Waterschapsblad van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Hoogheemraadschap De Stichtse RijnlandenWaterschapsblad 2019, 4444Overige overheidsinformatie



Vaststelling wijziging Legger Primaire Waterkeringen

Op 19 december 2018 heeft het algemeen bestuur van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden de wijziging van de legger primaire waterkeringen vastgesteld. De oorspronkelijke legger is door het algemeen bestuur van het waterschap op 22 oktober 2003 vastgesteld.

De wijziging van de legger primaire waterkeringen treedt in werking op 1 mei 2019.

Algemeen

Het hoogheemraadschap heeft de verplichting, op basis van de Waterwet en de Waterschapswet, te beschikken over een actuele legger van de primaire waterkeringen. In de legger zijn vastgelegd: de ligging en het profiel van de waterkering (waterstaatwerk), de waterkerende constructies en onderhoudsplichtigen. In de legger zijn ook de minimale maten van de onderhoudsprofielen van de waterstaatswerken vastgelegd.

Tevens worden de zones aangegeven waarop de artikelen van de Keur van kracht zijn. Dit zijn de zone waterstaatswerk, de beschermingszone en het profiel van vrije ruimte.

Wijzigingen

De bestaande legger is aangepast vanwege een wijziging van de zones en een toevoeging van een nieuwe zone. De ‘oude’ kernzone en beschermingszone zijn samengevoegd als zone waterstaatswerk en de ‘oude’ buitenbeschermingszone is beschermingszone geworden. De nieuwe benaming wordt sinds 2009 al toegepast door het waterschap. De zones zelf zijn qua ligging en afmetingen niet gewijzigd. De nieuw toegevoegde zone is het profiel van vrije ruimte dat een toetsingskader is bij het verlenen van vergunningen.

Procedure

De ontwerp-wijziging heeft negen weken ter inzage gelegen. Er zijn acht zienswijzen ingediend. De reactie van het hoogheemraadschap op deze zienswijzen en de gevolgen daarvan voor de wijziging van de legger zijn vastgelegd in het ‘Inspraakrapport wijziging legger primaire waterkeringen’ welke onderdeel uitmaakt van het besluit van het algemeen bestuur. De legger kunt u raadplegen op onze website en via onderstaande link: https://www.officielebekendmakingen.nl/wsb-2019-3810.html

 

Belanghebbenden kunnen gedurende zes weken na de datum van bekendmaking (17 april 2019) op grond van de Algemene wet bestuursrecht beroep instellen bij de Rechtbank Midden-Nederland, afdeling bestuursrecht, postbus 16005, 3500 DA Utrecht. Beroep is uitsluitend mogelijk tegen de vaststelling van het profiel van vrije ruimte, mits belanghebbende hiertegen vooraf een zienswijze heeft ingediend, dan wel dat belanghebbende redelijkerwijs niet kan worden verweten dat te hebben nagelaten.

(Tegen de vaststelling van de ligging, vorm, afmeting en constructie van het waterstaatswerk is geen beroep mogelijk.)

 

Het beroep moet ondertekend zijn en tenminste bevatten: uw naam en adres, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht en de gronden van het beroep. Bij het beroepschrift dient u, indien mogelijk, een afschrift van het besluit waarop het beroep betrekking heeft te overleggen.

 

Het instellen van beroep heeft geen schorsende werking. Dit betekent dat de wijziging van de legger in werking treedt, tenzij voor het einde van de beroepstermijn, naast het indienen van beroep, tevens een verzoek om voorlopige voorziening wordt gedaan. Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening moet worden gericht aan de Voorzieningenrechter van de genoemde rechtbank. Daarbij moet een kopie van het beroepschrift worden overlegd.

 

Beroep instellen en het doen van een verzoek om voorlopige voorziening kan digitaal bij genoemde rechtbank via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor is een elektronische handtekening (DigiD) vereist. Kijk op de genoemde site voor de precieze voorwaarden.

 

Voor het indienen van beroep en voor het doen van een verzoek om voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd. Voor beroep bedraagt het griffierecht € 174,- voor een natuurlijk persoon en € 345,- voor een rechtspersoon. Voor een gelijktijdige voorlopige voorziening geldt nog eens hetzelfde bedrag.

 

Houten, 17 april 2019