Werkwijze Autoriteit Persoonsgegevens voor onderzoek in digitale gegevens 2026

Gelet op de artikelen 5:16, 5:17 en 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), artikelen 31, 51 en 58 van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) in samenhang met de artikelen 6, 14 en 15 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming (UAVG), artikel 37 van de Dataverordening en artikel 3, derde, vierde en vijfde lid, van de Uitvoeringswet Dataverordening, artikel 49, eerste lid, van de Digitalediensten-verordening en artikel 3.1 van de Uitvoeringswet Digitalediensten-verordening, artikel Z 11a van de Kieswet, artikel 11.5c van de Telecommunicatiewet in samenhang met artikel 19, tweede lid, van de eIDAS-verordening, artikel 22, eerste lid, van de Verordening transparantie en gerichte politieke reclame in samenhang met artikel 51 van de AVG, artikel 4.1 van de Wet basisregistratie personen in samenhang met de artikelen 14 tot en met 21 en 38 van de UAVG, artikel 3:17, zevende lid, van de Wet financieel toezicht en artikel 21a van de UAVG, artikel 35 van de Wet politiegegevens en artikel 27 Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens.

Gezien de wens om nadere invulling te geven aan de bevoegdheid inzage te vorderen in digitale gegevens en deze te kopiëren bij de uitoefening van het toezicht op de naleving van de door haar gehandhaafde wetten;

Besluit:

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In dit besluit wordt verstaan onder:

Afronding van een onderzoek

De definitieve afronding van de besluitvorming volgend op een onderzoek of, indien van toepassing, de definitieve afronding van het onderzoek benodigd voor nacontroles aangekondigd op het moment van definitieve afronding van de besluitvorming volgend op een onderzoek.

Awb

Algemene wet bestuursrecht

AVG

Algemene Verordening Gegevensbescherming (Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG).

Binnen-de-reikwijdte

Dat wat naar zijn aard en/of inhoud redelijkerwijs binnen het doel en voorwerp van het onderzoek kan vallen.

Binnen-de-reikwijdte dataset

Een dataset geschoond van LPP-gegevens, die tot stand komt na het aan de hand van zoektermen digitaal doorzoeken van de (van LPP-gegevens geschoonde) dataset die is veiliggesteld.

Buiten de scope gegevens

Gegevens die buiten de reikwijdte van het onderzoek vallen.

Dataset

Een verzameling gegevens

Gegevens

Digitale en/of analoge gegevens

Hashwaarde

Een controleerbare wiskundige berekening over de inhoud van een digitaal bestand.

Moment van ter inzagelegging

Het moment waarop inzage wordt verleend als bedoeld in artikel 5:49, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Niet-zakelijke gegevens

Gegevens die uitsluitend betrekking hebben op de persoonlijke levenssfeer van een natuurlijk persoon en geen verband houden met de uitoefening van beroeps- of bedrijfsactiviteiten.

Onderzoeksdataset

Een dataset die binnen-de-reikwijdte is nadat de ‘Werkwijze Autoriteit Persoonsgegevens geheimhoudingsprivilege advocaat 2026’ en het onderstaande artikel 2.3, tweede lid, is toegepast.

Onderzoekssubject

Degene die het subject is bij de inzet van de bevoegdheden van artikel 5:16 en/of 5:17 van de Algemene wet bestuursrecht, of de verwerkingsverantwoordelijke, de verwerker en, in voorkomend geval, de vertegenwoordiger van de verwerkingsverantwoordelijke of van de verwerker bij de inzet van de bevoegdheden van artikel 58 van de AVG.

Schonen

Het uitsluiten van niet-zakelijke gegevens, buiten de scope gegevens en geprivilegieerde gegevens als bedoeld in de ‘Werkwijze Autoriteit Persoonsgegevens geheimhoudingsprivilege advocaat 2026’ uit de verzameling van veiliggestelde en gekopieerde digitale gegevens.

Toezichthoudend ambtenaar

De ambtenaren van het secretariaat van de Autoriteit Persoonsgegevens dan wel de bij besluit van de AP aangewezen personen als bedoeld in artikel 10 en 15 van de UAVG, voor zover deze in het kader van het betreffende onderzoek niet optreden als geheimhoudersmedewerker en/of forensisch IT-medewerker zoals bedoeld in de ‘Werkwijze Autoriteit Persoonsgegevens geheimhoudingsprivilege advocaat 2026’.

Veiligstellen

Overzetten van gegevens door een toezichthoudend ambtenaar of forensisch IT-medewerker op een gegevensdrager van de toezichthoudend ambtenaar of forensisch IT-medewerker.

Waarborgen bij de inzet van de bevoegdheid inzage te vorderen in gegevens op grond van artikel 5:17 van de Awb en/of artikel 58 van de AVG

Artikel 2.1 Waarborgen bij de totstandkoming van de veiliggestelde dataset

  • 1. Bij het inzage vorderen, veiligstellen en selecteren van gegevens richt de toezichthoudend ambtenaar zich op het doel en voorwerp van het onderzoek, dat daaraan voorafgaand schriftelijk door de toezichthoudend ambtenaar is verstrekt.

  • 2. De toezichthoudend ambtenaar verstrekt het onderzoekssubject de namen van de personen/functionarissen van wie betrokkenheid bij het doel en voorwerp van het onderzoek wordt vermoed, dan wel van hun ondersteuner(s), voordat gegevens worden veiliggesteld of meegenomen die behoren bij deze personen/functionarissen of ondersteuner(s) op grond van artikel 5:17, derde lid, van de Awb en/of artikel 58 AVG.

  • 3. De toezichthoudend ambtenaar verstrekt het onderzoekssubject een overzicht van de gegevens op de veiliggestelde dataset met de bijbehorende hashwaarden per bestand na het veiligstellen van gegevens.

Artikel 2.2 Waarborgen bij de totstandkoming van de binnen-de-reikwijdte dataset

  • 1. Totdat de dataset waarvan de toezichthoudend ambtenaar inzage vordert of de veiliggestelde dataset zodanig is geselecteerd dat zij is aan te merken als binnen-de-reikwijdte dataset, ziet de toezichthoudend ambtenaar de gegevens niet langer in dan noodzakelijk om te beoordelen of de gegevens binnen-de-reikwijdte zijn. Voor zover ten aanzien van (een deel van) de veiliggestelde dataset de 'Werkwijze Autoriteit Persoonsgegevens geheimhoudingsprivilege advocaat 2026' van toepassing is, is dat onderdeel van de dataset geen onderdeel van de beoordeling bedoeld in dit lid, totdat die werkwijze voor geprivilegieerde gegevens ten aanzien van het betreffende deel is doorlopen.

  • 2. De toezichthoudend ambtenaar stelt het onderzoekssubject in staat aanwezig te zijn indien hij gegevens inziet om te beoordelen of deze gegevens binnen-de-reikwijdte zijn.

  • 3. De toezichthoudend ambtenaar verstrekt het onderzoekssubject een overzicht van de gegevens op de binnen-de-reikwijdte dataset, en van de wijze van totstandkoming van de binnen-de-reikwijdte dataset, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk op het moment van ter inzagelegging.

Artikel 2.3 Waarborgen bij de totstandkoming van de onderzoeksdataset

  • 1. De toezichthoudend ambtenaar biedt de mogelijkheid aan het onderzoekssubject om binnen een redelijk gestelde termijn gemotiveerd aan te geven of de binnen-de-reikwijdte dataset gegevens bevat die naar zijn oordeel als niet-zakelijke gegevens in de zin van artikel 5:17, eerste lid, van de Awb, of buiten de scope van het onderzoek zijn aan te merken.

  • 2. De toezichthoudend ambtenaar beoordeelt deze claim. Voor zover de toezichthoudend ambtenaar deze claim toewijst, worden deze gegevens niet opgenomen in de onderzoeksdataset.

  • 3. Als het onderzoekssubject niet binnen een redelijk gestelde termijn een gemotiveerde claim doet, zal de toezichthoudend ambtenaar ambtshalve de onderzoeksdataset vaststellen.

Artikel 2.4 Waarborg bij de totstandkoming van de veiliggestelde dataset, de binnen-de-reikwijdte dataset en de onderzoeksdataset ten aanzien van mogelijk geprivilegieerde gegevens

In de ‘Werkwijze Autoriteit Persoonsgegevens geheimhoudingsprivilege advocaat 2026’ is aangegeven hoe de toezichthoudend ambtenaar omgaat met het recht op geprivilegieerde correspondentie tussen advocaat en het onderzoekssubject bij de totstandkoming van de veiliggestelde dataset, de binnen-de-reikwijdte dataset en de onderzoeksdataset.

Artikel 2.5 Waarborg bij het opnemen van gegevens in het dossier

De toezichthoudend ambtenaar licht toe op grond waarvan hij gegevens uit de onderzoeksdataset ter inzage legt op grond van artikel 5:49, eerste lid, van de Awb. Dit gebeurt zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk op het moment van ter inzagelegging. Dit gebeurt niet indien de keuze voor ter inzagelegging is gebaseerd op een beoordeling van de inhoud van de gegevens.

Artikel 2.6 Waarborgen betreffende het hergebruik, de externe verstrekking en het bewaren van gegevens

  • 1. Gegevens opgenomen in de onderzoeksdataset kunnen worden hergebruikt in een ander onderzoek en extern worden verstrekt.

  • 2. Gegevens opgenomen in de veiliggestelde dataset die niet zijn opgenomen in de onderzoeksdataset, worden niet hergebruikt in een ander onderzoek, noch extern verstrekt.

  • 3. De toezichthoudend ambtenaar maakt een verslag van ambtshandelingen op indien gegevens worden hergebruikt of extern verstrekt overeenkomstig het eerste lid. In dit verslag geeft de toezichthoudend ambtenaar aan van welke veiliggestelde dataset de betreffende gegevens afkomstig zijn.

  • 4. Gegevens opgenomen in de veiliggestelde dataset, de binnen-de-reikwijdte dataset en de onderzoeksdataset, en die niet zijn opgenomen in het dossier, worden bewaard uiterlijk totdat het onderzoek is afgerond.

  • 5. Gegevens opgenomen in het dossier worden bewaard overeenkomstig de Archiefwet 1995.

Artikel 3 Vervanging eerdere werkwijzen

Dit besluit vervangt alle eerdere werkwijzen van de AP en het College Bescherming Persoonsgegevens.

Artikel 4 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Werkwijze Autoriteit Persoonsgegevens voor onderzoek in digitale gegevens 2026.

Artikel 5 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

TOELICHTING

Toepassingsbereik en uitgangspunten

De AP Werkwijze voor onderzoek in digitale gegevens 2026 (hierna: werkwijze) is van toepassing bij de uitoefening van het toezicht op de naleving van de door Autoriteit Persoonsgegevens (hierna: AP) gehandhaafde wetten.

De werkwijze beschrijft de wijze waarop de AP concreet invulling geeft aan de bevoegdheid inzage te vorderen in gegevens op grond van artikel 5:17 van de Awb, voor zover het om digitale gegevens gaat. De werkwijze geldt ook voor het uitoefenen van bevoegdheden op grond van andere bijzondere wet- en regelgeving, op basis waarvan de AP toezichthoudende bevoegdheden heeft, zoals artikel 58, eerste lid, onder e en f van de AVG. De werkwijze beschrijft welke waarborgen de AP in acht neemt bij onderzoek in digitale gegevens. De werkwijze beschrijft ook een aantal controlemogelijkheden waarmee het onderzoekssubject kan nagaan of deze waarborgen zijn nageleefd. Onder digitale gegevens vallen ook die gegevens die tijdens het onderzoek ter plaatse worden omgezet van analoge naar digitale gegevens, door deze bijvoorbeeld in te scannen.

De AP streeft met toepassing van deze werkwijze naar een maximale transparantie voor het onderzoekssubject, rekening houdend met de bescherming van het onderzoeksbelang. Bij de uitoefening van de bevoegdheid van artikel 5:17 van de Awb en/of artikel 58 AVG houdt de AP te allen tijde rekening met de bepalingen van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, de algemene beginselen van behoorlijk bestuur en het beginsel van evenredigheid neergelegd in artikel 5:13 van de Awb.

De toezichthoudend ambtenaar verstrekt in een onderzoek bij de inzet van de bevoegdheid van artikel 5:17 van de Awb daar waar nodig een nadere uitleg aan het onderzoekssubject of diens gemachtigde over de wijze waarop het onderzoek in digitale gegevens wordt verricht en de onderhavige werkwijze wordt toegepast.

De werkwijze ziet er schematisch als volgt uit:

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1: Begripsbepalingen: afronding van een onderzoek

Voorbeelden van afronding van een onderzoek zijn:

  • – eventuele bezwaar- of beroepstermijnen tegen een (sanctie)besluit zijn verstreken of, indien bezwaar is gemaakt of (hoger)beroep is ingesteld, er onherroepelijk is beslist op dat bezwaar of (hoger)beroep;

  • – aangekondigde nacontroles in het kader van bijvoorbeeld een last onder dwangsom of een toezegging hebben plaatsgevonden en geven geen aanleiding voor nader onderzoek;

  • – een onderzoek leidt niet tot een besluit, omdat besloten is dat er onvoldoende aanleiding is het onderzoek voort te zetten.

De hashwaarde

Doel van de berekening van een hashwaarde is het waarborgen van de integriteit van de veiliggestelde dataset. De wijziging van een bestand leidt namelijk tot een andere hashwaarde.

Artikel 2.2, tweede lid: Totstandkoming van de binnen-de-reikwijdte dataset

Deze bepaling brengt veelal met zich dat het onderzoekssubject de gehanteerde zoektermen verkrijgt direct na de zoekslag en de motivering van de gehanteerde zoekvragen verkrijgt op het moment van ter inzagelegging.

Artikel 2.3: Niet-zakelijke gegevens en buiten de scope gegevens

De toezichthoudend ambtenaar bepaalt of de dataset tijdens het onderzoek ter plaatse worden geschoond van niet-zakelijke gegevens en/of gegevens die buiten de scope van het of achteraf ten kantore van de AP gebeurt. De locatie waar de zoekslag plaatsvindt, wordt bepaald aan de hand van de aard en omvang van de data en de beschikbare technische mogelijkheden. Het veiligstellen van gegevens vindt doorgaans op locatie plaats. De AP streeft te allen tijde naar een zo beperkt en gericht mogelijke onderzoeksdataset en houdt daarbij rekening met de belasting van onderzoekssubject, voor zover dit verenigbaar is met een doeltreffende bescherming van het onderzoeksbelang.

In het geval dat de dataset al tijdens het onderzoek ter plaatse wordt geschoond, dan wel zo is geselecteerd dat er redelijkerwijs geen gegevens aanwezig zijn die niet-zakelijk, buiten de scope of geprivilegieerd zijn, zal geen nadere claimgelegenheid worden geboden. Ook kan het zijn dat redelijkerwijs niet te verwachten is dat de binnen-de-reikwijdte dataset (naar zijn aard) gegevens bevat die als niet-zakelijk of buiten de scope zijn aan te merken. Of dit zich voor kan doen is afhankelijk van de gehandhaafde wettelijke bepaling(en). De AP biedt in dat geval niet de mogelijkheid van artikel 2.3.

Wat een redelijk termijn is voor het indienen van een claim, hangt af van de omstandigheden van het geval, waaronder de omvang en structuur van de dataset. De AP bepaalt per geval een passende termijn.

Artikel 2.5: Opnemen van gegevens in het dossier

Een voorbeeld van een wijze waarop de keuze tot stand is gekomen om gegevens uit de onderzoeksdataset in het dossier op te nemen, is een steekproef. Op grond van artikel 2.5 zal het onderzoekssubject inzicht worden geboden in de wijze waarop de steekproef tot stand is gekomen, en ook in het resultaat van de steekproef. Het resultaat van de steekproef bestaat uit de gegevens uit de onderzoeksdataset die op grond van de steekproef worden opgenomen in het dossier.

Artikel 2.5 is niet van toepassing als de keuze is gebaseerd op een beoordeling van de inhoud van gegevens. Hierbij dient gedacht te worden aan het één op één doornemen van de inhoud van gegevens, al dan niet na het toepassen van zoekslagen met zoektermen. In die situatie wordt al in het rapport inzicht geboden in de wijze waarop de keuze tot stand is gekomen. In het rapport is immers de overtreding beschreven.

Artikel 2.5 is overigens ook niet van toepassing als alle gegevens uit de onderzoeksdataset ter inzage worden gelegd op grond van artikel 5:49, eerste lid, van de Awb. In dat geval is er immers geen sprake van een keuze op grond waarvan gegevens uit de onderzoeksdataset geselecteerd zijn ten behoeve van het dossier.

Artikel 2.6: Hergebruik, externe verstrekking en het bewaren van gegevens

Als gegevens worden hergebruikt in een ander onderzoek, worden deze gegevens toegevoegd aan dit andere onderzoek en dus uiterlijk bewaard totdat dit andere onderzoek is afgerond. Nadat de in dit artikel beschreven bewaartermijn is verstreken, vernietigt de toezichthoudend ambtenaar de gegevens.

Naar boven