Besluit beperking openbaarheid

Samen Veilig Midden-Nederland te Utrecht

Gelet op artikel 15, lid 1, onder a Archiefwet 1995, artikel 10 van het Archiefbesluit 1995 en het advies van het Nationaal Archief d.d. 23 januari 2026, met kenmerk 58940584.

Besluit:

Tot de volgende beperkingen aan de openbaarheid van het archief van Samen Veilig Midden-Nederland.

Artikel 1

Met het oog op de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer zijn de inventarisnummers, genoemd in de eerste kolom beperkt openbaar tot 1 januari van het jaar, genoemd in de tweede kolom. Het gaat om inventarisnummers met o.a. bijzondere persoonsgegevens van de (mogelijk) nog levende personen.

Inventarisnummers:

Beperkt openbaar tot 1 januari:

A. Dossiers 1995– 2005

A.1 Jeugdreclassering (subserie)

 

1ED

2106

2ED

2107

3ED

2108

4ED

2109

5ED

2110

6ED

2111

7ED

2112

8ED

2113

9ED

2114

A.2 Jeugdhulpverlening (subserie)

 

10ED

2107

11ED

2108

12ED

2109

13ED

2110

14ED

2111

15ED

2112

16ED

2113

17ED

2114

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst. Dit besluit wordt als bijlage gevoegd bij de ‘Verklaring van Overbrenging van het archief van Samen Veilig Midden-Nederland’.

Utrecht, 29 januari 2026

Samen Veilig Midden-Nederland, P.H.J. Janssen Bestuurder Samen Veilig Midden-Nederland

Een belanghebbende kan tegen dit besluit bezwaar maken op grond van artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht. Dit kan door een bezwaarschrift in te dienen bij de bezwaarcommissie van Samen Veilig Midden-Nederland, Postbus 13060, 3507 LB Utrecht.

De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt zes weken. De termijn vangt aan met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het besluit is geplaatst.

TOELICHTING

Beperkt openbaar op grond van de persoonlijke levenssfeer

De archiefbescheiden met de inventarisnummers (zie bijlage) genoemd in artikel 1 zijn beperkt openbaar op grond van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer omdat de inhoud van deze inventarisnummers de belangen van nog levende personen kunnen raken. Dit betekent dat wanneer een verzoeker inzage vraagt in een dossier dat betrekking heeft op hem of haarzelf de desbetreffende archiefbescheiden door verzoeker kunnen worden geraadpleegd.

Bij de openbaarheidsbeperking is gerekend met de afsluitdatum van het dossier. Om de vrijval te bepalen is telkens 110 jaar gerekend om te bepalen in welk jaar het dossier vrijvalt.

Voor wie archiefstukken of dossiers wil inzien waarin bijzondere persoonsgegevens onder andere seksuele geaardheid, religieuze overtuiging, medische en strafrechtelijke gegevens zitten, gelden additionele voorwaarden. Hiervoor moet een schriftelijk gemotiveerd verzoek worden gedaan, waarin men aantoont dat degene wiens bijzondere persoonsgegevens men wil raadplegen is overleden, de uitdrukkelijke toestemming van de betrokkene heeft, raadpleging noodzakelijk is als juridisch bewijsstuk, raadpleging noodzakelijk is ter voldoening aan een volkenrechtelijke verplichting, of raadpleging plaatsvindt ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek of statistiek.

In dit laatste geval gelden er ook voorwaarden waaraan de aanvrager moet voldoen:

  • 1. Aantonen dat het onderzoek een algemeen belang dient;

  • 2. Aantonen dat de verwerking van persoonsgegevens voor het betreffende onderzoek of statistiek noodzakelijk is;

  • 3. Het overhandigen van berichten van overlijden of een uitdrukkelijke toestemming; alleen wanneer de onderzoeker kan aantonen dat het vragen van uitdrukkelijke toestemming onmogelijk blijkt of een onevenredige inspanning kost, vervalt deze eis;

  • 4. Aantonen dat bij de uitvoering voorzien is in zodanige waarborgen dat de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene niet wordt geschaad.

Naar boven