Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Justitie en Veiligheid | Staatscourant 2026, 9794 | algemeen verbindend voorschrift (ministeriële regeling) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Justitie en Veiligheid | Staatscourant 2026, 9794 | algemeen verbindend voorschrift (ministeriële regeling) |
De Minister van Justitie en Veiligheid,
Gelet op de artikelen 75bis van het Besluit algemene rechtspositie politie en 21, tweede lid, van het Besluit bezoldiging politie;
Besluit:
De Regeling aanvullende arbeidsvoorwaarden luchtvaart politie wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel 2, zesde lid, wordt ‘€ 44.879,–’ telkens vervangen door ‘€ 45.328,–’.
B
In artikel 2, zesde lid, wordt ‘€ 45.328,–’ telkens vervangen door ‘€ 46.235,–’.
C
In artikel 2, zesde lid, wordt ‘€ 46.235,–’ telkens vervangen door ‘€ 47.159,–’.
D
In artikel 2, zesde lid, wordt ‘€ 47.159,–’ telkens vervangen door ‘€ 48.102,–’.
E
In artikel 2, zesde lid, wordt ‘€ 48.102,–’ telkens vervangen door ‘€ 48.824,–’.
F
In artikel 9, eerste lid, wordt ‘€ 2.121,77’ vervangen door ‘€ 2.142,99’.
G
In artikel 9, eerste lid, wordt ‘€ 2.142,99’ vervangen door ‘€ 2.185,85’.
H
In artikel 9, eerste lid, wordt ‘€ 2.185,85’ vervangen door ‘€ 2.229,56’.
I
In artikel 9, eerste lid, wordt ‘€ 2.229,56’ vervangen door ‘€ 2.274,16’.
J
In artikel 9, eerste lid, wordt ‘€ 2.274,16’ vervangen door ‘€ 2.308,27’.
De Regeling nachtdienstontheffing politie wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel 2, vierde lid, wordt ‘€ 2,99 respectievelijk € 0,75’ vervangen door ‘€ 3,02 respectievelijk € 0,76’.
B
In artikel 2, vierde lid, wordt ‘€ 3,02 respectievelijk € 0,76’ vervangen door ‘€ 3,08 respectievelijk ‘€ 0,77’.
C
In artikel 2, vierde lid, wordt ‘€ 3,08 respectievelijk € 0,77’ vervangen door ‘€ 3,14 respectievelijk € 0,79’.
D
In artikel 2, vierde lid, wordt ‘€ 3,14 respectievelijk € 0,79’ vervangen door ‘€ 3,20 respectievelijk € 0,80’.
E
In artikel 2, vierde lid, wordt ‘€ 3,20 respectievelijk € 0,80’ vervangen door ‘€ 3,25 respectievelijk € 0,81’.
De Regeling vergoedingen politievrijwilligers wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd:
1. De begripsbepalingen van vrijwillige ambtenaar van politie, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, vrijwillige ambtenaar in opleiding en vrijwilliger-aspirant vervallen.
2. In de alfabetische volgorde wordt de volgende begripsbepaling ingevoegd:
de vrijwillige ambtenaar, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie;
B
Artikel 2 komt te luiden:
1. De vrijwillige ambtenaar ontvangt per uur dat hij voor zijn functie relevant onderwijs volgt of in opdracht van het bevoegd gezag daadwerkelijk dienst verricht een vergoeding van € 9,89.
2. De in het eerste lid genoemde vergoeding wordt jaarlijks aangepast overeenkomstig de door het Centraal Planbureau in het Centraal Economisch Plan gepubliceerde afgeleide consumentenprijsindex.
C
Artikel 3 komt te luiden:
1. In afwijking van artikel 2, eerste lid, ontvangt de vrijwillige ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken ten dienste van de politie, die op 31 december 2025 in dienst is en geen opsporingsbevoegdheid bezit of in opleiding is om die opsporingsbevoegdheid te verkrijgen, per uur dat hij in opdracht van het bevoegd gezag daadwerkelijke dienst verricht een vergoeding van € 4,00 netto.
2. De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, heeft tot en met 2030 eenmalig de keuze om voortaan per uur dat hij in opdracht van het bevoegd gezag daadwerkelijke dienst verricht, de vergoeding, bedoeld in artikel 2, eerste lid, te ontvangen, waarbij geldt dat:
a. de keuze uiterlijk 30 november van het lopend kalenderjaar aan het bevoegd gezag kenbaar wordt gemaakt;
b. toekenning van de vergoeding, bedoel in artikel 2, eerste lid, eerst plaatsvindt met ingang van het kalenderjaar volgend op het jaar waarin hiervoor de keuze is gemaakt;
c. op een gemaakte keuze niet kan worden teruggekomen.
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, met uitzondering van artikel I, onderdelen B, C, D, E, G, H, I en J, artikel II, onderdelen B, C, D, en E.
2. Artikel I, onderdelen A, en F, en artikel II, onderdeel A, werken terug tot en met 1 december 2025.
3. Artikel III, onderdelen A, B en C, werken terug tot en met 1 januari 2026.
4. Artikel I, onderdelen B en G, en artikel II, onderdeel B, treden in werking met ingang van 1 maart 2026.
5. Artikel I, onderdelen C en H, en artikel II, onderdeel C, treden in werking met ingang van 1 september 2026.
6. Artikel I, onderdelen D en I, en artikel II, onderdeel D, treden in werking met ingang van 1 januari 2027.
7. Artikel I, onderdelen E en J, en artikel II, onderdeel E, treden in werking met ingang van 1 juli 2027.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel
Op 2 september 2025 is tussen de Minister van Justitie en Veiligheid, de korpschef en de voorzitters van de Nederlandse Politiebond (NPB), de politievakbond ACP, en de vakvereniging Equipe een akkoord tot stand gekomen over de arbeidsvoorwaarden in de sector Politie voor de periode van 1 december 2025 tot en met 15 december 2027.
Naar aanleiding van de in het Arbeidsvoorwaardenakkoord 2025–2027 (hierna: akkoord) afgesproken algemene salarisverhogingen zijn in de onderhavige wijzigingsregeling de bedragen in de Regeling aanvullende arbeidsvoorwaarden luchtvaart politie en de Regeling nachtdienstontheffing politie aangepast.
Voorts zijn de afspraken inzake de wijzigingen in de vergoedingen van politievrijwilligers verwerkt.
De artikelen 2 en 9, van de Regeling aanvullende arbeidsvoorwaarden luchtvaart politie regelen de luchtvaarttoelage voor politievliegers respectievelijk licentiehouders. De in die artikelen genoemde bedragen worden gewijzigd overeenkomstig de algemene loonontwikkeling binnen de sector Politie. De in het akkoord afgesproken generieke loonontwikkeling leidt daarom op verschillende momenten tot indexering van de betreffende bedragen. Hierbij wordt uitgegaan van een grondslag met drie decimalen achter de komma. Het na indexatie verkregen bedrag wordt drie decimalen achter de komma afgebroken en, wat betreft de in artikel 2, zesde lid, van de regeling bedoelde toelage, vervolgens rekenkundig afgerond op gehele euro’s. Het bedrag bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de regeling wordt na indexatie alleen rekenkundig afgerond op twee cijfers achter de komma. Het bedrag voor de afronding vormt de grondslag voor de volgende indexatie, en zo voort.
Het laatst verkregen bedrag, na de generieke loonsverhoging van 2% per 1 januari 2025, bedroeg voor het in artikel 2, zesde lid, bedoelde bedrag: € 44.879,184.
• Per 1 december 2025 resulteert het bedrag van € 44.879,184 verhoogd met 1% in € 45.327,975; rekenkundig op hele euro’s afgerond naar € 45.328.
• Per 1 maart 2026 resulteert het bedrag van € 45.327,975 verhoogd met 2% in € 46.234,534; rekenkundig op hele euro’s afgerond naar € 46.235.
• Per 1 september 2026 resulteert het bedrag van € 46.234,534 verhoogd met 2% in € 47.159,224; rekenkundig op hele euro’s afgerond naar € 47.159.
• Per 1 januari 2027 resulteert het bedrag van € 47.159,224 verhoogd met 2% in € 48.102,408; rekenkundig op hele euro’s afgerond naar € 48.102.
• Per 1 juli 2027 resulteert het bedrag van € 48.102,408 verhoogd met 1,5% in € 48.823,944; rekenkundig op hele euro’s afgerond naar € 48.824.
Zoals hiervoor aangegeven wordt het bedrag bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de Regeling aanvullende arbeidsvoorwaarden luchtvaart politie op drie decimalen na de komma afgebroken en vervolgens rekenkundig afgerond op twee decimalen na de komma. Uitgaande van de laatste berekeningsgrondslag van € 2.121,772 leidt dit tot de volgende aanpassingen:
• Per 1 december 2025 resulteert het bedrag van € 2.121,772 verhoogd met 1% in € 2.142,989; rekenkundig afgerond (op twee decimalen) op € 2.142,99.
• Per 1 maart 2026 resulteert het bedrag van € 2.142,989 verhoogd met 2% in € 2.185,848; rekenkundig afgerond op € 2.185,85.
• Per 1 september 2026 resulteert het bedrag van € 2.185,845 verhoogd met 2% in € 2.229,564; rekenkundig afgerond op € 2.229,56.
• Per 1 januari 2027 resulteert het bedrag van € 2.229,564 verhoogd met 2% in € 2.274,155; rekenkundig afgerond op € 2.274,16.
• Per 1 juli 2027 resulteert het bedrag van € 2.274,155 verhoogd met 1,5% in het bedrag van € 2.308,267; rekenkundig afgerond op € 2.308,27.
De inwerkingtreding van deze aanpassing op verschillende tijdstippen is geregeld in artikel IV van deze regeling.
De overeengekomen generieke loonontwikkeling leidt op verschillende tijdstippen eveneens tot aanpassing van de bedragen genoemd in artikel 2, vierde lid, van de Regeling nachtdienstontheffing politie. Ook hier wordt de grondslag met drie decimalen na de komma na indexatie rekenkundig afgerond op twee decimalen na de komma.
• Per 1 december 2025 resulteren de bedragen van € 2,986 respectievelijk € 0,750 resulteren verhoogd met 1% in € 3,015 respectievelijk € 0,757; rekenkundig afgerond op € 3,02 respectievelijk € 0,76.
• Per 1 maart 2026 resulteren de bedragen van € 3,015 respectievelijk € 0,757 verhoogd met 2% in € 3,075 respectievelijk € 0,772; rekenkundig afgerond op € 3,08 respectievelijk € 0,77.
• Per 1 september 2026 resulteren de bedragen van € 3,075 respectievelijk € 0,772 verhoogd met 2% in € 3,136 respectievelijk € 0,787; rekenkundig afgerond op € 3,14 respectievelijk € 0,79.
• Per 1 januari 2027 resulteren de bedragen van € 3,136 respectievelijk € 0,787 verhoogd met 2% in € 3,198 respectievelijk € 0,802; rekenkundig afgerond op € 3,20 respectievelijk € 0,80.
• Per 1 juli 2027 resulteren de bedragen van € 3,198 respectievelijk € 0,802 verhoogd met 1,5% in € 3,245 respectievelijk € 0,814; rekenkundig afgerond op € 3,25 respectievelijk € 0,81.
• De inwerkingtreding van deze aanpassing op verschillende tijdstippen is geregeld in artikel IV van deze regeling.
In het akkoord zijn met betrekking tot de vergoedingssystematiek voor politievrijwilligers afspraken gemaakt over het vervallen van de vaste jaarvergoeding (als onderdeel van de bruto vergoedingsvariant) en het gelijktrekken van de uurvergoeding van de vrijwilliger aangesteld voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken ten dienste van de politie (hierna: ATH-politievrijwilliger) met die van de overige politievrijwilligers. De ATH-politievrijwilligers die op 31 december 2025 al in dienst waren en toen aanspraak hadden op de netto-uurvergoeding, behouden deze vergoeding. Zij kunnen er in de periode tot en met 2030 wel, onder voorwaarden, voor kiezen voortaan de brutouurvergoeding te ontvangen.
De hiervoor genoemde afspraken leiden tot de volgende aanpassingen in de Regeling vergoedingen politievrijwilligers.
Met dit onderdeel is de vaste jaarvergoeding afgeschaft. Deze vaste jaarvergoeding is nu verdisconteerd in de brutouurvergoeding wat tot een verhoging van die vergoeding leidt; de vergoeding wordt verhoogd naar € 9,89 per uur. Deze aanpassing treedt in werking per 1 januari 2026. Voorts wordt de brutouurvergoeding jaarlijks geïndexeerd aan de hand van de consumentenprijsindex van het Centraal Planbureau, waardoor de vergoeding beter aansluit bij de kostenontwikkeling.
De vergoeding voor ATH-politievrijwilligers zonder opsporingsbevoegdheid is, voor de nieuwe instroom, geharmoniseerd met die van de overige politievrijwilligers. Alle ATH-politievrijwilligers die vanaf 1 januari 2026 in dienst treden ontvangen automatisch de brutouurvergoeding en maken daarnaast aanspraak op vergoeding van reiskosten volgens het Besluit reiskosten- verblijf-, en verhuiskosten politie (hierna: Brvvp). Voorheen gold dit alleen voor de ATH-politievrijwilligers die opsporingsbevoegdheid bezaten of die in opleiding waren om die opsporingsbevoegdheid te verkrijgen. Naast de onderhavige regeling zal ook het Brvvp worden aangepast in verband met deze afspraak.
De ATH-politievrijwilligers die op 31 december 2025 aanspraak hadden op de netto-uurvergoeding krijgen de mogelijkheid vrijwillig over te stappen naar de brutouurvergoeding. Dit betreft de ATH-politievrijwilligers die op voornoemde datum al in dienst waren en geen opsporingsbevoegdheid bezaten of toen in opleiding waren om die opsporingsbevoegdheid te verkrijgen. In de periode tot en met 2030 kunnen deze vrijwilligers éénmalig (vóór 1 december van het lopend kalenderjaar) ervoor kiezen om voortaan de brutouurvergoeding te ontvangen. Deze keuze is onherroepelijk.
In 2030 zal een onderzoek plaatsvinden naar volledige gelijkschakeling van de vergoeding voor ATH-politievrijwilligers. Op basis van de uitkomst hiervan zal worden besloten of alle politievrijwilligers vanaf 1 januari 2031 de brutouurvergoeding gaan ontvangen, of dat ATH-politievrijwilligers die dan nog een netto-uurvergoeding ontvangen, deze behouden.
Dit artikel regelt de inwerkingtreding. De onderhavige wijzigingsregeling betreft de implementatie van arbeidsvoorwaardenakkoord die is overeengekomen tussen de Minister van Justitie en Veiligheid, de korpschef en de voorzitters van de politievakorganisaties. In overeenstemming met de afspraken die zijn opgenomen in het arbeidsvoorwaardenakkoord wordt afgeweken van de vaste verandermomenten voor de inwerkingtreding van een regeling. Deze wijzigingsregeling treedt in werking op de dag na publicatie in de Staatscourant. De wijzigingen die samenhangen met de afgesproken generieke salarisverhogingen werken terug of gaan in op verschillende tijdstippen. Zo werken sommige onderdelen terug tot en met 1 december 2025 en wordt voor sommige onderdelen voorzien in een inwerkintreding per een latere datum (met ingang van 1 maart 2026, 1 september 2026, 1 januari 2027 en 1 juli 2027). Dit is uiteengezet in de toelichting op de betreffende onderdelen.
Ten aanzien van de politievrijwilligers wordt, in artikel III, onderdeel B, de jaarvergoeding verdisconteerd in de brutouurvergoeding. Dit leidt tot een verhoging van de brutouurvergoeding. Deze wijziging werkt terug tot en met 1 januari 2026. Hetzelfde geldt voor de toekenning van de brutouurvergoeding aan de nieuwe instroom van ATH-politievrijwilligers vanaf 1 januari 2026. Deze groep ontvangt, vooruitlopend op aanpassing van de regelgeving, deze vergoeding al vanaf de indiensttreding. Aan het laten terugwerken van deze wijzigingen kleeft daarom geen bezwaar.
De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2026-9794.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.