Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Autoriteit Consument en Markt | Staatscourant 2026, 4097 | overige overheidsinformatie |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Autoriteit Consument en Markt | Staatscourant 2026, 4097 | overige overheidsinformatie |
De Autoriteit Consument en Markt,
Gelet op artikel 12f, eerste lid van de Gaswet en artikel 3.121 van de Energiewet;
Besluit:
1.1 In de methoden of voorwaarden, bedoeld in artikel 3,119 van de Energiewet, voor zover deze betrekking hebben op gas, wordt verstaan onder:
aangeslotene met een aansluiting op het transmissiesysteem die zelf exitcapaciteit heeft gecontracteerd;
beheerder van een systeem, niet zijnde een distributiesysteem, dat verbonden is met het transmissiesysteem
hoeveelheid gas die in een uur maximaal over een aansluiting kan worden overgedragen, uitgedrukt in m3(n)/uur;
register ingericht en beheerd door de systeembeheerder, waarin voor de aansluitingen op zijn systeem kenmerkende gegevens zijn vastgelegd;
onderdeel van de aansluiting dat de aansluiting met het transmissie- of distributiesysteem verbindt;
deel van de aansluiting vanaf het transmissie- of distributiesysteem tot en met de eerste afsluiter;
overeenkomst tussen een aangeslotene en een distributiesysteembeheerder die zowel de aansluitovereenkomst als de transportovereenkomst omvat;
De [leverancier / balanceringsverantwoordelijke / meetverantwoordelijke] die voor een bepaalde aansluiting de rechten en plichten van een [leverancier / balanceringsverantwoordelijke / meetverantwoordelijke] uitoefent en als zodanig in het aansluitingenregister staat geregistreerd;
aanduiding in het aansluitingenregister waaruit blijkt dat de aansluiting administratief aangesloten of administratief afgesloten is, te weten of de aansluiting wel of niet beschikbaar is voor gebruik op de energiemarkt;
meterstand die ter plaatse van de meetinrichting visueel is afgelezen;
classificering van aansluitingen op grond van objectief vast te stellen kenmerken, zoals in de Allocatiecode Gas nader vastgesteld;
condities bepaald door de heersende temperatuur en druk;
entrypunt niet zijnde een interconnectiepunt.
exitpunt niet zijnde een interconnectiepunt;
openbaar overzicht per systeemgebied van de maandgemiddelde calorische omrekenfactoren, de temperatuur gecorrigeerde profielfracties van elke aansluitingcategorie en de gewogen gemiddelde calorische waarden per uur;
hoeveelheid energie, uitgedrukt in megajoule [MJ], afgerond op drie cijfers achter de komma, die vrijkomt bij de volledige verbranding van 1 m3(n) gas in lucht, wanneer de na de verbranding aanwezige componenten tot de uitgangscondities van temperatuur en druk worden teruggebracht, zijnde 298,15 K en een absolute druk van 101,325 kPa (1,01325 bar), en waarbij de bij de verbranding gevormde waterdamp wordt gecondenseerd. Symbool “HS”; eenheid [MJ/m3(n)];
aanduiding in het aansluitingenregister van het op een aansluiting van toepassing zijnde systeemtarief.
systeem van de transmissiesysteembeheerder voor gas waarin de verwerking van de uurlijkse meetdata volgens 6.4.2 van de Informatiecode elektriciteit en gas wordt uitgevoerd;
werkelijke volume van een gegeven massa gas gedeeld door het eigen volume, onder dezelfde condities, als berekend met de ideale gaswet (de wet van Boyle en Gay-Lussac);
bericht – per portfolio – van het dispatching centrum (CCP) van de transmissiesysteembeheerder voor gas aan de balanceringsverantwoordelijke. Dit bericht bevat onder andere de hoeveelheden gas per uur die van een derde door een balanceringsverantwoordelijke op een entrypunt zullen worden afgenomen en de hoeveelheden gas per uur die door een balanceringsverantwoordelijke op een exitpunt aan een derde beschikbaar zullen worden gesteld;
massa van een hoeveelheid gas gedeeld door het eigen volume bij gespecificeerde condities van druk en temperatuur. Symbool: “ρ”; eenheid [kg/m3];
eindafnemer of een beheerder van een gesloten systeem die beschikt over een aansluiting op het transmissiesysteem voor gas;
uniek identificatienummer conform de Europese Artikel Nummering.
online toegankelijk uittreksel van het aansluitingenregister.
uniek identificatienummer volgens het ‘Energy Identification Coding scheme’ voor marktpartijen actief in de interne Europese energiemarkt;
transportcapaciteit op een entrypunt;
gas dat volgens een overeenkomst op een entrypunt gealloceerd is voor aflevering door de balanceringsverantwoordelijke aan de transmissiesysteembeheerder;
programma van een balanceringsverantwoordelijke waarin tot een virtueel punt is opgenomen:
a. de gashoeveelheid dat op de verschillende entrypunten wordt ingevoed; en
b. de gashoeveelheid waarvan de balanceringsverantwoordelijkheid op het virtuele punt wordt overgedragen alsook aan welke partij deze balanceringsverantwoordelijkheid wordt overgedragen.
tarief dat een systeemgebruiker verschuldigd is aan de transmissiesysteembeheerder voor de gecontracteerde entrycapaciteit;
transportcapaciteit op een exitpunt;
gas dat volgens een overeenkomst op een exitpunt gealloceerd is voor aflevering door de transmissiesysteembeheerder voor gas aan de balanceringsverantwoordelijke;
programma van een balanceringsverantwoordelijke waarin tot een virtueel punt is opgenomen:
a. de gashoeveelheid dat op de verschillende exitpunten wordt onttrokken aan het transmissiesysteem; en
b. de gashoeveelheid waarvan de balanceringsverantwoordelijkheid op het virtuele punt wordt overgedragen alsook aan welke partij deze balanceringsverantwoordelijkheid wordt overgedragen.
tarief dat een systeemgebruiker verschuldigd is aan de transmissiesysteembeheerder voor gas voor de gecontracteerde exitcapaciteit;
een distributiesysteem met een overdruk groter dan 8 bar;
factor die bepaald wordt door de standaardcapaciteit profieverbruikers te delen door de modelcapaciteit voor alle profielverbruikers;
factor waarmee de maximaal gemeten capaciteit wordt toegerekend aan de plancapaciteit telemetrieverbruikers;
de gasmaand maart, april, oktober of november;
door een distributiesysteembeheerder, meetbedrijf of meetverantwoordelijke ter plaatse van de meetinrichting aflezen van (een) meterstand(en) van die meetinrichting;
aanduiding in het aansluitingenregister of de aansluiting wel of niet beschikbaar is voor uitwisseling van gas tussen het systeem en de aangesloten installatie.
T-stuk en de afsluiter als onderdeel van de aansluiting. In het geval van een aansluiting op het transmissiesysteem voor gas omvat de fysieke verbinding ook de meetinrichting;
periode die begint om 06:00 uur van een kalenderdag en eindigt om 06:00 uur van de daaropvolgende kalenderdag. De datum van een gasdag zal zijn de datum waarop die gasdag begint zoals hiervoor omschreven;
samenstel van gastechnisch materiaal en leidingen in gebruik bij een verbruiker na het overdrachtspunt bezien vanuit het gastransportsysteem;
samenstelling van het gas alsmede de fysische eigenschappen ervan;
periode die begint om 06.00 uur op de eerste dag van een kwartaal en die eindigt om 06.00 uur op de eerste dag van het volgende kwartaal, waarbij de eerst dag van een kwartaal 1 januari, 1 april, 1 juli of 1 oktober is;
periode die begint om 06.00 uur op de eerste dag van een kalendermaand en die eindigt om 06.00 uur op de eerste dag van de volgende kalendermaand;
deel van een meetinrichting waarmee het gasvolume onder bedrijfscondities wordt vastgesteld (niet-herleid volume).
in geval van een systeemkoppeling tussen twee distributiesysteembeheerders voor gas of tussen een transmissiesysteembeheerder voor gas en een distributiesysteembeheerder voor gas, is de systeembeheerder die de systeemkoppeling aangevraagd heeft bij de andere systeembeheerder, de gekoppelde systeembeheerder.
aangeslotene met een grote aansluiting met de aansluitingcategorie “GGV”, “GXX” of “G2C”;
verhouding tussen het volume onder normaalcondities (herleid volume) en het volume onder bedrijfscondities (niet-herleid volume) over een bepaalde periode;
gemeten gashoeveelheid maal calorische bovenwaarde, uitgedrukt in MJ of kWh;
distributiesysteem met een overdruk groter dan 200 mbar en kleiner dan of gelijk aan 8 bar;
calorische bovenwaarde;
verhuizing waarbij een (rechts)persoon een onroerende zaak betrekt en de beschikkingsbevoegdheid over de aansluiting op zich neemt;
punt zoals bedoeld in artikel 2, lid 63 van Richtlijn (EU) 2024/1788;
een aansluiting op een distributiesysteem met aansluitingcategorie “GIS” of “GIN”;
een installatie waarmee gas in een transmissiesysteem voor gas of een distributiesysteem voor gas kan worden ingebracht;
verwachte verbruik (uitgedrukt in m3(n; 35,17)) op een telemetrieverbruiksaansluiting met afnamecategorie GGV in een jaar met gemiddelde klimaatcondities;
werkelijk gemeten gasafname in m3(n;35,17) in de meest recente 12 volledige gasmaanden voor telemetrieverbruikers als vastgelegd in de aansluitingenregisters van de distributiesysteembeheerders
aangeslotene met een kleine aansluiting aangeduid met de aansluitingcategorie “G1A” of “G2A”;
kubieke meter gas onder normaalcondities met een calorische bovenwaarde van 35,17 MJ;
systeem met een overdruk kleiner dan of gelijk aan 200 mbar;
vergunning als bedoeld in artikel 2.18 van de Energiewet;
bij een telemetrieverbruiker of ten behoeve van het systeemverlies distributiesysteembeheerder voor gas in een uur gedurende de drie recentste volledig verstreken wintermaanden gemeten hoogste gasafname in m3(n;35,17)/uur;
een organisatorische eenheid die zich bezighoudt met het collecteren, valideren en vaststellen van meetgegevens betreffende gas;
apparatuur bestemd voor het tenminste vaststellen van het getransporteerde gasvolume en het regelen en beveiligen van de gasdruk, inclusief een of meer noodzakelijke toebehoren;
installatie welke gebruikt wordt om metingen te verrichten, zijnde een meetinrichting ter bepaling van de gashoeveelheid en de gashoeveelheid per uur of een installatie ter bepaling van de gaskwaliteit;
aanduiding in het aansluitingenregister van de wijze waarop de energie-uitwisseling op de aansluiting wordt vastgesteld;
verantwoordelijkheid van de aangeslotene voor het aanwezig zijn op de aansluiting van een op grond van hoofdstuk 2 van de Meetcode gas RNB vereiste meetinrichting, alsmede voor het correct en tijdig (doen) vaststellen en (doen) doorgeven van meetgegevens op grond van geldende wet- en regelgeving
organisatorische eenheid die verantwoordelijk is voor ontwerp, plaatsing, beheer, onderhoud en verwijdering van de meetinrichting;
de minister die verantwoordelijk is voor het Energiebeleid. Op het moment van inwerkingtreding van de Energiewet zijnde de Minister van Klimaat en Groene Groei;
register waarin de namen, adressen, telefoon- en faxnummers alsmede de gegevens ten behoeve van elektronische gegevensuitwisseling zijn vermeld van de op grond van B3.2.1.1 van de Meetcode gas RNB erkende meetverantwoordelijken;
Verordening (EU) Nr. 312/2014 van de Commissie van 26 maart 2014 tot vaststelling van een netcode inzake gasbalancering van transmissiesystemen;
Verordening (EU) 2017/459 van 16 maart 2017 tot vaststelling van een netcode betreffende capaciteitstoewijzingsmechanismen in gastransmissiesystemen en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 984/2013;
Verordening (EU) 2017/460 van de Commissie van 16 maart 2017 tot vaststelling van een netcode betreffende geharmoniseerde transmissietariefstructuren voor gas
administratie van bedrijfsgegevens en operationele contactgegevens van de systeembeheerders in Nederland;
condities die gelden bij een temperatuur van 273,15 K (0 °C) en een absolute druk van 101,325 kPa (1,01325 bar);
hoeveelheid gas die onder normaalcondities een volume inneemt van één kubieke meter [m3];
balanceringsverantwoordelijke waarvan het teken van zijn portfolio-onbalans signaal gelijk is aan het teken van het systeem balans signaal;
vaste entry- of exitcapaciteit die wordt aangeboden bovenop de technische capaciteit in het kader van de overboekings- en terugkoopregeling als bedoeld in artikel 2.2.2 van Bijlage 1 bij de Verordening (EU) 2024/1789;
punt waar gas het transmissiesysteem verlaat of geacht moet worden het transmissiesysteem te verlaten en het distributiesysteem wordt ingebracht;
totaal benodigde exitcapaciteit voor de exitpunten die een systeemkoppeling tussen de transmissiesysteembeheerder en een distributiesysteembeheerder vormen zoals deze jaarlijks wordt vastgesteld in de planningscyclus van de transmissiesysteembeheerder voor gas en die gelijk is aan de exitcapaciteit die nodig is op een dag met omstandigheden zoals beschreven in artikel 3.30 van het Energiebesluit;
benodigde exitcapaciteit ten behoeve van het systemverlies distributiesysteembeheerder voor gas voor de exitpunten die een systeemkoppeling tussen de transmissiesysteembeheerder en een distributiesysteembeheerder vormen zoals deze jaarlijks wordt vastgesteld in de planningscyclus van de transmissiesysteembeheerder voor gas en die gelijk is aan de exitcapaciteit die nodig is om te voorzien in de capaciteitsbehoefte van het systeemverlies distributiesysteembeheerder voor gas op een dag met omstandigheden als beschreven in artikel 3.30 van het Energiebesluit;
benodigde exitcapaciteit ten behoeve van profielverbruikers voor de exitpunten die een systeemkoppeling tussen de transmissiesysteembeheerder en een distributiesysteembeheerder vormen zoals deze jaarlijks wordt vastgesteld in de planningscyclus van de transmissiesysteembeheerder voor gas en die gelijk is aan de exitcapaciteit die nodig is om te voorzien in de capaciteitsbehoefte van profielverbruikers op een dag met omstandigheden als beschreven in artikel 3.30 van het Energiebesluit;
de benodigde exitcapaciteit ten behoeve van telemetrieverbruikers voor de exitpunten die een systeemkoppeling tussen de transmissiesysteembeheerder en een distributiesysteembeheerder vormen zoals deze jaarlijks wordt vastgesteld in de planningscyclus van de transmissiesysteembeheerder voor gas en die gelijk is aan de exitcapaciteit die nodig is om te voorzien in de capaciteitsbehoefte van telemetrieverbruikers een dag met omstandigheden als beschreven in artikel 3.30 van het Energiebesluit;
verzameling van alle overeenkomsten van een balanceringsverantwoordelijke met de transmissiesysteembeheerder voor gas die geregistreerd zijn onder een unieke code;
netto cumulatieve afwijking van de entry- en/of exitprogramma’s in het portfolio van de balanceringsverantwoordelijke op basis van de near-real-time allocaties;
factor die is afgeleid van de realisatie tussen de door de transmissiesysteembeheerder voor gas ontvangen uurlijkse allocaties aan de telemetrieverbruikers en de gerealiseerde effectieve etmaaltemperatuur, waarbij het maximum van de allocaties per maand zijn geëxtrapoleerd tot de voor de betreffende maand geldende referentietemperatuur en waarbij de poolfactor voor de wintermaanden gelijk is aan 1;
aangeslotene op het distributiesysteem met een aansluiting met aansluitingcategorie “G1A”, “G2A” of “G2C”;
meetinrichting die voldoet aan de in 4.3.3 van de Meetcode gas RNB genoemde eisen voor grote aansluitingen in de aansluitingcategorie G2C;
Balanceringsverantwoordelijke op wie programmaverantwoordelijkheid rust;
verantwoordelijkheid van balanceringsverantwoordelijken voor het opstellen van een entry- en exitprogramma als bedoeld in paragraaf 4.1.1 van de Transportcode Gas TSB;
periode, die bij het uitvoeren van de reconciliatie ten hoogste in beschouwing wordt genomen; deze periode bestaat uit een veelvoud van volledige kalendermaanden, eindigend op de laatste gasdag van de vierde maand voor de huidige kalendermaand en beslaat ten hoogste 17 maanden;
systeem waarvoor niet op grond van artikel 3.2 van de Energiewet een systeembeheerder is aangewezen en waarvan de onroerende zaken als bedoeld in artikel 16, onderdelen a tot en met e, van de Wet waardering onroerende zaken waarmee het systeem een verbinding vormt ingevolge het omgevingsplan, de WOZ-beschikking of een notariële akte recreatieve doeleinden hebben of ingevolge het omgevingsplan, de WOZ-beschikking of een notariële akte niet bestemd zijn voor permanente bewoning en voor recreatieve doeleinden zijn bestemd;
desbetreffende rekencapaciteit zoals bedoeld in artikel 2.22, zesde lid van de Tarievencode gas;
dichtheid van een gas gedeeld door de dichtheid van droge lucht van de standaard samenstelling volgens ISO 6976 bijlage B bij normaal condities. Symbool “d”; eenheid [-];
plancapaciteit profielverbruikers, verminderd met de exitcapaciteit benodigd voor pieklevering, zoals bedoeld en onder omstandigheden zoals omschreven in artikel 3.30 van het Energiebesluit;
verwachte verbruik (uitgedrukt in m3(n; 35,17)) van een profielverbruikers op een aansluiting in een jaar met gemiddelde klimaatcondities;
som van de portfolio-onbalanssignalen die door de transmissiesysteembeheerder voor gas gepubliceerd wordt;
aaneengesloten en samenhangend deel van een systeem van één distributiesysteembeheerder, waarbinnen de processen allocatie en reconciliatie plaatsvinden;
systeemkoppeling bestaande uit een voorziening in het transmissiesysteem eindigend op het overdrachtspunt ten behoeve van een verbinding tussen het transmissiesysteem en een distributiesysteem, omvattende pijpleidingen, inclusief noodzakelijke toebehoren, en de meet- en regelinrichting, via welke het gas wordt overgedragen van het transmissiesysteem naar het distributiesysteem;
geheel van systeemverbindingen ten behoeve van één distributiesysteembeheerder;
grote aansluiting met de aansluitingcategorie GXX of GGV, als bedoeld in artikel 1.9 van de Allocatiecode gas;
aangeslotene met een telemetrieverbruikansluiting;
meetinrichting die voldoet aan de in 4.3.4 van de Meetcode gas RNB genoemde eisen;
identificatie van de onderscheiden telwerken op een meetinrichting:
a. bij een handopgenomen meetinrichting zoals zichtbaar op de meter zelf, en;
b. bij een meetinrichting die op afstand uitleesbaar is door middel van de OBIS-code;
hoeveelheid gas, uitgedrukt in m3(n;35,17)/uur, kWh/h of MJ/uur die in een uur maximaal kan worden getransporteerd;
het virtuele handelsplatform in het entry-exitsysteem van de transmissiesysteembeheerder;
periode van een klokuur, aanvangende op het gehele uur;
meetinrichting, geïnstalleerd conform de Meetcode gas RNB of de Meetcode gas LNB, waarmee de per uur afgenomen of ter beschikking gestelde hoeveelheid gas wordt geregistreerd en waarvan de meetgegevens worden gebruikt ten behoeve van de allocatie;
meterstand die na collectie en succesvolle validatie is vastgesteld;
aangeslotene die beschikt over een aansluiting op een transmissiesysteem voor gas of een distributiesysteem voor gas, welke aansluiting bestemd is voor de afname van gas;
product van alle specifiek voor de meetinrichting van toepassing zijnde factoren op telwerkniveau, met uitzondering van de volumeherleidingsfactor, om tot een normaalvolume te komen;
verordening (EU) 2024/1789 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 inzake de interne markten voor hernieuwbaar gas, aardgas en waterstof, tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 1227/2011, (EU) 2017/1938, (EU) 2019/942 en (EU) 2022/869 en Besluit (EU) 2017/684, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 715/2009 (herschikking);
virtuele punt waarop balanceringsverantwoordelijkheid kan worden overgedragen;
onder volumeherleidingsfactor wordt een standaard factor begrepen, waarmee het volume gemeten met een niet temperatuur gecorrigeerde meetinrichting wordt herleid, uitgaande van een gemiddelde temperatuur en een gemiddelde luchtdruk. Op grond van de 7-gradenmethode wordt deze factor bepaald op 1. Op grond van de 15-gradenmethode wordt deze factor bepaald op 0,97624;
deel van een meetinrichting waarmee het volume onder bedrijfscondities wordt omgerekend naar volume onder normaalcondities;
Within Day Market als bedoeld in de NC-BAL (kortetermijnmarkt voor de groothandel);
WDM-transactie waarbij levering of afname plaats vindt in het eerste volle uur na de WDM-transactie, conform artikel 7.5 van de NC-BAL;
WDM-transactie waarbij levering of afname plaats vindt in de resterende uren van de lopende gasdag, conform artikel 7.3 van de NC-BAL, uitgezonderd een transactie die om 2:15, 3:15, 4:15 of 5:15 uur aangegaan wordt, waarbij levering of afname plaatsvindt gedurende de volgende gasdag;
koop- of verkooptransactie, aangegaan door de transmissiesysteembeheerder voor gas, op een gasbeurs, waarbij levering of afname plaats vindt in één of meerdere uren; zijnde de WDM-titletransactie of de WDM-temporaltransactie;
prijs die de transmissiesysteembeheerder voor gas betaalt of ontvangt voor een WDM-transactie; Indien de transmissiesysteembeheerder voor gas meerdere WDM-transacties gelijktijdig aangaat, is de WDM-transactieprijs de volume gewogen gemiddelde prijs van de gezamenlijk aangegane WDM-transacties;
een dag niet zijnde een zaterdag of een zondag, die niet is een algemeen erkende feestdag als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Algemene Termijnenwet, noch een in het tweede of krachtens het derde lid van genoemd artikel met een algemeen erkende feestdag gelijkgestelde dag;
gasmaand januari, februari of december;
calorische bovenwaarde gedeeld door de vierkantswortel van de relatieve dichtheid; symbool “WS”; eenheid [MJ/m3(n)];
gasmaand mei, juni, juli, augustus of september;
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
’s-Gravenhage, 5 februari 2026
Autoriteit Consument en Markt, namens deze: M.R. Leijten bestuurslid
Als u belanghebbende bent, kunt u bezwaar maken tegen dit besluit. Stuur uw gemotiveerde bezwaarschrift naar de Autoriteit Consument en Markt, Juridische Zaken, postbus 16326, 2500 BH Den Haag of naar acm-post@acm.nl. Dit moet u doen binnen zes weken na de dag waarop dit besluit bekend is gemaakt. In uw bezwaarschrift kunt u de Autoriteit Consument en Markt verzoeken in te stemmen met rechtstreeks beroep bij de bestuursrechter.
1. Vanwege de inwerkingtreding van de Energiewet per 1 januari 2026 moeten de codes worden aangepast. De scope van de codes, begrippen en verwijzingen zijn veranderd. De gezamenlijke systeembeheerders hebben hiertoe een voorstel ingediend. Hierbij zijn geen beleidsmatige wijzigingen van de codes beoogd. In dit besluit keurt de ACM de Begrippencode gas TSB en DSB goed en stelt deze vast. Deze code vervangt de Begrippencode gas, die met dit besluit wordt ingetrokken.
2. De ACM keurt op grond van artikel 12f van de Gaswet jo. 7.42 van de Energiewet en artikel 3.121 van de Energiewet methoden of voorwaarden voor de energiemarkt goed, of stelt deze vast. Dit besluit is tot stand gekomen op basis van een voorstel van de gezamenlijke systeembeheerders dat de ACM op 22 december 2025 heeft ontvangen.
3. De ACM is van mening dat het voorstel geen technische voorschriften bevat bedoeld in Richtlijn 2015/1535. Om die reden zijn de voorwaarden in dit besluit niet in ontwerp ter notificatie aangeboden.
4. De ACM constateert dat het voorstel op 4 december 2025 in een overleg met representatieve organisaties is besproken. In het voorstel is een verslag opgenomen van dit overleg en de indieners hebben in het voorstel aangegeven welke gevolgtrekkingen zij hebben verbonden aan de zienswijzen die organisaties naar voren hebben gebracht. Naar het oordeel van de ACM voldoet het voorstel daarmee aan de vereisten bedoeld in artikel 12d van de Gaswet en artikel 3.120, tweede lid, van de Energiewet.
5. Op 1 januari 2026 is de Energiewet in werking getreden. De Energiewet vervangt de Elektriciteitswet 1998 (hierna: E-wet) en Gaswet. De ACM stelde onder de E-wet en Gaswet tariefstructuren en voorwaarden vast, ook codes genoemd. Deze codes zijn onder te verdelen naar codes over tarieven en tariefstructuren, technische codes, codes over meten, codes over informatie-uitwisseling, en codes over de gebiedsindeling.
6. De ACM blijft bevoegd om de codes over tarieven en tariefstructuren, en de technische codes op grond van artikel 3.121 van de Energiewet goed te keuren en vast te stellen. De codes die vastgesteld zijn onder de E-wet en Gaswet kunnen niet in de huidige vorm blijven bestaan, omdat de Energiewet begrippen dusdanig wijzigt dat een volledige herziening van de tekst en de titel van de codes noodzakelijk is.
7. Met dit besluit keurt de ACM het voorstel van de gezamenlijke systeembeheerders voor de Begrippencode gas TSB en DSB goed en stelt deze vast. De Begrippencode definieert begrippen die in de overige gascodes worden gebruikt.
8. De ACM beoogt met deze nieuwe code alleen beleidsneutrale wijzigingen ten opzichte van de oude Begrippencode gas. De inwerkingtreding van de Energiewet vereist ook codewijzingen die beleidskeuzes behoeven. Deze zullen later via een ander codevoorstel door de gezamenlijke systeembeheerders worden ingediend en door de ACM worden beoordeeld.
9. Zoals het voorstel aangeeft, zien de wijzigingen ten opzichte van de oude codetekst op de volgende onderdelen:
– de code is aangepast op het nieuwe begrippenkader in de Energiewet;
– wettelijke taken en verplichtingen die niet in de Energiewet terugkomen zijn uit de code verwijderd;
– inconsistenties tussen in de Energiewet en Europese verordeningen gedefinieerde begrippen zijn aangepast;
– opzet van de code is meer conform de Aanwijzingen voor de Regelgeving gemaakt;
– hoofdstukken, artikelen en bijlagen zijn vernummerd om deze in een logische volgorde te zetten; en
– kennelijke verschrijvingen en inconsistenties in de tekst zijn hersteld.
10. De meest in het oog springende begrippen die in de Energiewet zijn veranderd ten opzichte van de Gaswet, zijn:
– een net wordt een systeem;
– de aansluiting van een systeem op een ander systeem wordt een systeemkoppeling, behalve in geval van een aansluiting van een gesloten systeem op een ander systeem;
– netbeheerder van het landelijk gastransportnet wordt transmissiesysteembeheerder voor gas; en
– de regionale netbeheerder wordt distributiesysteembeheerder.
11. De ACM verwijst voor een gedetailleerd overzicht van de wijzigingen naar het codevoorstel gepubliceerd op www.acm.nl.
12. Met dit besluit wordt de Begrippencode gas ingetrokken. Dit heeft de ACM in artikel 2.1 opgenomen. Ook heeft de ACM in artikel 2.2 de datum van inwerkingtreding en in artikel 2.3 de citeertitel toegevoegd.
13. De ACM heeft grammatica, spelling en interpunctie in het codevoorstel waar nodig gecorrigeerd. Daarnaast heeft de ACM enkele tekstuele aanpassingen gedaan om de codebepalingen te verduidelijken.
14. De ACM komt tot het oordeel dat de wijzigingen die de gezamenlijke systeembeheerders voorstellen niet in strijd zijn met de belangen, regels en eisen bedoeld in artikel 12f, eerste en tweede lid van de Gaswet noch met artikel 3.121 van de Energiewet en keurt deze derhalve goed.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2026-4097.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.