Maaien van dijken

Waterschap Rivierenland maait tussen half juni en half juli de dijken langs de grote rivieren. De tweede maaironde staat in de eerste helft van september op het programma. De precieze data waarop wordt gemaaid zijn afhankelijk van weersomstandigheden en van de hoogte van het gras.

Het belangrijkste doel van het maaien is een sterke grasmat op de dijken. Die stevige grasmat draagt eraan bij dat de dijken goed bestand zijn tegen het rivierwater bij hogere waterstanden.

Maaien, even laten liggen en dan afvoeren

Het maaisel wordt niet direct afgevoerd, maar blijft een aantal dagen liggen. Dit zorgt ervoor dat zaden van grassen en kruiden achterblijven op de dijkhelling. De grasmat kan zich zo ontwikkelen tot een grasmat met vele planten- en kruidensoorten, die zich diep in de ondergrond wortelen. Een goede mix van gras en waardevolle kruiden geeft extra stevigheid aan de grasmat. Bovendien draagt een grote soortenrijkdom bij aan een fraai gezicht op en langs de dijken.

 

Het waterschap realiseert zich dat deze vorm van beheer voor anderen enige overlast kan geven.

Naar boven