A. TITEL

Internationale Natuurrubberovereenkomst, 1995, met bijlagen;

Genève, 17 februari 1995

B. TEKST

De Engelse en de Franse tekst van de Overeenkomst zijn geplaatst in Trb. 1996, 31.

Voor de ondertekeningen zie Trb. 1997, 120.

C. VERTALING

Zie Trb. 1996, 31.

D. PARLEMENT

Zie Trb. 1996, 31 en Trb. 1997, 120.

E. BEKRACHTIGING

Zie Trb. 1996, 31 en Trb. 1997, 120.

Behalve de aldaar genoemde hebben nog de volgende staten in overeenstemming met artikel 59, tweede lid, van de Overeenkomst een akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring bij de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties nedergelegd1:

Italië11 december 1997
het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland23 december 1998

F. TOETREDING

Zie Trb. 1997, 120.

G. INWERKINGTREDING

Zie Trb. 1996, 31 en Trb. 1997, 120.

De Overeenkomst is met ingang van 13 oktober 1999 beëindigd ingevolge de in overeenstemming met artikel 67, vijfde lid, van de Overeenkomst door de Internationale Natuurrubberraad op 30 september 1999 aangenomen Resolutie 212 (XXXXI)1.

I. OPZEGGING

In overeenstemming met artikel 64, eerste lid, van de Overeenkomst hebben de volgende staten de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties kennis gegeven van hun terugtrekking uit de onderhavige Overeenkomst:

Maleisië15 oktober 1998
Thailand26 maart 1999
Sri Lanka16 juli 1999

J. GEGEVENS

Zie Trb. 1996, 31 en Trb. 1997, 120.

Voor het op 25 maart 1957 te Rome tot stand gekomen Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap zie ook Trb. 1998, 13.

Uitgegeven de achttiende februari 2000

De Minister van Buitenlandse Zaken,

J. J. VAN AARTSEN


XNoot
1

De Internationale Natuurrubberraad heeft bij de op 21 november 1997 aangenomen Resolutie 190 (XXXVII) besloten in overeenstemming met artikel 59, tweede lid, van de Overeenkomst de termijn voor het nederleggen van akten van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring door regeringen, voor welke de Overeenkomst is ondertekend en die niet in staat waren een akte neder te leggen voor 1 januari 1998, verlengd tot 31 december 1998.

Bij de op 22 oktober 1998 aangenomen Resolutie 202 (XXXIX) is bovengenoemde termijn voor regeringen, voor welke de Overeenkomst is ondertekend en die niet in staat waren een akte neder te leggen voor 1 januari 1999, verlengd tot 31 december 1999.

XNoot
1

Aangenomen tijdens de eenenveertigste zitting in Kuala Lumpur (Maleisië).

Paragraaf 5 van die Resolutie bepaalt: „dat de Raad een Buitengewone zitting bijeenroept om de Resolutie te herzien en die handelingen te verrichten die hij passend acht, ingeval een of meer van de zich terugtrekkende leden c.q. Maleisië, Thailand en Sri Lanka, vóór 13 oktober 1999 formeel zijn brief van terugtrekking intrekt".

Bij notificatie van 19 oktober 1999 heeft de depositaris medegedeeld dat geen van de drie genoemde landen dat heeft gedaan. De Overeenkomst is derhalve met ingang van 13 oktober 1999 beëindigd.

Naar boven