Besluit vormeisen, vaststelling basisscore geografische spreiding en maximale subsidiebedragen Deelregeling projectsubsidies Fonds Podiumkunsten

De Raad van Bestuur van Stichting Nederlands Fonds voor Podiumkunsten:

Gelet op artikel 1.3 zevende lid, artikel 2.5, derde lid en artikel 2.6 zevende lid van de Deelregeling projectsubsidies Fonds Podiumkunsten;

Besluit:

Artikel 1: Vormeisen

  • 1. Het plan voldoet aan de volgende vormeisen:

    • a. lengte; maximaal 12 pagina’s inclusief afbeeldingen, voorblad en eventuele inhoudsopgave;

    • b. formaat: A4;

    • c. lettergrootte: ten minste 10 pt;

    • d. marges: minimaal 2,5 cm (links, rechts, onder, boven);

    • e. zwarte letters op witte pagina's;

    • f. het document is een doorzoekbaar en afdrukbaar pdf-bestand (geen scans).

  • 2. Indien een plan de lengte als bedoeld in het eerste lid onder a overschrijdt, wordt alleen het deel van het plan dat binnen de gestelde limiet valt betrokken bij de beoordeling. Informatie die daarna volgt, wordt niet meegenomen bij de beoordeling van de aanvraag.

  • 3. De gespecificeerde begroting dient te worden ingevuld via de digitale begrotingsapplicatie op www.productiebegroting.nl en vervolgens als pdf-bestand in het aanvraagformulier te worden geüpload.

  • 4. Muziek- en videomateriaal wordt aangeleverd door een URL naar content op te nemen in het aanvraagformulier. Het is niet toegestaan content na de uiterste indieningsdatum te wijzigen.

  • 5. URL’s die onjuist zijn, waarvan het geüploade muziek- en videomateriaal na de uiterste indieningsdatum is gewijzigd of die tot 18 weken na de verzenddatum van het beschikkingsbesluit niet toegankelijk zijn voor het Fonds worden niet meegenomen bij de beoordeling van de aanvraag.

  • 6. URL’s die niet zijn opgenomen in het aanvraagformulier worden niet meegenomen bij de beoordeling.

Artikel 2: Spreiding uitvoeringen

Voor de beoordeling van het criterium ‘geografische spreiding’ geldt voor de berekening van de basisscore voor het onderdeel ‘spreiding van uitvoeringen’ het volgende:

Uitvoeringen in het buitenland en de G4 tellen voor het bepalen van de score op het onderdeel ‘spreiding van uitvoeringen’ niet mee.

Klein aantal

(0 pt)

Gemiddeld aantal

(1pt)

Groot aantal

(2pt)

Theater

uitvoeringen

uitvoeringen

uitvoeringen

– jeugd (2+)

<20

20–35

>35

– tekst

<15

15–30

>30

– jongeren (12+)

<15

15–25

>25

– community

<15

15–25

>25

– mime, beweging, circus

<10

10–20

>20

– object (poppen, beeldend)

<10

10–20

>20

       

Dans

     

– Jeugd (2+)

<20

20–30

>30

– Klassiek, academisch modern

<12

12–20

>20

– jongeren (12+)

<10

10–20

>20

– hiphop, urban dance

<10

10–20

>20

– modern hedendaags

<10

10–15

>15

– conceptueel

<6

6–12

>12

       

Muziektheater

     

– jeugd (2+)

<20

20–35

>35

– populair (musical, popmuziek, kleinkunst)

<15

15–25

>25

– jongeren (12+

<15

15–25

>25

– kleinschalig opera/muziektheater

<7

7–14

>14

– opera

<6

6–10

>10

– hedendaags, nieuw-gecomponeerd klassiek

<6

6–10

>10

       

Muziek

     

– jeugd (2+)

<20

20–35

>35

– pop

<15

15–25

>25

– klassiek

<7

7–14

>14

– jazz geïmproviseerd en global

<7

7–14

>14

– hedendaags, nieuw-gecomponeerd klassiek

<6

6–12

>12

Deze tabel is gebaseerd op onderzoek naar de gerealiseerde output van gehonoreerde aanvragers binnen de deelregeling Productiesubsidies.

Artikel 3: Maximale subsidiebedragen

  • 1. Een subsidie bedraagt ten hoogste 78.750 euro.

  • 2. Indien de aanvraag betrekking heeft op een concours bedraagt de subsidie ten hoogste 52.500 euro.

  • 3. Indien de eigen inkomsten meer dan 50 procent van de totale begroting bedragen, bedraagt de subsidie ten hoogste 105.000 euro.

  • 4. Voor een compositie of libretto kan een aanvullende subsidie van ten hoogste 26.250 euro worden verstrekt, waarbij het totale subsidiebedrag niet meer bedraagt dan 105.000 euro.

  • 5. In afwijking van het vierde lid bedraagt de aanvullende subsidie voor een compositie of libretto in het kader van een concours ten hoogste 26.250 euro waarbij het totale subsidiebedrag niet meer bedraagt dan 78.750 euro.

Artikel 4: Inwerkingtreding

Dit besluit wordt bekendgemaakt door kennisgeving in de Staatscourant en treedt in werking met ingang van 22 juli 2026. Indien de Staatscourant waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 22 juli 2026 treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 22 juli 2026.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het bestuur van Stichting Nederlands Fonds voor Podiumkunsten op 21 juli 2026

Naar boven