Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) | Staatscourant 2026, 8811 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) | Staatscourant 2026, 8811 | ander besluit van algemene strekking |
De Minister van Asiel en Migratie,
Gelet op de Vreemdelingenwet 2000, het Vreemdelingenbesluit 2000 en het Voorschrift Vreemdelingen 2000;
Besluit:
De Vreemdelingencirculaire 2000 wordt als volgt gewijzigd:
A
Paragraaf C7/32 Vreemdelingencirculaire 2000 is gewijzigd en komt te luiden:
De IND neemt voor Sudan aan dat sprake is van een uitzonderlijk niveau van willekeurig geweld in de staten Khartoum, Noord-, Zuid-, West- en Centraal-Darfur, Kordofan en El Gezira.
De IND neemt voor Sudan aan dat sprake is van een relatief hoger niveau van willekeurig geweld in de staten Oost-Darfur, Blauwe Nijl, Witte Nijl en Sennar.
De IND neemt voor Sudan aan dat in de staten Abyei, Noordelijke Staat, Nijl, Rode Zee, Gedaref en Kassala sprake is van een relatief lager niveau van willekeurig geweld.
De IND neemt aan dat het niet mogelijk is de bescherming van de autoriteiten en/of internationale organisaties te verkrijgen, tenzij er individuele aanknopingspunten zijn op basis waarvan kan worden aangenomen dat het verkrijgen van bescherming wel mogelijk is.
De IND neemt voor Sudan geen binnenlands beschermingsalternatief aan als is geconcludeerd dat de vreemdeling een gegronde vrees heeft voor vervolging of ernstige schade, tenzij uit het individuele dossier blijkt dat de vreemdeling zich elders kan vestigen.
De IND beoordeelt aan de hand van paragraaf B8/6 Vc of adequate opvang voor amv’s aanwezig is.
Voor Sudan geldt in zijn algemeenheid dat:
• algemene opvangvoorzieningen niet beschikbaar en/of toereikend zijn; en
• de autoriteiten geen zorg dragen voor de opvang.
Ondanks voornoemd uitgangspunt kan in een voorkomend geval – na onderzoek – worden vastgesteld dat adequate opvang beschikbaar is en kan worden gerealiseerd.
Dit besluit zal (met de toelichting) in de Staatscourant worden geplaatst.
’s-Gravenhage, 9 maart 2026
De Minister van Asiel en Migratie, namens deze, R. Maas directeur-generaal Immigratie- en Naturalisatiedienst
Op 1 december 2025 heeft de Minister van Buitenlandse Zaken een Algemeen ambtsbericht uitgebracht over de (veiligheids)situatie in Sudan. In de brief van 2 maart 2026 (kenmerk: 6793293) heeft de minister de Tweede Kamer geïnformeerd dat het nieuwe ambtsbericht aanleiding is geweest om enkele wijzigingen door te voeren in het landgebonden asielbeleid voor Sudan (C7/32 Vc).
Op 15 april 2023 brak in Sudan een gewapend conflict uit tussen de Sudanese Armed Forces (hierna: SAF) en de Rapid Support Forces (hierna: RSF). Dit conflict heeft verstrekkende gevolgen voor de veiligheids-, mensenrechten- en humanitaire situatie. Op basis van de informatie uit het ambtsbericht zijn er aanpassingen verricht in paragraaf C7/32.4.2 Vc om de gradaties (‘relatief lager niveau van willekeurig geweld’, ‘relatief hoger niveau van willekeurig geweld’ en ‘uitzonderlijk niveau van willekeurig geweld’) van het willekeurig geweld zoals bedoeld in paragraaf C2/3.3.3.3 Vc, op voornoemde staten van toepassing te achten.
De minister heeft besloten om voor de staat West-Darfur aan te nemen dat sprake is van een uitzonderlijk niveau van willekeurig geweld gelet op, onder andere, het grootschalig gebruik van zeer ernstig geweld door de strijdende partijen, de fragiele veiligheidssituatie, de humanitaire situatie en het fors toenemende aantal geregistreerde dodelijke slachtoffers. Zo volgt uit het ambtsbericht dat de SAF grootschalige luchtaanvallen heeft gepleegd op onder meer burgerdoelen en humanitaire hulp heeft belemmerd. Voor de staten Khartoum, Noord-, Zuid- en Centraal-Darfur, Kordofan en El Gezira wordt onverminderd aangenomen dat sprake is van een uitzonderlijk niveau van willekeurig geweld.
Daarnaast heeft de minister besloten om voor de staten Oost-Darfur, Blauwe Nijl, Witte Nijl en Sennar aan te nemen dat sprake is van een relatief hoger niveau van willekeurig geweld vanwege de fragiele veiligheidssituatie en de humanitaire omstandigheden als gevolg van oorlogsmethodieken zoals uithongering door de strijdende partijen richting de burgerbevolking. Voor de overige staten in Sudan (Abyei, Noordelijke Staat, Nijl, Rode Zee, Gedaref en Kassala) wordt onverminderd aangenomen dat sprake is van een relatief lager niveau van willekeurig geweld.
Naar aanleiding van onder andere het standpunt van de VN mensenrechtenraad dat de RSF diverse Afrikaanse bevolkingsgroepen tot doelwit van geweld maakt vanwege hun etniciteit, heeft de minister ook besloten om voor alle Afrikaanse bevolkingsgroepen die zich in het controlegebied van de RSF bevinden aan te nemen dat er sprake is van systematische blootstelling aan vervolging in de zin van artikel 1A van het Vluchtelingenverdrag. Dit is aangepast in paragraaf C7/32.3.1 Vc.
Uit het ambtsbericht blijkt verder dat niet alleen leden van de ‘Emergency Response Rooms’, maar ook andere hulpverleners het risico lopen op negatieve aandacht en gericht geweld door de strijdende partijen. Daarom is het risicoprofiel in paragraaf C7/32.4.1.2 Vc aangepast naar ‘humanitaire hulpverleners’.
Tot slot is er in paragraaf C7/32.3.2 Vc een nieuw risicoprofiel toegevoegd, omdat de minister voor onder meer de Kanabi heeft vastgesteld dat zij in de perceptie van de SAF loyaal zijn aan de RSF en daarom gevaar lopen gelet op, onder andere, het wraakgeweld van de SAF jegens de Kanabi.
Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar de eerdergenoemde brief aan de Tweede Kamer.
De Minister van Asiel en Migratie, namens deze, R. Maas directeur-generaal Immigratie- en Naturalisatiedienst
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2026-8811.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.