10 (1981) Nr. 3
De Franse tekst van de Overeenkomst, met Bijlage en Protocol van ondertekening, is
geplaatst in Trb. 1981, 124.
Op 30 november 2009 is te Brussel de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en
de West-Afrikaanse economische en monetaire unie inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten
tot stand gekomen. De bepalingen van deze Overeenkomst zijn op 21 februari 2011 in
werking getreden. Door de inwerkingtreding van deze Overeenkomst wordt de bilaterale
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Togolese Republiek betreffende
de luchtvaart van 17 maart 1981 als volgt gewijzigd.
Ingevolge artikel 1, derde lid, van de Overeenkomst van 30 november 2009 zal, wanneer
in de tekst van de bilaterale Overeenkomst wordt verwezen naar de onderdanen van het
Koninkrijk der Nederlanden, dit worden verstaan als een verwijzing naar de onderdanen
van de lidstaten van de Europese Unie. Wanneer in de tekst van de bilaterale Overeenkomst
wordt verwezen naar de onderdanen van de Republiek Togo, zal dit worden verstaan als
een verwijzing naar de onderdanen van de lidstaten van de West-Afrikaanse economische
en monetaire unie.
Ingevolge artikel 1, vierde lid, van de Overeenkomst van 30 november 2009 zal, wanneer
in de tekst van de bilaterale Overeenkomst wordt verwezen naar de vervoerders of de
luchtvaartmaatschappijen van het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Togo,
dit worden verstaan als een verwijzing naar de door het Koninkrijk der Nederlanden
en de Republiek Togo aangeduide vervoerders of luchtvaartmaatschappijen.
Ingevolge artikel 2, eerste lid, van de Overeenkomst van 30 november 2009 hebben de
bepalingen van artikel 2, tweede lid, van deze Overeenkomst voorrang op de overeenkomstige
bepalingen van artikel 11 van de bilaterale Overeenkomst.
Ingevolge artikel 3, eerste lid, van de Overeenkomst van 30 november 2009 hebben de
bepalingen van artikel 3, tweede lid, van deze Overeenkomst voorrang op de overeenkomstige
bepalingen van artikel 12 van de bilaterale Overeenkomst.
Ingevolge artikel 4, eerste lid, van de Overeenkomst van 30 november 2009 vormen de
bepalingen van artikel 4, tweede en derde lid, van deze Overeenkomst een aanvulling
op de overeenkomstige bepalingen van artikel 11 van de bilaterale Overeenkomst.
Ingevolge artikel 5, eerste lid, van de Overeenkomst van 30 november 2009 vormen de
bepalingen van artikel 5, tweede en derde lid, van deze Overeenkomst een aanvulling
op de overeenkomstige bepalingen van artikel 2 van de bilaterale Overeenkomst.
Ingevolge artikel 6, tweede lid, van de Overeenkomst van 30 november 2009 worden de
bepalingen van de bilaterale Overeenkomst die niet verenigbaar zijn met artikel 6,
eerste lid, van de Overeenkomst van 30 november 2009 niet toegepast.