Tractatenblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum totstandkoming
Ministerie van Buitenlandse ZakenTractatenblad 2019, 102Verdrag

16 (2018) Nr. 2

A. TITEL

Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Staten van Amerika inzake de totstandkoming van een raamwerk voor samenwerking op het gebied van defensieaangelegenheden;

Washington, 2 juli 2018

Voor een overzicht van de verdragsgegevens, zie verdragsnummer 013120 in de Verdragenbank.

C. VERTALING


Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Staten van Amerika inzake de totstandkoming van een raamwerk voor samenwerking op het gebied van defensieaangelegenheden (Verkorte titel: Raamverdrag Defensiesamenwerking VS-NL)

Preambule

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en

de Regering van de Verenigde Staten van Amerika (hierna te noemen de „partijen”);

Geleid door de wens om bij de uitoefening van hun nationale en wederzijdse verantwoordelijkheden op het gebied van defensie ten behoeve van de veiligheid van de Verenigde Staten van Amerika en het Koninkrijk der Nederlanden, de samenwerking op het gebied van defensieaangelegenheden te faciliteren;

Verwijzend naar het Verdrag tussen de Staten die partij zijn bij het Noord-Atlantisch Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten, op 19 juni 1951 ondertekend te Londen (NAVO-Statusverdrag), waarin onder andere de begrippen „krijgsmacht” en „civiele dienst” worden omschreven en waarin procedures worden ingesteld voor het regelen van bepaalde vorderingen die voortvloeien uit schade aan eigendommen en het overlijden van of oplopen van letsel door personen in het kader van het Noord-Atlantisch Verdrag;

Verwijzend naar de Overeenkomst tussen de Regering van de Verenigde Staten van Amerika en de Regering van Nederland inzake legering van Amerikaanse troepen in Nederland, met bijlage, gesloten door middel van de uitwisseling van diplomatieke nota's te 's-Gravenhage op 13 augustus 1954 (Legeringsovereenkomst);

Verwijzend naar het Verdrag tussen de Verenigde Staten van Amerika en het Koninkrijk der Nederlanden tot wederzijdse hulpverlening inzake verdediging, ondertekend te Washington op 27 januari 1950;

Verwijzend naar de Overeenkomst tussen de Verenigde Staten van Amerika en het Koninkrijk der Nederlanden inzake wederzijdse militaire steunverlening, ondertekend te Stuttgart op 22 februari 1983 of het opvolgingsverdrag daarvan;

Verwijzend naar de Overeenkomst tussen de Verenigde Staten van Amerika en het Koninkrijk der Nederlanden inzake de status van personeel van de Verenigde Staten in het Caribische deel van het Koninkrijk, ondertekend te Washington op 19 oktober 2012 (Caribisch Statusverdrag);

Verwijzend naar de NAVO-Overeenkomst inzake de uitwisseling van technische gegevens voor defensiedoeleinden, ondertekend te Brussel op 19 oktober 1970, waarin onder andere wordt bepaald dat de ontvangende staten die voor defensiedoeleinden vertrouwelijke technische gegevens ontvangen waarop intellectuele eigendomsrechten rusten, verantwoordelijk zijn voor de bescherming ervan en dat de schade die eigenaren van technische gegevens, waarop intellectuele eigendomsrechten rusten en die voor defensiedoeleinden zijn uitgewisseld, lijden door de onbevoegde openbaarmaking of het onbevoegde gebruik van de gegevens door een ontvangende staat of door degenen aan wie deze ontvangende staat de gegevens openbaar heeft gemaakt, door de ontvangende staat dient te worden vergoed;

Verwijzend naar het Verdrag tussen de Verenigde Staten van Amerika en het Koninkrijk der Nederlanden betreffende de beveiliging van gerubriceerde gegevens, gesloten door middel van de uitwisseling van diplomatieke nota’s te Washington op 18 augustus 1960, zoals gewijzigd;

Verwijzend naar de Security Implementing Arrangement for Operations tussen het ministerie van Defensie van de Verenigde Staten van Amerika en de minister van Defensie van het Koninkrijk der Nederlanden, met Bijlagen, ondertekend te ’s-Gravenhage en Washington op 31 januari 2006 en 13 maart 2006;

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel I Doel

Dit Verdrag biedt een raamwerk voor het faciliteren van activiteiten op het gebied van defensiesamenwerking. Deze activiteiten op het gebied van defensiesamenwerking kunnen bestaan uit, maar zijn niet beperkt tot de volgende:

  • Onderzoek, ontwikkeling, testen en evaluatie:

  • Productie en daaropvolgende ondersteuning;

  • Uitwisseling van gegevens;

  • Uitwisseling van personeel;

  • Militaire oefeningen en operaties;

  • Onderhoud, in-service en logistieke ondersteuning, voorraden en diensten;

  • Opleiding; en

  • Het leasen of lenen van uitrusting en materiaal.

Artikel II Regelingen voor activiteiten op het gebied van defensiesamenwerking

Wanneer de nationale defensieorganisaties van de partijen, binnen de grenzen van de verantwoordelijkheden en bevoegdheden op defensiegebied zoals vastgesteld door de desbetreffende partij, memoranda van overeenstemming (MvO) of andere schriftelijke regelingen voor activiteiten op het gebied van defensiesamenwerking sluiten, zijn dergelijke MvO of andere schriftelijke regelingen uitsluitend onderworpen aan dit Verdrag indien deze expliciet wordt ingeroepen in deze MvO of andere schriftelijke regelingen.

Artikel III Aansprakelijkheid, vorderingen en rechtsmacht in strafzaken

  • 1. Ten aanzien van kwesties inzake de wettelijke aansprakelijkheid van elk van de partijen of de leden van de krijgsmacht of civiele dienst en strafrechtelijke rechtsmacht over leden van de krijgsmacht of civiele dienst, zijn het NAVO-Statusverdrag, de Legeringsovereenkomst of het Caribisch Statusverdrag, naargelang van toepassing, overeenkomstig hun voorwaarden van toepassing.

  • 2. Ten aanzien van kwesties inzake wettelijke aansprakelijkheid waarop noch het NAVO-Statusverdrag, de Legeringsovereenkomst of het Caribisch Statusverdrag van toepassing zijn, is het onderstaande van toepassing uitgezonderd in het geval van het leasen of lenen van uitrusting en materiaal waarop artikel V (Leasen of lenen van uitrusting en materiaal) van dit Verdrag van toepassing is:

    • 2.1. Elke partij doet afstand van alle vorderingen tegen de andere partij wegens het oplopen van letsel door of het overlijden van haar personeel of schade aan haar eigendommen voortvloeiend uit de uitoefening van officiële taken.

    • 2.2. In het geval van vorderingen van derden wegens het oplopen van letsel door of het overlijden van personen of schade aan of verlies van eigendommen voortvloeiend uit de uitoefening van officiële taken, delen de partijen de kosten van dergelijke vorderingen in overeenstemming met de verdeling die is vermeld in de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is.

    • 2.3. Indien de partijen echter gezamenlijk vaststellen dat het letsel, het overlijden, de schade of het verlies binnen de reikwijdte van de leden 2.1 of 2.2 van dit artikel het gevolg zijn van roekeloos handelen of nalaten, opzettelijk handelen of grove nalatigheid van het militair personeel of burgerpersoneel van een partij, worden de kosten van enige vordering gedragen door die partij in overeenstemming met haar nationale regels, voorschriften en beleid.

    • 2.4. Vorderingen die voortvloeien uit een contract tot uitvoering van de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is, worden afgehandeld in overeenstemming met de bepalingen van het contract en worden geregeld tussen de nationale defensieorganisaties in overeenstemming met deze MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is.

Artikel IV Bescherming van gegevens, uitrusting en materiaal

De volgende bepalingen zijn van toepassing met betrekking tot de eigendoms- en gebruiksrechten van gegevens, apparatuur of materiaal, naargelang van toepassing, die uit hoofde van de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is, zijn verstrekt of ontwikkeld:

  • 1. Gegevens die buiten de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is, worden gegenereerd en die vervolgens door de nationale defensieorganisatie van de ene partij in het kader van de uitvoering van de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is worden verstrekt aan de nationale defensieorganisatie van de andere partij, worden door of namens de nationale defensieorganisatie van de andere partij uitsluitend gebruikt zoals vervat in deze MvO of andere schriftelijke regelingen.

  • 2. Gegevens die worden gegenereerd door of namens de nationale defensieorganisatie van een partij bij de uitvoering van de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is, worden door of namens de nationale defensieorganisatie van de andere partij uitsluitend gebruikt zoals vervat in deze MvO of andere schriftelijke regelingen.

  • 3. Gegevens die gezamenlijk worden gegenereerd door of namens de nationale defensieorganisaties van de partijen, worden door of namens de nationale defensieorganisatie van elke partij uitsluitend gebruikt zoals vervat in deze MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is.

  • 4. De eigendom van gegevens die worden gegenereerd door of namens de nationale defensieorganisaties van de partijen, wordt, waar nodig, uitsluitend toegekend aan de partij of aan de partijen gezamenlijk en aan hun contractanten zoals vervat in de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is.

  • 5. Geen van de partijen gaat over tot de verkoop, overdracht van eigendom, openbaarmaking of overdracht van het bezit van de volgende gegevens, uitrusting of materiaal aan een derde zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van de andere partij;

    • 5.1. gegevens gegenereerd buiten het kader van de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is en die door de ene partij aan de andere partij zijn verstrekt;

    • 5.2. gegevens gegenereerd bij de uitvoering van de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is; of

    • 5.3. uitrusting die of materiaal dat door of namens de andere partij is verstrekt, gezamenlijk is aangeschaft of gespecificeerd kan zijn in de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is.

Artikel V Het leasen of lenen van uitrusting en materiaal

Wat betreft het leasen of lenen van uitrusting en materiaal maakt de ontvangende partij gebruik van de uitrusting en het materiaal zoals vervat in de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is. De ontvangende partij is verantwoordelijk voor het in goede staat van onderhoud en bedrijfsklaar houden van deze uitrusting of dit materiaal. Tenzij de verstrekkende partij toestemming heeft gegeven voor het opgebruiken of anderszins verbruiken van de uitrusting of het materiaal zonder de verstrekkende partij daarvoor te vergoeden, retourneert de ontvangende partij de uitrusting of het materiaal aan de verstrekkende partij in dezelfde goede conditie als bij ontvangst, behoudens normale slijtage, of retourneert de uitrusting of het materiaal en betaalt de kosten om deze weer terug te brengen in de conditie op het tijdstip van ontvangst, behoudens normale slijtage. Indien het materiaal of de uitrusting zodanig is beschadigd dat reparatie niet meer economisch verantwoord is, retourneert de ontvangende partij de uitrusting of het materiaal aan de verstrekkende partij (tenzij anderszins bepaald in de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is) en betaalt de vervangingswaarde tenzij anderszins bepaald in de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is, die wordt berekend overeenkomstig de wet- en regelgeving van de verstrekkende partij. Indien de uitrusting of het materiaal verloren is gegaan terwijl deze of dit onder de hoede was van de ontvangende partij, geeft de ontvangende partij een verklaring van verlies af aan de verstrekkende partij en betaalt de vervangingswaarde tenzij anderszins bepaald in de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is, die wordt berekend overeenkomstig de wet- en regelgeving van de verstrekkende partij.

Artikel VI Logistieke ondersteuning

  • 1. Indien de Overeenkomst inzake wederzijdse logistieke steunverlening of het opvolgingsverdrag daarvan niet van toepassing is, kan een beroep worden gedaan op de bepalingen inzake logistieke ondersteuning van dit artikel.

  • 2. Ten aanzien van logistieke ondersteuning stelt elke partij alles in het werk om, in overeenstemming met de nationale prioriteiten van het leverende land, niet alleen in vredestijd maar ook in tijden van nood of actieve vijandelijkheden, te voldoen aan de schriftelijke verzoeken van de andere partij om voedsel, water, inkwartiering, transport (inclusief luchttransport), petroleum, olie, smeermiddelen, kleding, communicatiediensten, medische diensten, munitie, opslagdiensten, trainingsdiensten, contractering en aanverwante diensten, reparatie- en onderhoudsdiensten, reservedelen en componenten, toegang tot en gebruik van faciliteiten, ondersteuning van werkzaamheden op de bases (inclusief daaraan verbonden bouwwerkzaamheden), en luchthaven- en havendiensten, en draagt zorg voor de daarop betrekking hebbende betalingen en boekhouding. Details met betrekking tot deze logistieke ondersteuning worden vervat in de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is.

Artikel VII Toegang tot en gebruik van faciliteiten

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden kan de Regering van de Verenigde Staten van Amerika en vertegenwoordigers of agenten van de Regering van de Verenigde Staten zoals wederzijds overeengekomen, onbelemmerde toegang verlenen tot en onbelemmerd gebruik toestaan van de faciliteiten en gebieden in het Koninkrijk der Nederlanden, zoals wederzijds overeengekomen in MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is.

Artikel VIII Uitwisseling van personeel

De bepalingen van de Bijlage bij dit Verdrag zijn van toepassing op de toewijzing, plaatsing, uitwisseling of liaison van eenheden en personeel tussen de nationale defensieorganisaties van de partijen ingevolge de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is.

Artikel IX Financiën

De partijen voldoen aan alle financiële verplichtingen zoals vervat in de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is. De verplichtingen van de partijen zijn onderworpen aan de beschikbaarheid van middelen ten behoeve van de uitvoering van dit Verdrag en de middelen die nader zijn omschreven in de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is, in overeenstemming met de onderscheiden nationale wet- en regelgeving van de partijen bij dit Verdrag.

Artikel X Geschillen

Elk geschil omtrent de uitlegging, toepassing of uitvoering van dit Verdrag, elk MvO of andere schriftelijke regeling waarop dit Verdrag van toepassing is, wordt uitsluitend door middel van overleg tussen de partijen geregeld en wordt niet ter beslechting voorgelegd aan een nationale rechtbank, internationaal hof of enige andere persoon of entiteit.

Artikel XI Beëindiging

Dit Verdrag blijft van kracht totdat het door de partijen of een van de partijen wordt beëindigd door zes maanden van tevoren langs diplomatieke weg kennis te geven van haar voornemen het Verdrag te beëindigen. De verplichtingen van de partijen ingevolge dit Verdrag met betrekking tot aansprakelijkheid en vorderingen, bescherming van gegevens, uitrusting of materiaal, het leasen of lenen van uitrusting of materiaal, de betaling voor logistieke ondersteuning, financiering en geschillen blijven echter bestaan, niettegenstaande de beëindiging van dit Verdrag.

In het geval dit Verdrag wordt beëindigd, plegen de nationale defensieorganisaties van de partijen overleg ten aanzien van de beëindiging of voortzetting van elk MvO of andere schriftelijke regeling waarop dit Verdrag van toepassing is.

Artikel XII Toepassing van het Verdrag met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden

Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft is dit Verdrag uitsluitend van toepassing op het Europese deel van Nederland. Dit Verdrag kan echter worden uitgebreid tot het Caribische deel van Nederland (de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba), Aruba, Curaçao en Sint Maarten door wijziging van het Verdrag door middel van de uitwisseling van diplomatieke nota's.

Artikel XIII Inwerkingtreding

Dit Verdrag, met inbegrip van de Bijlage erbij, die een integrerend onderdeel uitmaakt van dit Verdrag, treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand na de datum van ontvangst van de laatste nota die tussen de partijen langs diplomatieke weg wordt uitgewisseld en waarin staat vermeld dat hun onderscheiden interne procedures die nodig zijn voor de inwerkingtreding van dit Verdrag zijn afgerond.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe naar behoren gemachtigd door hun onderscheiden regeringen, dit Verdrag hebben ondertekend.

GEDAAN in tweevoud te Washington, op 2 juli 2018, in de Engelse taal.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden, HENDRIK JAN JURRIAAN SCHUWER

Voor de Regering van de Verenigde Staten van Amerika, PETER HOEKSTRA



BIJLAGE

Op MvO of andere schriftelijke regelingen tussen de nationale defensieorganisaties van de partijen inzake activiteiten op het gebied van defensiesamenwerking die de Toewijzing van personeel behelzen, zijn, in aanvulling op de begrippen vervat in de artikelen I tot en met XIII van dit Verdrag, de volgende begrippen van toepassing wanneer in deze MvO of andere schriftelijke regelingen dit Verdrag uitdrukkelijk wordt ingeroepen:

  • 1. De volgende begrippen hebben de omschreven betekenis wanneer zij in deze Bijlage worden gebruikt:

    • 1.1. Onder „Toewijzing” wordt verstaan de toewijzing, plaatsing, uitwisseling of liaison van Nationale Defensie-eenheden en Nationaal Defensiepersoneel van de ene partij bij de nationale defensieorganisatie van de andere partij om functies in het kader van een uitwisselings-, liaison- of samenwerkingsproject of enige andere functie te vervullen. De woorden „toegewezen” en „toewijst” hebben een betekenis die correspondeert met de betekenis van het woord „toewijzing”.

    • 1.2. Onder „Gerubriceerde Gegevens” wordt verstaan gegevens die door de ene partij aan de andere partij worden verstrekt en die door de verstrekkende partij in het belang van de nationale veiligheid zijn gerubriceerd of, in de mondelinge vorm, als zodanig worden aangemerkt en derhalve bescherming vereisen tegen ongeoorloofde openbaarmaking. De Gerubriceerde Gegevens kunnen mondeling, visueel of elektronisch zijn, de vorm van een document of de vorm van een materiaal hebben, waaronder uitrusting en technologie zijn begrepen.

    • 1.3. Onder „Gecontroleerde Ongerubriceerde Gegevens” wordt verstaan ongerubriceerde gegevens waarop beperkingen wat betreft toegang of verspreiding van toepassing zijn in overeenstemming met de van toepassing zijnde nationale wet- en regelgeving en het van toepassing zijnde beleid van de partijen en die door de verstrekkende partij of partijen, naargelang van toepassing, als zodanig zijn aangemerkt of, voor alle andere vormen dan mondeling, zijn gemarkeerd. Het omvat gegevens die niet mogen worden bekendgemaakt of waarop exportbeperkingen van toepassing zijn.

    • 1.4. Onder „Regering van de Gastheerstaat” wordt verstaan de nationale regering van de Ontvangende Defensieorganisatie, alsmede alle staatkundige onderdelen daarvan.

    • 1.5. Onder „Ontvangende Defensieorganisatie” wordt verstaan de nationale defensieorganisatie waaraan een nationale defensie-eenheid of personeel van de Bovenliggende Defensieorganisatie wordt Toegewezen ingevolge de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is.

    • 1.6. Onder „Gegevens” wordt verstaan kennis die door elk middel kan worden overgebracht, ongeacht de vorm of het type, met inbegrip van maar niet beperkt tot, gegevens van wetenschappelijke, technische, bedrijfsmatige of financiële aard, en met inbegrip van foto’s, rapporten, handleidingen, dreigingsgegevens, experimentele gegevens, testgegevens, computersoftware, ontwerpen, specificaties, processen, technieken, uitvindingen, tekeningen, technische aantekeningen, geluidsopnamen, afbeeldingen en andere grafische voorstellingen, hetzij in de vorm van magneetband, computergeheugen of enige andere vorm en ongeacht of de gegevens door intellectuele eigendomsrechten worden beschermd.

    • 1.7. Onder „Nationale Defensie-eenheden en Nationaal Defensiepersoneel” wordt verstaan eenheden en personeel binnen de omschrijving van „krijgsmacht” en „civiele dienst” van artikel I van het NAVO-Statusverdrag, of binnen de omschrijving van „personeel van de Verenigde Staten” in Artikel I van het Caribisch Statusverdrag, of in de Legeringsovereenkomst, en omvat niet de medewerkers of agenten van contractanten.

    • 1.8. Onder „Verantwoordelijke Regering” wordt verstaan de nationale regering van de Bovenliggende Defensieorganisatie en de staatkundige onderdelen daarvan.

    • 1.9. Onder „Bovenliggende Defensieorganisatie” wordt verstaan de nationale defensieorganisatie van de Verantwoordelijke Regering die een Nationale Defensie-eenheid of Nationaal Defensiepersoneel aan de Ontvangende Defensieorganisatie Toewijst ingevolge de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is.

    • 1.10. Onder „Veiligheidswaarborgen” wordt verstaan een schriftelijke bevestiging, op verzoek van en uitgewisseld tussen regeringen die de volgende elementen bevat: verificatie van het niveau van het persoonlijk veiligheidsonderzoek van staatsburgers of onderdanen van de Verantwoordelijke Regering, een verklaring van een verantwoordelijke functionaris van de Verantwoordelijke Regering waarin bevestigd wordt dat haar staatsburgers of onderdanen toestemming hebben om toegang te krijgen tot Gerubriceerde Gegevens of Gecontroleerde Ongerubriceerde Gegevens die relevant zijn voor de Toewijzing namens de Verantwoordelijke Regering en de verplichting dat de regering de naleving waarborgt van veiligheidsovereenkomsten of andere veiligheidsvereisten die door een van beide regeringen worden gesteld.

  • 2. De Bovenliggende Defensieorganisatie voorziet de Ontvangende Defensieorganisatie van de passende Veiligheidswaarborgen voor Nationale Defensie-eenheden en Nationaal Defensiepersoneel voor aanvang van de Toewijzing. Veiligheidswaarborgen worden langs officiële weg ingediend en in overeenstemming met de vastgestelde bezoekprocedures van de Ontvangende Defensieorganisatie. Toegang tot Gerubriceerde Gegevens of Gecontroleerde Ongerubriceerde Gegevens vindt pas plaats nadat deze Veiligheidswaarborgen door de Ontvangende Defensieorganisatie zijn ontvangen.

  • 3. Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel houden (houdt) zich aan de wet- en regelgeving en het beleid van beide partijen op het gebied van beveiliging en openbaarmaking met betrekking tot Gerubriceerde Gegevens en Gecontroleerde Ongerubriceerde Gegevens en alle van toepassing zijnde internationale overeenkomsten en regelingen tussen de partijen.

  • 4. Alle Gerubriceerde Gegevens die worden uitgewisseld tussen of openbaar gemaakt aan Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel ingevolge de MvO en andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is, zijn onderworpen aan en beschermd in overeenstemming met het Verdrag tussen de Verenigde Staten van Amerika en het Koninkrijk der Nederlanden betreffende de beveiliging van gerubriceerde gegevens, gesloten door middel van de uitwisseling van diplomatieke nota’s te Washington op 18 augustus 1960, zoals gewijzigd, en de Security Implementing Arrangement for Operations tussen het ministerie van Defensie van de Verenigde Staten van Amerika en de minister van Defensie van het Koninkrijk der Nederlanden, met Bijlagen, ondertekend te Den Haag en Washington op 31 januari 2006 en 13 maart 2006, naargelang van toepassing.

  • 5. Toegang tot Gecontroleerde Ongerubriceerde Gegevens door Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel wordt goedgekeurd door de Ontvangende Defensieorganisatie en wordt uitsluitend toegekend indien die noodzakelijk is voor het verwezenlijken van het doel in het kader van de Toewijzing.

  • 6. Gecontroleerde Ongerubriceerde Gegevens die worden verstrekt door of geproduceerd in samenwerking met de Bovenliggende Defensieorganisatie worden door de Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en het Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel uitsluitend aan de Ontvangende Defensieorganisatie beschikbaar gesteld op voorwaarde dat deze gegevens niet door de Ontvangende Defensieorganisatie aan een derde (zoals omschreven kan worden in de MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is) worden vrijgegeven zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van de desbetreffende autoriteiten van de Verantwoordelijke Regering.

  • 7. Openbaarmaking van Gecontroleerde Ongerubriceerde Gegevens door de Ontvangende Defensieorganisatie aan Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel wordt niet geacht een vergunning of toestemming te zijn om dergelijke Gegevens te gebruiken voor enig doel anders dan het doel van de Toewijzing.

  • 8. Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel en hun gezinsleden krijgen (krijgt) de vrijstellingen, voorrechten en immuniteiten toegekend voor zover toegestaan door de van toepassing zijnde wet- en regelgeving van de Regering van de Gastheerstaat, elk van toepassing zijnde verdrag inzake de rechtspositie van hun krijgsmacht tussen de partijen of elke andere van toepassing zijnde internationale overeenkomst of regeling tussen de partijen. Strafrechtelijke en disciplinaire rechtsmacht wordt uitgeoefend in overeenstemming met dergelijke overeenkomsten tussen de partijen, met inbegrip van maar niet beperkt tot het NAVO-Statusverdrag, het Caribisch Statusverdrag en de Legeringsovereenkomst. Niets in dit Verdrag wijkt af van de vrijstellingen, voorrechten en immuniteiten die door het recht van de gastheerstaat of internationale overeenkomsten of regelingen worden toegekend.

  • 9. Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel houden (houdt) zich aan de relevante wetten van de Regering van de Gastheerstaat en onthouden (onthoudt) zich van enige activiteit die niet strookt met de bepalingen van enige MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is en van alle politieke activiteiten op het grondgebied van de Regering van de Gastheerstaat.

  • 10. De Ontvangende Defensieorganisatie noch de gewapende strijdkrachten van de Regering van de Gastheerstaat mogen disciplinaire maatregelen nemen tegen Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel van de andere partij krachtens de militaire wet- of regelgeving van de Regering van de Gastheerstaat, en de Ontvangende Defensieorganisatie noch de gewapende strijdkrachten van de Regering van de Gastheerstaat oefenen disciplinaire bevoegdheden uit tegen de familieleden van deze Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en dit Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel van de andere partij. De Bovenliggende Defensieorganisatie neemt de administratieve of disciplinaire maatregelen tegen haar Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel die passend kunnen zijn in de omstandigheden en de partijen werken samen bij het onderzoeken van mogelijke strafbare feiten ingevolge de wet- of regelgeving van iedere partij.

  • 11. Indien Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel niet in staat zijn (is) hun (zijn) taken te vervullen vanwege ongepast gedrag, opzettelijke schendingen van verplichtingen of procedures, disciplinaire maatregelen, ziekte, ongeschiktheid of een andere reden, kan de Ontvangende Defensieorganisatie verzoeken om beëindiging van hun Toewijzing. Op verzoek van de Ontvangende Defensieorganisatie haalt de Bovenliggende Defensieorganisatie de Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en het Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel weg uit het grondgebied van de Regering van de Gastheerstaat. In het geval van beëindiging van een Toewijzing mag de Bovenliggende Defensieorganisatie de beëindigde functie invullen met een andere persoon die voldoet aan de vereisten van de Toewijzing, onder voorbehoud van de certificering, goedkeuring of trainingsvereisten van de Ontvangende Defensieorganisatie.

  • 12. Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel van elke partij mogen (mag) wapens bezitten en dragen wanneer zij in functie zijn op voorwaarde dat de op hen toepasselijke orders zulks toestaan en met toestemming van de desbetreffende autoriteiten van de Regering van de Gastheerstaat. Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel brengen (brengt) geen privé-wapens naar het grondgebied van de Regering van de Gastheerstaat of dragen (draagt) deze daar, tenzij daarvoor toestemming is gegeven door de desbetreffende autoriteiten van de Regering van de Gastheerstaat, in overeenstemming met de van toepassing zijnde wetten van de Regering van de Gastheerstaat.

  • 13. Op medische en tandheelkundige diensten zijn de bepalingen van toepasselijke internationale overeenkomsten of regelingen tussen de partijen van toepassing, en bij ontstentenis van een dergelijke overeenkomst of regeling zijn alle kosten die samenhangen met de medische en tandheelkundige diensten van de Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en het Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel de verantwoordelijkheid van de Verantwoordelijke Regering of Bovenliggende Defensieorganisatie.

  • 14. Tenzij de Bovenliggende Defensieorganisatie schriftelijke toestemming geeft, worden Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel niet geplaatst in functies die politiek gevoelig liggen en waar hun aanwezigheid de belangen van de Bovenliggende Defensieorganisatie of Verantwoordelijke Regering in gevaar zouden kunnen brengen. Tenzij de Bovenliggende Defensieorganisatie schriftelijk toestemming verleent, mogen de Nationale Defensie-eenheden en -personeel daarnaast niet

    • 14.1. worden geplaatst op posten of in situaties waar rechtstreekse vijandelijkheden met krijgsmachten van derde staten waarschijnlijk zijn of reeds plaatsvinden;

    • 14.2. deelnemen aan enige operatie in welke vorm dan ook, met inbegrip van vredeshandhavings- of gevechtsoperaties;

    • 14.3. naar een derde land reizen als onderdeel van de uit te voeren taken;

    • 14.4. deelnemen aan enige rechtshandhavingsoperatie; of

    • 14.5. deelnemen aan civiel-militaire acties.

  • 15. Na aankomst krijgen Toegewezen Nationale Defensie-eenheden en Toegewezen Nationaal Defensiepersoneel briefings door de Ontvangende Defensieorganisatie over de wet- en regelgeving en het beleid met betrekking tot Gerubriceerde Gegevens en Gecontroleerde Ongerubriceerde Gegevens. Daarnaast krijgen Toegewezen Nationale Defensie-eenheden, het personeel en hun familieleden informatie over vrijstellingen en voorrechten, medische en tandheelkundige diensten en overige zaken, naargelang van toepassing.

  • 16. De Ontvangende Defensieorganisatie verstrekt op verzoek en afhankelijk van de beschikbaarheid, de kantoorfaciliteiten, communicatiediensten, toegang tot en gebruik van faciliteiten, ondersteuning van werkzaamheden op de bases, en andere administratieve of logistieke ondersteuning die aan bod komt in de van toepassing zijnde MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is. Alle kosten die samenhangen met het verstrekken van ondersteuning op het gebied van administratie, logistiek of training die ingevolge deze MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is, worden door de Bovenliggende Defensieorganisatie vergoed aan de Ontvangende Defensieorganisatie, zoals vereist door de wet- en regelgeving of het beleid van de Regering van de Gastheerstaat en zoals vervat in de van toepassing zijnde MvO of andere schriftelijke regelingen waarop dit Verdrag van toepassing is.


Uitgegeven de elfde juli 2019.

De Minister van Buitenlandse Zaken, S.A. BLOK