Verbetering re-integratie tweede spoor: kennis versterken in de praktijk

Datum openstelling: dinsdag 11 augustus 2026

Deadline subsidieoproep: donderdag 12 november 2026, 14.00 uur

Plaats: Den Haag

Inhoud

1.

Leeswijzer

2.

Over de subsidieoproep

2.1.

Achtergrond en context

2.2.

Doel

2.3.

Beschikbaar budget

2.4.

Belangrijke data

3.

Voorwaarden voor aanvragers

3.1.

Wie kan aanvragen?

3.2.

Staatssteun

3.3.

Samenwerking met derden

3.4.

Wat kan aangevraagd worden?

3.5.

Het opstellen en indienen van de aanvraag

3.6.

Voorwaarden voor indiening

3.7.

Subsidievoorwaarden

4.

Beoordelingsprocedure

4.1.

Procedure

4.2.

In behandeling nemen van de subsidieaanvraag

4.3.

Beoordeling

4.4.

Besluitvorming

4.5.

Beoordelingscriteria

4.6.

Kwaliteitscriteria

4.7.

Relevantiecriteria

5.

Vervolg en verplichtingen

5.1.

Verplichtingen

5.2.

Impactverslag

6.

Contact en overige informatie

6.1.

Inhoudelijke vragen

6.2.

Technische vragen

6.3.

Downloads en links

Bijlagen

 

A.

Staatssteun – de-minimisverordening

B.

De-minimisverklaring

1. Leeswijzer

Deze subsidieoproep behoort bij het programma Verbetering re-integratie tweede spoor en valt onder de verantwoordelijkheid van ZonMw. In deze subsidieoproep staat beschreven wat het doel is van de subsidieoproep, hoe de aanvraag- en beoordelingsprocedure zijn ingericht en aan welke voorwaarden de subsidieaanvraag moet voldoen. Dit document geeft daarnaast een overzicht van de verplichtingen na toekenning van de subsidieaanvraag. In Hoofdstuk 6 ‘Contact en overige informatie’ staat beschreven hoe u contact met ZonMw kunt opnemen. We raden u aan om deze subsidieoproep goed door te nemen. Zo weet u wat er van u wordt verwacht wanneer u een subsidieaanvraag indient.

2. Over de subsidieoproep

2.1 Achtergrond en context

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft eind 2018 afspraken gemaakt met werkgevers en werknemers over het alternatieve pakket voor de Regeerakkoordmaatregelen van 2017 over de loondoorbetalingsverplichting bij ziekte en de WIA en de Tweede Kamer hierover geïnformeerd.1 Eén van de maatregelen betreft het inzetten van innovatieve aanpakken om de mogelijkheden voor re-integratie tweede spoor beter te benutten dan tot nu toe gebeurt. Hiertoe heeft het Ministerie van SZW aan ZonMw gevraagd een subsidieprogramma op te zetten, waarin vertegenwoordigers van werkgevers, werknemers, onderzoeksorganisaties en andere relevante organisaties met elkaar innovatieve aanpakken ontwikkelen, in de praktijk toepassen en onderzoeken op werkzaamheid.

Het programma Verbetering re-integratie tweede spoor is in 2021 gestart. De doelstelling van het ZonMw programma is het bevorderen van succesvolle re-integratie in het tweede spoor met behulp van een innovatieve aanpak voor werknemers en werkgevers. Het programma richt zich daarnaast op het ophalen van successen uit de praktijk om hier lering uit te trekken. Het beoogde resultaat van dit programma is een ‘gereedschapskist’ die bestaat uit aanpakken waarvan de werkzaamheid aannemelijk is en brede bekendheid krijgt.

Het programma verzamelt ervaringen van deelnemers aan de projecten. Deze ervaringen kunnen werkgevers en werknemers helpen bij vergelijkbare trajecten. De geleerde lessen kunnen ook gebruikt worden voor opschaling en doorontwikkeling. Binnen de projecten is daarom veel aandacht voor communicatie over en implementatie van de resultaten. In 2026 en 2027 verwachten we de resultaten van de 18 projecten die door het programma zijn gefinancierd.

2.2 Doel

Het doel van deze subsidieoproep is om te zorgen dat kennis over re-integratie in het tweede spoor vaker en effectiever wordt gebruikt in de praktijk. In deze subsidieronde kunnen projecten uit het programma ‘Verbetering re-integratie tweede spoor’ subsidie aanvragen voor het stimuleren van verdere toepassing en implementatie van hun projectresultaten in beleid, onderwijs en praktijk. Het project omvat een goed doordachte aanpak voor het (verder) toepassen of implementeren van de ontwikkelde kennis en/of kennisproducten uit de projecten van het programma. Hierbij dient onderbouwd te worden waarom de projectresultaten verder toegepast moeten worden in de praktijk, waar de behoefte van de praktijk ligt en waar nog praktische hulpmiddelen ontbreken. Daarnaast maakt de subsidieaanvraag duidelijk hoe de voorgestelde activiteiten bijdragen aan een betere toepassing van de projectresultaten in de praktijk.

Het kan bijvoorbeeld gaan om doorontwikkeling of inbedding in de praktijk van een training, handleiding, vernieuwde manier van werken en verspreiding van de innovatieve aanpak naar andere werkgevers. Het is van belang dat er een aantoonbare behoefte in de praktijk is voor de te implementeren kennis. Voor duurzame inbedding van resultaten en verbetering van het re-integratietraject tweede spoor dient de aanpak nauw te worden afgestemd met de betrokken veldpartijen.

Met deze vervolgsubsidie voor de ZonMw-projecten stimuleren we dat eindresultaten, ontwikkelde werkwijzen en kennis in de praktijk (structureel) worden ingebed en daadwerkelijk worden gebruikt. Het project moet in lijn zijn met de doelstellingen en de voorwaarden van het programma ‘Verbetering

re-integratie tweede spoor’.

De specifieke activiteiten die vanuit deze subsidieoproep gefinancierd kunnen worden vindt u onder paragraaf 3.4.

2.3 Beschikbaar budget

Het totaal beschikbare budget voor deze subsidieoproep is € 900.000,–.

U kunt maximaal € 50.000,– per project aanvragen.

In deze subsidieoproep wordt het beschikbare subsidiebudget verdeeld op volgorde van binnenkomst. Wat dit betekent leest u in Hoofdstuk 4 ‘Beoordelingsprocedure’.

2.4 Belangrijke data

Subsidieaanvragen voor deze subsidieronde kunnen doorlopend worden ingediend tot uiterlijk donderdag 12 november 2026, 14.00 uur en worden op volgorde van binnenkomst beoordeeld.

De belangrijke data voor deze subsidieoproep zijn:

Wat

Wanneer

Openstelling subsidieoproep

Dinsdag 11 augustus 2026

Deadline indienen subsidieaanvraag

Doorlopend, maar uiterlijk donderdag 12 november om 14.00 uur

Besluit

Uiterlijk 8 weken na indienen subsidieaanvraag

Online vragenuurtjes

1. Dinsdag 1 september 2026

2. Donderdag 1 oktober 2026

3. Voorwaarden voor aanvragers

Dit hoofdstuk bevat de voorwaarden die gelden voor uw subsidieaanvraag. Eerst wordt beschreven wie subsidie kan aanvragen en waarvoor u subsidie kunt aanvragen. Vervolgens vindt u de voorwaarden voor het opstellen en indienen van de aanvraag.

ZonMw beoordeelt of subsidieaanvragen voldoen aan de voorwaarden die in dit hoofdstuk beschreven staan.

3.1 Wie kan aanvragen?

Subsidie kan worden aangevraagd namens een organisatie, zogenaamde publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersonen, die in het Koninkrijk der Nederlanden gevestigd is. Uitvoerders van een wettelijke taak dienen in de bijlage bij de subsidieaanvraag aan te geven welke wettelijke taak in dit verband wordt uitgevoerd, met verwijzing naar de betreffende wet en wetsartikel.

  • • Uitsluitend de 18 projecten die vanuit het programma ‘Verbetering re-integratie tweede spoor’ zijn gefinancierd kunnen aanspraak maken op een aanvullende subsidie.

  • • De aanvrager van de subsidie binnen deze subsidieronde dient werkzaam te zijn bij een organisatie die betrokken was bij het primaire project.

  • • De hoofdaanvrager en bestuurlijk verantwoordelijke zijn werkzaam bij dezelfde organisatie.

Per primair project mag één aanvraag worden ingediend binnen deze subsidieronde. Als er meerdere aanvragen per primair project worden ingediend, dan neemt ZonMw alleen de eerste in behandeling genomen subsidieaanvraag mee in de beoordeling.

3.2 Staatssteun

Staatssteun is het direct dan wel indirect verstrekken van financiële steun aan ondernemingen2 door overheden. Staatssteun is in principe verboden, omdat hiermee de concurrentie op de Europese markt kan worden verstoord. ZonMw verstrekt geen subsidie als dit leidt, of kan leiden, tot het verlenen van onrechtmatige staatssteun.3

ZonMw maakt in deze subsidieoproep gebruikt van de de-minimisverordering.

De-minimisverordening

Wanneer ondernemingen4 binnen deze subsidieronde aanspraak maken op subsidie, verstrekt ZonMw de subsidie onder de de-minimisverordening5. Dat betekent dat er specifieke financieringsvoorwaarden en regels voor de begroting zijn. In Bijlage A: Staatssteun – de-minimisverordening vindt u meer informatie over de de-minimisverordening die hoort bij deze subsidieoproep en de vereisten van de de-minimisverordening waaraan moet worden voldaan. Op de website van Europa decentraal staat meer algemene informatie over de de-minimisregeling. ZonMw is verplicht om bij het verlenen van de-minimis steun bepaalde informatie, zoals het toegekende steunbedrag en de identificatie van de begunstigde, vast te leggen in een openbaar toegankelijk centraal Europees register: het eAidregister.

Onderzoeksorganisaties

Niet iedere organisatie die onderzoek doet, is volgens de geldende Europese staatssteunrecht een 'organisatie voor onderzoek en kennisverspreiding'. De formele definitie vindt u in de AGVV (art. 2 lid 83) en de Europese O&O&I-Kaderregeling. Kort samengevat moet uw organisatie voldoen aan drie harde eisen:

  • 1. Het hoofddoel van de organisatie moet zijn: het onafhankelijk doen van fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling. De organisatie moet dit onderzoek ook zelf doen. Het verspreiden van de resultaten van dat onderzoek kan daarop een aanvulling zijn.

  • 2. Indien u ook economische activiteiten verricht. Dan houdt u een boekhouding bij met een scheiding tussen economische en niet-economische activiteiten.

  • 3. Private partijen (zoals bedrijven) hebben geen bevoorrechte toegang tot de onderzoekscapaciteit of de onderzoeksresultaten.

Vraagt uw organisatie subsidie aan als onderzoeksorganisatie? Dan dient u aan te tonen dat uw organisatie onlangs door ZonMw als zodanig is aangemerkt. Is dit niet het geval? Dan vragen wij u vóór indiening contact met ons op te nemen.

Niet-economische activiteiten

Deze categorie is bedoeld voor organisaties die geen erkende onderzoeksorganisatie zijn (zoals gemeenten, zorginstellingen of specifieke stichtingen), maar binnen dit project wel activiteiten uitvoeren zonder commercieel karakter. Bij niet-economische activiteiten is er geen sprake van marktwerking of verstoring van de concurrentie.

Bij subsidieoproepen is vooraf al bepaald welke activiteiten niet-economisch van aard zijn. Bent u van mening dat uw organisatie in het kader van deze subsidieoproep niet-economische activiteiten verricht? Dan levert u bij uw aanvraag een heldere onderbouwing aan. Licht hierin concreet toe op basis van welke argumenten en criteria u tot de kwalificatie ‘niet-economische activiteiten’ bent gekomen.

NB. Voor bekostigde onderwijsinstellingen (zoals mbo- en hogescholen) geldt dat hun reguliere, wettelijke onderwijstaken en het daaraan gekoppelde onafhankelijke praktijkonderzoek (zoals binnen lectoraten of practoraten) in beginsel als niet-economisch worden aangemerkt.

3.3 Samenwerking met derden

ZonMw stimuleert samenwerking tussen en deelname van verschillende partijen aan projecten. Daarbij geldt dat ZonMw geen subsidie verstrekt als afspraken leiden, of kunnen leiden, tot het verlenen van onrechtmatige staatssteun of als daardoor niet aan de Algemene subsidiebepalingen ZonMw of voorwaarden van de subsidieoproep kan worden voldaan. Afspraken over samenwerking en sponsoring moeten voor de start van het project onderling te zijn geregeld.

Aanvragers zijn er zelf verantwoordelijk voor dat de samenwerking die zij aangaan niet tot onrechtmatige staatssteun leidt.

Bij een samenwerking moet in de subsidieaanvraag en begroting het volgende naar voren komen:

  • • Met welke partijen samengewerkt wordt. Beschrijf per partij op welke manier deze actief bijdraagt aan het project. Dit zijn in elk geval partijen die op de begroting voorkomen als een partij die aanspraak wil maken op een deel van de subsidie. Ook partijen die voor eigen rekening en risico actief bijdragen maken onderdeel uit van de samenwerking.

  • • Met welke partij(en) een sponsorovereenkomst zal worden aangegaan en op welke manier wordt bijgedragen: met geld of met mensen / middelen (in-natura).

  • • Welke partijen worden ingehuurd of, als dit nog niet bekend is, voor welke activiteiten wordt voorzien dat dit door derden zal worden uitgevoerd en de daarvoor te maken kosten (inclusief btw). Zie voor meer informatie en de voorwaarden voor inhuur/opdracht de ZonMw-webpagina Subsidies en samenwerking, bijdragen van derden.

Hoewel het niet verplicht is om een samenwerkingsovereenkomst af te sluiten, is het wel verstandig om schriftelijke afspraken te maken over bijvoorbeeld subsidieverdeling, het gebruik van de resultaten en verdeling van de opbrengsten. Dien deze afspraken voor de start van uw project bij het programmateam in door te mailen naar tweedespoor@zonmw.nl

3.4 Wat kan aangevraagd worden?

In deze subsidieronde kunt u maximaal € 50.000,– subsidie aanvragen. De maximale looptijd van het project is 12 maanden. Het project moet uiterlijk 31 december 2027 afgerond zijn.

De volgende activiteiten kunnen worden gefinancierd vanuit de subsidie:

Het stimuleren van de verdere toepassing en implementatie van kennis en kennisproducten uit het programma ‘Verbetering re-integratie tweede spoor’. In de subsidieaanvraag wordt beschreven op welke manier deze kennis en kennisproducten de praktijk versterken. Er zijn verschillende manieren waarop dit doel kan worden bereikt. Onderstaande voorbeelden zijn niet uitputtend; ook andere activiteiten zijn mogelijk, zolang deze bijdragen aan een betere toepassing van de resultaten uit het programma. Alle activiteiten vinden plaats op lokaal, regionaal of landelijk niveau en richten zich op de Nederlandse context.

Voorbeelden van activiteiten zijn:

  • • De inzet van implementatiestrategieën om bestaande maatregelen, interventies of initiatieven beter toe te passen in de praktijk. Zie hier een overzicht van mogelijke implementatiestrategieën.

  • • Het uitvoeren van kleinschalige pilotactiviteiten waarin bestaande kennis en kennisproducten uit de projecten breder worden toegepast en geëvalueerd.

  • • Het ontwikkelen van praktische hulpmiddelen, zoals handreikingen, implementatieplannen, draaiboeken of toolkits die professionals ondersteunen bij de uitvoering van hun werkzaamheden met betrekking tot re-integratie in het tweede spoor. Deze hulpmiddelen dienen openbaar beschikbaar te zijn.

Houd daarbij rekening met de volgende punten:

  • • Indien implementatie in onderwijs en opleiding het doel van het project is, maak dan duidelijk dat de activiteiten gericht zijn op een duurzame opzet van scholing (en dus niet eenmalig zijn).

  • • De subsidie is nadrukkelijk bedoeld voor het kunnen zetten van een volgende stap in de gewenste verandering/verbetering van de re-integratie voor werknemers en werkgevers. Het gaat om een langdurig resultaat dan wel een blijvende verankering. Een doordachte aanpak met de doelgroepen uit het veld (de gebruikers) is daarvoor een vereiste. Als er bij deze groep geen draagvlak of bereidheid is om mee te werken, is het ingediende plan minder realistisch.

  • • We moedigen u aan om gebruik te maken van bestaande structuren als kennisnetwerken en (opleiding)platforms. En om aan te sluiten bij relevante databanken voor interventies. Dit komt ten goede aan de duurzame borging van de projecten.

  • • We moedigen u aan om samen te werken en op elkaar aansluitende en versterkende subsidieaanvragen in te dienen, waarin de opgedane kennis uit de afzonderlijke projecten gezamenlijk wordt verspreid. Het is wel van belang dat projecten zelfstandig kunnen worden uitgevoerd.

  • • Alleen kosten gemaakt tijdens de looptijd van het project mogen worden opgegeven. Kosten voorafgaand aan of na afloop van de looptijd zijn niet subsidieerbaar/declarabel. BTW wordt alleen vergoed voor zover de begunstigde geen btw-aftrek heeft. En wanneer dit onderdeel uitmaakt van de kosten van de aanvrager.

De subsidie kan niet gebruikt worden voor:

  • • Activiteiten voor implementatie en communicatie die reeds zijn opgenomen in het primaire project, zoals een beschrijving van de randvoorwaarden en succesfactoren voor borging en verdere implementatie.

  • • Het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek.

  • • Het ontwikkelen van nieuwe interventies of innovatieve aanpakken.

  • • Directe, eenmalige financiering voor scholing voor projectgroepleden.

  • • Het uitvoeren van eenmalige activiteiten, zoals het organiseren van een bijeenkomst of het aanpassen van een website.

  • • De uitvoering van reguliere re-integratieactiviteiten door deelnemende werkgevers en professionals.

3.5 Het opstellen en indienen van de aanvraag

  • • Vul in Mijn ZonMw het aanvraagformulier in en voeg de verplichte bijlagen toe. Dit vormt samen de subsidieaanvraag. De subsidieaanvraag dient u in vóór het verstrijken van de deadline.

  • • De startdatum van het project ligt na de datum van versturen van de beschikking (zie paragraaf 4.4 ‘Besluitvorming’).

  • • Schrijf uw subsidieaanvraag in het Nederlands.

  • • Staatssteun -de volgende verklaring volledig invullen en ondertekenen:

3.6 Voorwaarden voor indiening

ZonMw toetst uw subsidieaanvraag op onderstaande voorwaarden voor indiening. Alleen als uw aanvraag aan deze indieningsvoorwaarden voldoet wordt deze beoordeeld. Wanneer u een administratieve fout heeft gemaakt bij het indienen – bijvoorbeeld omdat u een verkeerd document heeft toegevoegd – krijgt u 48 uur de tijd om deze fout te herstellen, zodat u alsnog kunt voldoen aan de voorwaarden voor indiening. We vragen u om hier na de indiening beschikbaar voor te zijn.

  • • De subsidieaanvraag is volledig en ingediend via Mijn ZonMw vóór de gestelde deadline.

  • • De subsidieaanvraag is in het Nederlands geschreven.

  • • De hoofdaanvrager en medeaanvragers voldoen aan de in paragraaf 3.1 gestelde voorwaarden.

  • • Uw project start uiterlijk 6 maanden na verzenddatum van de beschikking en loopt tot uiterlijk 31 december 2027.

  • • De startdatum van het project ligt na de datum van versturen van de beschikking.

  • • Het aangevraagde subsidiebedrag is maximaal € 50.000,–.

  • • De ‘Samenvatting projectbegroting’ (onderdeel 5.1 van het aanvraagformulier) is volledig ingevuld en kloppend. Onderdeel 5.2 van het aanvraagformulier, ‘Gespecificeerde projectbegroting’, mag u leeg laten.

  • • Staatssteun – de-minimisverordening, de volgende verklaring volledig invullen en ondertekenen:

    • ○ De-minimisverklaring, of: Uitvoerders van een wettelijke taak dienen in een bijlage te verklaren welke wettelijke taak in dit verband wordt uitgevoerd.

  • • Let erop dat alle bijlagen in 1 document worden samengevoegd. Er kan slechts 1 bijlage worden toegevoegd in Mijn ZonMw.

3.7 Subsidievoorwaarden

Bij het aanvragen van een subsidie bij ZonMw zijn de Algemene subsidiebepalingen ZonMw 2026 en het Akkoord bekostiging wetenschappelijk onderzoek 2008 van toepassing.

Cofinanciering is in deze subsidieoproep niet verplicht maar het is wel mogelijk om cofinanciers toe te voegen.

4. Beoordelingsprocedure

4.1 Procedure

Subsidieaanvragen worden beoordeeld op volgorde van binnenkomst. De datum waarop de subsidieaanvraag is ingediend, is de datum van binnenkomst. Het kan voorkomen dat het totale beschikbare subsidiebudget (het subsidieplafond) al voor de deadline op is. In dat geval sluit de subsidieoproep eerder. Dit wordt via de website van ZonMw bekend gemaakt.

4.2 In behandeling nemen van de subsidieaanvraag

Zo snel mogelijk nadat u uw subsidieaanvraag heeft ingediend, hoort u of ZonMw uw subsidieaanvraag in behandeling neemt. ZonMw bepaalt dit aan de hand van de indieningsvoorwaarden. Alleen als uw subsidieaanvraag aan deze voorwaarden voldoet, kan ZonMw deze in behandeling nemen. Houd er rekening mee dat ZonMw u binnen 2 weken na indiening van de subsidieaanvraag kan benaderen om eventuele administratieve correcties door te voeren om (alsnog) te voldoen aan de voorwaarden voor indiening. U krijgt 1 keer de gelegenheid om correcties door te voeren. Hiervoor krijgt u eenmalig 48 uur de tijd vanaf verzending van het verzoek om herstel vanuit ZonMw.

De datum en het tijdstip waarop de gecorrigeerde subsidieaanvraag is ingediend, bepaalt de datum van binnenkomst en dus de volgorde van binnenkomst.

4.3 Beoordeling

Subsidieaanvragen worden op volgorde van binnenkomst beoordeeld aan de hand van de kwaliteits- en relevantiecriteria. Bureaumedewerkers van ZonMw beoordelen of uw subsidieaanvraag aan elk beoordelingscriterium voldoet. Zij checken ook of aan alle subsidievoorwaarden is voldaan. Alleen subsidieaanvragen die aan alle beoordelingscriteria en subsidievoorwaarden voldoen worden gehonoreerd.

4.4 Besluitvorming

Aanvragers ontvangen uiterlijk 8 weken na indiening van de subsidieaanvraag een beschikking. In de beschikking staat beschreven of de subsidieaanvraag wordt toegekend of op basis van welke criteria en/of subsidievoorwaarden de subsidieaanvraag wordt afgewezen.

4.5 Beoordelingscriteria

Hieronder staan de kwaliteitscriteria en relevantiecriteria. Tijdens de beoordeling wordt bepaald of subsidieaanvragen aan deze criteria voldoen.

4.6 Kwaliteitscriteria

  • • Doel

Het is duidelijk wat het doel van de subsidieaanvraag is, welke beoogde resultaten worden behaald en wat de eindproducten zijn.

Beschrijf helder en concreet:

  • • hoe u de toepassing en/of implementatie in de praktijk wilt verbeteren of versterken;

  • • welke verandering of verbetering er plaatsvindt voor de doelgroep;

  • • welke voorwaarden en mogelijke knelpunten er zijn voor verdere toepassing en/of implementatie in de praktijk;

  • • Plan van aanpak

In het plan van aanpak staan de volgende elementen beschreven:

  • • activiteiten/werkwijzen/methoden;

  • • tijdpad;

  • • rol- en taakverdeling;

  • • betrokkenheid doelgroep en/of stakeholders bij het project, zowel bij de opzet als de uitvoer van het project;

  • • haalbaarheid met betrekking tot menskracht, tijd en financiën.

Het is aannemelijk dat met het plan van aanpak het doel bereikt kan worden en er is beschreven hoe de resultaten geïmplementeerd gaan worden. Er is daarnaast beschreven op welke manier de doelgroepen en/of stakeholders betrokken zijn bij het project.

  • • Projectgroep

    De projectgroep heeft de expertises in huis die nodig zijn voor de uitvoering van het project. Denk dus ook aan specifieke expertise op het gebied van implementatie en communicatie. In het aanvraagformulier moet u de expertises en ervaringen van de projectgroepleden per projectgroeplid toelichten bij onderdeel ‘2.1 projectgroepleden’. Hiervoor moet bij onderdeel ‘1.4 Extra projectleden’, ‘Ja’ aan gevinkt worden.

  • • Begroting

    In de ‘Samenvatting projectbegroting’ (onderdeel 5.1 van het aanvraagformulier) staat beschreven wie welke kosten maakt. Deze kosten staan in verhouding tot het plan van aanpak. De ‘Samenvatting projectbegroting’ sluit aan op de begrotingsvoorwaarden in de subsidieoproep. Onderdeel 5.2 van het aanvraagformulier, ‘Gespecificeerde projectbegroting‘, mag u leeg laten.

4.7 Relevantiecriteria

  • • Aansluiting subsidieoproep

  • • Er is beschreven hoe de subsidieaanvraag aansluit bij het doel van de subsidieoproep en de doelen van het programma Verbetering re-integratie tweede spoor. De subsidieaanvraag dient gefocust te zijn op de eindresultaten van het primaire project. Het is duidelijk welke bestaande kennis en kennisproducten centraal staan.

  • • Aansluiting praktijk

  • • U onderbouwt waarom de resultaten van het primaire project verder dienen te worden toegepast in de praktijk en hoe de voorgestelde activiteiten hieraan bijdragen. U beschrijft de behoefte vanuit de praktijk en waar nog praktische hulpmiddelen en of kennis ontbreken.

  • • Doelgroepen en stakeholders

  • • Er is beschreven op welke manier de resultaten van het project relevant zijn voor welke doelgroepen en/of stakeholders. Voor een duurzame inbedding van de resultaten dient de aanpak nauw te worden afgestemd met werknemers, werkgevers en andere betrokken veldpartijen.

5. Vervolg en verplichtingen

5.1 Verplichtingen

Als een subsidieaanvraag wordt toegewezen, ontvangt de aanvrager een positieve beschikking. ZonMw maakt het volledige subsidiebedrag over rond de startdatum van het project. Bij het ontvangen van de subsidie horen ook verplichtingen. U moet daarom bij de uitvoering van uw project aan onderstaande voldoen:

  • • Start- en einddatum

  • • Het project moet uiterlijk 6 maanden na de verzenddatum van de beschikking starten. De einddatum van de projecten is uiterlijk 31 december 2027.

  • • Meldingsplicht

    Voor deze subsidie vraagt ZonMw geen voortgangsrapportages op. Hier staat wel een meldingsplicht tegenover. Dit betekent dat wanneer er wijzigingen in het project of de planning optreden, u verplicht bent deze wijzigingen tijdig aan ZonMw te melden. Gebruik hiervoor het wijzigingsformulier in Mijn ZonMw of meld de wijziging bij het programmateam via tweedespoor@zonmw.nl. Mocht blijken dat niet voldaan is aan de meldingsplicht, dan kan dit gevolgen hebben voor de hoogte van het verleende subsidiebedrag.

  • • Bewijs van prestatielevering

Voor deze subsidieronde worden de subsidies eerst verleend en pas vastgesteld als de activiteiten zijn afgerond. Verantwoording vindt plaats na het einde van de looptijd van het project. De verantwoording gaat alleen over de prestatie. U hoeft geen uitgebreide financiële administratie bij te houden, maar u moet wel stukken bewaren als bewijs dat de activiteiten waarvoor subsidie is aangevraagd zijn uitgevoerd zoals aangegeven in de aanvraag. 2 weken voor de einddatum van het project wordt een taak opengesteld in Mijn ZonMw om een Bewijs van prestatielevering in te dienen. Deze moet binnen 10 werkdagen na het verstrijken van de einddatum ingediend zijn. U kunt bijvoorbeeld het volgende indienen: een ontwikkelde handreiking, toolkit of implementatiehandleiding, een korte rapportage van uitgevoerde activiteiten of een link naar een online kennisproduct (bijv. factsheet). Als bij de eindcontrole blijkt dat de activiteiten niet of niet geheel zijn verricht en u dit niet tijdig heeft gemeld, kan ZonMw de subsidie op nihil vaststellen.

Daarnaast is het verplicht om als eindproduct een factsheet op te leveren met de geleerde lessen die u heeft opgedaan tijdens uw project. ZonMw zal u daarvoor tijdig een format aanleveren.

  • • Herbruikbare kennis uit subsidies

    Om de resultaten toegankelijk en bruikbaar te maken voor iedereen, verwacht ZonMw van projectleiders dat zij hun resultaten zoveel mogelijk beschikbaar stellen. Denk hierbij aan artikelen, metadata, data, presentaties, trainingen, protocollen, posters, boeken, onderzoekssoftware en aanbevelingen. Alle wetenschappelijke artikelen, die voortkomen uit ZonMw gefinancierd onderzoek, moeten direct Open Access beschikbaar te zijn. De onderliggende data en/of niet numerieke resultaten die ten grondslag liggen aan de conclusies van de publicaties, moeten gelijktijdig met de publicatie zo openbaar mogelijk worden gemaakt.

5.2 Impactverslag

Na het verstrijken van de einddatum van het project vraagt ZonMw u te rapporteren over de resultaten en impact van het project in een impactverslag. U ontvangt voor het opstellen van dit impactverslag een taak in Mijn ZonMw.

De informatie uit het impactverslag wordt op de ZonMw-website gepubliceerd. Dit is van belang voor het delen van kennis en het vergroten van (maatschappelijke en/of wetenschappelijke) impact van de resultaten. Daarnaast evalueert ZonMw aan de hand van de impactverslagen wat de subsidieoproep aan kennis en impact heeft opgeleverd.

6. Contact en overige informatie

6.1 Inhoudelijke vragen

Neem voor inhoudelijke vragen over deze subsidieoproep contact op via tweedespoor@zonmw.nlof met:

  • • Janne van der Klok (Senior programmamanager) – 070 34 95 044

  • • Natascha van Huessen (Programmasecretaris) – 070 34 95 426

  • • Ilona de Jager (Clusterassistent) – 070 34 95 191

6.2 Technische vragen

Neem voor technische vragen over het gebruik van Mijn ZonMw, het online indiensysteem van ZonMw, contact op met de ZonMw-Servicedesk: maandag t/m vrijdag van 9.00 tot 17.00 uur via telefoon 070 349 51 78 of via servicedesk@zonmw.nl. Vermeld in uw e-mail uw telefoonnummer, zodat wij als dat nodig is telefonisch contact met u kunnen opnemen.

6.3 Downloads en links

Tip

Wij raden u aan om, voordat u uw aanvraag digitaal indient, een Word-versie van uw aanvraag te printen (via Mijn ZonMw) en na te lopen op onregelmatigheden. Vooral als u uw aanvraag eerst in Word heeft opgesteld en vervolgens naar Mijn ZonMw heeft gekopieerd, kan het voorkomen dat sommige tekens (zoals aanhalingstekens) niet goed worden omgezet. U kunt dit in Mijn ZonMw zelf corrigeren.

BIJLAGEN

A. Staatssteun – de-minimisverordening

Om in aanmerking te komen voor subsidie onder de de-minimisverordening moet, behalve aan de inhoudelijke criteria van de subsidieoproep, ook worden voldaan aan enkele specifieke vereisten die volgen uit de de-minimisverordening. Deze vindt u hieronder.

Op grond van de de-minimisverordening kan een onderneming van verschillende overheidsinstellingen maximaal € 300.000,– aan subsidie ontvangen over een periode van 3 jaar zonder dat dit ongeoorloofde staatssteun oplevert. Bij het indienen van de uitgewerkte subsidieaanvraag dient u een

de-minimisverklaring in waarin u alle de-minimissteun opgeeft die u over de twee voorgaande belastingjaren en in het lopende belastingjaar heeft ontvangen. Als in het (recente) verleden subsidie is verstrekt als de-minimissteun, zou dat in de betreffende subsidiebeschikking of andere document uitdrukkelijk moeten zijn aangegeven.

Als er sprake is van samenwerking, waarbij meerdere ondernemingen begunstigde van staatssteun kunnen zijn, dan moeten alle ondernemingen voldoen aan de voorwaarden van de de-minimisverordening. Dit betekent dat alle ondernemingen die binnen het project subsidie ontvangen een eigen de-minimisverklaring moeten aanleveren.

Het is belangrijk om zorgvuldig na te gaan of de de-minimisdrempel niet wordt overschreden. Handelen in strijd met de Europese staatssteunregels kan leiden tot terugvordering van de verleende steun, vermeerderd met wettelijke rente.

Het de-minimisplafond geldt voor één onderneming. Artikel 2 lid 2 van de de-minimisverordening (nr. 1407/2013) geeft aan wanneer sprake is van één onderneming. Het kan namelijk voorkomen dat 2 (of meer) ondernemingen een bepaalde band met elkaar onderhouden en onder deze verordening als één onderneming worden gezien. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het hebben van de meerderheid van de stemrechten van de aandeelhouders van een andere onderneming, het recht om onder meer bestuursleden van een andere onderneming te benoemen/ontslaan en het recht een overheersende invloed op een andere onderneming uit te oefenen.

Uw aanvraag voor subsidie wordt afgewezen als:

  • • een van de situaties bedoeld in artikel 1 van de de-minimisverordening zich voordoet waarbij toepassing van de de-minimisverordening is uitgesloten,

of

  • • door toekenning van de gevraagde subsidie het de-minimisplafond zou worden overschreden,

of

  • • uw aanvraag anderszins niet voldoet aan de voorwaarden van de de-minimisverordening.

B. De-minimisverklaring

U kunt de De-minimisverklaring via onderstaande link downloaden:


X Noot
1

Tweede Kamer, vergaderjaar 2018–2019, 29 544, nummer 873 & 32 716, nummer 37

X Noot
2

Een onderneming in de zin van het EU staatssteunrecht betreft elke eenheid die een economische activiteit uitvoert, ongeacht rechtsvorm of wijze van financiering.

X Noot
4

Een onderneming in de zin van het EU staatssteunrecht betreft elke eenheid die een economische activiteit uitvoert, ongeacht rechtsvorm of wijze van financiering.

X Noot
5

Verordening (EU) Nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun.


X Noot
1

Tweede Kamer, vergaderjaar 2018–2019, 29 544, nummer 873 & 32 716, nummer 37

X Noot
2

Een onderneming in de zin van het EU staatssteunrecht betreft elke eenheid die een economische activiteit uitvoert, ongeacht rechtsvorm of wijze van financiering.

X Noot
4

Een onderneming in de zin van het EU staatssteunrecht betreft elke eenheid die een economische activiteit uitvoert, ongeacht rechtsvorm of wijze van financiering.

X Noot
5

Verordening (EU) Nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun.

Naar boven