17 (1998) Nr. 3
Op 23 januari 2009 is te Brussel de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en
de regering van Nepal inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten tot stand gekomen.
De bepalingen van deze Overeenkomst worden sinds 1 mei 2009 voorlopig toegepast. Door
de voorlopige toepassing van deze Overeenkomst wordt het te Schiphol gesloten bilaterale
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Nepal inzake luchtdiensten,
met Bijlage, van 10 juni 1998, als volgt gewijzigd.
Ingevolge artikel 1, tweede lid, van de Overeenkomst van 23 januari 2009 zal, wanneer
in de Engelse tekst van het bilaterale Verdrag, met Bijlage, wordt verwezen naar „nationals”
van het Koninkrijk der Nederlanden, dit worden begrepen als een verwijzing naar „nationals”
van de lidstaten van de Europese Unie.
Ingevolge artikel 1, derde lid, van de Overeenkomst van 23 januari 2009 zal, wanneer
in de Engelse tekst van het bilaterale Verdrag, met Bijlage, wordt verwezen naar „air
carriers or airlines” van het Koninkrijk der Nederlanden, dit worden begrepen als
een verwijzing naar de door het Koninkrijk der Nederlanden aangewezen „air carriers
or airlines”.
Ingevolge artikel 2, eerste lid, van de Overeenkomst van 23 januari 2009 hebben de
bepalingen van artikel 2, derde en vierde lid, van deze Overeenkomst voorrang op de
overeenkomstige bepalingen van respectievelijk de artikelen 5 en 6 van het bilaterale
Verdrag.
Ingevolge artikel 2, tweede lid, van de Overeenkomst van 23 januari 2009 hebben de
bepalingen van artikel 2, derde en vierde lid, van deze Overeenkomst voorrang op de
overeenkomstige bepalingen van respectievelijk de artikelen 5 en 6 van het bilaterale
Verdrag.
Ingevolge artikel 3, eerste lid, van de Overeenkomst van 23 januari 2009 vormen de
bepalingen van artikel 3, tweede lid, van deze Overeenkomst een aanvulling op de overeenkomstige
bepalingen van artikel 10 van het bilaterale Verdrag.
Ingevolge artikel 4, eerste lid, van de Overeenkomst van 23 januari 2009 vormen de
bepalingen van artikel 4, tweede lid, van deze Overeenkomst een aanvulling op de overeenkomstige
bepalingen van artikel 13 van het bilaterale Verdrag.
Ingevolge artikel 5, eerste lid, van de Overeenkomst van 23 januari 2009 vormen de
bepalingen van artikel 5, tweede lid, van deze Overeenkomst een aanvulling op de overeenkomstige
bepalingen van artikel 8 van het bilaterale Verdrag.
Ingevolge artikel 6, tweede lid, van de Overeenkomst van 23 januari 2009 worden de
bepalingen in het bilaterale Verdrag die niet verenigbaar zijn met artikel 6, eerste
lid, van de Overeenkomst van 23 januari 2009 niet toegepast.