Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties | Staatscourant 2026, 995 | delegatie- of mandaatbesluit |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties | Staatscourant 2026, 995 | delegatie- of mandaatbesluit |
De directeur-generaal van de AIVD,
gelet op artikel 2 van het Mandaatbesluit National Security Authority;
gelet op het Organisatiebesluit AIVD 2023;
gelet op de bilaterale beveiligingsverdragen inzake de uitwisseling en de beveiliging van gerubriceerde gegevens waarbij het Koninkrijk der Nederlanden partij is;
gelet op de Regeling Nationaal Bureau Industrieveiligheid;
gelet op afdeling 10.1.1. van de Algemene wet bestuursrecht;
handelende in overeenstemming met de secretaris-generaal van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
besluit:
Van het ingevolge artikel 1 van het Mandaatbesluit National Security Authority aan de directeur-generaal van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst verleende mandaat, volmacht en machtiging wordt ten aanzien van het nemen van besluiten op het gebied van industrieveiligheid ondermandaat verleend aan het hoofd van het Nationaal Bureau Industrieveiligheid.
Van het ingevolge artikel 1 van het Mandaatbesluit National Security Authority aan de directeur-generaal van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst verleende mandaat, volmacht en machtiging wordt ten aanzien van alle andere civiele aangelegenheden dan die de industrieveiligheid betreffen ondermandaat, volmacht en machtiging verleend aan het hoofd van de Unit Weerbaarheid.
Dit besluit zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De directeur-generaal van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst, E.S.M. Akerboom
Ingevolge EU-, NAVO- en ESA-regelgeving betreffende de beveiligingsvoorschriften voor de bescherming van gerubriceerde EU-, NAVO- en ESA-informatie is de Nederlandse Staat verplicht om een National Security Authority (hierna: NSA) aan te wijzen.
Op 3 januari 1950 heeft de Minister van Binnenlandse Zaken zich verantwoordelijk gesteld om die taken uit te voeren, welke thans worden begrepen onder de NSA-taak. Vanaf 1 januari 1955 is het NSA-schap voor NAVO onderverdeeld in een civiel en een militair deel. Vanaf 2001 geldt deze verdeling ook in EU-verband. Het NSA-schap voor het civiele deel ligt in Nederland bij de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
In het Mandaatbesluit National Security Authority is aan de directeur-generaal van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) mandaat, volmacht en machtiging verleend om als NSA op te treden.
De NSA is verantwoordelijk voor de bescherming van EU-, NAVO- en ESA-gerubriceerde informatie in het bezit van de overheid of van (sub)contractanten in het geval van gerubriceerde opdrachten.1 Zo heeft de NSA een rol bij de industrieveiligheid. Met industrieveiligheid wordt bedoeld de toepassing van maatregelen om de bescherming van gerubriceerde informatie door (sub)contractanten tijdens precontractuele onderhandelingen en tijdens de volledige looptijd van gerubriceerde opdrachten te waarborgen. De NSA dient derhalve er zorg voor te dragen dat (sub)contractanten die op hun grondgebied zijn geregistreerd, alle maatregelen nemen die nodig zijn voor de bescherming van EU-, NAVO- en ESA-gerubriceerde informatie tijdens precontractuele onderhandelingen en de uitvoering van een gerubriceerde opdracht.
Lidstaten hebben voorts de mogelijkheid om op basis van EU-, NATO- en ESA-regelgeving een Designated Security Authority (DSA) aan te wijzen om daar bepaalde uitvoeringstaken te beleggen. Volgens de EU-, NATO- en ESA-regelgeving is de DSA een instantie onder het gezag van de NSA die tot taak heeft industriële of andere entiteiten te informeren over alle aspecten van het nationaal beleid inzake de industriële beveiliging, en leiding te geven en bijstand te verlenen bij de uitvoering daarvan.
In de bilaterale beveiligingsverdragen inzake de uitwisseling en de beveiliging van gerubriceerde gegevens (hierna: bilaterale beveiligingsverdragen) is de AIVD in zijn hoedanigheid van National Security Authority binnen het civiele domein aangewezen als de centrale autoriteit op het gebied van de bescherming van gerubriceerde informatie met een internationale rubricering die op basis van de bilaterale beveiligingsverdragen worden uitgewisseld. In de bilaterale beveiligingsverdragen wordt deze rol verder aangeduid met de term ‘Competent Security Authority’. De Competent Security Authority is bevoegd bepaalde verantwoordelijkheden te delegeren aan een zogenoemde delegated Competent Security Authority. Voor Nederland is dit de beveiligingsautoriteit (BA) van het Ministerie van Defensie die de rol van de centrale autoriteit op het gebied van de bescherming van gerubriceerde informatie die op basis van de bilaterale beveiligingsverdragen worden uitgewisseld binnen het militaire domein vervult.
In het Organisatiebesluit AIVD 2023 is vastgesteld dat de National Security Authority tot taak heeft de bilaterale beveiligingsverdragen op te stellen en als implementatieautoriteit op te treden met betrekking tot deze verdragen.
Zoals in het geval van de EU-, NAVO- en ESA-regelgeving is de NSA ook in het kader van de bilaterale beveiligingsverdragen verantwoordelijk voor de bescherming van internationaal gerubriceerde informatie die op basis van het verdrag wordt uitgewisseld met een verdragspartij en die in het bezit is van de overheid of – in het geval van gerubriceerde opdrachten – (sub)contractanten.
In verband met de opzet van een gezamenlijke uitvoeringsorganisatie op het gebied van industrieveiligheid, in lijn met de Ministeriële Regeling Nationaal Bureau Industrieveiligheid, bestaat de wens om het Nationaal Bureau voor Industrieveiligheid (hierna: NBIV) bepaalde uitvoerende taken betreffende de industrieveiligheid die vallen onder de rol van NSA te laten verrichten. Daarnaast zal het NBIV als DSA civiel en als de DSA militair optreden. De bestaande rol van DSA militair, die reeds wordt uitgeoefend door de afdeling Bureau Industrieveiligheid van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst, wordt verlegd naar het NBIV.
Hierdoor kunnen zowel private partijen als internationale partners zo veel mogelijk via één loket worden bediend voor zaken die de industrieveiligheid aangaan.
Door middel van dit besluit wordt het nemen van besluiten op het gebeid van industrieveiligheid door de NSA door- dan wel ondergemandateerd aan het NBIV Het betreft besluiten inzake zo geheten Facility Security Clearances.
Over het verrichten van de taken van de NSA op het gebied van industrieveiligheid die uitvoerend van aard zijn door NBIV, onder het gezag van de NSA, worden separaat afspraken gemaakt tussen de NSA en het NBIV.
De taken die vallen onder de rol van de NSA bij het verwerken van gerubriceerde informatie van internationale herkomst door de Nederlandse overheid worden door- dan wel ondergemandateerd aan het hoofd van de Unit Weerbaarheid van de AIVD.
Onder de voornoemde taken die door NBIV zullen worden verricht vallen onder meer:
– Wanneer opportuun en gelet op de eisen die daaromtrent worden gesteld, het besluiten over het afgeven dan wel weigeren van een Facility Security Clearance (FSC) aan bedrijven die, op basis van enige overeenkomst, toegang nodig hebben tot EU-, NAVO- of ESA- of internationaal gerubriceerde gegevens, dan wel zulks zullen genereren. Een Facility Security Clearance is de internationale term voor een autorisatie in het kader van de Algemene Beveiligingsvoorschriften voor Rijksoverheid Opdrachten) bij (civiele) internationale opdrachten.
– Het afhandelen van Personal Security Clearance (PSC) verzoeken en het verlenen van assistentie bij de uitvoering van de PSC onderzoeken. PSC is een internationale term die inhoudelijke zeer vergelijkbaar is met een Verklaring van Geen Bezwaar (VGB), in de zin van de Wet op de Veiligheidsonderzoeken. Een PSC wordt slechts afgegeven nadat door de Unit Veiligheidsonderzoeken een veiligheidsonderzoek naar de betrokkene is uitgevoerd op grond van artikel 13 van de Wet veiligheidsonderzoeken, en uit dit veiligheidsonderzoeken geen bezwaren zijn gebleken. Op grond van artikel 13, zesde lid van de Wet veiligheidsonderzoeken kan een veiligheidsonderzoek achterwege worden gelaten indien de persoon voor wie een PSC wordt aangevraagd reeds beschikt over een equivalent VGB.
De NSA taken die betrekking hebben op andere aangelegenheden dan de industrieveiligheid worden niet ondergemandateerd aan het NBIV en blijven bij de partijen die daarvoor reeds zijn aangewezen.
Het betreft de vervulling van de NSA rol en de daaraan gerelateerde taken bij het beveiligen van gerubriceerde informatie van internationale herkomst door de Nederlandse overheid. Volgens de vigerende regelgeving wordt gerubriceerde informatie die krachtens een internationaal verdrag is verkregen beveiligd volgens het overeenkomstige nationale beveiligingsniveau. Voor zover voor de beveiliging van dergelijke informatie als gevolg van het verdrag afwijkende of verdergaande beveiligingsbepalingen bestaan, worden deze bepalingen toegepast. De NSA heeft daarin een toezichthoudende rol.
Middels dit besluit wordt mandaat en ondermandaat verleend aan het hoofd van de Unit Weerbaarheid (voorheen het hoofd van het Nationaal Bureau voor Verbindingsbeveiliging) van de AIVD voor het optreden als NSAin het kader van het verwerken van gerubriceerde informatie van internationale herkomst door de Nederlandse overheid.
Een gerubriceerde opdracht is een overeenkomst voor de levering van goederen, de uitvoering van werken of de verrichting van diensten waarvan de uitvoering de toegang tot of het genereren van gerubriceerde informatie vereist of behelst.
Een gerubriceerde opdracht is een overeenkomst voor de levering van goederen, de uitvoering van werken of de verrichting van diensten waarvan de uitvoering de toegang tot of het genereren van gerubriceerde informatie vereist of behelst.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2026-995.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.