A. TITEL
Protocol tot wijziging van de Europese Overeenkomst voor de bescherming
van gewervelde dieren die worden gebruikt voor experimentele en andere wetenschappelijke
doeleinden;
Straatsburg, 22 juni 1998
B. TEKST
De Engelse en de Franse tekst van het Protocol zijn geplaatst in Trb. 1998,
201.
Voor de ondertekeningen zie Trb. 1998, 201.
Het Protocol is voorts ondertekend voor de volgende staten:
| België1 | 6 augustus 1998 |
| het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland1 | 8 september 1998 |
| Noorwegen1 | 17 december 1998 |
| Cyprus1 | 18 februari 1999 |
C. VERTALING
Protocol tot wijziging van de Europese Overeenkomst voor
de bescherming van gewervelde dieren die worden gebruikt voor experimentele
en andere wetenschappelijke doeleinden
De lidstaten van de Raad van Europa en de Europese Gemeenschap, die dit
Protocol bij de Europese Overeenkomst voor de bescherming van gewervelde dieren
die worden gebruikt voor experimentele en andere wetenschappelijke doeleinden,
die op 18 maart 1986 te Straatsburg werd opengesteld voor ondertekening (hierna
te noemen „de Overeenkomst"), hebben ondertekend,
Gelet op de Overeenkomst, waarin algemene bepalingen zijn opgenomen die
zijn opgesteld om dieren die voor gebruik voor wetenschappelijke doeleinden
zijn bestemd, te beschermen tegen lijden, pijn en angst, en gelet op de vastbeslotenheid
van de lidstaten het gebruik van dieren voor experimentele en andere wetenschappelijke
doeleinden te beperken, met als doel de vervanging van dit gebruik waar mogelijk,
in het bijzonder door onderzoek naar en bevordering van de toepassing van
alternatieve methoden;
Gezien de technische aard van de bepalingen in de bijlagen bij de Overeenkomst;
De noodzaak erkennend de consistentie daarvan met de resultaten van onderzoek
op de desbetreffende gebieden te garanderen,
Zijn het volgende overeengekomen:
Artikel 1
Artikel 30 van de Overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:
„1. De Partijen dienen binnen vijf jaar vanaf de inwerkingtreding
van deze Overeenkomst en daarna iedere vijf jaar, of vaker indien de meerderheid
der Partijen dat vraagt, multilaterale consultaties te houden in het kader
van de Raad van Europa, om de toepassing van deze Overeenkomst te bezien,
alsmede de wenselijkheid van herziening of een verruiming van enige van haar
bepalingen.
2. Deze consultaties vinden plaats tijdens bijeenkomsten bijeengeroepen
door de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa. De Partijen dienen ten
minste twee maanden voor iedere bijeenkomst de naam van hun vertegenwoordiger
mede te delen aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa.
3. Met inachtneming van de bepalingen van deze Overeenkomst stellen de
Partijen het reglement van orde voor de consultaties op."
Artikel 2
De Overeenkomst wordt aangevuld met een nieuw Deel XI: „Wijzigingen"
met het volgende nieuwe artikel 31:
„1. Iedere wijziging op de Bijlagen A en B die wordt voorgesteld
door een Partij of door het Comité van Ministers van de Raad van Europa
wordt medegedeeld aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa en door
hem gezonden naar de lidstaten van de Raad van Europa, naar de Europese Gemeenschap
en naar iedere niet-lidstaat van de Raad die is toegetreden of is uitgenodigd
toe te treden tot de Overeenkomst overeenkomstig de bepalingen van artikel
34.
2. Wijzigingen die zijn voorgesteld overeenkomstig de bepalingen van het
voorgaande lid worden, na het verstrijken van een periode van ten minste zes
maanden na de datum van verzending door de Secretaris-Generaal, bezien tijdens
een multilaterale consultatie, waar zij kunnen worden aangenomen door een
meerderheid van twee derde van de Partijen. De aangenomen tekst wordt naar
de Partijen gezonden.
3. Twaalf maanden na de aanneming van een wijziging tijdens een multilaterale
consultatie, treedt deze in werking tenzij een derde van de Partijen bezwaren
heeft kenbaar gemaakt."
Artikel 3
De artikelen 31 tot en met 37 van de Overeenkomst worden respectievelijk
de artikelen 32 tot en met 38.
Artikel 4
1. Dit Protocol staat open voor ondertekening door de Ondertekenaars van
de Overeenkomst, die Partijen bij dit Protocol kunnen worden door:
a. ondertekening zonder voorbehoud van bekrachtiging,
aanvaarding of goedkeuring; of
b. ondertekening onder voorbehoud van bekrachtiging,
aanvaarding of goedkeuring, gevolgd door bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring.
2. Een Ondertekenaar van de Overeenkomst mag dit Protocol niet ondertekenen
zonder voorbehoud van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring, noch een
akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring nederleggen, tenzij hij
reeds een akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring van de Overeenkomst
heeft nedergelegd of tegelijkertijd nederlegt.
3. Staten die zijn toegetreden tot de Overeenkomst kunnen eveneens toetreden
tot dit Protocol.
4. De akten van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding
worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa.
Artikel 5
Dit Protocol treedt in werking op de dertigste dag na de datum waarop
alle Partijen bij de Overeenkomst Partijen bij dit Protocol zijn geworden
overeenkomstig artikel 4.
Artikel 6
De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa stelt de lidstaten van de
Raad van Europa, de andere Partijen bij het Verdrag en de Europese Gemeenschap
in kennis van:
a. iedere ondertekening zonder voorbehoud van
bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring;
b. iedere ondertekening onder voorbehoud van
bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring;
c. iedere nederlegging van een akte van bekrachtiging,
aanvaarding, goedkeuring of toetreding;
d. iedere datum van inwerkingtreding van dit
Protocol ingevolge artikel 5 van dit Protocol;
e. iedere andere handeling, kennisgeving of
mededeling betrekking hebbend op dit Protocol.
TEN BLIJKE waarvan de ondergetekenden, daartoe naar behoren gemachtigd,
dit Protocol hebben ondertekend.
GEDAAN te Straatsburg op 22 juni 1998, in het Engels en in het Frans,
zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek, in een enkel exemplaar, dat zal
worden nedergelegd in het archief van de Raad van Europa. De Secretaris-Generaal
van de Raad van Europa doet een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift toekomen
aan elk der lidstaten van de Raad van Europa, aan de andere Partijen bij de
Overeenkomst en aan de Europese Gemeenschap.
D. PARLEMENT
Zie Trb. 1998, 201.
E. BEKRACHTIGING
In overeenstemming met artikel 4, vierde lid, van het Protocol heeft de
volgende staat een akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring nedergelegd
bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa:
G. INWERKINGTREDING
Zie Trb. 1998, 201.
J. GEGEVENS
Zie Trb. 1998, 201.