A. TITEL

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de territoriale rechterlijke bevoegdheid, betreffende het faillissement en betreffende het gezag en de tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen, van scheidsrechterlijke uitspraken en van authentieke akten; met Protocol;

Brussel, 28 maart 1925

B. TEKST

De tekst van het Verdrag, met Protocol, is geplaatst inStb.1929, 405.

D. PARLEMENT

Zie Stb.1929, 405.

G. INWERKINGTREDING

De bepalingen van het Verdrag zijn op grond van artikel 55 van en van de inwerkingtreding op 1 februari 1973 van het in rubriek J genoemde Verdrag van 27 september 1968 op diezelfde datum vervangen door het Verdrag van 1968, met dien verstande dat, ingevolge het artikel 56 van laatstgenoemd Verdrag, de vervanging van het Verdrag van 28 maart slechts geldt voor zover de toepassing van het Verdrag van 1968, op grond van artikel 1 reikt.

De bepalingen van het Verdrag zijn op grond van artikel 44, eerste lid, onderdeel c, en van de inwerkingtreding op 31 mei 2002 van de in rubriek J genoemde Verordening van 29 mei 2000 op diezelfde datum vervangen door de Verordening, met dien verstande dat de vervanging van het Verdrag van 1925 slechts geldt voor zover de toepassing van de Verordening, op grond van artikel 1 van de Verordening, reikt.

J. VERWIJZINGEN

Verbanden

Titel:Het Verdrag is vervangen door het Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken; Brussel, 27 september 1968
Tekst:Trb. 1969, 101
Laatste Trb. :Trb. 2001, 52
Titel:EG-Verordening 1346/2000; Brussel, 29 mei 2000
Tekst:Pb. EU. L 160, 30 juni 2000, blz. 1 e.v.

Uitgegeven de dertiende januari 2005

De Minister van Buitenlandse Zaken,

B. R. BOT

Naar boven