GB 01-2026 Ankeren en het gebruik van spudpalen in het beheersgebied van het Gemeenschappelijk Nautisch Beheer

Bass nr. 125-2026

Vaarweg: GNB beheersgebied

Omschrijving: GB 01-2026 Ankeren en het gebruik van spudpalen in het beheersgebied van het GNB

Ref.: GB 02-1994 (Bass 144-1994), GB 01-2019 (Bass 042-2019), GB 03-2005 (Bass 074-2005)

De Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit publiceert hierbij de in de bijlage gevoegde Gezamenlijke Bekendmaking:

GB 01-2026 Ankeren en het gebruik van spudpalen in het beheersgebied van het Gemeenschappelijk Nautisch Beheer

Bij deze Gezamenlijke Bekendmaking hoort een bijlage met de locaties en begrenzingen van de ankergebieden en de gebieden voor het gebruik van spudpalen. Vanwege het feit dat de begrenzingen aan verandering onderhevig kunnen zijn, wordt deze bijlage gepubliceerd in een separate Bass met als titel:

GB 01-2026 BIJLAGE Ankeren en het gebruik van spudpalen in het beheersgebied van het Gemeenschappelijk Nautisch Beheer

Deze bekendmaking treedt in werking met ingang van 1 november 2026.

Met de inwerkingtreding van deze bekendmaking komen onderstaande berichtgevingen te vervallen:

  • – GB 02-1994 en bijbehorende BASS 144-1994.

  • – BASS 006-2004 en BASS 115-2004.

  • – GB 03-2005 bijbehorende BASS 074-2005.

  • – GB 01-2019 en bijbehorende BASS 042-2019.

  • – BASS 023-2022, BASS 059-2022, BASS 046-2025 en BASS 086-2025.

  • – BASS 013-2026.

  • – BASS 042-2026.

Deze bekendmaking zal worden gepubliceerd in de Nederlandse Staatscourant en het Belgisch Staatsblad.

Vlissingen, 28 oktober 2026

De Nederlandse Rijkshavenmeester Westerschelde, tevens Hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat Zee en Delta, namens deze, De GNA adviseur M. Kalsbeek

De Vlaamse Administrateur-generaal van het Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust, namens deze, De Nautisch Dienstchef GNA S. Thys

Deze bekendmaking kan worden gedownload op www.vts-scheldt.net

Gezamenlijke Bekendmaking

nr. 01-2026

Ankeren en het gebruik van spudpalen in het beheersgebied van het Gemeenschappelijk Nautisch Beheer

De Nederlandse Rijkshavenmeester Westerschelde, tevens Hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat Zee en Delta en de Vlaamse Administrateur-generaal van het Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust, tezamen optredend als Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit, maken het volgende bekend:

dat zij hebben geconstateerd dat door diverse ontwikkelingen de bekendmakingen over het gebruik en locatie van de aangewezen ankergebieden in het beheersgebied van het Gemeenschappelijk Nautisch Beheer geactualiseerd dienen te worden.

dat er een toevoeging nodig is voor het gebruik van spudpalen.

dat het daarom noodzakelijk is gebleken om 3 Gezamenlijke Bekendmakingen samen te voegen en tevens te actualiseren. Dit zijn:

  • 1. Gezamenlijke Bekendmaking 02-1994 Ankergebieden Wielingen Noord, Wielingen Zuid en Vlissingen Rede.

  • 2. Gezamenlijke Bekendmaking 03-2005 Ankeren van schepen met schade na een incident.

  • 3. Gezamenlijke Bekendmaking 01-2019 Ankerplaatsen in het beheersgebied van het Gemeenschappelijk Nautisch Beheer.

dat de bijgevoegde kaartjes in de bijlage ter illustratie zijn. Voor de actuele kaarten, van de ankergebieden en de gebieden voor het gebruik van spudpalen, dient te allen tijde steeds de bijgewerkte hydrografische kaarten te worden geraadpleegd.

Gelet op artikel 9 (lid 5, 7 en 8), artikel 50 en artikel 54 van het Scheepvaartreglement Westerschelde 1990.

Gelet op artikel 6 van het Koninklijk besluit van 23 september 1992 houdende het politiereglement van de Beneden-Zeeschelde.

alsdan worden de volgende ankergebieden, ankerposities, ankerzones en zones voor het gebruik van spudpalen volgens de volgende voorschriften vastgesteld:

Artikel 1. Definities

  • 1. De Permanente Commissie van Toezicht op de Scheldevaart wordt afgekort als PC.

  • 2. De Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit wordt afgekort met GNA.

  • 3. Het beheersgebied van het Gemeenschappelijke Nautische Beheer wordt afgekort met GNB gebied.

  • 4. Gezamenlijke Bekendmaking wordt afgekort als GB.

  • 5. Bekendmakingen aan de Scheepvaart Scheldegebied wordt afgekort met BASS.

  • 6. Het Scheepvaartreglement Westerschelde 1990 wordt afgekort als SRW.

  • 7. Koninklijk besluit wordt afgekort als KB.

  • 8. Verkeercentrale wordt afgekort met VC.

Artikel 2. Algemeen

Deze GB is van toepassing op alle beroepsvaart ongeacht binnenvaart, zeevaart of type schip.

Artikel 3. Ankergebieden Westerschelde en haar mondingen.

  • 3.1 De volgende gebieden op de Westerschelde en haar mondingen zijn aangewezen om als ankerplaats gebruikt te worden:

    • 3.1.1 Ankergebied Westhinder

    • 3.1.2 Ankergebied Oostdyck

    • 3.1.3 Ankergebied Schouwenbank

    • 3.1.4 Ankergebied Wielingen Noord

    • 3.1.5 Ankergebied Wielingen Zuid

    • 3.1.6 Ankergebied Vlissingen Rede

    • 3.1.7 Ankergebied Vlissingen Rede oostelijk deel (‘driehoek’)

    • 3.1.8 Ankerplaats Everingen A

    • 3.1.9 Ankerplaats Everingen B

    • 3.1.10 Ankerplaats Everingen C

    • 3.1.11 Ankerplaats Everingen D

    • 3.1.12 Ankerplaats Everingen E

    • 3.1.13 Ankergebied Everingen Zuid Zijde

    • 3.1.14 Ankergebied Zuid Everingen

    • 3.1.15 Ankergebied Springergeul

    • 3.1.16 Ankerplaats Put van Terneuzen

    • 3.1.17 Ankergebied Marlemon

  • 3.2 De locatie en begrenzing van de ankergebieden worden beschreven in de bijlage.

  • 3.3 De voorschriften voor het gebruik van de ankergebieden worden beschreven in artikel 6.

Artikel 4. Ankergebieden Beneden-Zeeschelde

  • 4.1 De volgende gebieden op de Beneden-Zeeschelde zijn aangewezen om als ankerplaats gebruikt te worden:

    • 4.1.1. Ankergebied Schaar van Ouden Doel

    • 4.1.2. Ankergebied Meestoof

  • 4.2 De locatie en begrenzing van de ankergebieden worden beschreven in in de bijlage.

  • 4.3 De voorschriften voor het gebruik van de ankergebieden worden beschreven in artikel 7.

Artikel 5. Gebieden voor gebruik van spudpalen op de Westerschelde en Beneden-Zeeschelde

  • 5.1 In de volgende gebieden op de Westerschelde zijn locaties aangewezen voor het gebruik van spudpalen:

    • 5.1.1. Vaarwater langs Hoofdplaat

    • 5.1.2 Everingen Zuid zijde

    • 5.1.3. Middelgat

    • 5.1.4. Schaar van Valkenisse

  • 5.2 In de volgende gebieden op de Beneden-Zeeschelde zijn locaties aangewezen voor het gebruik van spudpalen:

    • 5.2.1 Schaar van Ouden Doel

    • 5.2.2 Galgeschoor

    • 5.2.3 Meestoof

  • 5.3 De locatie en begrenzing van de gebieden welke zijn aangewezen voor het gebruik van spudpalen worden beschreven in de bijlage.

  • 5.4 De voorschriften voor de gebieden welke zijn aangewezen voor het gebruik van spudpalen worden beschreven in artikel 8.

Artikel 6. Voorschriften voor gebruik van ankergebieden Westerschelde en haar mondingen

  • 6.1 Alle vaartuigen mogen pas ankeren na verkregen toestemming van de GNA. De toestemming kan door de GNA via de desbetreffende verkeerscentrale worden gegeven. Aan de toestemming kunnen voorschriften worden verbonden.

  • 6.2 Voorschriften van toepassing op alle schepen:

    • a. Binnen de begrenzing van de ankergebieden Westhinder, Oostdyck en Schouwenbank kan zelf een ankerplaats worden gekozen. Voordat het schip het anker laat vallen, zal de positie moeten worden goedgekeurd door de desbetreffende verkeerscentrale.

    • b. In ankergebieden Wielingen Noord, Wielingen Zuid en Vlissingen Rede is het ten anker liggen onder normale omstandigheden gelimiteerd tot maximaal 24 uur.

    • c. Voor werkzaamheden op de ankerplaatsen dient toestemming en/of een vergunning te worden aangevraagd volgens onderstaande methoden:

      • 1) Per marifoon via de betreffende verkeerscentrale voor de ankergebieden Westhinder, Oostdyck en Schouwenbank.

      • 2) Via het havensysteem Enigma+ voor de Everingen positie A t/m E en de Put van Terneuzen positie A en B.

      • 3) Per marifoon via de betreffende verkeerscentrale in de gebieden voor overslag werkzaamheden van zand en grind. Dit staat beschreven in artikel 10 van deze GB.

      • 4) Per marifoon via de betreffende verkeerscentrale of per email via de GNA voor de nog niet benoemde gebieden in dit artikel.

    • d. Het is verboden om spudpalen te gebruiken in de aangewezen ankergebieden, tenzij het ankergebied tevens is aangewezen als gebied voor het gebruik van spudpalen.

  • 6.3 Voorschriften van toepassing op gastankers of geladen met gevaarlijke stoffen:

    • a. Voor gastankers waarop de GB ‘Vervoer van gevaarlijke stoffen in gastankers binnen het GNB-gebied’ van toepassing is geldt het volgende indien de reis van een Vaarplan IMO 2 Gastanker om enige reden zou moeten worden onderbroken:

      • 1) Het schip moet ten anker komen op een door de GNA aangewezen ankerplaats.

      • 2) Voor een schip met bestemming of komend van Zeebrugge zal een aanbevolen ankerplaats worden toegewezen. Indien er een loods aan boord is wordt de ankerplaats toegewezen door de VC Zeebrugge in samenspraak met de GNA en de bedienende loods. Indien er geen loods aan boord is wijst VC Zeebrugge het ankergebied Westhinder aan.

      • 3) Voor een schip met een andere bestemming binnen het GNB-gebied zal deze ten anker komen in een bij voorkeur zo westelijk mogelijke positie in ankergebied Wielingen Noord of indien beschikbaar ankerplaats Everingen Alfa.

    • b. Schepen die geladen zijn met gevaarlijke stoffen genoemd in bijlage 1 van het SRW mogen enkel ankeren in de ankergebieden Westhinder en Schouwenbank. In geval van overmacht kan er met toestemming van de GNA zo westelijk mogelijk geankerd worden in ankergebied Wielingen Noord.

    • c. Schepen met een lengte ≤ 110 meter die geladen zijn met gevaarlijke stoffen genoemd in bijlage 1 van het SRW (niet zijnde gevaarlijke stoffen genoemd onder SRW bijlage 1, lid 1 en 2), mogen met toestemming van de GNA ankeren in ankergebied Vlissingen Rede oostelijk deel (‘driehoek’). Dit enkel in geval van bezwaren van nautische of meteorologische aard.

Artikel 7. Voorschriften voor gebruik van ankergebieden Beneden-Zeeschelde

  • 7.1 Alle vaartuigen mogen pas ankeren na verkregen toestemming van de GNA. De ankerplaatsen kunnen ook aangewezen worden door de GNA via VC Zandvliet. Aan de toestemming kunnen voorschriften worden verbonden.

  • 7.2 De GNA bepaalt de locatie waar en de voorwaarden waaronder een vaartuig kan ankeren.

  • 7.3 Voor werkzaamheden op de ankerplaatsen dient toestemming en/of een vergunning te worden aangevraagd volgens onderstaande methoden:

    • a. Per marifoon via de betreffende verkeerscentrale of per email via de GNA.

    • b. Per marifoon via de betreffende verkeerscentrale in de gebieden voor overslag werkzaamheden van zand en grind. Dit staat beschreven in artikel 10 van deze GB.

  • 7.4 Het is verboden om spudpalen te gebruiken in de aangewezen ankergebieden, tenzij het ankergebied tevens is aangewezen als gebied voor het gebruik van spudpalen.

Artikel 8. Voorschriften voor gebruik van spudpalen in de aangewezen gebieden op de Westerschelde en Beneden-Zeeschelde

  • 8.1 Alle vaartuigen mogen gebruik maken van hun spudpalen na verkregen toestemming van de GNA. Aan de toestemming kunnen voorschriften worden verbonden.

  • 8.2 De GNA bepaalt de locatie waar en de voorwaarden waaronder een vaartuig gebruik kan maken van spudpalen.

  • 8.3 Wanneer het desbetreffende schip op haar spudpalen ligt wordt dit gemeld aan de desbetreffende verkeerscentrale.

  • 8.4 Niets ontheft hierbij de gezagvoerder van het lopen van ankerwacht conform de huidige wet- en regelgeving. Daarbij is het verplicht om te alle tijden uit te luisteren op het juiste VHF verkeerskanaal.

  • 8.5 Voor werkzaamheden in de aangewezen gebieden voor het gebruik van spudpalen dient toestemming en/of een vergunning te worden aangevraagd volgens onderstaande methoden:

    • a. Per marifoon via de betreffende verkeerscentrale of per email via de GNA.

    • b. Per marifoon via de betreffende verkeerscentrale in de gebieden voor overslag werkzaamheden van zand en grind. Dit staat beschreven in artikel 10 van deze GB.

Artikel 9. Ankeren van schepen met schade na een incident

  • 9.1 Schepen die na een incident schade of vermoedelijke schade hebben opgelopen mogen hun reis naar hun eindbestemming slechts voortzetten na toestemming van de GNA.

  • 9.2 De schepen dienen in principe eerst ten anker te komen op een door de GNA aangewezen ankerplaats alwaar een eerste onderzoek naar de aard van de schade wordt uitgevoerd.

  • 9.3 Bij een incident moet onderstaande wetgeving in acht worden genomen:

    • – KB houdende politie- en scheepvaartreglement voor de Belgische territoriale zee, de havens en de stranden van de Belgische kust (1981), artikel 27 en 29.

    • – KB houdende scheepvaartreglement voor de Beneden-Zeeschelde (1992), artikel 44 en 47.

    • – Scheepvaartreglement Westerschelde 1990, artikel 51 en 54.

    • – Scheepvaartreglement voor het Kanaal van Gent naar Terneuzen, artikel 43 en 53.

    • – KB houdende Scheepvaartreglement voor het Kanaal van Gent naar Terneuzen (1992), artikel 43 en 52.

    • – Havenpolitieverordening Haven van Antwerpen (2024), artikel 8.1.4 lid 1.

    • – Havenverordening North Sea Port 2025 (Gemeente Vlissingen, Borsele en Terneuzen), artikel 3.9.

    • – Havenpolitieverordening North Sea Port Gent (2026), artikel 3.2.1.

Artikel 10. Overslag van zeezand en grind

  • 10.1 De overslag van zeezand en grind is enkel toegestaan op de door de GNA aangewezen gebieden en onder bepaalde voorwaarden. Dit wordt nader geregeld middels een GB (of een BASS).

Artikel 11. Bijzondere omstandigheden en uitzonderingen

  • 11.1 Afhankelijk van de omstandigheden, technische mogelijkheden, scheepstypen, soort lading of verkeerssituatie kan de Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit extra voorschriften vaststellen dan wel afwijken en/of uitzonderingen maken van/op deze voorschriften.

Artikel 12. Inwerkingtreding

  • 12.1 Deze voorschriften treden in werking met ingang van 1 november 2026.

  • 12.2 Met de inwerkingtreding van deze voorschriften komen onderstaande berichtgevingen te vervallen:

    • – GB 02-1994 en bijbehorende BASS 144-1994.

    • – BASS 006-2004 en BASS 115-2004.

    • – GB 03-2005 bijbehorende BASS 074-2005.

    • – GB 01-2019 en bijbehorende BASS 042-2019.

    • – BASS 023-2022, BASS 059-2022, BASS 046-2025 en BASS 086-2025.

    • – Bass 013-2026.

    • – Bass 042-2026.

  • 12.3 Deze voorschriften zullen worden gepubliceerd in de Nederlandse Staatscourant en het Belgisch Staatsblad.

Vlissingen, 1 november 2026

De Rijkshavenmeester Westerschelde, tevens Hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat Zee en Delta, R. Nomes

De Administrateur-generaal van het Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust, N. Balcaen

Naar boven