Het dagelijks bestuur van Rijnland heeft op 10 juli 2018 besloten een viertal wijzigingen door te voeren in de uitvoeringsregels bij de keur:
- 1.
De houdbaarheid van compensatiewater ten behoeve van dempingen en verhardingen wordt verlengd van drie naar vijf jaar;
- 2.
Een drietal administratieve wijzigingen.
Hiertoe wijzigen uitvoeringsregel 3 Dempen en uitvoeringsregel 11 Versnelde afvoer bij toename verhard oppervlak.
De wijzigingen zijn te raadplegen in de bijlagen die aan de linkerkant bij deze bekendmaking zijn bijgevoegd. Deze wijzigingen hebben ter inzage gelegen in de periode van 18 mei 2018 tot 29 juni 2018. Tijdens deze periode konden zienswijzen worden ingediend. Hier is geen gebruik van gemaakt.
De wijzigingen treden in werking op de dag na deze bekendmaking.
Toelichting
- 1.
Verlenging houdbaarheid compensatiewater
Initiatiefnemers in het gebied van Rijnland die watergangen willen dempen of gronden
willen verharden, moeten voldoen aan uitvoeringsregel 3 Dempen en 11 Versnelde afvoer
bij toename verhard oppervlak (deze regels hangen onder de keur).
Eén van de voorschriften houdt in dat ter compensatie van de demping of verharding in principe compensatiewater moet worden gegraven. Al gegraven water mag ook worden gebruikt als compensatiewater, mits het water maximaal drie jaar oud is.
Voor wat betreft deze termijn heeft de omgeving van Rijnland behoefte aan meer flexibiliteit. Grotere projecten kennen namelijk vaak een looptijd van meerdere jaren.
De verlenging van de termijn levert geen risico op voor het watersysteem. De termijn is ingegeven vanuit de wens zicht te kunnen houden op de hoeveelheid water dat in een peilgebied blijvend bij het watersysteem hoort. Door de termijn te verlengen naar vijf jaar kan Rijnland nog steeds voldoende zicht houden op de hoeveelheid oppervlaktewater binnen het beheergebied.
- 1.
Een drietal administratieve wijzigingen
Nu deze twee uitvoeringsregels toch inhoudelijk worden aangepast, kunnen gelijk ook
een drietal administratieve wijzigingen worden meegenomen:
- 1.
In de toelichting van beide regels wordt ter verduidelijking een aantal keer toegevoegd dat de houder van een BRC (een soort waterbalans) zelf mag beoordelen of een derde partij van het water op de balans gebruik mag maken;
- 2.
In de beslisboom van regel 3 wordt het ontbrekende woord ‘vraag’ toegevoegd;
- 3.
Bij de toelichting op artikel 5 van beleidsregel 3.4 wordt de titel aangevuld met de woorden ‘tijdelijke demping’.