

    • b.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam waaraan op grond van de bij deze algemene regel behorende natuurkaart niet de aanduiding water met natuurfunctie zijnde Hen-Sed water is toegekend, en

    • c.

      het totaal aaneengesloten nieuwe oppervlak niet meer bedraagt dan 0,4 ha.

  • 4.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.4 van de Keur, voor het brengen van water in een oppervlaktewaterlichaam via nieuw verhard oppervlak binnen de bebouwde kom voor zover:

    • a.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam categorie A, B en C als aangewezen in de legger, en

    • b.

      de toename van het verhard oppervlak bestaat uit groen dak, of

    • c.

      het totaal aaneengesloten nieuw verhard oppervlak bedraagt niet meer dan 0,15.

  • 5.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.4 van de Keur, voor het brengen van water in een oppervlaktewaterlichaam door afkoppelen van bestaand verhard oppervlak van het gemengde riool binnen de bebouwde kom voor zover:

    • a.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam categorie A, B en C als aangewezen in de legger, en

    • b.

      dit gebeurt in het hetzelfde oppervlaktewaterlichaam en peilgebied als waarop de riooloverstort van het gemengde riool als bedoeld in de aanhef loost.

  • 6.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.4 van de Keur, voor het brengen van water in een oppervlaktewaterlichaam door afkoppelen van bestaand verhard oppervlak van het gemengde riool binnen de bebouwde kom voor zover:

    • a.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam categorie A, B en C als aangewezen in de legger;

    • b.

      dit gebeurt in een ander oppervlaktewaterlichaam en peilgebied dan waarop de riooloverstort van het gemengde riool als bedoeld in de aanhef loost, en

    • c.

      het totaal aaneengesloten verhard oppervlak niet meer bedraagt dan 0,15 ha

  • 7.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.4 van de Keur, voor het brengen van water in een oppervlaktewaterlichaam op een wijze anders dan bedoeld in het eerste tot en met het derde lid, voor zover:

    • a.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam categorie A, B en C als aangewezen in de legger;

    • b.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam waaraan op grond van de bij deze algemene regel behorende natuurkaart de aanduiding natuurfunctie, zijnde Hen-Sed water is toegekend;

    • c.

      niet meer dan 35 m³ per uur water in het oppervlaktewaterlichaam wordt gebracht;

    • d.

      hierdoor geen verbinding tussen twee oppervlaktewaterlichamen ontstaat, en

    • e.

      dit niet langer duurt dan zes maanden.

  • 8.

    Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.4 van de Keur, voor het brengen van water in een oppervlaktewaterlichaam op een wijze anders dan bedoeld in het eerste tot en met het derde lid, voor zover:

    • a.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam categorie A, B en C als aangewezen in de legger;

    • b.

      dit gebeurt in een oppervlaktewaterlichaam waaraan op grond van de bij deze algemene regel behorende natuurkaart niet de aanduiding water met natuurfunctie zijnde Hen-Sed water is toegekend;

    • c.

      niet meer dan 70 m³ per uur water in het oppervlaktewaterlichaam wordt gebracht;

    • d.

      hierdoor geen verbinding tussen twee oppervlaktewaterlichamen ontstaat, en

    • e.

      dit niet langer duurt dan zes maanden.

Artikel III

De Natuurkaart behorende bij de Algemene regels Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013 wordt als volgt gewijzigd:

 

De weergave op de Natuurkaart welke als bijlage bij dit besluit is gevoegd, vervangt de weergave op de Natuurkaart behorende bij de Algemene regels Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013 zoals die op 27 november 2017 is vastgesteld.

Artikel IV

De Vaarwaterenkaart behorende bij de Algemene regels Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013 wordt als volgt gewijzigd:

 

De weergave op de Vaarwaterenkaart welke als bijlage bij dit besluit is gevoegd, vervangt de weergave op de Vaarwaterenkaart behorende bij de Algemene regels Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013 zoals die op 27 november 2017 is vastgesteld.

Artikel V

  • a.

    Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 mei 2021.

  • b.

    Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit tot wijziging van de Algemene regels Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013, 4e wijziging.

Aldus besloten op 26 april 2021.

Drs. Ing. K.A. Blokland

secretaris

mr. S.H.M. Ornstein MCPm

dijkgraaf

Bijlage 1  

 

Natuurkaart

 

Vaarwaterenkaart

 

 

Naar boven