A. TITEL

Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, met bijlagen;

Khartoem, 4 augustus 1963

B. TEKST

De Engelse tekst van de Overeenkomst zoals deze sedert 1982 luidt, is geplaatst in Trb. 1981, 28.

De in Trb. 1981, 28, Trb. 1984, 76 en Trb. 1992, 203 opgenomen lijsten met ondertekeningen dienen te worden vervangen door de volgende lijst met ondertekeningen:1

Algerije 4 augustus 1963
Benin 8 oktober 1963
Burkina Faso21 november 1963
Burundi 4 augustus 1963
Centraal Afrikaanse Republiek 4 augustus 1963
de Democratische Republiek Congo 4 augustus 1963
de Republiek Congo29 november 1963
Egypte 4 augustus 1963
Ethiopië 4 augustus 1963
Ghana 4 augustus 1963
Guinee 4 augustus 1963
Ivoorkust 4 augustus 1963
Kameroen 8 oktober 1963
Kenia 4 augustus 1963
het Koninkrijk der Nederlanden28 januari 1983
Liberia 4 augustus 1963
Mali 4 augustus 1963
Marokko 4 augustus 1963
Mauritanië 4 augustus 1963
Niger25 oktober 1963
Nigeria 4 augustus 1963
Oeganda 4 augustus 1963
Rwanda18 december 1963
Senegal17 december 1963
Sierra Leone 4 augustus 1963
Soedan 4 augustus 1963
Somalië 4 augustus 1963
Spanje13 februari 1984
Tanzania 4 augustus 1963
Togo18 oktober 1963
Tunesië 4 augustus 1963

C. VERTALING

Zie Trb. 1981, 28.

D. PARLEMENT

Zie Trb. 1984, 76, rubriek J van Trb. 1992, 203 en rubriek J van dit Tractatenblad.

E. BEKRACHTIGING

De in Trb. 1981, 28, Trb. 1984, 76 en Trb. 1992, 203 opgenomen lijsten met bekrachtigingen en aanvaardingen dienen te worden vervangen door de volgende lijst met bekrachtigingen en aanvaardingen:1

Algerije10 september 1964
Benin25 augustus 1964
Burkina Faso22 september 1964
Burundi 2 januari 1968
Centraal Afrikaanse Republiek26 augustus 1970
de Democratische Republiek Congo 5 juni 1964
de Republiek Congo10 februari 1965
Egypte14 september 1964
Ethiopië14 juli 1964
Ghana30 juni 1964
Guinee21 mei 1964
Ivoorkust20 maart 1964
Kameroen 7 mei 1964
Kenia24 januari 1964
het Koninkrijk der Nederlanden (voor Nederland)28 januari 1983
Liberia23 juni 1964
Mali23 april 1964
Marokko 2 juni 1964
Mauritanië 9 september 1964
Niger29 juli 1964
Nigeria12 maart 1964
Oeganda16 december 1963
Rwanda18 januari 1965
Senegal11 september 1964
Sierra Leone18 februari 1964
Soedan 9 september 1963
Somalië22 oktober 1964
Spanje13 februari 1984
Tanzania27 november 1963
Togo 3 juli 1964
Tunesië29 oktober 1964

F. TOETREDING

De in Trb. 1981, 28 opgenomen lijst met toetredingen dient vervangen te worden door de volgende lijst met toetredingen:1

Angola 9 januari 1981
Botswana31 maart 1972
de Comoren 3 mei 1976
Djibouti12 juli 1978
Equatoriaal Guinee30 juni 1975
Gabon31 december 1972
Gambia 2 juli 1973
Guinee-Bissau 5 mei 1975
Kaapverdië15 april 1976
Lesotho 2 juli 1973
Libië21 juli 1972
Madagascar 3 mei 1976
Malawi25 juli 1966
Mauritius 1 januari 1974
Mozambique 4 juni 1976
Sao Tomé en Principe14 april 1976
de Seychellen20 april 1977
Swaziland26 juli 1971
Syrië14 september 1964
Tsjaad26 augustus 1968
Zambia 1 september 1966
Zimbabwe 5 september 1980

G. INWERKINGTREDING

Zie Trb. 1981, 28 en Trb. 1984, 76.

J. GEGEVENS

Zie Trb. 1981, 28, Trb. 1984, 76 en Trb. 1992, 203.

Verwijzingen

Titel:Overeenkomst tot oprichting van het Afrikaans Ontwikkelingsfonds;Abidjan, 29 november 1972
Laatste Trb. :Trb. 2003, 157
Titel:Handvest van de Verenigde Naties; San Francisco, 26 juni 1945
Laatste Trb. :Trb. 2001, 179

Wijzigingen

Bij brieven van 16 maart 1993 (Kamerstukken 1992/1993, 23 080, nr. 1) is het op 13 mei 1992 door de Raad van Bestuur van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank aangenomen besluit tot wijziging van artikel 31, eerste lid, van de onderhavige Overeenkomst (zie rubriek J van Trb. 1992, 203), in overeenstemming met artikel 91, juncto additioneel artikel XXI, eerste lid, onderdeel a, van de Grondwet op de voet van artikel 61, derde lid, van de Grondwet naar de tekst van 1972 overgelegd aan de Eerste en de Tweede Kamer der Staten-Generaal.

De toelichtende nota die de brieven vergezelde, is ondertekend door de Minister van Financiën W. KOK, de Minister van Buitenlandse Zaken P. H. KOOIJMANS en de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking J. P. PRONK.

De goedkeuring door de Staten-Generaal is verleend op 17 april 1993.

De wijziging is ingevolge artikel 60, vierde lid, van de Overeenkomst, op 19 september 1994 in werking getreden.

Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, geldt de wijziging alleen voor Nederland.


De Raad van Bestuur van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank heeft tijdens zijn drieëndertigste jaarlijkse bijeenkomst op 29 mei 1997 een besluit aangenomen tot wijzing van artikel 29, tweede lid, onder d, artikel 32, artikel 33, artikel 36 en artikel 37, tweede lid, van de onderhavige Overeenkomst. De Engelse tekst van het besluit luidt:

AFRICAN DEVELOPMENT BANK

BOARD OF GOVERNORS

Resolution B/BG/97/05

concerning measures to enhance Governance of the African Development Bank and amending the Agreement establishing the Bank

(adopted at the Second Plenary Sitting of the Thirty-Third Annual Meeting, on 29 May, 1997)

The Board of Governors

Having regard to Articles 1, 2, 4, 5, 29, 32, 33, 34, 35, 36, 37 and 60 of the Agreement (the ``Agreement") Establishing the African Development Bank (the ``Bank") and Annex B to the Agreement;

Recalling its Resolution B/BG/94/08, adopted on 13 May 1994 at the Thirtieth Annual Meeting of the Bank, and Resolution B/BG/95/Extra/02, adopted on 26 May, 1995 at the Second Extraordinary General Meeting of the Bank, concerning the establishment of the Ad-Hoc Committee on the Fifth General Increase of the capital stock of the Bank (the ``Ad-Hoc Committee");

Recalling further that the Ad-Hoc Committee has been mandated by this Board to, inter alia, review progress made on the issue of governance of the Bank and explore measures to improve decision-making within the organs of the Bank and, for that purpose, to use, examine and consider reports and studies as may have been commissioned on the issue of governance and make appropriate recommendations thereon to this Board;

Having received and carefully considered the relevant report and recommendations of the Ad-Hoc Committee (Document ADB/BG/WP/97/14/Rev.1), together with the accompanying report of the panel of eminent persons on governance commissioned by the Ad-Hoc Committee (the ``Governance Report");

Desirous of establishing an appropriate framework for improving the governance structures of the Bank, with the aim of enhancing its operational efficacy, strengthening its financial standing and preserving the rights and interests of all Member States of the Bank;

Convinced that the conclusions and recommendations of the Ad-Hoc Committee are well-founded and constitute sound basis for settling the Bank's governance-related issues;

Expresses its profound gratitude to members of the panel of eminent persons on governance;

Accepts the said recommendations of the Ad-Hoc Committee; and

Resolves as follows:

The Agreement, as amended, is hereby further amended as follows:

1. Article 29 (2)(d), concerning the powers of the Board of Governors, is hereby deleted and shall be replaced by the following:

``Elect the President of the Bank, suspend or remove him from office and determine his remuneration and conditions of service."

2. Article 32, defining the powers of the Board of Directors, is hereby amended by deleting paragraph (a) thereof in toto and renumbering the remaining paragraphs as (a), (b), (c), (d) and (e), respectively.

3. Article 33, concerning the composition of the Board of Directors, is amended as follows:

    • (i) The first sentence of paragraph (3) thereof shall read: ``Directors shall be elected for a term of three years and, subject to the limitation set forth in paragraph (4) of this Article, may be re-elected.

    • (ii) There is hereby added to Article 33 a new paragraph (4) in order to incorporate and reflect the terms of Resolution B/BG/95/03 concerning limitation of terms of office of Elected Officers, which shall read as follows: ``4. No director shall serve on the Board of Directors for more than two terms of three years each. A director whose term of office commences between two general elections shall be eligible to be elected director for a cumulative period not exceeding six years in total from the date of his first election; provided always that a director who at the time of his election shall have served two terms of three years each as an alternate director shall not be eligible for re-election."

4. The text of Article 36, concerning appointment, suspension and removal of the President from office, is hereby deleted and shall be replaced by the following:

``The Board of Governors shall elect by a majority of the total voting power of the members, including a majority of the total voting power of the regional members, the President of the Bank. He shall be a person of the highest competence in matters pertaining to the activities, management and administration of the Bank and shall be a national of a regional member state. While holding office, he shall not be a governor, a director or alternate for either. The term of office of the President shall be five years. It may be renewed; provided, however, that no person may be elected or serve as President for more than two successive terms of five years each. The President shall be suspended or removed from office if the Board of Governors so decides by a majority of the total voting power of the members, including a majority of the total voting power of the regional members. The Board of Governors shall, upon the suspension or removal of the President from office, appoint an Acting President or, as the case may be, elect a President."

``2. The Chairman of the Board of Governors, after consultation with the Bureau, shall convene a meeting of the Board of Governors to consider the suspension of the President upon the written requests of at least five Governors representing not less than five constituencies."

5. Article 37 is hereby amended in the second sentence of paragraph (2) thereof in order to vest in the President of the Bank the power to appoint, fix the terms of employment, organize and release officers and staff of the Bank, including Vice-Presidents in accordance with applicable rules and regulations of the Bank and to delete the last sentence of that paragraph. Paragraph 2 of Article 37 shall therefore read as follows:

``2. The President shall be chief of the staff of the Bank and shall conduct, under the direction of the Board of Directors, the current business of the Bank. He shall be responsible for the organization of the officers and staff of the Bank, including Vice-Presidents, whom he shall appoint, fix their terms of employment, and release in accordance with the rules and regulations adopted by the Bank, provided that he shall act in consultation with the Board of Directors in the exercise of his powers of appointment and release of Vice-Presidents."


De vertaling in het Nederlands luidt:

AFRIKAANSE ONTWIKKELINGSBANK

RAAD VAN BESTUUR

Resolutie B/BG/97/05

inzake maatregelen ter verbetering van het bestuur van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank en tot wijziging van de Overeenkomst tot oprichting van de Bank

(aangenomen tijdens de tweede plenaire zitting van de drieëndertigste jaarvergadering op 29 mei 1997)

De Raad van Bestuur,

Gelet op de artikelen 1, 2, 4, 5, 29, 32, 33, 34, 35, 36, 37 en 60 van de Overeenkomst (de „Overeenkomst") tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank (de „Bank") en Bijlage B bij de Overeenkomst;

In herinnering roepend Resolutie B/BG/94/08, aangenomen op 13 mei 1994, tijdens de dertigste jaarvergadering van de Bank, en Resolutie B/BG/95/Extra/02, aangenomen op 26 mei 1995 tijdens de tweede buitengewone algemene vergadering van de Bank, betreffende de oprichting van het Comité ad hoc inzake de vijfde algemene verhoging van het kapitaal van de Bank (het „Comité ad hoc");

Voorts in herinnering roepend dat het Comité ad hoc van deze Raad het mandaat heeft gekregen om onder andere de voortgang op het gebied van het bestuur van de Bank te toetsen en maatregelen te onderzoeken teneinde de besluitvorming binnen de organen van de Bank te verbeteren en daartoe, rapporten en onderzoeken inzake het bestuur waartoe opdracht kan zijn gegeven te gebruiken, te bestuderen en te overwegen en daarover passende aanbevelingen te doen aan deze Raad;

Na ontvangst en zorgvuldige overweging van het desbetreffende rapport en de aanbevelingen van het Comité ad hoc (document ADB/BG/WP/97/14/Rev. 1), tezamen met het bijgevoegde rapport van het panel van eminente personen inzake het bestuur waartoe opdracht is gegeven door het Comité ad hoc (het „bestuurlijk rapport");

Geleid door de wens een passend kader te scheppen voor de verbetering van de bestuurlijke structuur van de Bank, teneinde haar operationele efficiëntie te verbeteren, haar financiële positie te versterken en de rechten en belangen van alle lidstaten van de Bank te waarborgen;

Ervan overtuigd dat de conclusies en aanbevelingen van het Comité ad hoc gefundeerd zijn en een goede basis vormen voor het oplossen van de bestuursgerelateerde kwesties van de Bank;

Uitdrukking gevend aan zijn dankbaarheid jegens de leden van het panel van eminente personen inzake het bestuur;

Aanvaardt voornoemde aanbevelingen van het Comité ad hoc; en

Heeft als volgt besloten:

De Overeenkomst, zoals gewijzigd, wordt hierbij als volgt nader gewijzigd:

1. Artikel 29, tweede lid, letter d, aangaande de bevoegdheden van de Raad van Bestuur wordt hierbij geschrapt en vervangen door het volgende:

„de president van de Bank te kiezen, te schorsen in zijn functie of uit zijn ambt te ontzetten en zijn beloning en arbeidsvoorwaarden vast te stellen."

2. Artikel 32, dat de bevoegdheden van het College van Bewindvoerders omschrijft, wordt hierbij gewijzigd door onderdeel a volledig te schrappen, waarna de overige onderdelen worden hernoemd tot respectievelijk a, b, c, d en e.

3. Artikel 33 betreffende de samenstelling van het College van Bewindvoerders wordt als volgt gewijzigd:

    • i. De eerste volzin van het derde lid gaat als volgt luiden:

    • „De bewindvoerders worden gekozen voor een termijn van drie jaar en kunnen, met inachtneming van de beperkingen vervat in het vierde lid van dit artikel, worden herkozen".

    • ii. Teneinde de bepalingen van Resolutie B/BG/95/03 inzake de beperkingen ten aanzien van de ambtstermijn van gekozen functionarissen op te nemen wordt aan artikel 33 een vierde lid toegevoegd, dat als volgt zal luiden:

    • „4. Bewindvoerders mogen ten hoogste twee ambtstermijnen van elk drie jaar zitting nemen in het College van Bewindvoerders. Een bewindvoerder wiens ambtstermijn aanvangt tussen twee algemene verkiezingen komt in aanmerking te worden gekozen voor een termijn van in totaal ten hoogste zes jaar te rekenen vanaf de datum van zijn eerste verkiezing; hierbij geldt te allen tijde dat een bewindvoerder die ten tijde van zijn verkiezing twee ambtstermijnen van elk drie jaar heeft vervuld als plaatsvervangend bewindvoerder niet in aanmerking komt voor herverkiezing."

4. De tekst van artikel 36 inzake de benoeming, schorsing in zijn functie en het uit zijn ambt ontzetten van de president wordt hierbij geschrapt en vervangen door het volgende:

„De Raad van Bestuur kiest met een meerderheid van het totale aantal stemmen van de leden, met inbegrip van een meerderheid van het totale aantal stemmen van de regionale leden, de president van de Bank. Hij dient een hoogst bekwaam persoon te zijn in aangelegenheden betreffende de activiteiten, het beheer en bestuur van de Bank en hij dient een onderdaan van een regionale lidstaat te zijn. Gedurende zijn ambtstermijn mag hij noch bestuurder, noch bewindvoerder noch plaatsvervanger van dezen zijn. De ambtstermijn van de president is vijf jaar. Deze termijn kan worden verlengd, met dien verstande dat geen enkele persoon mag worden gekozen of optreden als president gedurende meer dan twee opeenvolgende termijnen van elk vijf jaar. De president wordt geschorst in zijn functie of uit zijn ambt ontzet indien de Raad van Bestuur daartoe besluit met een meerderheid van het totale aantal stemmen van de leden, met inbegrip van een meerderheid van het totale aantal stemmen van de regionale leden. Nadat de president is geschorst of uit zijn ambt is ontzet, benoemt de Raad van Bestuur een president ad interim, of kiest, naar gelang van het geval, een nieuwe president."

„2. Na overleg met het Bureau roept de voorzitter van de Raad vanBestuur een vergadering van de Raad van Bestuur bijeen teneinde deschorsing van de president naar aanleiding van de schriftelijke verzoeken van ten minste vijf bestuurders die ten minste vijf kiesdistricten vertegenwoordigen in overweging te nemen."

5. De tweede volzin van het tweede lid van artikel 37 wordt hierbij gewijzigd teneinde de president van de Bank uit te rusten met de bevoegdheid het leidinggevend en ander personeel, met inbegrip van de vice-presidenten, van de Bank te benoemen, te organiseren en te ontslaan alsmede hun arbeidsvoorwaarden vast te stellen in overeenstemming met de toepasselijke regels en voorschriften van de Bank; de laatste volzin van dat lid wordt geschrapt. Het tweede lid van artikel 37 zal als volgt luiden:

„2. De president is het hoofd van het personeel van de Bank en leidt de lopende zaken volgens de aanwijzingen van het College van Bewindvoerders. Hij is verantwoordelijk voor de organisatie van het leidinggevend en ander personeel van de Bank, met inbegrip van de vice-presidenten, dat hij benoemt en ontslaat en wier arbeidsvoorwaarden hij vaststelt overeenkomstig de door de Bank gestelde voorschriften en regels, mits hij bij de uitoefening van zijn bevoegdheden ten aanzien van de benoeming en het ontslag van vice-presidenten handelt in overleg met het College van Bewindvoerders."


De wijziging behoeft ingevolge artikel 91 van de Grondwet de goedkeuring van de Staten-Generaal, alvorens de wijziging door het Koninkrijk kan worden aanvaard.

De wijziging is ingevolge artikel 60, vierde lid, van de Overeenkomst, op 2 mei 1998 in werking getreden.


De Raad van Bestuur van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank heeft tijdens zijn vierendertigste jaarlijkse bijeenkomst op 29 mei 1998 een besluit aangenomen tot wijzing van artikel 5, vierde lid, artikel 31, tweede lid, artikel 34, tweede lid, en artikel 35, tweede en derde lid, van de onderhavige Overeenkomst. De Engelse tekst van het besluit luidt:

AFRICAN DEVELOPMENT BANK

BOARD OF GOVERNORS

Resolution B/BG/98/04

Adopted at the Thirty-Fourth Annual Meeting on 29 May 1998

Amendments to the Agreement establishing the African Development Bank

Revised Stock Allocation, Quorum and Voting Structure

The Board of Governors,

Having regard to:

    • (i) The Agreement Establishing the African Development Bank (the ``Agreement"), particularly Article 5(4) (Allocation of Stock), Article 29 (Powers of the Board of Governors), Articles 31(2) and 34(2) (Quorum for Meetings of the Boards of Governors and Directors), Article 35(2) and (3) (Voting Majority for Decisions of the Boards of Governors and Directors) and Article 60 (Amendments); and

    • (ii) The Report of the Ad-hoc Committee for the Fifth General Capital Increase (the ``GCI-V") of the African Development Bank (the ``Bank"), dated 28 May 1998 and contained in Document ADB/BG/WP/98/08 (the ``Report");

And having considered the Report, in which the Ad-hoc Committee recommended, inter alia, a thirty-five percent increase in the authorized capital stock of the Bank, and certain amendments to Articles 5(4), 31(2), 34(2), 35(2) and 35(3) of the Agreement to reflect the revised stock allocation, quorum and voting structure;

Hereby decides to amend the Agreement as follows:

1. AMENDMENT TO ARTICLE 5(4) OF THE AGREEMENT (Allocation of Stock)

Article 5(4) of the Agreement is hereby amended as follows:

4. The authorized capital stock and any increases thereof shall be allocated for subscription to regional and non-regional members in such proportions that the respective groups shall have available for subscription that number of shares which, if fully subscribed, would result in regional members holding sixty percent of the total voting power and non-regional members holding forty percent of the total voting power.

Explanatory Note 1: The amendment to Article 5(4), once adopted, will modify the current sixty-six and two-thirds percent and thirty-three and one-third percent capital stock allocation between the Regional and the non-regional Members, to sixty percent for regional Members and forty percent for the non-Regional Members.

2. AMENDMENT TO ARTICLE 31(2) OF THE AGREEMENT (Quorum for a Meeting of the Board of Governors)

Article 31(2) is hereby amended as follows:

2. A quorum for any meeting of the Board of Governors shall be a majority of the total number of governors or their alternates, representing not less than seventy percent of the total voting power of the members.

Explanatory Note 2: Article 31(2) prescribes the quorum for a meeting of the Board of Governors. Currently, the quorum is a majority of the total number of governors or their alternates, representing not less than two-thirds of the total voting power of the members, including a majority of the governors or their alternates of regional members and at least two governors or their alternates of non-regional members. The proposed amendment changes the quorum to a majority of the total number of governors or their alternates representing not less than seventy percent of the total voting power of the members. In addition, the sub-quorum requirement has been deleted.

3. AMENDMENT TO ARTICLE 34(2) OF THE AGREEMENT (Quorum for a Meeting of the Board of Directors)

Article 34(2) is hereby amended as follows:

2. A quorum for any meeting of the Board of Directors shall be a majority of the total number of directors representing not less than seventy percent of the total voting power of the members.

Explanatory Note 3: Pursuant to Article 34(2), the quorum for any meeting of the Board of Directors is a majority of the total number of directors representing not less than two-thirds of the total voting power of the members, and shall include at least one director representing non-regional members. If the Board of Directors is unable to achieve the sub-quorum requirement respecting the presence of at least one director of the non-regional members, the said sub-quorum requirement may be waived at the next session. The proposed amendment changes the required majority from a two-thirds majority to a seventy percent majority. In addition, the sub-quorum requirement has been deleted.

4. AMENDMENT TO ARTICLE 35(2) OF THE AGREEMENT (Voting Majority for Decisions of the Board of Governors)

Article 35(2) of the Agreement is hereby amended as follows:

2. Save as otherwise expressly provided in this Agreement, voting in the Board of Governors shall be as specified in this Article. Each Governor shall be entitled to cast the votes of the Member that such governor represents. All matters before the Board of Governors shall, in general, be decided by a majority of sixty-six and two-thirds percent of the voting power of the members represented at the meeting, except that in respect of an issue declared by a member as being of great importance, touching upon a substantial interest of that member, such important issue shall be decided, at the request of the member, by a majority of seventy percent of the total voting power.

Explanatory Note 4: The amendment to Article 35(2) will change the current general voting majority for the Board of Governors from a simple majority to a sixty-six and two-thirds voting majority for all matters, except for issues of great importance to a member, touching upon a substantial interest of the member, in respect of which a seventy percent majority voting is required at the request of the concerned Member.

5. AMENDMENT TO ARTICLE 35(3) OF THE AGREEMENT (Voting Majority for Decisions of the Board of Directors)

Article 35(3) of the Agreement is hereby amended as follows:

3. Save as otherwise expressly provided in this Agreement, voting in the Board of Directors shall be as provided in this Article. Each director shall be entitled to cast the number of votes that counted towards the election of such director, which votes shall be cast as a unit. All matters before the Board of Directors shall, in general, be decided by a sixty-six and two-thirds percent majority of the voting power represented at the meeting, except that in respect of an issue declared by a member as being of great importance, touching upon a substantial interest of that member, such important issue shall be decided, at the request of the director concerned, by a majority of seventy percent of the total voting power.

Explanatory Note 5: This amendment changes the general voting majority required for decisions of the Board of Directors from a simple majority to a sixty-six and two-thirds percent majority of the voting power represented at the meeting, for all matters, except for substantial issues, for which voting shall be by a seventy percent majority, at the request of a director.

6. ENTRY INTO FORCE

The amendments to the Agreement contained in this Resolution shall enter into force, as provided in Article 60(4) of the Agreement, following the adoption of the Resolution and acceptance of the amendments therein by the Members in accordance with Article 60(1) of the Agreement.

Explanatory Note 6: Article 60 of the Bank Agreement requires that the following procedure be followed for a valid amendment of the Bank Agreement:

    • (i)Adoption of the proposed amendment by a simple majority of the voting power represented at the meeting (Arts. 35(2) and 60(1));

    • (ii)Submission of the amendment to Member countries and the acceptance of such amendment by two-thirds of the Members, having three-quarters of the total voting power of the Members, including two-thirds of the regional Members having three-quarters of the total voting power of the regional Members (Art. 60(1));

    • (iii)Formal communication by the Bank, to each Member, certifying the acceptance of the amendment by the prescribed majority (Art. 60(1));

    • (iv)Entry into force of the amendment three (3) months after the date of the formal communication to the Members or other date specified by the Board of Governors (Art. 60(4)).


en de vertaling in het Nederlands luidt:

AFRIKAANSE ONTWIKKELINGSBANK

RAAD VAN BESTUUR

Resolutie B/BG/98/04

Aangenomen tijdens de vierendertigste jaarvergadering op 29 mei 1998

Wijzigingen van de Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank

Herziening van toewijzing van kapitaal, quorum en structuur van het stemrecht

De Raad van Bestuur,

Gelet op

    • i. De Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank (de „Overeenkomst"), in het bijzonder artikel 5, vierde lid, (toewijzing van kapitaal), artikel 29 (Raad van Bestuur: bevoegdheden), artikel 31, tweede lid, en artikel 34, tweede lid, (quorum voor vergaderingen van de Raad van Bestuur en van het College van Bewindvoerders), artikel 35, tweede en derde lid, (meerderheid van stemmen voor besluiten van de Raad van Bestuur en van het College van Bewindvoerders) en artikel 60 (Wijzigingen); en

    • ii. Het verslag van het Comité ad hoc voor de vijfde algemene verhoging van het kapitaal (de „GCI-V") van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank (de „Bank"), d.d. 28 mei 1998 en vervat in document ADB/BG/WP/98/08 (het „Verslag");

En gezien het verslag waarin het Comité ad hoc onder andere aanbeveelt het maatschappelijk kapitaal van de Bank met vijfendertig procent te verhogen en bepaalde wijzigingen aan te brengen in artikel 5, vierde lid, artikel 31, tweede lid, artikel 34, tweede lid, en artikel 35, tweede en derde lid, van de Overeenkomst teneinde de herziening van de toewijzing van kapitaal, van het quorum en van de structuur van het stemrecht te weerspiegelen;

Besluit van dezen de Overeenkomst als volgt te wijzigen:

1. WIJZIGING VAN ARTIKEL 5, VIERDE LID, VAN DE OVEREENKOMST (toewijzing van kapitaal)

Artikel 5, vierde lid, van de Overeenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

4. Het maatschappelijk kapitaal en verhogingen daarvan worden voor inschrijving toegewezen aan regionale en niet-regionale leden in een zodanige verhouding dat de onderscheiden groepen voor inschrijving beschikken over een zodanig aantal aandelen dat, indien daarop volledig zou worden ingeschreven, daardoor de regionale leden zestig procent van het totale aantal stemmen zouden hebben en niet-regionale leden veertig procent van het totale aantal stemmen.

Toelichting 1: Zodra de wijziging van artikel 5, vierde lid, is aangenomen, wordt de huidige verdeling tussen de regionale en niet-regionale leden van zesenzestig tweederde procent, respectievelijk drieëndertig eenderde procent van de toewijzing van kapitaal gewijzigd in zestig procent voor regionale leden en veertig procent voor de niet-regionale leden.

2. WIJZIGING VAN ARTIKEL 31, TWEEDE LID, VAN DE OVEREENKOMST (quorum voor een vergadering van de Raad van Bestuur)

Artikel 31, tweede lid, wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

2. Een quorum voor een vergadering van de Raad van Bestuur wordt gevormd door een meerderheid van het totale aantal bestuurders of hun plaatsvervangers, die ten minste zeventig procent van het totale aantal stemmen van de leden vertegenwoordigt.

Toelichting 2: Artikel 31, tweede lid, schrijft het quorum voor een vergadering van de Raad van Bestuur voor. Het quorum bedraagt momenteel een meerderheid van het totale aantal bestuurders of hun plaatsvervangers die ten minste tweederde van het totale aantal stemmen van de leden vertegenwoordigt en dient een meerderheid van de bestuurders of hun plaatsvervangers van de regionale leden te omvatten en ten minste twee bestuurders of hun plaatsvervangers van de niet-regionale leden. Door de voorgestelde wijziging verandert het quorum in een meerderheid van het totale aantal bestuurders of hun plaatsvervangers die ten minste zeventig procent van het totale aantal stemmen van de leden vertegenwoordigen. Voorts is het vereiste van het sub-quorum komen te vervallen.

3. WIJZIGING VAN ARTIKEL 34, TWEEDE LID, VAN DE OVEREENKOMST (quorum voor een vergadering van het College van Bewindvoerders)

Artikel 34, tweede lid, wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

2. Een quorum voor een vergadering van het College van Bewindvoerders wordt gevormd door een meerderheid van het totale aantal bewindvoerders die ten minste zeventig procent van het totale aantal stemmen van de leden vertegenwoordigt.

Toelichting 3: Ingevolge artikel 34, tweede lid, wordt het quorum voor een vergadering van het College van Bewindvoerders gevormd door een meerderheid van het totale aantal bewindvoerders dat ten minste tweederde van het totale aantal stemmen van de leden vertegenwoordigt en dient ten minste één bewindvoerder van de niet-regionale leden te omvatten. Indien het College van Bewindvoerders niet in staat is te voldoen aan het subquorum-vereiste betreffende de aanwezigheid van ten minste een bewindvoerder van de niet-regionale leden, kan dit subquorum-vereiste op de volgende vergadering terzijde worden gesteld. Door de voorgestelde wijziging wordt de vereiste meerderheid van een tweederde meerderheid gewijzigd in een meerderheid van zeventig procent. Voorts is het vereiste van het sub-quorum komen te vervallen.

4. WIJZIGING VAN ARTIKEL 35, TWEEDE LID, VAN DE OVEREENKOMST (meerderheid van stemmen voor besluiten van de Raad van Bestuur)

Artikel 35, tweede lid, van de Overeenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

2. Tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald in deze Overeenkomst, geschieden stemmingen in de Raad van Bestuur als omschreven in dit artikel. Elke bestuurder is gerechtigd de stemmen uit te brengen van het lid dat hij vertegenwoordigt. Alle besluiten van de Raad van Bestuur worden over het algemeen genomen met een meerderheid van zesenzestig tweederde procent van het totale aantal stemmen van de leden die vertegenwoordigd zijn tijdens de vergadering, met dien verstande dat over een aangelegenheid waarvan een lid heeft verklaard dat deze van groot belang is en een substantieel belang van dat lid betreft, op verzoek van dat lid met een meerderheid van zeventig procent van het totale aantal stemmen wordt besloten.

Toelichting 4: De wijziging van artikel 35, tweede lid, verandert de huidige algemene meerderheid van stemmen voor de Raad van Bestuur van een gewone meerderheid in een meerderheid van stemmen van zesenzestig tweederde procent voor alle aangelegenheden, behalve voor aangelegenheden die van groot belang zijn voor een lid en een substantieel belang van dat lid betreffen, ten aanzien waarvan op verzoek van het betrokken lid een meerderheid van stemmen van zeventig procent vereist is.

5. WIJZIGING VAN ARTIKEL 35, DERDE LID, VAN DE OVEREENKOMST (meerderheid van stemmen voor besluiten van het College van Bewindvoerders)

Artikel 35, derde lid, van de Overeenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

3. Tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald in deze Overeenkomst, geschieden stemmingen in het College van Bewindvoerders als omschreven in dit artikel. Iedere bewindvoerder is gerechtigd het aantal stemmen uit te brengen dat hij bij zijn verkiezing op zich heeft verenigd; deze stemmen dienen als een eenheid te worden uitgebracht. Alle besluiten van het College van Bewindvoerders worden over het algemeen genomen met een meerderheid van zesenzestig tweederde procent van het totale aantal stemmen van de leden die vertegenwoordigd zijn tijdens de vergadering, met dien verstande dat over een aangelegenheid waarvan een lid heeft verklaard dat deze van groot belang is en een substantieel belang van dat lid betreft, op verzoek van dat lid met een meerderheid van zeventig procent van het totale aantal stemmen wordt besloten.

Toelichting 5: Deze wijziging verandert de algemene meerderheid van stemmen die vereist is voor besluiten van het College van Bewindvoerders van een gewone meerderheid in een meerderheid van zesenzestig tweederde procent van het totale aantal stemmen dat vertegenwoordigd is tijdens de vergadering voor alle besluiten, behalve voor substantiëleaangelegenheden waarover op verzoek van een bewindvoerder met een meerderheid van zeventig procent dient te worden gestemd.

6. INWERKINGTREDING

De in deze Resolutie vervatte wijzigingen van de Overeenkomst treden zoals voorzien in artikel 60, vierde lid, van de Overeenkomst in werking na aanneming van de Resolutie en aanvaarding van de wijzigingen daarin door de leden in overeenstemming met artikel 60, eerste lid, van de Overeenkomst.

Toelichting 6: Artikel 60 van de Bankovereenkomst schrijft voor dat de volgende procedure dient te worden gevolgd voor een geldige wijziging van de Bankovereenkomst:

    • i.Aanvaarding van de voorgestelde wijziging met een gewone meerderheid van het totale aantal stemmen dat tijdens de vergadering vertegenwoordigd is (artt. 35, tweede lid, en 60, eerste lid);

    • ii.Voorlegging van de wijziging aan de lidlanden en aanvaarding van deze wijziging door tweederde van de leden met driekwart van het totale aantal stemmen van de leden, met inbegrip van tweederde van de regionale leden die driekwart van het totale aantal stemmen van de regionale leden bezitten (art. 60, eerste lid);

    • iii.Officiële mededeling door de Bank aan ieder lid dat de wijziging door de voorgeschreven meerderheid is aanvaard (art. 60, eerste lid);

    • iv.Inwerkingtreding van de wijziging drie (3) maanden na de datum van de officiële mededeling aan de leden of op een andere datum vastgesteld door de Raad van Bestuur (art. 60, vierde lid).


De wijziging behoeft ingevolge artikel 91 van de Grondwet de goedkeuring van de Staten-Generaal, alvorens de wijziging door het Koninkrijk kan worden aanvaard.

De wijziging is ingevolge artikel 60, vierde lid, van de Overeenkomst, op 30 september 1999 in werking getreden.


De Raad van Bestuur van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank heeft tijdens zijn zesendertigste jaarlijkse bijeenkomst op 29 mei 2001 een besluit aangenomen tot wijzing van artikel 1, artikel 5, artikel 6, artikel 7, artikel 14, artikel 15, artikel 16, artikel 17, artikel 18, artikel 19, artikel 20, artikel 26, artikel 27, artikel 28, artikel 30, artikel 40, artikel 44, artikel 45, artikel 47, artikel 49, artikel 60 en artikel 62 van de onderhavige Overeenkomst. De Engelse tekst van het besluit luidt:

AFRICAN DEVELOPMENT BANK

BOARD OF GOVERNORS

Resolution B/BG/2001/08

Adopted at the Thirty-Sixth Annual Meeting of the African Development Bank, on 29 May 2001

Amendments to the Agreement establishing the African Development Bank

The Board of Governors,

Having regard to:

1. The Agreement Establishing the African Development Bank (the ``Bank Agreement"), in particular Articles 1 (Purpose), 29 (Board of Governors: Powers), and 60 (Amendments); and

2. The Report of the Governors' Consultative Committee (GCC) of the African Development Bank (the ``Bank"), as set forth in Document ADB/BG/WP/2001/09 (the ``Report");

Having considered the Report, in particular the recommendations of the GCC to amend certain Articles of the Bank Agreement to: (i) harmonize the voting majorities therein with the new voting maorities in Article 35, adopted pursuant to Resolution B/BG/98/04; (ii) remove all obsolete provisions in the Bank Agreement; and (iii) harmonize the Bank Agreement, as appropriate, with the Charters of other MDBs;

Hereby decides to amend Articles 1 (Purpose), 5 (Authorized Capital), 6 (Subscription of Shares), 7 (Payment of Subscription), 14 (Recipients and Methods of Operation), 15 (Limitations on Operations), 16 (Provision of Currencies for Direct Loans), 17 (Operational Principles), 18 (Terms and Conditions for Direct Loans and Guarantees), 19 (Commission and Fes), 20 (Special Reserve), 26 (Valuation of Currencies and Determination of Convertibility), 27 (Use of Currencies), 28 (Maintenance of Value of the Currency Holdings of the Bank), 30 (Board of Governors: Composition), 40 (Channel of Communications; Depositories), 44 (Suspension), 45 (Settlement of Accounts), 47 (Termination of Operations), 49 (Distribution of Assets), 60 (Amendments), and 62 (Arbitration) of the Bank Agreement, as more fully set forth below:1

1. AMENDMENT TO ARTICLE 1 OF THE BANK AGREEMENT (PURPOSE)

Article 1 of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

The purpose of the Bank shall be to contribute to thesustainable economic development and social progress of its regional members – individually and jointly.

2. AMENDMENT TO ARTICLE 5 OF THE BANK AGREEMENT (AUTHORIZED CAPITAL)

Article 5, sub-paragraphs 1 and 2, of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

1. a. The initial authorized capital stock of the Bank shall be 250,000,000 units of account. It shall be divided into 25,000 shares of a par value of 10,000 units of account each share, which shall be available for subscription by members. The authorized capital stock may be increased in accordance with paragraph 3 of this article.

  • b.The value of a unit of account shall be equivalent to one Special Drawing Right (SDR) of the International Monetary Fund or any unit adopted for the same purpose by the International Monetary Fund.

2. The authorized capital stock shall be divided into paid-up shares and callable shares. The proportion between the paid-up shares and the callable shares shall be determined by the Board of Governors from time to time. The callable shares shall be callable for the purpose defined in paragraph 4(a) of article 7 of this Agreement.

3. AMENDMENT TO ARTICLE 6 OF THE BANK AGREEMENT (SUBSCRIPTION OF SHARES)

Article 6(4) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

4. Shares of stock initially subscribed by States which acquire membership in accordance with paragraph (1) of article 64 of this Agreement shall be issued at par. Other shares shall be issued at par unless the Board of Governors decides in special circumstances to issue them on other terms.

4. AMENDMENT TO ARTICLE 7 OF THE BANK AGREEMENT (PAYMENT OF SUBSCRIPTION)

Article 7, sub-paragraphs 2 and 4, of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

2. Payments of the amounts initially subscribed by the members of the Bank to the paid-up capital stock shall be made in convertible currency. The Board of Governors shall determine the mode of payment of other amounts subscribed by the members to the paid-up capital stock.

4. a. Payment of the amounts subscribed to the callable capital stock of the Bank shall be subject to call only as and when required by the Bank to meet its obligations incurred, pursuant to paragraph 1(b) and (d) of article 14, on borrowing of funds for inclusion in its ordinary capital resources or guarantees chargeable to such resources.

  • b. In the event of such calls, payment may be made at the option of the member concerned in convertible currency or in the currency required to discharge the obligation of the Bank for the purpose of which the call is made.

  • c. Calls on unpaid subscriptions shall be uniform in percentage on all callable shares.

5. AMENDMENT TO ARTICLE 14 OF THE BANK AGREEMENT (RECIPIENTS AND METHODS OF OPERATIONS)

Article 14(1)(c) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

1. In its operations, the Bank may provide or facilitate financing for any regional member, political sub-division or any agency thereof or for any institution or undertaking in the territory of any regional member as well as for international or regional agencies or institutions concerned with the development of Africa. Subject to the provisions of this chapter, the Bank may carry out its operations in any of the following ways:

  • c. By investment of funds referred to in sub-paragraph (a) or (b) of this paragraph in the equity capital of an undertaking or institutionfor the benefit of one or more regional members; or

6. AMENDMENT TO ARTICLE 15 OF THE BANK AGREEMENT (LIMITATIONS ON OPERATIONS)

Article 15(4) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

4. a. In the case of investments made by virtue of paragraph 1(c) of article 14 of this Agreement out of the ordinary capital resources of the Bank, the total amount outstanding shall not at any time exceed a percentage, fixed by the Board of Governors, of the aggregate amount of the paid-up capital stock of the Bank together with the reserves and surplus included in its ordinary capital resources [excepting, however, the special reserve provided for in Article 20 of this Agreement.1]

  • b. At the time it is made, the amount of any specific investment referred to in the preceding sub-paragraph shall not exceed a percentage of equity capital of the institution or undertaking concerned, which theBoard of Directors shall have fixed for any investment to be made by virtue of paragraph 1(c), of article 14 of this Agreement. In no event shall the Bank seek to obtain by such an investment a controlling interest in the institution or undertaking concerned.

7. AMENDMENT TO ARTICLE 16 OF THE BANK AGREEMENT (PROVISION OF CURRENCIES FOR DIRECT LOANS)

Article 16(a) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

In making direct loans, the Bank shall furnish the borrower with currencies other than the currency of the member in whose territory the project concerned is to be carried out (the latter currency hereinafter to be called ``local currency"), which are required to meet foreign exchange expenditure on that project; provided always that the Bank may, in making direct loans, provide financing to meet local expenditure on the project concerned:

  • a. Where it can do so by supplying local currency without selling any of its holdings in convertible currencies; or

8. AMENDMENT TO ARTICLE 17 OF THE BANK AGREEMENT (OPERATIONAL PRINCIPLES)

Article 17(1)(d) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

1. The operations of the Bank shall be conducted in accordance with the following principles:

  • d. the proceeds of any loan, investment or other financing undertaken in the ordinary operations of the Bank shall be used only for procurement in member countries of goods and services produced in member countries, except in any case in which the Board of Directors [deletion] determines to permit procurement in a non-member country or of goods and services produced in a non-member country in special circumstances making such procurement appropriate, as in the case of a non-member country in which a significant amount of financing has been provided to the Bank. [deletion]

9. AMENDMENT TO ARTICLE 18 OF THE BANK AGREEMENT (TERMS AND CONDITIONS FOR DIRECT LOANS AND GUARANTEES)

Article 18(3)(c) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

3. In the case of direct loans made or loans guaranteed by the Bank, the Bank:

  • c. Shall expressly state the currency in which all payments to the Bank under the contract concerned shall be made. At the option of the borrower, however, such payments may always be made in convertible currency or, subject to the agreement of the Bank, in any other currency; and

10. AMENDMENT TO ARTICLE 19 OF THE BANK AGREEMENT (COMMISSION AND FEES)

Article 19 of the Agreement is hereby deleted.

11. AMENDMENT TO ARTICLE 20 OF THE BANK AGREEMENT (SPECIAL RESERVE)

Article 20 of the Bank Agreement is hereby deleted.

12. AMENDMENT TO ARTICLE 26 OF THE BANK AGREEMENT (VALUATION OF CURRENCIES AND DETERMINATION OF CONVERTIBILITY)

Article 27 of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

Whenever it shall become necessary under this Agreement:

    • (i) To value any currency in terms of another currency or in terms of the unit of account defined in paragraph 1(b) of article 5 of this Agreement, or

    • (ii) To determine whether any currency is convertible,

such valuation or determination, as the case may be, shall be reasonably made by the Bank after consultation with the International Monetary Fund.

13. AMENDMENT TO ARTICLE 27 OF THE BANK AGREEMENT (USE OF CURRENCIES)

Article 27, sub-paragraphs 1 and 4, of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

1. Members may not maintain or impose any restrictions on the holding of use by the Bank or by any recipient from the Bank, for payments anywhere, of the following:

  • a.Convertible currencies received by the Bank in payment of subscriptions to the capital stock of the Bank from its members;

  • b. Currencies of members purchased with the convertible currencies referred to in the preceding sub-paragraph;

  • c. Currencies obtained by the Bank by borrowing, pursuant to paragraph (a) of article 23 of this Agreement, for inclusion in its ordinary capital resources;

  • d.Currencies received by the Bank in payment on account of principal, interest, dividends or other charges in respect of loans or investments made out of any of the funds referred to in sub-paragraphs a to c or in payment of commissions or fees in respect of guarantees issued by the Bank; and

  • e. Currencies other than its own, received by a member from the Bank in distribution of the net income of the Bank in accordance with article 42 of this Agreement.

4. The Bank shall not use currencies which it holds for the purchase of other currencies of its members except:

  • a. In order to meet its existing obligations; or

  • b.Pursuant to a decision of the Board of Directors.

14. AMENDMENT TO ARTICLE 28 OF THE BANK AGREEMENT (MAINTENANCE OF VALUE OF THE CURRENCY HOLDINGS OF THE BANK)

Article 28 of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

1. Whenever the par value of the currency of a member is reduced in terms of the unit of account defined in paragraph 1(b) of article 5 of this Agreement or its foreign exchange value has, in the opinion of the Bank, depreciated to a significant extent, that member shall pay to the Bank within a reasonable time an amount of its currency required to maintain the value of all such currency held by the Bank on account of its subscription.

2. Whenever the par value of the currency of a member is increased in terms of the said unit of account, or its foreign exchange value has, in the opinion of the Bank, appreciated to a significant extent, the Bank shall pay to that member within a reasonable time an amount of that currency required to adjust the value of all such currency held by the Bank on account of its subscription.

3. The Bank, in the case envisaged by paragraph 1, or the member, in the case envisaged by paragraph 2, may waive its rights under this article.

15. AMENDMENT TO ARTICLE 30 OF THE BANK AGREEMENT (BOARD OF GOVERNORS: COMPOSITION)

Article 30(1) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

1. Each member shall be represented on the Board of Governors and shall appoint one governor and one alternate governor. They shall be persons of the highest competence and wide experience in economic and financial matters and shall be nationals of the member States. Each governor and alternate shall serve for five years, subject to termination of appointment at any time, or to reappointment, at the pleasure of the appointing member. No alternate may vote except in the absence of his principal. At its annual meeting, the Board shall designate one of the governors as Chairman. The Chairman shall hold office until the election of a successor at the next annual meeting of the Board, unless otherwise decided by the Board of Governors.

16. AMENDMENT TO ARTICLE 40 OF THE BANK AGREEMENT (CHANNEL OF COMMUNICATIONS: DEPOSITORIES)

Article 40(3) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

3. The Bank may hold assets [deletion] with such depositories as the Board of Directors shall determine.

17. AMENDMENT TO ARTICLE 44 OF THE BANK AGREEMENT (SUSPENSION)

Article 44 of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

1. If a member fails to fulfil any of its obligations under this Agreement or any other obligation to the Bank arising from the Bank's operations under this Agreement, the Board of Governors may suspend such member by a decision of the Board of Governors representing not less than seventy per cent of the total voting power of the members. The Board of Governors may, in lieu of suspension of membership, order suspension of the voting rights of such member upon such terms and conditions as may be established by the Board of Governors, pursuant to regulations adopted under paragraph 4 of this article.

2. The member suspended from membership shall automatically cease to be a member of the Bank one (1) year from the date of its suspension unless the Board of Governors, during the one-year period, decides by the same majority necessary for suspension to restore the member to good standing.

3. While under suspension from membership, a member shall not be entitled to exercise any rights under this Agreement, except the right of withdrawal, but shall remain subject to all obligations.

4. The Board of Governors shall adopt regulations as may be necessary for the implementation of this article.

18. AMENDMENT TO ARTICLE 45 OF THE BANK AGREEMENT (SETTLEMENT OF ACCOUNTS)

Article 45(3)(c) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

3. The payment for shares repurchased by the Bank under this article shall be governed by the following conditions:

  • c. Payments shall be made in the currency of the State receiving payment or, if such currency is not available, in convertible currency.

19. AMENDMENT TO ARTICLE 47 OF THE BANK AGREEMENT (TERMINATION OF OPERATIONS)

Article 47(1) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

1. The Bank may terminate its operations in respect of new loans, guarantees and equity investments by a decision of the Board of Governors exercising a majority of seventy five per cent of the total voting power.

20. AMENDMENT TO ARTICLE 49 OF THE BANK AGREEMENT (DISTRIBUTION OF ASSETS)

Article 49(2) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

2. After a decision to make a distribution has been taken in accordance with the preceding paragraph, the Board of Directors may decide to make successive distributions of the assets of the Bank to members until all assets have been distributed. This distribution shall be subject to the prior settlement of all outstanding claims of the Bank against each member.

21. AMENDMENT TO ARTICLE 60 OF THE BANK AGREEMENT (AMENDMENTS)

Article 60(1) of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

1. Any proposal to introduce modifications to this Agreement, whether emanating from a member, a governor or the Board of Directors, shall be communicated to the Chairman of the Board of Governors, who shall bring the proposal before that Board. If the proposed amendment is approved by the Board, the Bank shall, by circular letter,facsimile or telegram, ask the members whether they accept the proposed amendments. When two-thirds of the members, having three-quarters of the total voting power of the members, including two-thirds of the regional members having three-quarters of the total voting power of the regional members, have accepted the proposed amendment, the Bank shall promptly certify the fact by formal communication addressed to the members.

22. AMENDMENT TO ARTICLE 62 OF THE BANK AGREEMENT (ARBITRATION)

Article 62 of the Bank Agreement is hereby amended to read as follows:

In case of a dispute between the Bank and a former member, or between the Bank and a member upon the termination of the operations of the Bank, such dispute shall be submitted to arbitration by a tribunal of three arbitrators. Each party shall appoint one arbitrator, and the two arbitrators so appointed shall appoint the third, who shall be the Chairman. If within 30 days of the request for arbitration either party has not appointed an arbitrator or if within 15 days of the appointment of two arbitrators the third arbitrator has not been appointed, either party may request the President of the International Court of Justice, or such other authority as may have been prescribed by regulations adopted by the Board of governors, to appoint an arbitrator. The procedure shall be fixed by the arbitrators. However, the third arbitrator shall have full power to settle all questions of procedure in case of disagreement with respect thereto. A majority vote of the arbitrators shall be sufficient to reach a decision which shall be final and binding upon the parties.

23. INCIDENTAL AMENDMENTS

Given the deletion of Articles 19 (Commission and Fees) and 20 (Special Reserve) of the Bank Agreement, provided in paragraphs 10 and 11 of this Resolution, cross-references to these articles in Article 14 (Recipients and Methods of Operation) and 15 (Limitations on Operations) are hereby deleted. Subsidiary instruments should be amended in accordance with the applicable rules and regulations.

Further decides that the amendments to the Bank Agreement contained in this Resolution shall enter into force on the date set forth in Article 60(4) of the Bank Agreement, following the adoption of the Resolution and acceptance of the amendments therein by the Members, in accordance with Article 60(1) of the Bank Agreement.


De vertaling in het Nederlands luidt:

AFRIKAANSE ONTWIKKELINGSBANK

RAAD VAN BESTUUR

Resolutie B/BG/2001/08

aangenomen tijdens de zesendertigste jaarvergadering van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank op 29 mei 2001

Wijzigingen van de Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank

De Raad van Bestuur,

Gelet op

1. De Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank (de „Bankovereenkomst"), in het bijzonder de artikelen 1 (Doel), 29 (Raad van Bestuur: bevoegdheden) en 60 (Wijzigingen); en

2. Het verslag van de adviescommissie van de Raad van Bestuur (GCC)* van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank (de„Bank"), als vervat in document ADB/BG/WP2001/09 (het„Verslag");

Gezien het Verslag, in het bijzonder de aanbevelingen van de GCC bepaalde artikelen van de Bankovereenkomst te wijzigen teneinde: i. de daarin vervatte meerderheden van stemmen aan te passen aan de nieuwe meerderheden van stemmen in artikel 35, aangenomen uit hoofde van Resolutie B/BG/98/04; ii. alle verouderde bepalingen in de Bankovereenkomst te schrappen; en iii. de Bankovereenkomst aan te passen, naar gelang wat van toepassing is, aan de statuten van andere multilaterale ontwikkelingsbanken;

Besluit bij dezen de artikelen 1 (Doel), 5 (Maatschappelijk kapitaal), 6 (Inschrijving op aandelen), 7 (Betaling van de inschrijving), 14 (Ontvangers en werkwijzen), 15 (Beperkingen ten aanzien van de werkzaamheden), 16 (Beschikbaarstelling van valuta's voor rechtstreekse leningen), 17 (Beginselen welke bij de werkzaamheden in acht dienen te worden genomen), 18 (Voorwaarden voor rechtstreekse leningen en garanties), 19 (Provisie en vergoedingen), 20 (Bijzondere reserve), 26 (Waardebepaling van valuta's en vaststelling convertibiliteit), 27 (Gebruik van valuta's), 28 (Handhaving van de waarde van de valuta die de Bank onder haar berusting heeft), 30 (Raad van Bestuur: samenstelling), 40 (Verbindingen met de Bank, plaatsen van bewaargeving), 44 (Schorsing), 45 (Vereffening van rekeningen), 47 (Beëindiging der werkzaamheden), 49 (Verdeling der activa), 60 (Wijzigingen) en 62 (Arbitrage) van de Bankovereenkomst, zoals hieronder nader uiteengezet.1

1. WIJZIGING VAN ARTIKEL 1 VAN DE BANKOVEREENKOMST (DOEL)

Artikel 1 van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

Het doel van de Bank is bij te dragen tot deduurzame economische ontwikkeling en de sociale vooruitgang van haar regionale leden – afzonderlijk en tezamen.

2. WIJZIGING VAN ARTIKEL 5 VAN DE BANKOVEREENKOMST (MAATSCHAPPELIJK KAPITAAL)

Artikel 5, eerste en tweede lid, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

1. a. Het maatschappelijk kapitaal van de Bank bestaataanvankelijk uit 250.000.000 rekeneenheden. Het is verdeeld in 25.000 aandelen met een pari-waarde van 10.000 rekeneenheden elk, waarop door de leden kan worden ingeschreven. Het maatschappelijk kapitaal kan in overeenstemming met het derde lid van dit artikel worden verhoogd.

  • b.De waarde van een rekeneenheid is gelijk aan een bijzonder trekkingsrecht (SDR)* van het Internationaal Monetair Fonds of een andere met hetzelfde oogmerk door het Internationaal Monetair Fonds aanvaarde eenheid.

2. Het maatschappelijk kapitaal wordt verdeeld in volgestorte aandelen en niet-volgestorte aandelen. De verhouding tussen de volgestorte en de niet-volgestorte aandelen wordt van tijd tot tijd vastgesteld door de Raad van Bestuur. Storting van de niet-volgestorte aandelen kan worden verzocht voor het doel omschreven in artikel 7, vierde lid, onderdeel a, van deze Overeenkomst.

3. WIJZIGING VAN ARTIKEL 6 VAN DE BANKOVEREENKOMST (INSCHRIJVING OP AANDELEN)

Artikel 6, vierde lid, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

4. Aandelen in het kapitaal waarop aanvankelijk was ingeschreven door Staten die het lidmaatschap verwerven overeenkomstig artikel 64, eerste lid, van deze Overeenkomst, worden uitgegeven tegen de pari-waarde, tenzij de Raad van Bestuur in bijzondere omstandigheden besluit deze op andere voorwaarden uit te geven.

4. WIJZIGING VAN ARTIKEL 7 VAN DE BANKOVEREENKOMST (BETALING VAN DE INSCHRIJVING)

Artikel 7, tweede lid en vierde lid, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

2. De betalingen van de bedragen in het volgestorte kapitaal waarop aanvankelijk door de leden van de Bank is ingeschreven, dienen te worden verricht in convertibele valuta. De Raad van Bestuur stelt de wijze van betaling vast van andere bedragen van het volgestorte kapitaal waarop door de leden is ingeschreven.

4. a. Om de betaling van de bedragen waarop is ingeschreven in het niet-volgestorte kapitaal van de Bank kan alleen dan worden verzocht, wanneer de Bank deze bedragen nodig heeft om te voldoen aan door haar ingevolge artikel 14, eerste lid, onderdelen b en d, aangegane verplichtingen bij het lenen van fondsen voor opneming in haar gewone kapitaalmiddelen of in waarborgen die ten laste van deze middelen komen.

  • b. In geval van dergelijke verzoeken kan de betaling naar keuze van het betrokken lid worden verricht in convertibele valuta of in de valuta die nodig is om te voldoen aan de verplichting van de Bank ten behoeve waarvan het verzoek tot storting wordt gedaan.

  • c. Verzoeken tot storting op niet betaalde inschrijvingen dienen een gelijk percentage van alle niet-volgestorte aandelen te betreffen.

5. WIJZIGING VAN ARTIKEL 14 VAN DE BANKOVEREENKOMST (ONTVANGERS EN WERKWIJZEN)

Artikel 14, eerste lid, onderdeel c, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

1. Bij haar werkzaamheden kan de Bank zorgen voor of bemiddeling verlenen bij het verschaffen van gelden aan een regionaal lid, een staatkundig onderdeel of orgaan daarvan of aan een instelling of onderneming op het grondgebied van een regionaal lid, alsmede aan internationale of regionale organen of instellingen die zich bezighouden met de ontwikkeling van Afrika. Onder voorbehoud van de bepalingen van dit hoofdstuk kan de Bank haar werkzaamheden uitvoeren op de volgende wijzen:

  • c. Door belegging van de in onderdeel a of b van dit lid bedoelde fondsen in het aandelenkapitaal van een onderneming of instelling ten behoeve van een of meer regionale leden; of

6. WIJZIGING VAN ARTIKEL 15 VAN DE BANKOVEREENKOMST (BEPERKINGEN TEN AANZIEN VAN DE WERKZAAMHEDEN)

Artikel 15, vierde lid, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

4. a. Met betrekking tot beleggingen gedaan uit hoofde van artikel 14, eerste lid, onderdeel c, van deze Overeenkomst uit de gewone kapitaalmiddelen van de Bank mag het totale uitstaande bedrag nooit hoger zijn dan een door de Raad van Bestuur vastgesteld percentage van het totale bedrag van het volgestorte kapitaal van de Bank tezamen met de reserves en het in de gewone kapitaalmiddelen opgenomen overschot, [met uitzondering evenwel van de bijzondere reserve waarin artikel 20 van deze Overeenkomst voorziet.]1

  • b. Op het tijdstip waarop de belegging wordt gedaan, mag het bedrag van een bepaalde belegging bedoeld in het voorgaande onderdeel niet hoger zijn dan een percentage van het aandelenkapitaal van de betrokken instelling of onderneming, welk percentage het College van Bewindvoerders dient te hebben vastgesteld voor elke uit hoofde van artikel 14, eerste lid, onderdeel c, van deze Overeenkomst te verrichten belegging. In geen geval mag de Bank trachten door een dergelijke belegging een beslissend belang te verkrijgen in de betrokken instelling of onderneming.

7. WIJZIGING VAN ARTIKEL 16 VAN DE BANKOVEREENKOMST (BESCHIKBAARSTELLING VAN VALUTA'S VOOR RECHTSTREEKSE LENINGEN)

Artikel 16, onderdeel a, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

Bij het verstrekken van rechtstreekse leningen verschaft de Bank de leningnemer andere valuta's dan de valuta van het lid op het grondgebied waarvan het desbetreffende project moet worden uitgevoerd (deze laatste valuta te noemen „lokale valuta") die nodig zijn om de uitgaven in deviezen van dat project te dekken; altijd met dien verstande dat de Bank, bij het verstrekken van rechtstreekse leningen, gelden ter beschikking kan stellen teneinde lokale uitgaven voor het desbetreffende project te dekken:

  • a. indien haar dit mogelijk is door lokale valuta's te verstrekken zonder haar bezit aan convertibele valuta's aan te tasten; of

8. WIJZIGING VAN ARTIKEL 17 VAN DE BANKOVEREENKOMST (BEGINSELEN WELKE BIJ DE WERKZAAMHEDEN IN ACHT DIENEN TE WORDEN GENOMEN)

Artikel 17, eerste lid, onderdeel d, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

1. De Bank laat zich bij de uitvoering van haar werkzaamheden door de volgende beginselen leiden:

  • d. De opbrengst van leningen, andere financiering of investeringen, verstrekt of verricht in het kader van de gewone werkzaamheden van de Bank, wordt alleen gebruikt voor aanschaffing in lidlanden van goederen en diensten die zijn geproduceerd in lidlanden, behalve indien het College van Bewindvoerders [<doorhaling>] besluit aanschaffing van goederen en diensten in landen niet zijnde lidlanden, of aanschaffing van goederen en diensten geproduceerd in landen niet zijnde lidlanden, toe te staan onder bijzondere omstandigheden welke die aanschaffing rechtvaardigen, bijvoorbeeld indien het een land niet zijnde lidland betreft, dat aan de Bank een aanzienlijk bedrag voor financieringsdoeleinden heeft verstrekt. [<doorhaling>]

9. WIJZIGING VAN ARTIKEL 18 VAN DE BANKOVEREENKOMST (VOORWAARDEN VOOR RECHTSTREEKSE LENINGEN EN GARANTIES)

Artikel 18, derde lid, onderdeel c, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

3. In geval van rechtstreekse leningen die door de Bank worden verstrekt:

  • c. zal de Bank uitdrukkelijk de valuta vermelden waarin alle betalingen aan de Bank die met het betrokken contract verband houden, worden verricht. Naar keuze van de leningnemer mogen zulke betalingen evenwel altijd worden verricht in convertibele valuta of, behoudens toestemming van de Bank, in een andere valuta; en

10. WIJZIGING VAN ARTIKEL 19 VAN DE BANKOVEREENKOMST (PROVISIE EN VERGOEDINGEN)

Artikel 19 van de Overeenkomst wordt bij dezen geschrapt.

11. WIJZIGING VAN ARTIKEL 20 VAN DE BANKOVEREENKOMST (BIJZONDERE RESERVE)

Artikel 20 van de Overeenkomst wordt bij dezen geschrapt.

12. WIJZIGING VAN ARTIKEL 26 VAN DE BANKOVEREENKOMST (WAARDEBEPALING VAN VALUTA'S EN VASTSTELLING CONVERTIBILITEIT)

Artikel 26 van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

Telkens wanneer het ingevolge deze Overeenkomst nodig is:

    • i. de waarde te bepalen van een valuta uitgedrukt in een andere valuta of in de rekeneenheid omschreven in artikel 5, eerste lid, onderdeel b, van deze Overeenkomst, of

    • ii. vast te stellen of een valuta convertibel is,

wordt een dergelijke bepaling of vaststelling op redelijke wijze verricht door de Bank na overleg met het Internationaal Monetair Fonds.

13. WIJZIGING VAN ARTIKEL 27 VAN DE BANKOVEREENKOMST (GEBRUIK VAN VALUTA'S)

Artikel 27, eerste lid en vierde lid, van de Bankovereenkomst worden bij dezen als volgt gewijzigd:

1. Leden mogen geen beperkingen handhaven of opleggen aan het houden of gebruiken door de Bank of door een gemachtigde van de Bank, voor betalingen in enig land van:

  • a. door de Bank als betaling van inschrijvingen op haar kapitaal van leden ontvangen convertibele valuta's;

  • b. valuta's van leden die met de convertibele valuta'svermeld in het vorige onderdeel zijn gekocht;

  • c. valuta's die de Bank heeft verkregen door ingevolge artikel 23, onderdeel a, van deze Overeenkomst leningen aan te gaan en die zijn bestemd voor opneming in haar gewone kapitaalmiddelen;

  • d.valuta's die de Bank heeft ontvangen als betaling van de hoofdsom, rente, dividenden of andere kosten die verband houden met leningen of investeringen verstrekt uit de fondsen vermeld in de onderdelen a tot en met c, of als betaling van vergoedingen verband houdende met door de Bank gegeven garanties; en

  • e. valuta's, met uitzondering van de eigen valuta, die een lid heeft ontvangen van de Bank bij de verdeling van de netto-inkomsten van de Bank overeenkomstig artikel 42 van deze Overeenkomst.

4. De Bank gebruikt geen valuta's waarvan zij houdster is voor de aankoop van andere valuta's van haar leden, behalve:

  • a. teneinde haar bestaande verplichtingen na te komen; of

  • b.ingevolge een besluit van het College van Bewindvoerders.

14. WIJZIGING VAN ARTIKEL 28 VAN DE BANKOVEREENKOMST (HANDHAVING VAN DE VALUTA DIE DE BANK ONDER HAAR BERUSTING HEEFT)

Artikel 28 van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

1. Steeds wanneer de pari-waarde van de valuta van een lid wordt verminderd in verhouding tot de rekeneenheid omschreven in artikel 5, eerste lid, onderdeel b, van deze Overeenkomst, of haar buitenlandse waarde naar de mening van de Bank in aanmerkelijke mate is gedeprecieerd, betaalt dat lid binnen een redelijke termijn een bedrag van zijn valuta aan de Bank, vereist om de waarde te handhaven van de valuta die de Bank onder haar berusting heeft op grond van zijn inschrijving.

2. Steeds wanneer de pari-waarde van de valuta van een lid wordt verhoogd in verhouding tot de genoemde rekeneenheid of haar buitenlandse waarde naar de mening van de Bank in aanmerkelijke mate is gestegen, betaalt de Bank binnen een redelijke termijn een bedrag van die valuta aan dat lid, vereist om de waarde aan te passen van de valuta die de Bank onder haar berusting heeft op grond van zijn inschrijving.

3. De Bank, in het geval voorzien in het eerste lid, of het lid, in het geval voorzien in het tweede lid, kan afstand doen van haar respectievelijk zijn rechten uit hoofde van dit artikel.

15. WIJZIGING VAN ARTIKEL 30 VAN DE BANKOVEREENKOMST (RAAD VAN BESTUUR: SAMENSTELLING)

Artikel 30, eerste lid, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

1. Ieder lid is vertegenwoordigd in de Raad van Bestuur en benoemt een bestuurder en een plaatsvervanger. Dezen dienen hoogst bekwame personen te zijn met een ruime ervaring in economische en financiële aangelegenheden en dienen onderdaan van de Lidstaten te zijn. Elke bestuurder en plaatsvervanger bekleedt zijn functie vijf jaar, behoudens beëindiging van de aanstelling te eniger tijd, of herbenoeming, indien het lid dat hem heeft benoemd daartoe besluit. Een plaatsvervanger heeft geen stemrecht, behalve bij afwezigheid van zijn principaal. Op de jaarvergadering benoemt de Raad van Bestuur een van zijn leden tot voorzitter. De Voorzitter bekleedt zijn functie tot de verkiezing van de volgende voorzitter op de volgende jaarvergadering van de Raad, tenzij de Raad van Bestuur anders besluit.

16. WIJZIGING VAN ARTIKEL 40 VAN DE BANKOVEREENKOMST (VERBINDINGEN MET DE BANK, PLAATSEN VAN BEWAARGEVING)

Artikel 40, derde lid, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

2. De Bank kan haar activa [<doorhaling>] bewaren bij door het College van Bewindvoerders te bepalen plaatsen van bewaargeving.

17. WIJZIGING VAN ARTIKEL 44 VAN DE BANKOVEREENKOMST (SCHORSING)

Artikel 44 van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

1. Indien een lid zijn verplichtingen uit hoofde van deze Overeenkomst of een andere verplichting tegenover de Bank die voortvloeit uit haar werkzaamheden uit hoofde van deze Overeenkomst niet nakomt, kan de Raad van Bestuur besluiten dat lid te schorsen waarbij ten minste 70 procent van het totale aantal stemmen van de leden vertegenwoordigd is. De Raad van Bestuur kan in plaats van schorsing van het lidmaatschap, besluiten tot schorsing van het stemrecht van het desbetreffende lid onder de voorwaarden vast te stellen door de Raad van Bestuur, overeenkomstig de regels aangenomen krachtens het vierde lid van dit artikel.

2. Een lid waarvan het lidmaatschap op deze wijze geschorst is, houdt een (1) jaar na de datum van de schorsing automatisch op lid te zijn, tenzij de Raad van Bestuur tijdens deze periode van een jaar met dezelfde meerderheid die nodig is voor schorsing besluit het lid in ere te herstellen.

3. Zolang de schorsing duurt, is een lid niet bevoegd enig recht ingevolge deze Overeenkomst uit te oefenen, behalve het recht van opzegging, doch het blijft gebonden aan al zijn verplichtingen.

4. De Raad van Bestuur neemt regels aan die nodig mochten zijn voor de uitvoering van dit artikel.

18. WIJZIGING VAN ARTIKEL 45 VAN DE BANKOVEREENKOMST (VEREFFENING VAN REKENINGEN)

Artikel 45, derde lid, onderdeel c, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

3. De betaling van aandelen die krachtens dit artikel door de Bank zijn teruggekocht is aan de volgende voorwaarden gebonden:

  • c. Betalingen dienen te geschieden in de valuta van de Staat die de betaling ontvangt, of indien deze valuta niet voorhanden is, in een convertibele valuta.

19. WIJZIGING VAN ARTIKEL 47 VAN DE BANKOVEREENKOMST (BEËINDIGING VAN DE WERKZAAMHEDEN)

Artikel 47, eerste lid, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

1. De Bank kan bij besluit van de Raad van Bestuur, genomen met een meerderheid van vijfenzeventig procent van het totale aantal stemmen van de leden, haar werkzaamheden ten aanzien van nieuwe leningen, garanties en beleggingen in aandelen beëindigen.

20. WIJZIGING VAN ARTIKEL 49 VAN DE BANKOVEREENKOMST (VERDELING DER ACTIVA)

Artikel 49, tweede lid, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

2. Nadat overeenkomstig het voorgaande lid een besluit is genomen om tot verdeling over te gaan, kan de Raad van Bestuur besluiten achtereenvolgende verdelingen van de activa van de Bank aan de leden te verrichten, totdat alle activa zijn verdeeld. Deze verdeling is afhankelijk van de voorafgaande vereffening van alle uitstaande vorderingen van de Bank jegens elk lid.

21. WIJZIGING VAN ARTIKEL 60 VAN DE BANKOVEREENKOMST (WIJZIGINGEN)

Artikel 60, eerste lid, van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

1. Elk voorstel tot wijziging van deze Overeenkomst, afkomstig van een lid, een bestuurder of het College van Bewindvoerders, wordt medegedeeld aan de Voorzitter van de Raad van Bestuur, die het voorstel voorlegt aan deze Raad. Indien de voorgestelde wijziging door de Raad wordt goedgekeurd, vraagt de Bank door middel van een rondschrijven,per fax of per telegram de leden of zij de voorgestelde wijziging aanvaarden. Wanneer tweederde van de leden met driekwart van het totale aantal stemmen van de leden, met inbegrip van tweederde van de regionale leden die driekwart van het totale aantal stemmen van de regionale leden bezitten, de voorgestelde wijziging hebben aanvaard, legt de Bank dit feit onverwijld vast in een aan de leden gerichte officiële mededeling.

21. WIJZIGING VAN ARTIKEL 62 VAN DE BANKOVEREENKOMST (ARBITRAGE)

Artikel 62 van de Bankovereenkomst wordt bij dezen als volgt gewijzigd:

Wanneer er een geschil is tussen de Bank en een voormalig lid, of tussen de Bank en een lid bij de beëindiging van de werkzaamheden van de Bank, wordt een dergelijk geschil onderworpen aan arbitrage door een tribunaal van drie scheidsmannen. Elke partij benoemt een scheidsman en de twee aldus benoemde scheidsmannen benoemen een derde scheidsman die tevens voorzitter zal zijn. Indien binnen dertig dagen na het verzoek om arbitrage een van de partijen geen scheidsman heeft benoemd, of indien binnen vijftien dagen na de benoeming van de twee scheidsmannen geen derde is benoemd, kan elk van beide partijen de Voorzitter van het Internationaal Gerechtshof of een andere overeenkomstig door de Raad van Bestuur aangenomen regels voorgeschreven autoriteit verzoeken een scheidsman te benoemen. De procedure wordt vastgesteld door de scheidsmannen. De derde scheidsman is evenwel volledig bevoegd alle procedurele kwesties te regelen in geval van meningsverschillen daaromtrent. Een meerderheid van stemmen van de scheidsmannen volstaat om tot een onherroepelijke en voor de partijen bindende beslissing te komen.

22. INCIDENTELE WIJZIGINGEN

Gelet op de doorhaling van de artikelen 19 (Provisie en vergoedingen) en 20 (Bijzondere reserve) van de Bankovereenkomst, als voorzien in de paragrafen 10 en 11 van deze Resolutie, worden verwijzingen naar deze artikelen in de artikelen 14 (Ontvangers en werkwijzen) en 15 (Beperkingen ten aanzien van de werkzaamheden) bij dezen geschrapt. Aanvullende instrumenten dienen in overeenstemming met de toepasselijke regels en voorschriften te worden gewijzigd.

Besluit voorts dat de in deze Resolutie vervatte wijzigingen van de Bankovereenkomst op de datum voorzien in artikel 60, vierde lid, van de Bankovereenkomst in werking treden na aanneming van de Resolutie en aanvaarding van de wijzigingen daarin door de leden in overeenstemming met artikel 60, eerste lid, van de Bankovereenkomst.


De wijziging behoeft ingevolge artikel 91 van de Grondwet de goedkeuring van de Staten-Generaal, alvorens de wijziging door het Koninkrijk kan worden aanvaard.

De wijziging is ingevolge artikel 60, vierde lid, van de Overeenkomst, op 5 juli 2002 in werking getreden.

Uitgegeven de tweede oktober 2003

De Minister van Buitenlandse Zaken,

J. G. DE HOOP SCHEFFER


XNoot
1

Deze vervanging houdt verband met nieuw ontvangen informatie van de depositaris.

XNoot
1

Deze vervanging houdt verband met nieuw ontvangen informatie van de depositaris.

XNoot
1

Deze vervanging houdt verband met nieuw ontvangen informatie van de depositaris.

XNoot
1

For ease of reference, the specific changes are highlighted in bold.

XNoot
1

The text in brackets will be deleted if Article 20 is deleted and the special reserve is merged with the general reserves.

XNoot
*

Noot: GCC staat voor ``Governors' Consultative Committee".

XNoot
1

Terwille van de overzichtelijkheid zijn de specifieke wijzigingen weergegeven in vet.

XNoot
*

Noot: SDR staat voor ``special drawing rights".

XNoot
1

De tekst tussen vierkante haken wordt geschrapt, indien artikel 20 wordt geschrapt en de bijzondere reserve bij de algemene reserves wordt gevoegd.

Naar boven