Besluit van de Minister van Asiel en Migratie van 21 september 2026, nummer WBN 2026/4, houdende wijziging van de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID,

Gelet op de Rijkswet op het Nederlanderschap, het Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap, het Besluit optie- en naturalisatiegelden 2002, de Regeling verkrijging en verlies Nederlanderschap;

Besluit:

ARTIKEL I

De Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 wordt als volgt gewijzigd:

A

Paragraaf 13/2.2 Toelichting bij artikel 13, eerste lid, is gewijzigd en komt te luiden:

Paragraaf 2.2: algemeen

De te betalen bedragen voor het afleggen van een optieverklaring en voor het indienen van een verzoek om naturalisatie zijn vastgelegd in het Besluit optie- en naturalisatiegelden 2002 (BON).

Met het oog op de jaarlijkse indexering van de optie- en naturalisatiegelden (zie artikel 9, eerste lid, BON) wordt verwezen naar de in onderstaande tabel vermelde tariefgroepen en de daarbij behorende tariefcodes en bedragen.

Tariefgroep

Tarief(code)

Bedrag

optie; enkelvoudig

A

€ 250

optie; gemeenschappelijk

B

€ 427

optie; medeopterende minderjarige

C

€ 28

naturalisatie; enkelvoudig; standaard

D

€ 1.180

naturalisatie; gemeenschappelijk; standaard

E

€ 1.506

naturalisatie; enkelvoudig; verlaagd

F

€ 877

naturalisatie; gemeenschappelijk; verlaagd

G

€ 1.205

naturalisatie; meenaturaliserende minderjarige

H

€ 174

B

Paragraaf 13/2.6 Toelichting bij artikel 13, eerste lid, is gewijzigd en komt te luiden:

Paragraaf 2.6. afdracht naturalisatiegelden

De in het kader van het afleggen van een optieverklaring ontvangen gelden behoeven niet te worden afgedragen. De behandeling van en de beslissing op de optieverklaring liggen immers geheel in handen van de ontvangende instantie.

Artikel 8 BON bepaalt dat een gedeelte van de ontvangen naturalisatiegelden moet worden afgedragen aan de rijksoverheid. Gemeenten in Europees Nederland dragen rechtstreeks af aan Onze Minister.

Tevens regelt artikel 8 BON de hoogte van het bedrag dat de gemeente behoudt en op welke wijze de afdracht aan de IND geschiedt. Bij de afdracht stuurt de gemeente aan de IND tevens een lijst met de namen van personen die een verzoek om naturalisatie hebben ingediend. Over de wijze van afdracht van de ontvangen naturalisatiegelden door de gemeente aan de IND worden gemeenten nader geïnformeerd met een brief van de Directie Bedrijfsvoering van de IND.

De afdracht van naturalisatiegelden alsmede het indienen van verzoeken tot vergoeding van leges waarvoor ontheffing is verleend door het hoofd van de Nederlandse diplomatieke en consulaire post in het buitenland geschiedt via de Minister van Buitenlandse Zaken aan Onze Minister.

Als de verzoeker tijdens de naturalisatieprocedure verhuist, behoudt de gemeente/het hoofd van de Nederlandse diplomatieke en consulaire post die de leges geïnd heeft het gemeentelijk/consulair deel van de leges en draagt zorg voor de afdracht van het resterende bedrag.

Vanaf 1 januari 2027 gelden de volgende te behouden bedragen, afdrachtbedragen en afdrachtcodes:

Tariefgroep

te behouden bedrag

af te dragen bedrag

afdrachtcode

optie; enkelvoudig

€ 250

nvt

nvt

optie; gemeenschappelijk

€ 427

nvt

nvt

optie; medeopterende minderjarige

€ 28

nvt

nvt

naturalisatie; enkelvoudig; standaard

€ 250

€ 930

270

naturalisatie; enkelvoudig; verlaagd

€ 250

€ 627

271

naturalisatie; gemeenschappelijk; standaard

€ 427

€ 1.079

273

naturalisatie; gemeenschappelijk; verlaagd

€ 427

€ 778

274

naturalisatie; meenaturaliserende minderjarige

€ 28

€ 146

275

Mocht er sprake zijn van een ontheffing van de naturalisatiegelden (artikel 8, tweede lid, BON) zal de vergoeding aan de afdrachtplichtige instantie worden meegenomen in de factuur met betrekking tot de afdracht van de leges. Als het verzoek door de IND wordt gehonoreerd, ontvangt de afdrachtplichtige instantie vanaf 1 januari 2027 de volgende bedragen voor ontheffing van de naturalisatiegelden.

Tariefgroep

Te ontvangen

afdrachtcode

Naturalisatie enkelvoudig

€ 250

276

Naturalisatie gemeenschappelijk

€ 427

277

C

Model 1.25 is gewijzigd en komt te luiden als in bijlage 1.

D

Model 2.8 is gewijzigd en komt te luiden als in bijlage 2.

ARTIKEL II

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2027.

Dit besluit zal (met de toelichting) in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 21 september 2026

De Minister van Asiel en Migratie, namens deze, R. Maas directeur-generaal Immigratie- en Naturalisatiedienst

BIJLAGE 1

Model 1.25 HRWN: Verklaring ‘Ingelicht over betaling van optiegelden’ tevens inverzuimstelling; alsook: Verklaring vrijgesteld van optiegelden

BIJLAGE 2

Model 2.8 HRWN: Verklaring ‘Ingelicht over betaling van naturalisatiegelden’ tevens inverzuimstelling; alsook: Verklaring vrijgesteld van naturalisatiegelden

TOELICHTING

ARTIKELSGEWIJS

A – D

Elk jaar worden de optie- en naturalisatiegelden geïndexeerd. Dit gebeurt op grond van artikel 9 van het Besluit Optie- en Naturalisatiegelden (BON 2002). Op grond van de beschikking wijzigingspercentage optie- en naturalisatiegelden 2027 van 1 september 2026, Staatscourant 2026/1, nr. 31686, worden de optie- en naturalisatiegelden per 1 januari 2027 verhoogd met 3,6%.

Met dit WBN worden de legestarieven voor naturalisatie en optie zoals deze gelden per 1 januari 2027 in de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap opgenomen. Ook zijn de bedragen die de gemeenten zelf behouden en het deel dat zij afdragen aan de IND aangepast. Voorts zijn de relevante modelformulieren aangepast.

De tekst van te behouden bedragen, afdrachtbedragen en afdrachtcodes zijn in paragraaf 4 van de toelichting op artikel 13, eerste lid, RWN is omgezet in tabelvorm. Dat brengt de verschillende bedragen en codes overzichtelijker in beeld.

De Minister van Asiel en Migratie, namens deze, R. Maas directeur-generaal Immigratie- en Naturalisatiedienst

Naar boven