Besluit van 23 februari 2026, nr. 2026000405, houdende niet verlening van ontslag aan vier ministers alsmede benoeming van dertien nieuwe ministers en twee Vice-Minister-Presidenten

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister-President, Minister van Algemene Zaken, d.d. 23 februari 2026, nr. 9758340;

Gezien het Ons aangeboden ontslag door:

S.Th.M. Hermans, Vice-Minister-President, Minister van Klimaat en Groene Groei;

D.M. van Weel, Minister van Buitenlandse Zaken, Minister van Asiel en Migratie;

E. Heinen, Minister van Financiën;

V.P.G. Karremans, Minister van Economische Zaken;

Gelet op artikel 43 van de Grondwet;

HEBBEN GOEDGEVONDEN EN VERSTAAN:

Artikel 1

Geen ontslag te verlenen aan:

S.Th.M. Hermans, met dien verstande dat zij op de meest eervolle wijze wordt ontheven van de hoedanigheid van Vice-Minister-President en van de leiding van het Ministerie van Klimaat en Groene Groei, en haar te belasten met de leiding van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

D.M. van Weel, met dien verstande dat hij op de meest eervolle wijze wordt ontheven van de leiding van het Ministerie van Buitenlandse Zaken en van de leiding van het Ministerie van Asiel en Migratie, en hem te belasten met de leiding van het Ministerie van Justitie en Veiligheid;

E. Heinen, Minister van Financiën en hem te blijven belasten met de leiding van het Ministerie van Financiën;

V.P.G. Karremans, met dien verstande dat hij op de meest eervolle wijze wordt ontheven van de leiding van het Ministerie van Economische Zaken, en hem te belasten met de leiding van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Artikel 2

Met ingang van heden te benoemen tot minister:

T.B.W. Berendsen, en hem te belasten met de leiding van het Ministerie van Buitenlandse Zaken;

P.E. Heerma, en hem te belasten met de leiding van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

R.M. Letschert, en haar te belasten met de leiding van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

D. Yeşilgöz-Zegerius, en haar te belasten met de leiding van het Ministerie van Defensie;

H.G. Herbert, en haar te belasten met de leiding van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

J. van Essen, en hem te belasten met de leiding van het Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur;

J.A. Vijlbrief, en hem te belasten met de leiding van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Artikel 3

Met ingang van heden te benoemen tot minister zonder portefeuille:

S.W. Sjoerdsma, en hem te belasten met de aangelegenheden betreffende Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking;

G. van den Brink, en hem te belasten met de aangelegenheden betreffende Asiel en Migratie;

E. Boekholt-O’Sullivan, en haar te belasten met de aangelegenheden betreffende Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening;

S. van Veldhoven-van der Meer, en haar te belasten met de aangelegenheden betreffende Klimaat en Groene Groei;

A.A. Aartsen, en hem te belasten met de aangelegenheden betreffende Werk en Participatie;

W.R.C. Sterk, en haar te belasten met de aangelegenheden betreffende Langdurige Zorg, Jeugd en Sport.

Artikel 4

Met ingang van heden te benoemen tot Vice-Minister-President:

Onze Minister van Defensie, D. Yeşilgöz-Zegerius;

Onze Minister van Asiel en Migratie, G. van den Brink.

Onze Minister-President, Minister van Algemene Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit, dat in de Staatscourant zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan de in dit besluit genoemden, de Hoge Colleges van Staat, de ministerraad, de Gevolmachtigde Ministers van Aruba, van Curaçao en van Sint Maarten en de ministeries.

’s-Gravenhage, 23 februari 2026

Willem-Alexander

De Minister-President, Minister van Algemene Zaken, R.A.A. Jetten

Naar boven