Tractatenblad van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum totstandkoming |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Buitenlandse Zaken | Tractatenblad 2026, 93 | Verdrag |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum totstandkoming |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Buitenlandse Zaken | Tractatenblad 2026, 93 | Verdrag |
22 (2025) Nr. 2
Briefwisseling houdende een verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA) inzake de wijziging van Protocol I bij de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het IAEA inzake de toepassing van waarborgen met betrekking tot de Nederlandse Antillen in verband met het Verdrag inzake de niet-verspreiding van kernwapens en Aanvullend Protocol I bij het Verdrag tot verbod van kernwapens in Latijns-Amerika;
Wenen, 4 december 2025
Voor een overzicht van de verdragsgegevens, zie verdragsnummers 011824 en 002464 in de Verdragenbank.
INTERNATIONAAL ATOOMENERGIEAGENTSCHAP
De Directeur-Generaal
1 december 2025
Excellentie,
Ik heb de eer te verwijzen naar Protocol Nr. I bij de Overeenkomst van 5 april 1973 tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA) inzake de toepassing van waarborgen met betrekking tot de Nederlandse Antillen in verband met het Verdrag inzake de niet-verspreiding van kernwapens en Aanvullend Protocol I bij het Verdrag tot verbod van kernwapens in Latijns-Amerika (hierna „het Protocol inzake kleine hoeveelheden” genoemd), dat op 5 juni 1975 in werking is getreden, alsmede naar de besluiten van de Raad van Bestuur van het IAEA van 20 september 2005 met betrekking tot dergelijke protocollen.
In zijn verslag getiteld „Strengthening Safeguards Implementation in States with Small Quantities Protocols” (GOV/2005/33 van 13 mei 2005) vestigde de Directeur-Generaal van het IAEA de aandacht op het feit dat het voor het IAEA noodzakelijk is om initiële rapporten over nucleair materiaal te ontvangen, om informatie te verkrijgen over geplande of bestaande nucleaire installaties en om, indien nodig, inspectieactiviteiten ter plaatse te kunnen uitvoeren voor alle staten met uitgebreide waarborgovereenkomsten. Hij legde uit dat de protocollen inzake kleine hoeveelheden momenteel tot gevolg hebben dat een dergelijke bevoegdheid wordt opgeschort.
De Raad was het eens met de beoordeling van de directeur-generaal en concludeerde op basis van het rapport van de directeur-generaal dat het Protocol inzake kleine hoeveelheden in zijn huidige vorm een zwak punt was in het waarborgsysteem van het IAEA. De Raad heeft besloten dat het Protocol inzake kleine hoeveelheden deel moet blijven uitmaken van het waarborgsysteem van het IAEA, onder voorbehoud van de wijzigingen in de gestandaardiseerde tekst en de wijziging van de criteria voor een Protocol inzake kleine hoeveelheden, zoals voorgesteld in het rapport van de directeur-generaal. De Raad heeft tevens besloten voortaan alleen teksten voor dergelijke protocollen goed te keuren op basis van een herziene gestandaardiseerde tekst en met gewijzigde criteria.
De Raad heeft de directeur-generaal gemachtigd met alle staten met protocollen inzake kleine hoeveelheden briefwisselingen te sluiten ter uitvoering van de herziene gestandaardiseerde tekst en de gewijzigde criteria, en heeft de betrokken staten verzocht deze briefwisselingen zo spoedig mogelijk af te sluiten.
Daarom wordt voorgesteld punt I van het Protocol inzake kleine hoeveelheden als volgt te wijzigen:
I.
1) Tot het tijdstip waarop de Nederlandse Antillen
a) bij vreedzame nucleaire activiteiten op hun grondgebied of onder hun jurisdictie of op enige plaats onder hun beschikkingsmacht, nucleair materiaal hebben in hoeveelheden die de grenzen te boven gaan genoemd voor het betrokken materiaal in artikel 36 van het Verdrag van 5 april 1973 tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Internationale Atoomenergieagentschap (IAEA) inzake de toepassing van waarborgen ten aanzien van de Nederlandse Antillen in verband met het Verdrag inzake de niet-verspreiding van kernwapens en Aanvullend Protocol I bij het Verdrag tot verbod van kernwapens in Latijns-Amerika (hierna “het Verdrag“ genoemd), of
b) de beslissing heeft genomen om een installatie te bouwen of de bouw ervan toe te staan, zoals gedefinieerd in de begripsomschrijvingen,
wordt de toepassing opgeschort van de bepalingen in Deel II van het Verdrag, met uitzondering van de artikelen 32-38, 40, 48, 49, 59, 61, 67, 68, 70, 72-76, 82, 84-90, 94 en 95.
2) De krachtens artikel 33, onder (a) en (b) van het Verdrag te verstrekken gegevens kunnen worden samengevoegd en ingediend in een jaarverslag; indien van toepassing wordt eveneens een jaarverslag ingediend met betrekking tot de invoer en uitvoer van nucleair materiaal beschreven in artikel 33, onder (c).
3) Ten einde een tijdige afsluiting van de Aanvullende Regelingen als bedoeld in artikel 38 van het Verdrag mogelijk te maken, geven de Nederlandse Antillen
a) het Agentschap tijdig van tevoren kennis van het feit dat zij nucleair materiaal voor vreedzame nucleaire activiteiten in hun grondgebied hebben of onder hun jurisdictie of op enige plaats onder hun beschikkingsmacht, in hoeveelheden die de grenzen vermeld in paragraaf 1 hierboven overschrijden, dan wel
b) geven zij het Agentschap zo spoedig mogelijk kennis van het nemen van het besluit om een installatie te bouwen of de bouw ervan toe te staan,
al naargelang van hetgeen zich het eerst voordoet.
Indien dit voorstel voor uw regering aanvaardbaar is, vormen deze brief en het bevestigende antwoord van uw regering een overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het IAEA om het Protocol inzake kleine hoeveelheden dienovereenkomstig te wijzigen, welke wijzigingen in werking treden op de datum waarop het IAEA dat antwoord ontvangt.
Gelieve, Zijne Excellentie, de verzekering van mijn zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.
RAFAEL MARIANO GROSSI
Z.E. de heer David van Weel
Minister van Buitenlandse Zaken
MINISTERIE VAN BUITENLANDSE ZAKEN VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN
Wenen, 4 december 2025
Geachte heer,
Ik heb de eer de ontvangst te bevestigen van de brief van het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA), van 1 december, 2025, die luidt als volgt:
(Zoals in Nr. I)
Onder verwijzing naar de brief van Uwe Excellentie heb ik de eer u mede te delen dat de constitutionele structuur van het Koninkrijk der Nederlanden is gewijzigd. Aruba is in 1986 afgescheiden van de Nederlandse Antillen. Bovendien zijn de Nederlandse Antillen op 10 oktober 2010 opgehouden te bestaan als onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden. Vanaf die datum zijn Curaçao, Sint Maarten en het Caribische deel van Nederland (de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba) de rechtsopvolgers van de voormalige Nederlandse Antillen. Daarom wordt onder de term „Nederlandse Antillen” verstaan Aruba, Curaçao, Sint Maarten en het Caribische deel van Nederland (de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba).
Rekening houdend met deze wijzigingen heb ik de eer namens het Koninkrijk der Nederlanden te bevestigen dat het voorstel in uw brief aanvaardbaar is en dat uw brief en dit bevestigende antwoord een overeenkomst vormen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Agentschap om het Protocol inzake kleine hoeveelheden dienovereenkomstig te wijzigen, die in werking treedt op de eerste dag van de tweede maand na de datum waarop het Koninkrijk der Nederlanden het Agentschap langs diplomatieke weg schriftelijk ervan in kennis heeft gesteld dat aan zijn nationale vereisten voor de inwerkingtreding van deze overeenkomst is voldaan.
Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft is de overeenkomst tot wijziging van het Protocol inzake kleine hoeveelheden van toepassing op Aruba, Curaçao en Sint Maarten en in het Caribisch deel van Nederland (de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba), tenzij anders bepaald in de bovenvermelde kennisgeving. In het laatste geval kan het Koninkrijk der Nederlanden te allen tijde de toepassing van deze overeenkomst uitbreiden tot een of meer van zijn afzonderlijke delen door middel van een kennisgeving langs diplomatieke weg aan het Agentschap.
Gelieve, geachte heer, de verzekering van mijn zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.
DAVID MARTIJN VAN WEEL
Aan Z.E. de heer Rafael Mariano Grossi
De Directeur-Generaal van het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA)
Uitgegeven de vijfentwintigste augustus 2026.
De Minister van Buitenlandse Zaken, T.B.W. BERENDSEN
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/trb-2026-93.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.