Tractatenblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum totstandkoming
Ministerie van Buitenlandse ZakenTractatenblad 1997, 138Verdrag

A. TITEL

Protocol van 1978 bij het Internationaal Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen, 1973, met Bijlage;

Londen, 17 februari 1978

B. TEKST

De Engelse en de Franse tekst van Protocol en Bijlage, zijn geplaatst in Trb. 1978, 188. Voor de ondertekeningen zie ook Trb. 1983, 127.

De Bijlage is een aantal malen gewijzigd, zie rubriek J van Trb. 1985, 136, van Trb. 1986, 121, van Trb. 1988, 143, van Trb. 1990, 168, van Trb. 1992, 29, van Trb. 1993, 53 en 70, van Trb. 1994, 41 en 162, van Trb. 1995, 158, van Trb. 1996, 24 en rubriek J hieronder.

C. VERTALING

Zie Trb. 1978, 188

D. PARLEMENT

Zie Trb. 1983, 127, Trb. 1993, 147 en Trb. 1996, 24.

Bij brieven van 27 maart 1996 zijn de in Trb. 1996, 24 (rubriek J) afgedrukte wijzigingen d.d. 2 november 1994 van de Bijlage bij het Protocol ter kennis gebracht van de Eerste en de Tweede Kamer van de Staten-Generaal en van de Staten van de Nederlandse Antillen en van Aruba.

E. BEKRACHTIGING

Zie Trb. 1983, 127, Trb. 1985, 136, Trb. 1986, 121, Trb. 1988, 143 en Trb. 1993, 53.

F. TOETREDING

Zie Trb. 1983, 1271, Trb. 1985, 136, Trb. 1986, 121, Trb. 1988, 143, Trb. 1990, 168, Trb. 1992, 29, Trb. 1993, 53 en 147, Trb. 1994, 141 en 162, Trb. 1995, 158 en Trb. 1996, 24.

Behalve de aldaar genoemde hebben nog de volgende Staten in overeenstemming met artikel IV, eerste lid, letter c, van het Protocol een akte van toetreding nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Internationale Maritieme Organisatie:

Tonga 1 februari 1996
Equatoriaal-Guinea24 april 1996
Senegal16 januari 1997
Maleisië231 januari 1997

G. INWERKINGTREDING

Zie Trb. 1983, 127, Trb. 1985, 136, Trb. 1986, 121, Trb. 1988, 143, Trb. 1990, 168, Trb. 1992, 29.

H. TOEPASSELIJKVERKLARING

De Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland heeft Bijlage IV bij het Verdrag zoals gewijzigd door het Protocol van toepassing verklaard op Hong Kong met ingang van 27 maart 1996.

Zie Trb. 1985, 136, Trb. 1986, 121, Trb. 1988, 143, Trb. 1990, 168, Trb. 1993, 53, Trb. 1995, 158 en Trb. 1996, 241.

J. GEGEVENS

Zie Trb. 1978, 188, Trb. 1983, 127, Trb. 1985, 136, Trb. 1986, 121, Trb. 1988, 143, Trb. 1990, 168, Trb. 1992, 29, Trb. 1993, 53, 70 en 147, Trb. 1994, 41 en 162, Trb. 1995, 158 en Trb. 1996, 24.

Bijlagen

Bijlage III bij het Verdrag zoals gewijzigd door het Protocol is voorts nog aanvaard door de volgende Staten:

Liberia 5 oktober 1995
Tonga 1 februari 1996
Zuid-Korea28 februari 1996
Equatoriaal-Guinea24 april 1996
Israël 1 oktober 1996
Senegal16 januari 1997
Zuid-Afrika 5 februari 1997

Bijlage IV bij het Verdrag zoals gewijzigd door het Protocol is voorts nog aanvaard door de volgende Staten:

Tonga 1 februari 1996
Zuid-Korea28 februari 1996
Equatoriaal-Guinea24 april 1996

Wijzigingen

Resolutie MEPC.65 (37)

Op 14 september 1995 heeft de Commissie voor de bescherming van het Mariene Milieu in overeenstemming met artikel VI van het Protocol en artikel 16 van het Verdrag een resolutie aangenomen houdende wijzigingen van Bijlage V bij het Verdrag, zoals gewijzigd bij het Protocol van 1978.

In overeenstemming met artikel 16, tweede lid, onderdeel f, (iii) van het Verdrag zijn de wijzigingen aanvaard op 1 januari 1997. Ingevolge artikel 16, tweede lid, onderdeel g, (ii), van het Verdrag zullen de wijzigingen op 1 juli 1997 in werking treden.

Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, zullen de wijzigingen voor het gehele Koninkrijk gelden.

De Engelse tekst1 van de resolutie van 14 september 1995 luidt als volgt:

Resolution MEPC. 65(37) (adopted on 14 September 1995)

Amendments to the Annex of the Protocol of 1978 relating to the International Convention for the Prevention of Pollution from Ships, 1973 (Amendments to Regulation 2 and new Regulation 9 of Annex V)

The Marine Environment Protection Committee,

Recalling Article 38(a) of the Convention on the International Maritime Organization concerning the function of the Committee conferred upon it by international conventions for the prevention and control of marine pollution,

Noting article 16 of the International Convention for the Prevention of Pollution from Ships, 1973 (hereinafter referred to as the “1973 Convention") and article VI of the Protocol of 1978 relating to the 1973 Convention (hereinafter referred to as the “1978 Protocol") which together specify the amendment procedure of the 1978 Protocol and confers upon the appropriate body of the Organization the function of considering and adopting amendments to the 1973 Convention, as modified by the 1978 Protocol (MARPOL 73/78),

Noting also that there is a need to provide for a more effective implementation of Annex V of MARPOL 73/78,

Requiring a more systematic approach to the enforcement and control of the requirements of Annex V, MARPOL 73/78,

Having considered the amendments to Annex V of MARPOL 73/78, agreed at its thirty-sixth session and circulated in accordance with article 16(2)(a) of the 1973 Convention,

1. Adopts, in accordance with article 16(2)(b) of the 1973 Convention, amendments to Annex V of MARPOL 73/78, the text of which is set out in the annex to the present resolution;

2. Determines, in accordance with article 16(2)(f)(iii) of the 1973 Convention, that the amendments shall be deemed to have been accepted on 1 January 1997, unless prior to the date, not less than one-third of the Parties or the Parties, the combined merchant fleets of which consitute not less than fifty per cent of the gross tonnage of the world's merchant fleet, have communicated to the Organization their objections to the amendments;

3. Invites the Parties to note that in accordance with article 16(2)(g)(ii) of the 1973 Convention the amendments shall enter into force on 1 July 1997 in accordance with paragraph 2 above;

4. Requests the Secretary-General, in conformity with article 16(2)(e) of the 1973 Convention, to transmit to all Parties to Annex V of the 1978 Protocol certified copies of the present resolution and the text of the amendments contained in the annex;

5. Requests further the Secretary-General to transmit to the Members of the Organization which are not Parties to Annex V of the 1978 Protocol copies of the resolution and its annex.


Annex

Texts of amendments to Annex V of MARPOL 73/78

Regulation 2

Application

The existing text of regulation 2 is replaced by the following:

“Unless expressly provided otherwise, the provisions of this Annex shall apply to all ships."

New regulation 9 is added as follows:

Regulation 9

Placards, garbage management plans and garbage record-keeping

1 a) Every ship of 12 metres or more in length overall shall display placards which notify the crew and passengers of the disposal requirements of regulations 3 and 5 of this Annex, as applicable.

  • b) The placards shall be written in the official language of the State whose flag the ship is entitled to fly and, for ships engaged in voyages to ports or offshore terminals under the jurisdiction of other Parties to the Convention, in English or French.

2. Every ship of 400 tons gross tonnage and above, and every ship which is certified to carry 15 persons or more, shall carry a garbage management plan which the crew shall follow. This plan shall provide written procedures for collecting, storing, processing and disposing of garbage, including the use of the equipment on board. It shall also designate the person in charge of carrying out the plan. Such a plan shall be in accordance with the guidelines developed by the Organization and written in the working language of the crew.

3. Every ship of 400 tons gross tonnage and above and every ship which is certified to carry 15 persons or more engaged in voyages to ports or offshore terminals under the jurisdiction of other Parties to the Convention and every fixed and floating platform engaged in exploration and exploitation of the sea-bed, shall be provided with a Garbage Record Book. The Garbage Record Book, whether as a part of the ship's official logbook or otherwise, shall be in the form specified in the Appendix to this Annex;

  • a) each discharge operation, or completed incineration, shall be recorded in the Garbage Record Book and signed for on the date of the incineration or discharge by the officer in charge. Each completed page of the Garbage Record Book shall be signed by the master of the ship. The entries in the Garbage Record Book shall be both in an official language of the State whose flag the ship is entitled to fly, and in English or French. The entries in an official national language of the State whose flag the ship is entitled to fly shall prevail in case of a dispute or discrepancy;

  • b) the entry for each incineration or discharge shall include date and time, position of the ship, description of the garbage and the estimated amount incinerated or discharged;

  • c) the Garbage Record Book shall be kept on board the ship and in such a place as to be available for inspection in a reasonable time. This document shall be preserved for a period of two years after the last entry is made on the record;

  • d) in the event of discharge, escape or accidental loss referred to in regulation 6 of this Annex an entry shall be made in the Garbage Record Book of the circumstances of, and the reasons for, the loss.

4. The Administration may waive the requirements for Garbage Record Book for:

    • (i) any ship engaged on voyages of 1 hour or less in duration which is certified to carry 15 persons or more; or

    • (ii) fixed or floating platforms while engaged in exploration and exploitation of the sea-bed.

5. The competent authority of the Government of a Party to the Convention may inspect the Garbage Record Book on board any ship to which this regulation applies while the ship is in its ports or offshore terminals and may make a copy of any entry in that book, and may require the master of the ship to certify that the copy is a true copy of such an entry. Any copy so made, which has been certified by the master of the ship as a true copy of an entry in the ship's Garbage Record Book, shall be admissible in any judicial proceedings as evidence of the facts stated in the entry. The inspection of a Garbage Record Book and the taking of a certified copy by the competent authority under this paragraph shall be performed as expeditiously as possible without causing the ship to be unduly delayed.

6. In the case of ships built before 1 July 1997, this regulation shall apply as from 1 July 1998.

Appendix is added to the Annex as follows:

Appendix

Form of Garbage Record Book

Name of ship:

Distinctive number or letters

IMO No.

Period: From:

To:

1. Introduction

In accordance with Regulation 9 of Annex V of the International Convention for the Prevention of Pollution from Ships, 1973, as modified by the Protocol of 1978 relating thereto (MARPOL 73/78) a record is to be kept of each discharge operation or completed incineration. This includes discharges at sea, to reception facilities, or to other ships.

2. Garbage and garbage management:

Garbage includes all kinds of food, domestic and operational waste excluding fresh fish and parts thereof, generated during the normal operation of the vessel and liable to be disposed of continuously or periodically except those substances which are defined or listed in other annexes to MARPOL 73/78 (such as oil, sewage or noxious liquid substances).

The Guidelines for the Implementation of Annex V of MARPOL 73/78 should also be referred to for relevant information.

3. Description of the garbage

The garbage is to be grouped into categories for the purposes of this record book as follows:

1. Plastics

2. Floating dunnage, lining, or packing material

3. Ground-down paper products, rags, glass, metal, bottles, crockery, etc.

4. Paper Products, rags, glass, metal, bottles, crockery, etc.

5. Food waste

6. Incinerator ash

4. Entries in the Garbage Record Book

Entries in the Garbage Record Book shall be made on each of the following occasions:

  • a) When garbage is discharged into the sea:

    • (i) Date and time of discharge

    • (ii) Position of the ship (latitude and longitude)

    • (iii) Category of garbage discharged

    • (iv) Estimated amount discharged for each category in m3

    • (v) Signature of the officer in charge of the operation.

  • b) When garbage is discharged to reception facilities ashore or to other ships:

    • (i) Date and time of discharge

    • (ii) Port or facility, or name of ship

    • (iii) Category of garbage discharged

    • (iv) Estimated amount discharged for each category in m3

    • (v) Signature of officer in charge of the operation.

  • c) When garbage is incinerated:

    • (i) Date and time of start and stop of incineration

    • (ii) Position of the ship (latitude and longitude)

    • (iii) Estimated amount incinerated in m3

    • (iv) Signature of the officier in charge of the operation.

  • d) Accidental or other exceptional discharges of garbage:

    • (i) Time of occurrence

    • (ii) Port or position of the ship at time of occurrence

    • (iii) Estimated amount and category of garbage

    • (iv) Circumstances of disposal, escape or loss, the reason therefore and general remarks.

4.2. Receipts

The master should obtain from the operator of port reception facilities, or from the master of the ship receiving the garbage, a receipt or certificate specifying the estimated amount of garbage transferred. The receipts or certificates must be kept on board the ship with the Garbage Record Book for two years.

4.3. Amount of garbage

The amount of garbage onboard should be estimated in m3, if possible separately according to category. The Garbage Record Book contains many references to estimated amount of garbage. It is recognized that the accuracy of estimating amounts of garbage is left to interpretation. Volume estimates will differ before and after processing. Some processing procedures may not allow for a usable estimate of volume, e.g. the continuous processing of food waste. Such factors should be taken into consideration when making and interpreting entries made in a record.

RECORD OF GARBAGE DISCHARGES

Ship's Name: Distinctive No., or letters IMO No.:

Garbage Categories:

1: Plastic.

2: Floating dunnage, lining, or packing materials.

3: Ground-down paper products, rags, glass, metal, bottles, crockery, etc.

4: Paper products, rags, glass, metal, bottles, crockery, etc.

5: Food waste.

6: Incinerator ash.

NOTE: the discharge of any garbage other than food waste is prohibited in special areas, only garbage discharged into the sea must be categorized, garbage other than category I discharged to reception facilities need only be listed as a total estimated amount.

Date/timePosition of the ShipEstimated Amount Discharged into Sea (m3)Estimated Amount Discharged to Reception Facilities or to other ship (m3)Estimated Amount Incinerated (m3)Certification/ Signature
           
  CAT. 2CAT. 3CAT. 4CAT. 5CAT. 6CAT. 1Other  
           
           
           
           
           
           
           

Master's Signature:

Date:

De vertaling van de genoemde resolutie luidt als volgt:

Resolutie MEPC.65(37), (aangenomen op 14 september 1995)

Wijzigingen van de Bijlage bij het Protocol van 1978 bij het Internationaal Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen, 1973 (Wijzigingen van Voorschrift 2 en een nieuw Voorschrift 9 van Bijlage V)

De Commissie voor de bescherming van het Mariene Milieu,

In herinnering brengend artikel 38, letter a, van het Verdrag van de Internationale Maritieme Organisatie inzake de taak die aan de Commissie is opgedragen door internationale verdragen ter voorkoming en beperking van verontreiniging van de zee,

Gelet op artikel 16 van het Internationaal Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen, 1973 (hierna te noemen het „Verdrag van 1973") en op artikel VI van het Protocol van 1978 bij het Verdrag van 1973 (hierna te noemen het „Protocol van 1978"), die te zamen de procedure aangeven voor wijziging van het Protocol van 1978 en aan het bevoegde orgaan van de Organisatie de taak opdragen de wijzigingen van het Verdrag van 1973, zoals gewijzigd door het Protocol van 1978 (MARPOL 73/78), te bestuderen en aan te nemen,

Tevens gelet op het feit dat het noodzakelijk is te voorzien in een meer doeltreffende uitvoering van Bijlage V van MARPOL 73/78,

Verzoekend om een meer systematische benadering inzake de handhaving en controle van de vereisten van Bijlage V, MARPOL 73/78,

Na bestudering van de wijzigingen van Bijlage V bij MARPOL 73/78, die tijdens haar zesendertigste zitting zijn overeengekomen en zijn verspreid overeenkomstig artikel 16, tweede lid, letter a, van het Verdrag van 1973,

1. Neemt, overeenkomstig artikel 16, tweede lid, letter b, van het Verdrag van 1973 wijzigingen van Bijlage V bij MARPOL 73/78 aan, waarvan de tekst is vervat in de bijlage bij deze resolutie;

2. Bepaalt, overeenkomstig artikel 16, tweede lid, letter f, onder iii, van het Verdrag van 1973 dat de wijzigingen worden geacht te zijn aanvaard op 1 januari 1997, tenzij, voorafgaand aan die datum, ten minste een derde van de Partijen, dan wel de Partijen waarvan de koopvaardijvloten te zamen ten minste vijftig procent vormen van de bruto tonnage van de wereldkoopvaardijvloot, bij de Organisatie bezwaar hebben aangetekend tegen de wijzigingen;

3. Verzoekt de Partijen kennis te nemen van het feit dat de wijzigingen overeenkomstig artikel 16, tweede lid, letter g, onder ii, van het Verdrag van 1973, in werking treden op 1 juli 1997 overeenkomstig punt 2 hierboven;

4. Verzoekt de Secretaris-Generaal, overeenkomstig artikel 16, tweede lid, letter e, van het Verdrag van 1973 aan alle Partijen bij Bijlage V bij het Protocol van 1978 voor eensluidend gewaarmerkte afschriften te doen toekomen van deze resolutie en van de in de bijlage vervatte tekst van de wijzigingen;

5. Verzoekt de Secretaris-Generaal voorts aan de leden van de Organisatie die geen Partij zijn bij Bijlage V bij het Protocol van 1978 afschriften van de resolutie en de bijlage daarbij toe te zenden.


Bijlage

Tekst van de wijzigingen van Bijlage V van MARPOL 73/78

Voorschrift 2

Toepassing

De bestaande tekst van Voorschrift 2 wordt vervangen door de volgende tekst:

„Tenzij uitdrukkelijk anders bepaald, zijn de bepalingen van deze Bijlage van toepassing op alle schepen."

Een nieuw Voorschrift 9 wordt toegevoegd, waarvan de tekst als volgt luidt:

Voorschrift 9

Informatieborden, vuilnisbeheerplannen en het bijhouden van de gegevens inzake vuilnis

1. a. Elk schip met een volle lengte van 12 of meer moet zijn voorzien van informatieborden die de bemanning en de passagiers informeren over de eisen inzake het storten van vuilnis van Voorschrift 3 en 5 van deze Bijlage, voor zover van toepassing.

  • b. De informatie op de borden wordt geschreven in de officiële taal van de Staat waarvan het schip gerechtigd is de vlag te voeren en, ten aanzien van schepen die reizen maken naar havens of laad- en losplaatsen buitengaats binnen de rechtsmacht van andere Partijen bij het Verdrag, in het Engels of Frans.

2. Elk schip met een bruto tonnage van 400 ton en meer en elk schip dat gecertificeerd is 15 personen of meer te vervoeren heeft een vuilnisbeheerplan, dat de bemanning dient na te komen. Dit plan voorziet in geschreven procedures voor de verzameling, opslag, verwerking en verwijdering van vuilnis, met inbegrip van het gebruik van de uitrusting aan boord. In het plan wordt tevens de persoon aangewezen die belast is met de uitvoering van het plan. Een dergelijk plan dient in overeenstemming te zijn met de richtlijnen die zijn opgesteld door de Organisatie en dient te zijn geschreven in de werktaal van de bemanning.

3. Elk schip met een bruto tonnage van 400 en meer en elk schip dat gecertificeerd is 15 personen of meer te vervoeren en dat reizen maakt naar havens of laad- en losplaatsen buitengaats binnen de rechtsmacht van andere Partijen bij het Verdrag en elk vast en drijvend platform gebruikt voor de exploratie en exploitatie van de zeebodem moet zijn voorzien van een vuilnisjournaal. Het vuilnisjournaal moet, hetzij als onderdeel van het scheepsjournaal, hetzij anderszins, zijn ingericht volgens het model zoals aangegeven in het Aanhangsel bij deze Bijlage;

  • a. Van elke lozing of voltooide verbranding dient melding te worden gemaakt in het vuilnisjournaal, en deze melding dient te worden ondertekend op de datum van de verbranding of lozing door de officier belast met de handeling. Elke ingevulde bladzijde van het vuilnisjournaal moet worden ondertekend door de kapitein van het schip. De aantekeningen in het vuilnisjournaal dienen zowel in een officiële taal van de Staat welks vlag het schip gerechtigd is te voeren te worden gesteld als in het Engels of Frans. In geval van een geschil of een tegenstrijdigheid zijn de aantekeningen in een officiële nationale taal van de Staat welks vlag het schip gerechtigd is te voeren doorslaggevend;

  • b. De aantekening van elke verbranding of lozing omvat mede de datum en het tijdstip, de positie van het schip, een beschrijving van de vuilnis en de geschatte verbrande of geloosde hoeveelheid;

  • c. Het vuilnisjournaal moet aan boord worden bewaard en op een plaats waar het binnen een redelijke tijd beschikbaar is voor raadpleging. Het document moet gedurende een termijn van twee jaar na de laatste aantekening worden bewaard;

  • d. In geval van lozing, ontsnapping of toevallig verlies als bedoeld in Voorschrift 6 van deze Bijlage dient in het vuilnisjournaal melding te worden gemaakt van de omstandigheden waaronder en de redenen waarom het verlies geschiedde.

4. De Administratie kan ontheffing verlenen van de eisen voor vuilnisjournaals voor:

    • i. schepen die reizen maken van 1 uur of korter en die gecertificeerd zijn 15 personen of meer te vervoeren; of

    • ii. vaste of drijvende platforms tijdens de exploratie en exploitatie van de zeebodem.

5. De bevoegde instantie van de Regering van een Partij bij het Verdrag heeft het recht het vuilnisjournaal te controleren aan boord van elk schip waarop dit Voorschrift van toepassing is, terwijl het schip zich in een haven of een laad- of losplaats buitengaats van die Staat bevindt en een afschrift te maken van elke aantekening in dat journaal en van de kapitein te verlangen dat deze het afschrift waarmerkt als een waarheidsgetrouw afschrift van de desbetreffende aantekening. Elk aldus vervaardigd afschrift dat de kapitein van het schip als een waarheidsgetrouw afschrift van een aantekening in het vuilnisjournaal van het schip heeft gewaarmerkt, moet bij alle gerechtelijke procedures worden toegelaten als bewijsstuk voor de in die aantekening vermelde feiten. De controle van een vuilnisjournaal en het maken van een waarheidsgetrouw afschrift door de bevoegde instantie in overeenstemming met de bepalingen van deze paragraaf dient zo snel mogelijk te geschieden zonder aan het schip onnodig oponthoud te veroorzaken.

6. Ten aanzien van schepen die vóór 1 juli 1997 zijn gebouwd, is dit voorschrift van toepassing met ingang van 1 juli 1998.

Het Aanhangsel wordt als volgt bij de Bijlage gevoegd:

Aanhangsel

Model van het vuilnisjournaal

Naam van het schip:

Onderscheidingsnummer of -letters

IMO nr.

Periode: Van: Naar:

1. Inleiding

In overeenstemming met Voorschrift 9 van Bijlage V bij het Internationaal Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen, 1973, zoals gewijzigd door het Protocol van 1978 (MARPOL 73/78) dient melding te worden gemaakt van elke lozing of voltooide verbranding. Dit omvat mede lozingen op zee, afvoer naar ontvangstinrichtingen of afvoer naar andere schepen.

2. Vuilnis en vuilnisbeheer

Vuilnis omvat alle soorten voedselresten, huishoudelijk afval en afval voortvloeiende uit de bedrijfsvoering, met uitzondering van verse vis en gedeelten daarvan, die zijn ontstaan tijdens de normale bedrijfsvoering van het schip en die voortdurend of regelmatig dienen te worden verwijderd, met uitzondering van de stoffen omschreven of opgesomd in andere Bijlagen bij MARPOL 73/78 (zoals olie, afvalwater of schadelijke vloeistoffen).

Voor relevante informatie dient tevens te worden verwezen naar de Richtlijnen voor de toepassing van Bijlage V van MARPOL 73/78.

3. Beschrijving van de vuilnis

De vuilnis wordt als volgt in categorieën gegroepeerd ten behoeve van dit vuilnisjournaal:

1. kunststoffen

2. stuwhout, bekledings- of verpakkingsmateriaal dat blijft drijven

3. gemalen papierproducten, lompen, glas, metaal, flessen, aardewerk, enz.

4. papierproducten, lompen, glas, metaal, flessen, aardewerk, enz.

5. voedselresten

6. as van de verbrandingsoven

4. Aantekeningen in het vuilnisjournaal

Wanneer een van de volgende handelingen wordt verricht, dient in het vuilnisjournaal te worden aangetekend:

  • a. Wanneer vuilnis in zee wordt geloosd:

    • i. De datum en het tijdstip van de lozing

    • ii. De positie van het schip (breedte- en lengtegraad)

    • iii. De categorie van het geloosde vuilnis

    • iv. De geschatte hoeveelheid geloosde vuilnis voor elke categorie in m3

    • v. De handtekening van de officier belast met de handeling

  • b. Wanneer vuilnis wordt afgevoerd naar ontvangstinrichtingen aan wal of andere schepen:

    • i. De datum en het tijdstip van de lozing

    • ii. De haven of inrichting, of de naam van het schip

    • iii. De categorie van de geloosde vuilnis

    • iv. De geschatte hoeveelheid van de geloosde vuilnis voor elke categorie in m3

    • v. De handtekening van de officier belast met de handeling

  • c. Wanneer vuilnis wordt verbrand:

    • i. De datum en het tijdstip van het begin en het einde van de verbranding

    • ii. De positie van het schip (breedte- en lengtegraad)

    • iii. De geschatte hoeveelheid verbrande vuilnis in m3

    • iv. De handtekening van de officier belast met de handeling

  • d. Toevallige of andere uitzonderlijke lozing van vuilnis

    • i. Het tijdstip van het voorval

    • ii. De haven of de positie van het schip op het tijdstip van het voorval

    • iii. De geschatte hoeveelheid en categorie vuilnis

    • iv. De omstandigheden van het lozen, ontsnappen of het verlies, de redenen daarvoor en algemene opmerkingen.

4.2. Ontvangstbewijs

De kapitein behoort van de beheerder van de havenontvangstinrichting of van de kapitein van het schip dat het vuilnis ontvangt, een ontvangstbewijs of certificaat te krijgen waarin de geschatte hoeveelheid overgedragen vuilnis is aangegeven. De ontvangstbewijzen of certificaten moeten bij het vuilnisjournaal gedurende twee jaar aan boord worden bewaard.

4.3. Hoeveelheid vuilnis

De hoeveelheid vuilnis aan boord behoort te worden geschat in m3, indien mogelijk per afzonderlijke categorie. Het vuilnisjournaal bevat veel verwijzingen naar de geschatte hoeveelheid vuilnis. Erkend wordt dat de nauwkeurigheid van de geschatte hoeveelheden vuilnis aan interpretatie onderhevig is. Volumeschattingen zullen uiteenlopen vóór en na de verwerking. Bij bepaalde verwerkingsprocedures kan mogelijk geen gebruikelijke volumeschatting plaatsvinden, bijv. bij de continue verwerking van voedselresten. Dergelijke factoren behoren in aanmerking te worden genomen wanneer aantekeningen in een journaal worden gemaakt en geïnterpreteerd.

JOURNAAL VAN VUILNISLOZINGEN

Naam van het schip: Onderscheidingsnummer of -letters: IMO nr.

Vuilniscategorieën:

1. kunststoffen

2. stuwhout, bekledings- of verpakkingsmateriaal dat blijft drijven

3. gemalen papierproducten, lompen, glas, metaal, flessen, aardewerk, enz.

4. papierproducten, lompen, glas, metaal, flessen, aardewerk, enz.

5. voedselresten

6. as van de verbrandingsoven

LET OP: de lozing van vuilnis, niet zijnde voedselresten, is verboden in bijzondere gebieden. Uitsluitend vuilnis die in zee is geloosd moet worden gecategoriseerd. Vuilnis die niet behoort tot categorie 1 en die wordt geloosd in ontvangstinrichtingen dient uitsluitend als een totale geschatte hoeveelheid te worden vermeld.

Datum/tijd- stipPositie van het schipGeschatte in zee geloosde hoeveelheid (m3)Geschatte in ontvangst-inrichtingen of op een ander schip geloosde hoeveelheid (m3)Geschatte verbrande hoeveelheid (m3)Certificering/ handtekening
           
  CAT. 2CAT. 3CAT. 4CAT. 5CAT. 6CAT. 1Anders  
           
           
           
           
           
           
           

Handtekening van de kapitein:

Datum:


Resoluties MEPC.51(32) en 52(32)

Bij Proces-Verbaal van correctie d.d. 29 maart 1996 heeft de Secretaris-Generaal van de Internationale Maritieme Organisatie correcties in de tekst van de Wijzigingen van de Bijlage bij het Protocol van 1978 bij het Internationaal Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen, 1973 aangebracht.

In Trb. 1993, 70 waar de Engelse tekst is afgedrukt, dienen derhalve de volgende correcties te worden aangebracht: Op blz. 10 in Regulation 9(7) (g) de asterisk aan het eind, alsmede de bijbehorende voetnoot schrappen; Op blz. 11 en 12 in Regulation 16(4) en (5) de asterisk aan het eind, alsmede de bijbehorende voetnoot schrappen; Op blz. 20 in Regulation 13G (1) (c) in de zesde regel „distances" schrappen; Op blz. 21 in Regulation 13G (4) in de zesde regel „ΣPAs" schrappen en in dezelfde regel „where Lt and the projected bottom shell area ΣΡs are" vervangen door „where Lt is".

In Trb. 1993, 147 waar de vertaling van beide resoluties is afgedrukt, dienen de volgende correcties te worden aangebracht: Op blz. 5 in Voorschrift 9(7) (g) de asterisk aan het eind, alsmede de bijbehorende voetnoot schrappen; Op blz. 7 in Voorschrift 16(4) en (5) de asterisk aan het eind, alsmede de bijbehorende voetnoot schrappen; Op blz. 14 in Voorschrift 13G(1) (c) in de achtste regel „afstanden" schrappen; Op blz. 15 in Regulation 13G (4) in de zesde regel „ΣΡAs" schrappen en in dezelfde regel „waarbij voor Lt en voor ΣΡAs de begripsomschrijving gelden" vervangen door „waarbij voor Lt de begripsomschrijving geldt".

In overeenstemming met artikel 19, tweede lid, van de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen heeft de Minister van Buitenlandse Zaken bepaald dat de wijzigingen zullen zijn bekendgemaakt in het Koninkrijk op de zevende dag na de datum van uitgifte van dit Tractatenblad.

Uitgegeven de vierentwintigste juni 1997

De Minister van Buitenlandse Zaken,

H. A. F. M. O. VAN MIERLO


XNoot
1

Denemarken heeft de Secretaris-Generaal van de Internationale Maritieme Organisatie medegedeeld het voorbehoud met betrekking tot Groenland, met uitzondering van Bijlage IV, met ingang van 1 januari 1997, in te trekken.

XNoot
2

Onder de volgende verklaring:

“... hereby formally declares its accession to the Convention as amended by the Protocol with the exception of Annex III and Annex IV."

XNoot
1

De Secretaris-Generaal van de Internationale Maritieme Organisatie heeft op 28 december 1995 de volgende mededeling van Argentinë ontvangen: “The Argentine Republic rejects the statement by the United Kingdom of Great Britain and Northern Ireland in connection with the International Convention for the Prevention of Pollution from ships, 1973, as amended by the Protocol of 1978, to the effect that Annexes I, II, III (optional) and V (optional) of the Convention shall apply to the Malvinas Islands, with immediate effect". (vertaling)

Naar aanleiding van de mededeling van Argentinië heeft de Regering van het Verenigd Koninkrijk op 12 juni 1996 het volgende verklaard:

“The Government of the United Kingdom of Great Britain and Northern Ireland have noted the declaration of the Government of Argentina regarding the extension by the United Kingdom of the application of the [International] Convention [for the Prevention of Pollution from Ships 1973, as modified by the Protocol of 1978 relating thereto] to the Falkland Islands and to South Georgia and the South Sandwich Islands.

The British Government have no doubt about the sovereignty of the United Kingdom over the Falkland Islands and over South Georgia and the South Sandwich Islands and their consequential right to extend the said Convention to these Territories".

XNoot
1

De Franse, de Russische en de Spaanse tekst zijn niet afgedrukt.