De Minister van Justitie en Veiligheid,
Gelet op de artikelen 54, vierde lid, en 75bis van het Besluit algemene rechtspositie
politie, en de artikelen 21, tweede lid, en 48 van het Besluit bezoldiging politie;
Besluit:
ARTIKEL I
In artikel 2, eerste lid, van de Regeling vergoedingen politievrijwilligers wordt ‘€ 9,89’ vervangen door ‘€ 10,18’.
ARTIKEL II
De Regeling voorzieningen hondengeleiders politie wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt ‘€ 139,58’ vervangen door ‘€ 143,63’.
2. In het tweede lid wordt ‘€ 97,06’ vervangen door ‘€ 99,87’.
B
In artikel 3, eerste lid, wordt ‘€ 474,19’ vervangen door ‘€ 487,94’.
ARTIKEL III
Artikel 5.1 van de Regeling beroepsgerelateerde gezondheidsklachten politie wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt ‘€ 526,50’ vervangen door ‘€ 550,72’.
2. In het derde lid wordt ‘€ 225,07’ vervangen door ‘€ 235,42’.
ARTIKEL IV
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2026. Indien de Staatscourant
waarin deze regeling wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 30 juni 2026, treedt zij
in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin
deze regeling wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 1 juli 2026.
TOELICHTING
ARTIKEL I
Artikel 2, tweede lid, van de Regeling vergoedingen politievrijwilligers bepaalt dat
de in het eerste lid van dat artikel genoemde vergoeding voor politievrijwilligers
jaarlijks wordt aangepast aan de overeenkomstig door het Centraal Planbureau in het
Centraal Economisch Plan (CEP) gepubliceerde afgeleide consumentenprijsindex (CPI).
Op basis van het CEP 2026 bedraagt de afgeleide CPI voor het jaar 2025 2,9%.
Per 1 juli 2026 wordt het in artikel 2, eerste lid, genoemde bedrag gewijzigd met
de afgeleide jaarmutatie van het CPI. De eerder bestaande vaste vergoeding voor politievrijwilligers
per kalenderjaar is sinds 1 januari 2026 verdisconteerd in de uurvergoeding. De vergoeding
per uur voor politievrijwilligers op basis van artikel 2, eerste lid, van de Regeling
vergoedingen politievrijwilligers wordt € 10,18 per 1 juli 2026. Dit was € 9,89.
ARTIKEL II
Artikel 4 van de Regeling voorzieningen hondengeleiders politie bepaalt dat de maandelijkse
tegemoetkoming voor de geleider voor de kosten ten behoeve van het verzorgen van een
diensthond en de maandelijkse tegemoetkoming voor het gebruik en schoonhouden van
de eigen auto (geregeld in artikel 2), en de maandelijkse compensatie voor de geleider
voor de permanente verantwoordelijkheid voor de diensthond (geregeld in artikel 3),
jaarlijks worden gewijzigd overeenkomstig de door het Centraal Planbureau in het CEP
gepubliceerde afgeleide CPI.
De bedragen in de Regeling voorzieningen hondengeleiders politie worden per 1 juli
2026 derhalve als volgt gewijzigd: de maandelijkse tegemoetkoming voor het verzorgen
van een diensthond in artikel 2, eerste lid, wordt € 143,63. Dit was € 139,58. Het
bedrag voor het gebruik en schoonhouden van de eigen auto voor het vervoer van de
hond in artikel 2, tweede lid, stijgt naar € 99,87. Dit was € 97,06. Het bedrag in
artikel 3, eerste lid, voor de permanente verantwoordelijkheid voor de diensthond
wordt per 1 juli 2026 € 487,94. Dit was € 474,19.
ARTIKEL III
In artikel 5.1 van de Regeling beroepsgerelateerde gezondheidsklachten wordt geregeld
wat onder beroepsmatig verleende juridische bijstand wordt verstaan en tot welke hoogte
de kosten ervoor worden vergoed. Op grond van het vijfde lid, worden de bedragen jaarlijks
per 1 juli aangepast met de wijziging die het indexcijfer voor rechtskundige diensten
(69101) van het CBS heeft ondergaan. De jaarmutatie van 2025 naar 2026 betreft 4,6%.
In het tweede lid wordt het bedrag per 1 juli 2026 € 550,72. Dit was € 526,50. In
het derde lid wordt het bedrag per 1 juli 2026 € 235,42. Dit was € 225,07.
De wijziging van de bedragen is in overeenstemming met de politievakorganisaties tot
stand gekomen.
De Minister van Justitie en Veiligheid,
D.M. van Weel