Besluit van de inspecteur, algemeen directeur Grote Ondernemingen van de Belastingdienst, houdende de verlening van machtiging aan de directeur-generaal Rijksdienst voor Ondernemend Nederland voor het verrichten van werkzaamheden om een bestand te maken met daarin de vermoedelijk belastingplichtigen voor de CO2-heffing glastuinbouw (doelgroepbestand)

De inspecteur, algemeen directeur Grote Ondernemingen van de Belastingdienst.

Handelende met instemming van de Staatssecretaris van Financiën – Fiscaliteit, Belastingdienst en Douane.

Handelende met instemming van de directeur-generaal Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

Handelende met instemming van de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur.

Gelet op de artikelen 47 en 55 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en artikel 2, zesde lid, van de Regeling Landbouwtelling en Gecombineerde opgave voor de jaren 2026 en 2027.

Besluit:

Artikel 1. Machtiging

Onder machtiging wordt verstaan de bevoegdheid om in naam van de inspecteur handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.

Artikel 2. Verlening machtiging, ondermachtiging, instructies en inlichtingen

  • 1. Aan de directeur-generaal Rijksdienst voor Ondernemend Nederland wordt machtiging verleend uitsluitend voor het verrichten van werkzaamheden om een bestand te maken met daarin de vermoedelijk belastingplichtigen voor de CO2-heffing glastuinbouw (doelgroepbestand) voor het tijdvak 2025–20261.

  • 2. De directeur-generaal Rijksdienst voor Ondernemend Nederland kan met betrekking tot de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, ondermachtiging verlenen aan medewerkers van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

  • 3. De algemeen directeur Grote Ondernemingen van de Belastingdienst kan de directeur-generaal Rijksdienst voor Ondernemend Nederland per geval of in het algemeen instructies geven ter zake van de uitoefening van de gemachtigde bevoegdheid.

  • 4. De directeur-generaal Rijksdienst voor Ondernemend Nederland verschaft de algemeen directeur Grote Ondernemingen van de Belastingdienst op diens verzoek inlichtingen over de uitoefening van de gemachtigde bevoegdheid.

Artikel 3. Inwerkingtreding en horizonbepaling

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt met ingang van 31 december 2027.

Artikel 4. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Machtigingsbesluit inzake het maken van een bestand met daarin de vermoedelijk belastingplichtigen voor de CO2-heffing glastuinbouw.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De inspecteur, De algemeen directeur Grote Ondernemingen, D.L.H. van Beek

TOELICHTING

Met ingang van 1 januari 2025 is de Belastingdienst belast met de heffing en invordering van de CO2-heffing glastuinbouw2. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) zal gezien zijn inhoudelijke expertise voor de Belastingdienst een zogenoemd doelgroepbestand maken. Dit is een bestand met daarin de vermoedelijk belastingplichtigen voor de CO2-heffing glastuinbouw3. Dit bestand zal door de Belastingdienst worden gebruikt om de uitnodigingen tot het doen van aangifte aan de belastingplichtigen voor de CO2-heffing glastuinbouw te versturen. Hiermee wordt zoveel mogelijk voorkomen dat niet-belastingplichtigen worden uitgenodigd en wordt bewerkstelligd dat de doelgroep zo compleet mogelijk is.

De RVO handelend namens de inspecteur zal enerzijds in de RVO-systemen beschikbare en noodzakelijke informatie opvragen die nodig is voor het maken van het doelgroepbestand (gebruikmakend van artikel 55 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen). Anderzijds zal de RVO handelend namens de inspecteur voor het maken van het doelgroepbestand gebruik maken van de antwoorden op de vragen die gesteld worden ten behoeve van het maken van het doelgroepbestand in de Gecombineerde Opgave van de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur. Dit is een efficiënte en effectieve wijze van uitvraag, waarmee ook de administratieve lasten beperkt blijven.

Om dit mogelijk te maken wordt de desbetreffende ministeriële regeling, de Regeling Landbouwtelling en Gecombineerde opgave voor de desbetreffende jaren aangepast.

Dit besluit vervalt met ingang van 31 december 2027 omdat de machtiging vooralsnog slechts wordt verleend voor te verrichten werkzaamheden ten behoeve van het eerste tijdvak van de CO2-heffing glastuinbouw. Mocht daartoe aanleiding bestaan dan zal de machtiging worden verlengd.

De inspecteur, De algemeen directeur Grote Ondernemingen, D.L.H. van Beek


X Noot
1

Artikel 71z, tweede lid, van de Wet belastingen op milieugrondslag.

X Noot
2

De CO2-heffing glastuinbouw, bedoeld in de artikelen 71t tot en met 71z van de Wet belastingen op milieugrondslag.

X Noot
3

Belastingplichtigen voor de CO2-heffing glastuinbouw als bedoeld in artikel 71v van de Wet belastingen op milieugrondslag.


X Noot
1

Artikel 71z, tweede lid, van de Wet belastingen op milieugrondslag.

X Noot
2

De CO2-heffing glastuinbouw, bedoeld in de artikelen 71t tot en met 71z van de Wet belastingen op milieugrondslag.

X Noot
3

Belastingplichtigen voor de CO2-heffing glastuinbouw als bedoeld in artikel 71v van de Wet belastingen op milieugrondslag.

Naar boven