A. TITEL
Internationale Overeenkomst inzake jute en juteprodukten, 1989, met
bijlagen;
Genève, 3 november 1989
B. TEKST
De Engelse en de Franse tekst van de Overeenkomst zijn geplaatst inTrb . 1991, 143.
C. VERTALING
Zie Trb. 1991, 143.
D. PARLEMENT
Bij brieven van 25 oktober 1991 (Kamerstukken II 1991/92, 22 370, nr.
1) is de Overeenkomst in overeenstemming met artikel 91, juncto additioneel
artikel XXI, eerste lid, onderdeel a, van de Grondwet op de voet van artikel
61, derde lid, van de Grondwet naar de tekst van 1972 overgelegd aan de Eerste
en Tweede Kamer der Staten-Generaal.
De toelichtende nota die de brieven vergezelde, is ondertekend door de
Staatssecretaris van Economische Zaken Y. C. M. T. VAN ROOY, de Staatssecretaris
van Buitenlandse Zaken P. DANKERT, de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking
J. P. PRONK en de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij P. BUKMAN.
De goedkeuring door de Staten-Generaal is verleend op 29 november 1991.
E. BEKRACHTIGING
Zie Trb. 1991, 143.
Behalve de aldaar genoemde hebben nog de volgende Staten en Internationale
Organisatie in overeenstemming met artikel 37, tweede lid, letter b, van de
Overeenkomst een akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring nedergelegd
bij de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties:
| de Bondsrepubliek Duitsland | 12 november 1991 |
| Denemarken1 | 30 oktober 1992 |
| de Europese Economische Gemeenschap | 30 oktober 1992 |
| Griekenland | 30 oktober 1992 |
| Ierland1 | 30 oktober 1992 |
| Italië | 30 oktober 1992 |
| het Koninkrijk der Nederlanden (voor Nederland) | 30 oktober 1992 |
| Portugal1 | 30 oktober 1992 |
| het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland2 | 30 oktober 1992 |
| Spanje | 22 november 1993 |
| Frankrijk | 2 augustus 1994 |
F. TOETREDING
De volgende Staten hebben in overeenstemming met artikel 41, tweede lid,
van de Overeenkomst een akte van toetreding nedergelegd bij de Secretaris-Generaal
van de Verenigde Naties:
| Australië | 25 oktober 1991 |
| Thailand | 27 maart 1992 |
| Nepal | 9 september 1992 |
| Oostenrijk | 16 april 1993 |
G. INWERKINGTREDING
Zie Trb. 1991, 143.
De Overeenkomst is in overeenstemming met artikel 40, vierde lid, voorlopig
in werking getreden voor de Staten die na 12 april 1991 een akte van bekrachtiging,
aanvaarding, goedkeuring of toetreding hebben nedergelegd danwel een verklaring
van voorlopige toepassing van de Overeenkomst hebben afgelegd, op de datum
van de nederlegging danwel op de datum waarop de verklaring is afgelegd.
De Overeenkomst is ingevolge artikel 43 van de Overeenkomst op 19 juni
1994 buiten werking getreden voor de Verenigde Staten van Amerika.
In overeenstemming met artikel 46, tweede lid, van de Overeenkomst heeft
de Internationale Juteraad op zijn drieëntwintigste zitting gehouden
te Dhaka van 22 tot 25 april 1995, bij Besluit I (XXIII) de Overeenkomst verlengd
tot 11 april 1998.
I. OPZEGGING
In overeenstemming met artikel 43 is de Overeenkomst opgezegd door:
| de Verenigde Staten van Amerika | 21 maart 1994 |
J. GEGEVENS
Verwijzingen
Voor het op 26 juni 1945 te San Francisco tot stand gekomen Handvest van
de Verenigde Naties zie ook, laatstelijk, Trb. 1994, 277.
Voor het op 8 april 1979 te Wenen tot stand gekomen Statuut van de Organisatie
van de Verenigde Naties voor Industriële Ontwikkeling (UNIDO) zie ook,
laatstelijk, Trb. 1995, 214.
Voor het op 25 maart 1957 te Rome tot stand gekomen Verdrag tot oprichting
van de Europese (Economische) Gemeenschap zie ook, laatstelijk, Trb. 1995,
76.
Voor het op 4 augustus 1963 te Khartoem tot stand gekomen Overeenkomst
tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank zie ook, laatstelijk, Trb. 1992,
203.
Besluiten Internationale Juteraad
De Internationale Juteraad heeft op zijn zestiende zitting van 29 tot
31 oktober 1991 in overeenstemming met artikel 41, eerste lid, van de Overeenkomst
besloten de tijdslimiet voor het nederleggen van akten van toetreding te verlengen
tot 30 juni 1992.
De Internationale Juteraad heeft op zijn zeventiende zitting van 29 april
tot 3 mei 1992 in overeenstemming met artikel 41, eerste lid, van de Overeenkomst
besloten de tijdslimiet voor het nederleggen van akten van toetreding te verlengen
tot 30 juni 1993.
De Internationale Juteraad heeft op zijn negentiende zitting van 20 tot
23 april 1993 in overeenstemming met artikel 41, eerste lid, van de Overeenkomst
besloten de tijdslimiet voor het nederleggen van akten van toetreding te verlengen
tot 30 juni 1994.
De Internationale Juteraad heeft op zijn eenentwintigste zitting gehouden
op 12, 14 en 15 mei 1994 in overeenstemming met artikel 41, eerste lid, van
de Overeenkomst besloten de tijdslimiet voor het nederleggen van akten van
toetreding te verlengen tot 30 juni 1995.
De Internationale Juteraad heeft op zijn drieëntwintigste zitting
van 22 tot 25 april 1995 in overeenstemming met artikel 41, eerste lid, van
de Overeenkomst besloten de tijdslimiet voor het nederleggen van akten van
toetreding te verlengen tot 30 juni 1996.
Voorlopige toepassing
Behalve de in Trb. 1991, 143 genoemde Staten heeft nog de volgende Staat
een verklaring van voorlopige toepassing van de Overeenkomst in overeenstemming
met artikel 39 van de Overeenkomst afgelegd: