Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek | Staatscourant 2026, 23945 | overige overheidsinformatie |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek | Staatscourant 2026, 23945 | overige overheidsinformatie |
Veni 2026
Exacte en Natuurwetenschappen
Sociale en Geesteswetenschappen
Toegepaste en Technische Wetenschappen
Zorgonderzoek en Medische Wetenschappen
2026
|
1 |
Overzicht en inleiding |
|
|
1.1 |
Kort overzicht |
|
|
1.2 |
Inleiding |
|
|
1.3 |
Veranderingen ten opzichte van de vorige Call for Proposals |
|
|
2 |
Doelstelling en achtergrond |
|
|
2.1 |
Doelstelling van het programma en de ronde |
|
|
2.2 |
Achtergrond |
|
|
3 |
Opstellen en indienen |
|
|
3.1 |
Tijdpad |
|
|
3.2 |
Wie kan aanvragen |
|
|
3.3 |
Wat kan worden aangevraagd |
|
|
3.4 |
Vooraanmelding opstellen en indienen in het online aanvraagsysteem |
|
|
3.5 |
Aanvraag opstellen en indienen in het online aanvraagsysteem |
|
|
3.6 |
Voorwaarden voor in behandeling nemen |
|
|
4 |
Beoordeling |
|
|
4.1 |
Criteria |
|
|
4.2 |
Procedure |
|
|
4.3 |
Richtlijnen en kaders voor de beoordeling |
|
|
4.4 |
Na de toewijzing |
|
|
5 |
Start van het project |
|
|
5.1 |
Monitoring en projectbeheer |
|
|
5.2 |
Richtlijnen en kaders voor uitvoering project |
|
|
5.3 |
Afronding |
|
|
5.4 |
Onderzoeksresultaten – Open Science |
|
|
5.6 |
Evaluatie |
|
|
6 |
Contact |
|
|
7 |
Bijlagen |
|
|
7.1 |
Toelichting op budgetmodules |
|
|
7.2 |
Indexering |
|
In dit hoofdstuk vindt u een kort overzicht van de ronde en een inleiding.
Titel: Talentprogramma – Veni 2026.
Doel: De Veni-subsidie is bedoeld om wetenschappelijk innovatief onderzoek te financieren en hiermee deze onderzoekers de mogelijkheid te geven zich te ontwikkelen als zelfstandige onderzoekers.
Budget: De aan te vragen subsidie per project bedraagt maximaal € 320.000.
Binnen deze Call for proposals worden naar verwachting maximaal 133 aanvragen toegewezen. Het subsidieplafond en het te verwachten aantal aanvragen dat wordt toegewezen per domein is:
• ENW € 11.790.00, circa 37 aanvragen;
• SGW € 16.000.000, circa 50 aanvragen;
• TTW € 6.720.000, circa 21 aanvragen;
• ZonMw € 8.000.000, circa 25 aanvragen.
Ter verbetering van de genderbalans in de vakgebieden waarin vrouwen getalsmatig achterblijven is een additioneel budget van € 3.200.000 beschikbaar. Met deze middelen worden tot maximaal 10 extra aanvragen van vrouwelijke onderzoekers gehonoreerd. Dit zijn: 5 binnen ENW, 4 binnen TTW, en 1 binnen het panel Economie en Bedrijfskunde van SGW. Voor meer informatie over de procedurestap zie paragraaf 2.1.
Cofinancieringseis: Geen cofinancieringseis.
Eigen bijdrage: Eigen bijdrage is toegestaan, zie paragraaf 3.5.2.
Indieningsdeadline(s):
De deadline voor het indienen van vooraanmeldingen is 1 september 2026, voor 14:00:00 CEST. De deadline voor het indienen van aanvragen is 26 januari 2027, voor 14:00:00 CET.
Procedure: De ronde start met een vooraanmelding op cv, inclusief beknopt onderzoeksidee. Aanvragers die een positief besluit ontvangen op de vooraanmelding, mogen door naar de tweede fase. Hierin wordt gevraagd naar het uitgewerkte onderzoeksidee en mogelijkheden en plannen voor wetenschappelijke en/of maatschappelijke impact.
Deze Call for proposals beschrijft hoe het aanvraagproces voor de ronde ‘NWO-Talentprogramma Veni 2026’ is ingericht en bestaat uit zeven hoofdstukken. Deze Call for proposals valt onder de verantwoordelijkheid van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).
Op alle aanvragen zijn de NWO Subsidieregeling 2024 en het Akkoord bekostiging wetenschappelijk onderzoek van toepassing.
NWO verwerkt persoonsgegevens die zij in het kader van deze ronde ontvangt conform de NWO Privacyverklaring.
In paragraaf 3.2 is verhelderd dat de aanvrager tijdens de looptijd van het project bezoldigd in dienst dient te zijn bij de onderzoeksorganisatie waar het onderzoek plaatsvindt.
NWO heeft de lijst met disciplinecodes herzien. De nieuwe lijst met mogelijk te selecteren disciplinecodes kan hier worden geraadpleegd. Naar aanleiding van deze aanpassing heeft domein ENW de namen van de disciplinaire panels aangepast.
Sinds de ronde van 2025 werkt het domein ENW met een pilot waarbij het onderzoeksidee is uitgebreid van 100 naar 500 woorden. Deze pilot wordt dit jaar voortgezet. De pilot heeft geen invloed op de beoordelingscriteria. Meer informatie is beschikbaar in het aanvraagformulier.
In dit hoofdstuk leest u meer over de doelstelling en de achtergrond van het programma en de ronde.
Het doel van het NWO-Talentprogramma is creatieve ruimte scheppen voor avontuurlijke, talentvolle, baanbrekende onderzoekers, waarin zij onderzoek naar hun keuze kunnen doen, een eigen onderzoekslijn kunnen ontwikkelen en hun talent verder kunnen ontplooien.
De Veni-doelgroep bestaat uit onderzoekers in het stadium van transitie naar zelfstandigheid, waarvoor de Veni kan bijdragen aan de ontwikkeling van de onderzoeker op dit gebied. Onderzoekers die in aanmerking komen voor een Veni-subsidie hebben academische kwaliteiten die duidelijk uitstijgen boven wat gebruikelijk is.
De Veni-subsidie is bedoeld om wetenschappelijk innovatief onderzoek te financieren en hiermee deze onderzoekers de mogelijkheid te geven zich te ontwikkelen als zelfstandige onderzoekers.
Onderzoekers die duidelijk verder zijn in hun carrière, passen niet meer binnen de doelgroep voor een Veni-subsidie. Bijvoorbeeld onderzoekers die een eigen onderzoeksgroep aan het opstarten zijn. Dit zal worden meegewogen bij de beoordeling van de kwaliteit van de onderzoeker. In de beoordelingscriteria is passendheid binnen de doelgroep één van de aspecten die wordt beoordeeld (zie paragraaf 4.1).
Ook onderzoekers die op het moment van indienen bij een buitenlandse onderzoeksorganisatie werkzaam zijn mogen een aanvraag indienen. Het te financieren project dient aan een Nederlandse, door NWO erkende onderzoeksorganisatie te worden uitgevoerd (zie paragraaf 3.2 voor meer informatie).
Stimulering vrouwelijke onderzoekers
NWO heeft als doelstelling om vrouwelijke onderzoekers actief aan te moedigen en te ondersteunen om door te groeien in de wetenschap, totdat er een blijvende, evenwichtige verdeling tussen mannen en vrouwen is in het betreffende vakgebied. NWO staat hierin niet alleen. Ook het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW), Universiteiten van Nederland (UNL) en de afzonderlijke Nederlandse universiteiten nemen maatregelen om de doorgroei van vrouwen in de wetenschap te stimuleren.
Daarom wordt er bij gelijke kwaliteit van twee of meer aanvragen, voorrang gegeven aan een vrouwelijke aanvrager (voor meer informatie zie paragraaf 4.3.6). We nodigen vrouwelijke onderzoekers dan ook nadrukkelijk uit om een aanvraag in te dienen.
Als financier wil NWO de toewijzingspercentages voor vrouwelijke aanvragers in meerjarig perspectief verhogen. NWO neemt daarom aanvullende maatregelen om dit te realiseren en richt zich daarbij op het streefcijfer van minimaal 30% vrouwen op alle wetenschappelijke functieniveaus. Totdat dit streefcijfer op hoogleraarniveau is behaald stelt NWO in deze Call for proposals extra Veni-beurzen beschikbaar (zie paragraaf 1.1 voor meer informatie). De financiering wordt ingezet om talentvolle vrouwelijke onderzoekers een stimulans te geven, zodat vrouwen in de toekomst beter vertegenwoordigd zijn op alle wetenschappelijke functieniveaus.
Deze stimuleringsmaatregel sluit aan bij het Talentprogramma dat als doel heeft om talentvolle onderzoekers in de gelegenheid te stellen eigen onderzoek te doen, hun onderzoekslijn te ontwikkelen en hun talenten verder te ontplooien. Alleen vrouwelijke onderzoekers die minimaal de eindkwalificatie ‘zeer goed’ behalen en daarmee qua kwalificatie-eis voor honorering in aanmerking komen binnen het Talentprogramma, kunnen in aanmerking komen voor een extra Veni beurs voor vrouwelijke aanvragers. De maatregel wordt toegepast in vakgebieden waarin vrouwelijke aanvragers getalsmatig het meeste achterblijven.
Let op: Om gebruik te kunnen maken van bovenstaande maatregelen, moeten vrouwelijke aanvragers in het online aanvraagsysteem (ISAAC of Mijn ZonMw, zie paragraaf 3.4), bij basisgegevens onder het kopje ‘Gender’ de categorie ‘Vrouw’ invullen.
Het NWO-Talentprogramma kent drie financieringsvormen, afgestemd op verschillende fasen in de wetenschappelijke carrière van onderzoekers (Veni, Vidi en Vici). De Veni is voor pas gepromoveerde onderzoekers, de Vidi voor onderzoekers die al een aantal jaar ervaring hebben en de Vici voor onderzoekers die hebben aangetoond een eigen onderzoekslijn te kunnen ontwikkelen.
Elke subsidievorm kent één indienronde per jaar en heeft een afzonderlijke Call for proposals.
De aanvragen worden in het Talentprogramma per wetenschapsdomein behandeld, het gaat om: Exacte en Natuurwetenschappen (ENW), Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), Toegepaste en Technische Wetenschappen (TTW) en Zorgonderzoek en Medische Wetenschappen (ZonMw). Kies het indienloket dat het beste bij uw aanvraag past. Zie paragraaf 3.5.1 voor meer informatie over de indienloketten waar u uit kunt kiezen.
Nieuwe kennis en inzichten vanuit wetenschappelijk onderzoek kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken van vandaag én morgen. Door interactie en afstemming tussen onderzoekers en mogelijke kennisgebruikers, neemt de kans op het toepassen van kennis toe en daarmee ook de kans op maatschappelijke impact. Maatschappelijke impact staat hier voor veranderingen die (mede) het gevolg zijn van door onderzoek gegenereerde kennis en kunde. Deze veranderingen dragen bij aan het welzijn van mens, planeet en maatschappij voor deze en toekomstige generaties. Via haar beleid op impact bevordert NWO de mogelijke bijdrage vanuit onderzoek aan maatschappelijke vraagstukken door het stimuleren van productieve interacties met maatschappelijke belanghebbenden. Zowel tijdens de ontwikkeling als in de uitvoering van het onderzoek. Dit doet zij op een manier die past bij het doel van het financieringsinstrument. NWO stimuleert onderzoekers om met een brede blik te kijken naar de mogelijke gewenste en ongewenste impact van hun onderzoek.
In dit programma moet de Impact Outlook benadering worden toegepast. Onderzoekers kunnen hierbij kiezen op welk soort impact ze hun eigen focus willen leggen en er wordt proportioneel gekeken naar wat er kan voor de overige impact.
NWO biedt een e-learning module aan die geïnteresseerden op weg kan helpen via NWO Impact – Online workshops. Voor meer informatie over het kennisbenuttingsbeleid van NWO zie de website: Kennisbenutting | NWO.
In dit hoofdstuk staat informatie over het opstellen en indienen van een aanvraag. Met ‘aanvraag’ wordt ook de intentieverklaring en vooraanmelding bedoeld indien een intentieverklaring en vooraanmelding van toepassing zijn bij deze ronde.
Het gebruik van generatieve AI is niet uitgesloten bij het opstellen van uw aanvraag, mits dit verantwoord gebeurt. De richtlijnen vindt u op de website (NWO-beleid op het gebruik van generatieve artificial intelligence (GAI) | NWO).
Hieronder staan de indieningsdeadline inclusief het tijdpad van de gehele beoordelingsprocedure van de ronde. Het kan zijn dat NWO het noodzakelijk acht om tijdens de lopende procedure nog aanpassingen in het tijdpad aan te brengen. De aanvrager wordt hierover geïnformeerd. Aanvragen die na de deadline zijn ingediend, neemt NWO niet in behandeling.
|
1 september 2026 |
Deadline vooraanmeldingen |
|
voor 14:00:00 CEST |
|
|
Oktober/november 2026 |
Beoordelingscommissie beoordeelt vooraanmeldingen |
|
Medio november 2026 |
Aanvragers ontvangen het voorlopige advies van de beoordelingscommissie over wel/niet uitwerken vooraanmelding tot een aanvraag |
|
Medio november 2026 |
Mogelijkheid tot indienen van een verzoek tot correctie van een feitelijke onjuistheid in het negatief voorlopig advies |
|
December 2026 |
Besluit door het domeinbestuur |
|
26 januari 2027 |
Deadline aanvragen |
|
voor 14:00:00 CET |
|
|
Februari/maart 2027 |
Raadplegen referenten |
|
Maart/begin april 2027 |
Aanvragers kunnen een weerwoord indienen |
|
April/mei 2027 |
Preadvisering beoordelingscommissie |
|
Mei 2027 |
Interviews |
|
Mei 2027 |
Vergadering beoordelingscommissie |
|
Juli 2027 |
Besluit door het domeinbestuur |
|
26 januari 2027 |
Deadline aanvragen |
|
voor 14:00:00 CET |
|
|
Februari/maart 2027 |
Preadvisering beoordelingscommissie |
|
April 2027 |
Interviews |
|
April 2027 |
Vergadering beoordelingscommissie |
|
Juni 2027 |
Besluit door het domeinbestuur |
|
26 januari 2027 |
Deadline aanvragen |
|
voor 14:00:00 CET |
|
|
Februari 2027 |
Preadvisering beoordelingscommissie |
|
Maart 2027 |
Aanvragers kunnen een weerwoord indienen |
|
April 2027 |
Interviewselectievergadering |
|
Mei 2027 |
Interviews |
|
Mei 2027 |
Vergadering beoordelingscommissie |
|
Juli 2027 |
Besluit door het domeinbestuur |
Aanvragen kunnen worden ingediend door gepromoveerde onderzoekers afkomstig uit binnen- of buitenland. Onderzoekers kunnen een aanvraag indienen als zij hun PhD hebben behaald in de drie jaar voorafgaand aan de peildatum van de ronde, 1 januari 2026, of als zij hun PhD hebben behaald tussen 1 januari 2026 en 1 september 2026. Voor deze indientermijn kan in bepaalde gevallen extensie worden verleend (zie paragraaf 3.2.1).
De datum waarop een aanvrager de doctorstitel mag dragen is in beginsel leidend. Als er meer dan zes maanden zit tussen de verdediging en het voeren van de doctorstitel, dan geldt de datum van de verdediging. Voor onderzoekers die twee keer een PhD-traject hebben afgerond, geldt dat de datum van de tweede promotie leidend is als peildatum voor indiening.
De aanvrager dient tijdens de looptijd van het project bezoldigd in dienst te zijn bij de onderzoeksorganisatie waar het onderzoek plaatsvindt. Een deeltijd dienstverband behoort tot de mogelijkheden. De minimum aanstelling op een Veni project is 0,4 fte. Aanvragers met een deeltijd dienstverband dienen garant te staan voor adequate uitvoer van het project en begeleiding van alle op het project werkzame personen voor wie subsidie wordt aangevraagd. NWO vraagt aanvragers om een ‘inbeddingsgarantie’ (zie paragraaf 3.4).
Het onderzoek vindt plaats bij één van de onderstaande onderzoeksorganisaties:
– universiteiten zoals bedoeld in artikel 1.8 lid 1 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de universiteiten genoemd in de Beleidsregel Universiteiten in het Koninkrijk der Nederlanden;
– universitaire medische centra zoals bedoeld in artikel 1.13 lid 1 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
– KNAW- en NWO-instituten;
– het Nederlands Kanker Instituut;
– het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek te Nijmegen;
– NCB Naturalis;
– Advanced Research Centre for NanoLithography (ARCNL);
– Prinses Máxima Centrum.
Deze ronde staat alleen open voor onderzoekers die gepromoveerd zijn tussen 1 januari 2023 en 1 september 2026.
Opleiding, ouderschap, zorgverlof en ziekte kunnen de effectieve onderzoekstijd negatief beïnvloeden. In dit soort gevallen biedt NWO onderzoekers de mogelijkheid om extensie van de maximale indieningstermijn aan te vragen.
De extensie kan aangevraagd worden als:
– langdurig verlof is opgenomen in verband met ziekte, ouderschap, zwangerschap of zorg;
– de aanvrager als ouder zorg draagt voor één of meerdere kinderen;
– er sprake is van een deeltijdaanstelling in combinatie met zorgtaken;
– de aanvrager een opleiding voor één of meer klinische specialismen volgt.
De totale extensietermijn bedraagt:
– de som van de extensietermijnen die per afzonderlijke situatie van toepassing zijn,
– tot een maximum van vijf jaar voor de Veni-, Vidi- en Vici-beurzen.
Op de NWO-website staat meer informatie over de extensieregeling en het formulier om gebruik te maken van deze regeling. Neem altijd ruim vóór indiening contact op met NWO voor gebruikmaking van de extensieregeling. Voor contactgegevens zie hoofdstuk 6.
Aanvullende voorwaarden:
a. Aanvragen worden gedaan door individuele onderzoekers (niet door duo’s of onderzoeks-groepen).
b. Een aanvrager mag:
– maximaal één vooraanmelding in dezelfde ronde indienen;
– niet voor meerdere subsidievormen binnen het NWO-Talentprogramma in hetzelfde kalenderjaar een aanvraag indienen;
– voor Veni maximaal twee keer een vooraanmelding indienen. Indien een in behandeling genomen vooraanmelding/aanvraag tijdens het beoordelingsproces wordt ingetrokken door de aanvrager, telt deze indiening mee voor het maximum aantal indieningen per aanvrager, tenzij dit plaatsvindt in het kader van een door NWO toegewezen beroep op de Tegemoetkomingsregeling kindverlof of de Tegemoetkomingsregeling bij overmacht (voor meer informatie hierover zie paragraaf 4.3.5).
c. Onderzoekers die eerder een aanvraag toegewezen zagen in een subsidievorm binnen het NWO-Talentprogramma mogen daarna voor diezelfde subsidievorm niet opnieuw indienen.
Het subsidieplafond voor deze Call for proposals bedraagt in totaal € 42.510.000
Per project is maximaal € 320.000 subsidie aan te vragen.
De maximale looptijd van het voorgestelde project is drie jaar.
Bij onderzoek in deeltijd kan de projectduur naar rato van de precieze tijdsbesteding met maximaal een jaar worden verlengd van drie naar vier jaar. Als het voorgestelde onderzoek korter dan drie jaar van duur is, wordt het maximumbedrag evenredig teruggebracht. Het is ook mogelijk om het onderzoek in deeltijd uit te voeren, zonder de looptijd van het project te verlengen.
De aanvrager kan kosten opvoeren voor personeel, materieel, investeringen en kennisbenutting. De beschikbare budgetmodules staan hieronder vermeld. Vraag alleen datgene aan wat essentieel is om het project uit te voeren. De tarieven en een toelichting op deze budgetmodules staan in bijlage 7.1.
Let op: Er mag geen dubbelfinanciering plaatsvinden. Indien een (deel)project door een andere (Europese) subsidieverlener wordt gefinancierd, zal de volledige aanvraag niet worden toegewezen.
Voor personeel dat een bijdrage levert aan het project, kan subsidie voor de loonkosten worden aangevraagd. Het bedrag hiervoor is afhankelijk van het type aanstelling en de organisatie waar het personeel werkt.
Personeel bij een universiteit in het Koninkrijk der Nederlanden, umc of een onderzoeksorganisatie
U kunt de loonkosten van de aanvrager van de Veni opvoeren voor het gedeelte van de aanstelling dat aan project gerelateerde taken wordt besteed.
Voor personeel dat werkzaam is bij een universiteit in het Koninkrijk der Nederlanden, universitair medisch centrum (umc) of een andere onderzoeksorganisatie, genoemd in artikel 1.1, eerste lid, sub c tot en met h van de NWO Subsidieregeling 2024 kunnen loonkosten worden opgevoerd voor de volgende functie: niet-wetenschappelijke personeel (NWP). De omvang van de aanstelling van het niet-wetenschappelijk personeel op de Veni mag gecumuleerd maximaal de grootte zijn van de omvang van de eigen aanstelling van de aanvrager (FTE).
Studenten
De kosten voor studenten kunt u opvoeren als materiële kosten indien deze ingezet worden voor het project en ze studeren aan een onderzoeksorganisatie genoemd in paragraaf 3.2.
Er is geen maximum aan het aantal studenten dat kan meewerken in het project, wel aan de omvang van de aanstelling van de studenten. De omvang van de aanstelling van de studenten mag maximaal de grootte zijn van de omvang van de eigen aanstelling van de aanvrager (FTE). Ook mag de omvang van niet NWP en studenten tezamen niet groter zijn dan de omvang van de eigen aanstelling van de aanvrager (FTE).
Financiering kan worden aangevraagd voor alle project-specifieke materiële kosten. Voor deze kosten geldt een maximum van 50% van het NWO subsidiebedrag. Van het materiële budget aangevraagd bij NWO mag maximaal 25% worden ingezet voor werk door derden.
Financiering kan worden aangevraagd voor investeringen in apparatuur, infrastructuur en andere onderzoeksmiddelen die na afloop van het project economische waarde hebben of kunnen worden hergebruikt. Loonkosten van personeel dat de apparatuur, infrastructuur en andere onderzoeksmiddelen in staat van gereedheid brengt, kan worden opgevoerd als onderdeel van de investering. De tarieven en voorwaarden van Personeel zijn hierbij van toepassing en de kosten moeten worden opgevoerd als Investering. Investeringen kunnen alleen worden gedaan bij onderzoeksorganisaties genoemd in paragraaf 3.2.
Er kan maximaal € 500.000 worden aangevraagd voor investeringen.
Financiering kan worden aangevraagd voor activiteiten die bevorderen dat kennis uit het onderzoek wordt benut1, om zo de maatschappelijke impact van het onderzoek te vergroten.
Het is mogelijk om maximaal 5% van het subsidiebedrag in te zetten voor deze module. Het is niet verplicht om van deze module gebruik te maken.
NWO werkt met het systeem ISAAC. Dit betekent dat aanvragen voor de domeinen ENW, SGW en TTW ingediend moeten worden in het online aanvraagsysteem genaamd ‘ISAAC’. ZonMw werkt met het systeem Mijn ZonMw. Dit betekent dat aanvragen voor ZonMw ingediend moeten worden in het online aanvraagsysteem genaamd ‘Mijn ZonMw’. In het vervolg van deze Call for Proposals worden beide systemen aangeduid met de term ‘online aanvraagsysteem’.
Begin tijdig met de vooraanmelding in het online aanvraagsysteem. Bij het indienen van uw vooraanmelding of aanvraag dient u ook online nog gegevens in te voeren. Begin daarom ten minste één dag vóór de deadline van deze Call for proposals met het indienen van uw vooraanmelding of aanvraag. Vooraanmeldingen of aanvragen die na de deadline worden ingediend, worden niet in behandeling genomen.
Let op: deze ronde kent verschillende indienloketten. Maak bij het indienen gebruik van het juiste loket. Zie voor de indienloketten paragraaf 3.5.1.
Voor het opstellen van uw vooraanmelding doorloopt u de volgende stappen:
– maak een account aan of update indien nodig de gegevens als u al een account heeft;
– vul uw account aan met de gevraagde persoonlijke en actuele gegevens, waaronder e-mailadres, telefoonnummer inclusief uw mobiel nummer en geslacht, zie ‘Stimulering vrouwelijke onderzoekers’ bij paragraaf 2.1;
– download het vooraanmeldingsformulier en de formats voor bijlagen;
– sla het ingevulde vooraanmeldingsformulier op als pdf en dien het in het online aanvraagsysteem in. Dien apart de bijlage(n) in;
– in het online aanvraagsysteem vult u daarnaast de gevraagde gegevens in, onder andere de disciplinecodes | NWO;
– voor domeinen ENW/TTW: vul in het online aanvraagsysteem maximaal drie non-referenten in (optioneel). NWO zal deze non-referenten niet benaderen om als externe referent de aanvraag te beoordelen. Let op: Het is alleen mogelijk om non-referenten op te geven bij het indienen van de vooraanmelding. Deze non-referenten gelden voor de gehele beoordelingsprocedure;
– nieuwe organisatie aanmelden die niet in de database van het online aanvraagsysteem staat? Dit kan tot vijf werkdagen voor de deadline via relatiebeheer@nwo.nl;
– de vooraanmelding is geschreven in het Engels.
Voorzie de vooraanmelding van de volgende verplichte bijlage (pdf) door deze te uploaden in het online aanvraagsysteem:
– Inbeddingsgarantie
De inbeddingsgarantie dient conform het door NWO aangeboden template opgesteld te worden. Na een gesprek met de onderzoeksorganisatie waar u beoogt het onderzoek uit te voeren vult u het inbeddingsgarantieformulier in, en laat u deze door de decaan ondertekenen. Als u bij een instituut zonder decaan werkt, laat het formulier dan door een andere tekenbevoegde ondertekenen.
Gebruik voor de bijlagen alleen de door NWO aangeboden templates. Andere bijlagen dan hierboven vermeld zijn niet toegestaan. Alle bijlagen dienen als pdf-bestand (zonder beveiliging) te worden ingediend.
Documentatie, zoals formats voor indiening van de vooraanmelding en de aanvraag, is ook beschikbaar via de financieringspagina van deze ronde op de NWO-website.
Voor vragen over ISAAC kan de handleiding ISAAC worden geraadpleegd (te vinden via de knop ‘help’ in ISAAC) of kan er contact worden opgenomen met de ISAAC-helpdesk. De ISAAC-helpdesk is bereikbaar van maandag t/m vrijdag van 10.00 tot 17.00 uur op telefoonnummer +31 (0) 70 34 40 600. Mailen kan naar isaac.helpdesk@nwo.nl. Een reactie volgt binnen twee werkdagen.
Neem bij technische vragen betreffende het gebruik van Mijn ZonMw contact op met de ZonMw servicedesk. Raadpleeg eerst de handleiding voordat u de helpdesk om advies vraagt. De ZonMw Service desk is van maandag t/m vrijdag tussen 8.00 tot 17.00 uur bereikbaar via +31 70 349 51 78 of servicedesk@zonmw.nl.
Een ingediende vooraanmelding dient in ISAAC omgezet te worden naar een aanvraag met de knop ‘Vooraanmelding omzetten naar aanvraag’. Dit is alleen mogelijk na een positief besluit op een vooraanmelding. Voor aanvragers in domein ZonMw wordt een taak klaargezet in Mijn ZonMw. U ontvangt hier bericht over. Begin tijdig met de aanvraag in het online aanvraagsysteem.
Voor het opstellen van uw aanvraag doorloopt u de volgende stappen:
– download het aanvraagformulier en de formats voor bijlagen in het online aanvraagsysteem;
– sla het ingevulde aanvraagformulier op als pdf en dien het in het online aanvraagsysteem in. Dien apart de bijlage(n) in;
– in het online aanvraagsysteem vult u daarnaast de gevraagde gegevens in, onder andere de disciplinecodes | NWO en de publiekssamenvatting in het Nederlands en Engels. De publiekssamenvatting publiceert NWO bij het nieuwsbericht over de toewijzingen van de subsidie, bedraagt 50–100 woorden en moet toegankelijk geschreven zijn voor een bredere doelgroep. De wetenschappelijke samenvatting wordt niet gepubliceerd vanwege intellectueel eigendom;
– nieuwe organisatie aanmelden die niet in de database van het online aanvraagsysteem staat? Dit kan tot 5 werkdagen voor de deadline via relatiebeheer@nwo.nl;
– de aanvraag is geschreven in het Engels.
Voorzie de aanvraag van de volgende verplichte bijlagen door deze te uploaden in het online aanvraagsysteem:
– begroting (Excel-bestand);
– inbeddingsgarantie (pdf), alleen indien de instelling is gewijzigd ten opzichte van de ingediende inbeddingsgarantie in de vooraanmelding;
– verklaring overschrijding bedrag (pdf) (indien van toepassing);
– verklaring cofinanciering (pdf) (indien van toepassing);
Gebruik voor de bijlagen alleen de door NWO aangeboden templates. Andere bijlagen dan hierboven vermeld zijn niet toegestaan. Alle bijlagen, met uitzondering van de begroting, dienen als pdf-bestand (zonder beveiliging) te worden ingediend. De begroting moet als Excel-bestand worden ingediend in het online aanvraagsysteem.
Documentatie, zoals formats voor indiening van de aanvraag, is ook beschikbaar via de financieringspagina van deze ronde op de NWO-website.
Voor deze Call for proposals geldt dat u een keuze moet maken bij welk indienloket u een aanvraag gaat indienen. U heeft de keuze uit:
– Exacte- en Natuurwetenschappen (ENW);
– Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), panel Cultuur en Taalwetenschappen;
– Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), panel Economie en Bedrijfskunde;
– Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), panel Filosofie, Historische wetenschappen en Religie;
– Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), panel Gedrag en Onderwijs;
– Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), panel Recht en Bestuur;
– Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), panel Sociale Wetenschappen;
– Toegepaste en Technische Wetenschappen (TTW);
– Zorgonderzoek en Medische Wetenschappen (ZonMw).
Domein ENW heeft één loket en de vooraanmeldingen worden behandeld in disciplinaire panels. De keuze voor het panel geeft u aan in het vooraanmeldingsformulier. De verdeling van de disciplinaire panels bij ENW is op de NWO-website te vinden.
Binnen het domein SGW zijn er zes verschillende indienloketten in het online aanvraagsysteem, één voor elk disciplinair panel. De verdeling van de disciplines over de panels zijn op de NWO-website te vinden: Panelindeling programma's Domein Sociale en Geesteswetenschappen | NWO.
Bij SGW blijven de panels de gehele beoordelingsprocedure gehandhaafd. Bij ENW worden de panels enkel in de beoordeling van de vooraanmeldingen gehandhaafd, en samengevoegd tot clusters in het vervolg van de beoordelingsprocedure.
De domeinen TTW en ZonMw hebben ieder één eigen loket.
Bedenk tijdig welke van de vier domeinen het meest geschikt is om uw vooraanmelding in te dienen. Na indiening is uw keuze voor het loket definitief, en bestaat er geen mogelijkheid meer om de aanvraag binnen een ander loket te laten beoordelen. Neem bij twijfel, bijvoorbeeld omdat de aanvraag een (deels) domein overstijgend karakter heeft, (ruim voor de indieningsdeadline) contact op met één van de contactpersonen van het programma. Deze persoon kan u meer informatie geven over de verschillen tussen de loketten. De aanvrager maakt wel zelf de definitieve keuze welk loket het meest geschikt is om de aanvraag in te dienen. Zie voor de contactgegevens hoofdstuk 6.
Zowel de onderzoeksorganisatie waar het project wordt uitgevoerd als een derde partij kunnen een (financiële) bijdrage leveren aan het project. Voor bijdragen van derden zie de volgende paragraaf over ‘cofinanciering’. Bijdragen van de onderzoeksorganisatie zelf hebben geen betrekking op kosten die door NWO (deels) vergoed worden en kwalificeren niet als cofinanciering, het betreft additionele uitgaven van de onderzoeksorganisatie aan het project.
Wanneer de onderzoeksorganisatie een financiële bijdrage levert, dient een ‘Verklaring overschrijding bedrag’ te worden aangeleverd. Dit is bijvoorbeeld het geval als de onderzoeksorganisatie (een deel van) het salaris van de onderzoeker betaalt (en dit deel dus geen onderdeel uitmaakt van de kosten die NWO al vergoedt).
Verklaring overschrijding bedrag
Indien het maximum aan te vragen NWO-subsidiebedrag (€ 320.000) in de aanvraagbegroting overschreden wordt, dient de onderzoeksorganisatie waar het project zal worden uitgevoerd bij indiening van de aanvraag te garanderen dat zij de overschrijding voor haar rekening neemt indien de aanvraag toegewezen wordt. Indien hier sprake van is moet de aanvrager het formulier ‘Verklaring overschrijding bedrag’ als bijlage uploaden bij het indienen van de aanvraag. NWO stelt hiervoor het sjabloon beschikbaar op de financieringspagina.
Op alle aanvragen is de Regeling Cofinanciering van toepassing.
Aanvullende definities:
– cofinanciering in kind: gekapitaliseerde personele en/of materiële bijdragen van gebruikers;
– cash cofinanciering wordt gebruikt ter dekking van een deel van de totale projectkosten en vormt samen met de door NWO verstrekte subsidie de benodigde financiële middelen.
Cofinanciering is in deze Call for proposals niet verplicht. Het is wel mogelijk cofinanciers toe te voegen in de aanvraag. Onderscheid wordt gemaakt tussen cash cofinanciering (te innen door de aanvrager), die dient als dekking voor de begroting van de projectactiviteiten beschreven in de aanvraag, en cofinanciering in kind, die kan bestaan uit personele en/of materiële inbreng van de betrokken organisaties.
Voor cofinanciering gelden de volgende uitgangspunten:
– NWO is hoofdfinancier van een aanvraag. Aanvragen waarbij de cofinanciering van de cofinanciers meer dan 49% van de totale projectkosten bedraagt, worden niet in behandeling genomen;
– in kind bijdragen worden alleen geaccepteerd onder de voorwaarde dat het gedeelte dat door de cofinancier wordt ingebracht integraal onderdeel is van de projectactiviteiten en als identificeerbare inspanning kan worden gevolgd of aangemerkt. Bij vragen kan NWO verzoeken om nadere motivering en bewijsstukken van de gehanteerde tarieven en eveneens om aanpassing. Daarnaast mogen eventuele in kind bijdragen in de vorm van diensten en know how niet reeds bij de onderzoeksorganisatie(s) van de aanvrager(s) beschikbaar of voorhanden zijn;
– voor het kapitaliseren van de personele inbreng (mensuren) aan een project worden vaste integrale uurtarieven gebruikt. Voor de tarieven, zie de Handleiding Overheidstarieven (HOT), tabel 2 onder 2.2 ‘gemiddelde totale loonkosten per salarisschaal’, kolom ‘Uurtarief productieve uren, excl. btw’. Hierbij dient het tarief te worden gebruikt dat de werkelijke loonkosten het dichtst benadert;
– cash cofinanciering, is het netto bedrag dat een cofinancier betaalt aan de aanvrager. De aanvrager factureert cash cofinanciering en eventuele btw aan de cofinancier.
Niet toelaatbaar als cash/in kind cofinanciering zijn2:
– door NWO verstrekte subsidie;
– cofinanciering mag niet afkomstig zijn van partijen die op grond van deze Call for proposals een aanvraag bij NWO kunnen indienen;
– kosten m.b.t. overhead, begeleiding, consultancy en/of deelname aan de gebruikerscommissie.
Verklaring cofinanciering deelnemende cofinanciers
In een verklaring cofinanciering spreekt de cofinancier financiële steun uit aan het project en bevestigt deze de toegezegde cofinanciering. Verklaringen cofinanciering van cofinanciers, welke genoemd worden in de aanvraag, zijn verplicht als bijlagen bij het indienen van de aanvraag. De verklaring cofinanciering moet zijn ondertekend door een tekenbevoegd persoon van de cofinancier. NWO stelt een verplicht format voor de verklaring cofinanciering beschikbaar op de financieringspagina van deze Call for proposals op de NWO-website en in het online aanvraagsysteem.
In geval van toewijzing van de aanvraag dient de cofinancier zijn bijdrage(n) te bevestigen in de consortiumovereenkomst. In deze overeenkomst worden ook verdere afspraken gemaakt tussen de cofinancier(s) en de aanvrager(s). (zie paragraaf 5.1.4).
Verantwoording cash cofinanciering en cofinanciering in kind
De verhouding tussen cofinanciering (zowel cash als in kind) en de door NWO verstrekte subsidie in deze Call for proposals is van toepassing vanaf het indienen van een aanvraag tot en met de vaststelling van de subsidie. Cash cofinanciering heeft invloed op het subsidiebedrag dat NWO verstrekt omdat zowel de bijdrage van NWO als cash cofinanciering voor dezelfde project specifieke kosten gebruikt worden (in tegenstelling tot cofinanciering in kind).
Ambtshalve indexeren (zie bijlage 7.2) als gevolg van andere geldende tarieven na indiening heeft geen invloed op de verhouding en cofinancieringseis voor de NWO bijdrage. NWO gaat daarvoor uit van de verhouding in de door NWO geaccepteerde aanvraagbegrotingen.
Na afsluiting van een project, wordt het definitieve subsidiebedrag vastgesteld aan hand van de eindverantwoording, de financiële voorwaarden en de verhouding cofinanciering zoals aanwezig in de aanvraagbegroting.
In geval van gedeeltelijk geleverde cash cofinanciering (door onvoorziene omstandigheden, zoals faillissementen) gaat NWO voor haar bijdrage uit van de oorspronkelijke subsidieverlening, rekening houdend met de wel geleverde cash cofinanciering en de geldende minimale cofinancieringseis, indien deze van toepassing is.
Cash cofinanciering boven de cofinancieringseis heeft invloed op de gehanteerde verhouding tussen cofinanciering en door NWO verstrekte subsidie. Indien een project cash cofinanciering kent boven de cofinancieringseis en er bij vaststelling sprake is van gedeeltelijk geleverde cash cofinanciering, is de NWO bijdrage nooit meer dan de oorspronkelijke bijdrage uit de subsidieverlening. De verhouding van de NWO bijdrage is dan maximaal de bijdrage die volgt uit de cofinancieringseis. Te allen tijde dient NWO op de hoogte gesteld worden van problemen in verwachte cofinanciering (cash en/of in kind).
Naast financiële gevolgen voor een project, kan NWO ook adequate wijzigingen in een project verlangen als wijzigingsverzoek, zodat het onderzoek naar beste vermogen vervolgd kan worden.
Bij domein TTW worden Verklaringen cofinanciering waarin in-cash- en/of in-kind steun wordt toegezegd, meegestuurd naar referenten en commissieleden.
NWO toetst een aanvraag op alle in deze Call for proposals gestelde voorwaarden, inclusief onderstaande voorwaarden. Alleen als de aanvraag aan deze voorwaarden voldoet, wordt de aanvraag in behandeling genomen.
Voorwaarden vooraanmelding:
– de verplichte vooraanmelding is ingediend voor de deadline;
– de aanvrager voldoet aan de in paragraaf 3.2 gestelde voorwaarden;
– de aanvraag voldoet aan de DORA richtlijnen zoals beschreven in paragraaf 4.3.4;
– de vooraanmelding is opgesteld met gebruikmaking van de formulieren die beschikbaar zijn gesteld in het online aanvraagsysteem en op de financieringspagina (webpagina) van deze ronde op de NWO-website en de ZonMw-website;
– het vooraanmeldingsformulier en de verplichte bijlagen zijn, na eventueel eenmalig verzoek tot aanvulling of wijziging, juist, compleet en volgens de instructies ingevuld;
– de vooraanmelding is ingediend via het account van de aanvrager;
– de vooraanmelding is in het Engels opgesteld;
– de vooraanmelding voldoet aan de eisen ten aanzien van de pagina- dan wel woordlimiet;
Voorwaarden aanvraag
– de aanvraag is ingediend voor de gestelde deadline;
– de aanvrager voldoet aan de in paragraaf 3.2 gestelde voorwaarden;
– Indien er sprake is van cofinanciering: de cofinanciers voldoen aan de in paragraaf 3.6.3 gestelde voorwaarden;
– de aanvraag voldoet aan de DORA richtlijnen zoals beschreven in paragraaf 4.3.4;
– de aanvraag is opgesteld met gebruikmaking van de formulieren die beschikbaar zijn gesteld in het online aanvraagsysteem en op de financieringspagina (webpagina) van deze ronde op de NWO-website en de ZonMw website;
– de datamanagementparagraaf is ingevuld (hiermee maken aanvragers kenbaar hoe met data voortkomend uit het onderzoek wordt omgegaan);
– het aanvraagformulier en de verplichte bijlagen zijn, na eventueel eenmalig verzoek tot aanvulling of wijziging, juist, compleet en volgens de instructies ingevuld;
– de aanvraag is ingediend via het account van de aanvrager;
– de aanvraag is in het Engels opgesteld;
– de aanvraag voldoet aan de eisen ten aanzien van de pagina- dan wel woordlimiet;
– de begroting in de aanvraag is volgens de voorwaarden van deze Call for proposals opgesteld (gebruikmakend van het beschikbaar gestelde format dat de meest recente tarieven bevat);
– indien er sprake is van cofinanciering: de cofinanciering is, na eventueel verzoek tot aanvulling of wijziging, correct en volledig toegezegd middels verklaringen cofinanciering;
– het voorgestelde project voldoet aan de looptijdvoorwaarden uit paragraaf 3.3.
In het vooraanmeldings- en aanvraagformulier kunnen aanvullende voorwaarden, toelichtingen, werkwijzen en vragen staan die nodig zijn om het formulier correct te kunnen invullen.
In behandeling nemen en administratieve correcties
Zo snel mogelijk nadat de benodigde stukken zijn ingediend, ontvangt de aanvrager bericht of NWO de aanvraag in behandeling neemt. Houd er rekening mee dat NWO de aanvrager binnen twee weken na de indieningsdeadline kan benaderen om eventuele administratieve correcties door te voeren om (alsnog) te voldoen aan de voorwaarden voor indiening.
De aanvrager krijgt één keer de gelegenheid om binnen maximaal vijf werkdagen de correcties door te voeren. Als blijkt dat gecorrigeerde stukken wederom niet volledig en/of juist zijn, neemt NWO de aanvraag niet in behandeling.
Informeren eigen onderzoeksorganisatie
NWO gaat ervan uit dat aanvragers de onderzoeksorganisatie waar zij werkzaam zijn hebben geïnformeerd over het indienen van de aanvraag en dat de organisatie de subsidievoorwaarden van deze Call for proposals aanvaardt. Tijdens het aanvraagproces communiceert NWO met de aanvrager.
In dit hoofdstuk staat informatie over de beoordelingsprocedure van een aanvraag.
De beoordeling vindt plaats aan de hand van inhoudelijke beoordelingscriteria en gaat van start nadat een aanvraag in behandeling is genomen.
De vooraanmeldingen worden inhoudelijk beoordeeld aan de hand van het volgende criterium:
1. Kwaliteit van de onderzoeker (weegt 100% mee in de beoordeling)
Kwaliteit van de onderzoeker
– of de onderzoeker past in de doelgroep3: bevindt de onderzoeker zich in transitie naar zelfstandigheid en in hoeverre zal de Veni bijdragen aan de ontwikkeling van de onderzoeker op dit gebied?
– de mate waarin de kwaliteiten van de onderzoeker duidelijk uitstijgen boven wat gebruikelijk is binnen de internationale peer group, blijkend uit het CV, door de kwaliteit en impact van de key output en door andere academische prestaties4;
– de mate waarin het werk van de onderzoeker duidelijk gepositioneerd is ten opzichte van wetenschappelijke en (indien mogelijk) maatschappelijke thema's of vragen;
– de kwaliteit van het (inter)nationale netwerk, het samenwerkingsvermogen en de mate van zichtbaarheid van de onderzoeker;
– de mate waarin de onderzoeker in het CV het vermogen aantoont innovatieve ideeën te genereren.;
– of de key output en het academisch profiel van de onderzoeker duidelijk aansluiten bij het onderzoeksidee, of dat de onderzoeker een overtuigende visie presenteert over hoe deze afstemming zal worden bereikt.
Het criterium krijgt een score. Hierbij wordt de NWO-scoretabel gehanteerd op een schaal van 1 tot 9, waarbij ‘1’ excellent is en ‘9’ ontoereikend.
Alle vooraanmeldingen ontvangen een score op het criterium ‘kwaliteit van de onderzoeker’ en worden op basis van deze score in prioritering gezet. In rondes met vijf of meer aanvragen worden de scores van de leden van de beoordelingscommissie genormaliseerd om tot een prioritering te komen. NWO past normalisatie toe op basis van de mediaan en de gemiddelde deviatie.
De aanvragen worden inhoudelijk beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:
1. Kwaliteit en innovatief karakter van het onderzoeksvoorstel (weegt 75% mee in de beoordeling)
2. Wetenschappelijke en/of maatschappelijke impact (weegt 25% mee in de beoordeling)
1. Kwaliteit en innovatief karakter van het onderzoeksvoorstel
– De mate waarin het voorgestelde onderzoek het potentieel heeft om een belangrijke bijdrage te leveren aan de vooruitgang van de wetenschap5;
– de mate waarin het voorgestelde onderzoek (elementen van) wetenschappelijke innovatie bevat wat betreft theorie, methoden en/of onderwerp;
– de mate waarin het voorgestelde onderzoek verder gaat dan een geleidelijke ontwikkeling van het huidige onderzoek van de aanvrager;
– of het voorgestelde onderzoek een evenwichtige balans vindt tussen uitdagendheid en haalbaarheid6;
– of het voorstel aansluit bij expertise van de onderzoeker, of dat de onderzoeker een overtuigende visie presenteert over hoe deze aansluiting zal worden bereikt.
– de mate waarin de voorgestelde aanpak passend is;
– helderheid van het voorstel, waaronder de vraagstelling en de doelstellingen.
2. Wetenschappelijke en/of maatschappelijke impact
De aanvrager heeft de keuze in het onderzoeksvoorstel de focus te leggen op het bereiken van wetenschappelijke impact, maatschappelijke impact, of een combinatie daarvan.
NWO beoordeelt wetenschappelijke impact als volgt;
– of het voorstel een ambitieuze visie en passende strategie uitdrukt wat betreft de verspreiding en/of de implementatie van de onderzoeksresultaten in het eigen vakgebied, aanverwante vakgebieden en het bredere wetenschapsveld.
NWO beoordeelt maatschappelijke impact als volgt;
– in hoeverre het project een toegevoegde waarde voor maatschappelijke impact (definitie:7) heeft;
– in hoeverre het project potentieel heeft voor maatschappelijke impact op korte en lange termijn;
– of het voorstel een ambitieuze visie en passende strategie uitdrukt wat betreft de wijze(n) waarop het voorgestelde onderzoek kan leiden tot maatschappelijke impact.
Onafhankelijk van de bovenstaande keuze, weegt de beoordelingscommissie als onderdeel van dit criterium ook mee;
– in hoeverre de motivatie voor de focus op wetenschappelijke impact en/of maatschappelijke impact overtuigend is;
– indien de focus primair op wetenschappelijke impact ligt: op welke manier tijdens de looptijd van het project proportionele aandacht gegeven wordt aan het vergroten van (onvoorziene) kansen voor maatschappelijke impact;
– indien de focus primair op maatschappelijke impact ligt: op welke manier tijdens de looptijd van het project proportionele aandacht gegeven wordt aan het vergroten van (onvoorziene) kansen voor wetenschappelijke impact;
– voldoende aandacht voor de belangrijkste risico’s op ongewenste maatschappelijke impact en de voorgenomen maatregelen om dit te voorkomen of mitigeren en de kans op gewenste impact te vergroten.
Het is mogelijk een goede score te krijgen voor dit criterium als de focus van het voorstel ligt op wetenschappelijke impact, als de focus ligt op maatschappelijke impact, of als de focus verspreid is over beide vormen van impact. De score voor dit criterium is onafhankelijk van de gekozen focus; de ene vorm van impact is niet beter of minder dan de andere.
De criteria krijgen een score. Hierbij wordt de NWO-scoretabel gehanteerd op een schaal van 1 tot 9, waarbij ‘1’ excellent is en ‘9’ ontoereikend.
Alle aanvragen ontvangen een gewogen gemiddelde totaalscore op de criteria ‘kwaliteit en innovatief karakter van het onderzoeksvoorstel’ en ‘wetenschappelijke en/of maatschappelijke impact’ en worden op basis van deze score in prioritering gezet. In rondes met vijf of meer aanvragen worden de scores van de leden van de beoordelingscommissie genormaliseerd om tot een prioritering te komen. NWO past normalisatie toe op basis van de mediaan en de gemiddelde deviatie.
Om in aanmerking te komen voor subsidie dient een aanvraag op de eindscore een zeer goed of hoger te scoren. Voor meer informatie over de kwalificaties zie Financiering aanvragen, hoe werkt dat? | NWO.
De beoordelingsprocedure van de aanvraag bestaat uit de volgende stappen (zie het tijdpad in paragraaf 3.1).
Vooraanmelding
– Beoordeling van de vooraanmelding
– Voorlopig advies beoordelingscommissie
– Mogelijkheid tot indienen van een verzoek tot correctie van een feitelijke onjuistheid bij een negatief voorlopig advies
– Besluitvorming vooraanmelding
Aanvraag
Aanvragen in het domein ENW en het domein TTW
– Peer review door referenten
– Aanvragers kunnen een weerwoord indienen
– Preadvisering beoordelingscommissie
– Interviews
– Vergadering beoordelingscommissie
– Besluitvorming
Aanvragen in het domein SGW
– Preadvisering beoordelingscommissie
– Interviews
– Vergadering beoordelingscommissie
– Besluitvorming
Aanvragen bij ZonMw:
– Preadvisering beoordelingscommissie
– Aanvragers kunnen een weerwoord indienen
– Interviewselectie
– Interviews
– Vergadering beoordelingscommissie
– Besluitvorming
Voor deze ronde worden externe, onafhankelijke beoordelingscommissies ingesteld door de domeinbesturen. De leden hiervan zijn afkomstig uit de wetenschap met kennis van het vakgebied. De taak van de beoordelingscommissie is om de ingediende aanvragen te beoordelen aan de hand van de beoordelingscriteria. Iedere aanvraag wordt op zichzelf staand beoordeeld.
Bij het schrijven van de vooraanmelding en aanvraag dient u er rekening mee te houden dat de commissie die uw voorstel beoordeelt breed is samengesteld. De vooraanmelding en aanvraag moeten ook toegankelijk zijn voor commissieleden uit andere wetenschapsdisciplines binnen het door u gekozen indienloket (zie paragraaf 3.5.1).
In het geval u uw vooraanmelding en aanvraag bij het domein ENW of het domein SGW in wilt dienen, kunt u nadere toelichting over de vooraf vastgestelde beoordelingspanels op de betreffende domeinpagina vinden (https://www.nwo.nl/calls/nwo-talentprogramma, onder de tab “Oriënteren” > ”Beoordeling”).
Vanwege de aanwezige expertise in de beoordelingscommissies van SGW en ZonMw en de geringe omvang van de subsidie, heeft NWO besloten om bij de beoordeling van de aanvragen gebruik te maken van de mogelijkheid gegeven in artikel 2.2.4, lid 2, van de NWO Subsidieregeling 2024, om de beoordelingsprocedure uit te voeren zonder referenten in te schakelen.
De beoordelingscommissie beoordeelt vooraanmeldingen aan de hand van de criteria beschreven in paragraaf 4.1. De beoordelingscommissie komt voor elke vooraanmelding tot een positief of negatief advies over de uitwerking van een vooraanmelding tot een aanvraag.
In de motivering van het advies vermeldt de beoordelingscommissie haar observaties met betrekking tot de kwaliteit van de vooraanmeldingen. Uitgangspunt bij de advisering door de beoordelingscommissie is dat ongeveer driemaal het verwachte aantal toe te wijzen aanvragen een positief besluit op de vooraanmelding ontvangt. In het geval van een procedure met interviewselectievergadering is het uitgangspunt bij advisering door de beoordelingscommissie dat maximaal viermaal het verwachte aantal toe te wijzen aanvragen een positief besluit op de vooraanmelding ontvangt.
Aanvragers ontvangen het voorgenomen advies van de beoordelingscommissie. Aanvragers met een negatief voorgenomen advies ontvangen daarbij de motivering van de beoordelingscommissie. Indien een aanvrager van mening is dat de motivering een feitelijke onjuistheid bevat, dan heeft de aanvrager drie werkdagen de tijd om tot een correctie daarvan te verzoeken, via het daarbij aangeleverde format. Deze optie is niet bedoeld om aanvullende, nieuwe informatie betreffende de aanvraag te verstrekken of vragen te stellen aan de beoordelingscommissie. Met inachtneming van deze verzoeken beoordeelt de beoordelingscommissie of zij aanleiding ziet om haar voorgenomen advies te wijzigen. Daarna wordt de definitieve prioritering vastgesteld.
De beoordeling van de vooraanmelding resulteert in een besluit van het domeinbestuur om de vooraanmelding al dan niet verder uit te werken.
Binnen het domein ENW worden de vooraf vastgestelde panels gehandhaafd in de beoordelingsprocedure van de vooraanmeldingen en vervolgens verdeeld in clusters in het vervolg van de beoordelingsprocedure.
Aanvragen worden verdeeld over maximaal vier clusters, die verschillende accenten hebben op basis van de door de aanvragers aangegeven onderzoeksgebieden en het gekozen panel in de vooraanmelding. Voor elk cluster wordt een clustercommissie samengesteld. De vier clustercommissies vormen samen de beoordelingscommissie binnen het domein ENW. NWO houdt bij het samenstellen van de clustercommissies zo goed als mogelijk rekening met de door de aanvragers aangegeven onderzoeksgebieden.
Nadat een vooraanmelding omgezet is naar een aanvraag volgt de beoordeling van de aanvraag. Voordat de beoordelingscommissie zich over de aanvraag buigt, vraagt NWO eerst input van tenminste twee externe referenten. Dit zijn onafhankelijke adviseurs die deskundig zijn op het onderwerp van de aanvraag. Zij beoordelen de aanvraag op basis van de beoordelingscriteria in de Call for proposals (zie paragraaf 4.1). De datamanagementparagraaf wordt niet beoordeeld door referenten, zij kunnen wel advies geven met betrekking tot de datamanagementparagraaf.
Non-referenten opgeven
Een aanvrager kan maximaal drie personen opgeven die niet als referent mogen worden benaderd. Aanvragers kunnen deze personen opgeven tegelijk met het indienen van de vooraanmelding. NWO zal deze zogenoemde non-referenten niet benaderen. NWO heeft besloten om bij de beoordeling van de aanvragen binnen de domeinen SGW en ZonMw gebruik te maken van de mogelijkheid gegeven in artikel 2.2.4, lid 2, van de NWO Subsidieregeling 2024, om de beoordelingsprocedure uit te voeren zonder referenten in te schakelen.
Indien de aanvraag is ingediend bij domein ENW of TTW ontvangt de aanvrager de geanonimiseerde referentenrapporten. Bij een aanvraag ingediend bij ZonMw ontvangt de aanvrager geanonimiseerde beoordelingen van leden van de beoordelingscommissie. Hierop is weerwoord mogelijk. De deadline voor het indienen van het weerwoord via het online aanvraagsysteem is vijf werkdagen na ontvangst van de referentenrapporten. Na deze deadline wordt een weerwoord niet meegenomen in de verdere procedure. Na ontvangst van het referentenrapport kan de aanvrager kiezen de aanvraag in te trekken via het online aanvraagsysteem en dit zo snel mogelijk per e-mail aan NWO te melden. Zie contactgegevens in hoofdstuk 6.
De aanvraag (en indien van toepassing de referentenrapporten en uw weerwoord) wordt voor commentaar voorgelegd aan de beoordelingscommissie. Daarbinnen worden per aanvraag bij voorkeur minstens twee preadviseurs aangewezen. De preadviseurs geven schriftelijk een inhoudelijk en beargumenteerd commentaar op de aanvraag. Zij formuleren dit commentaar aan de hand van de inhoudelijke beoordelingscriteria (zie paragraaf 4.1) en geven de aanvraag per beoordelingscriterium een cijfermatige score. Hierbij wordt de NWO-scoretabel gehanteerd (op een schaal van 1 tot 9, waarbij ‘1’ excellent is en ‘9’ ontoereikend). De datamanagementparagraaf wordt niet beoordeeld en daarom ook niet meegewogen in de beslissing om een aanvraag al dan niet toe te wijzen. De beoordelingscommissie kan wel advies geven met betrekking tot de datamanagementparagraaf.
Deze stap in het proces is alleen van toepassing op aanvragen ingediend bij het loket ZonMw.
Voor de interviewselectie worden de aanvragen, het preadvies en het weerwoord aan de beoordelingscommissie voorgelegd. De beoordelingscommissie maakt op basis van deze documenten een eigen afweging die resulteert in een prioritering. Vervolgens ontvangen de hoogst geprioriteerde aanvragen een uitnodiging voor een interview. Aanvragers die geen uitnodiging voor het interview ontvangen, komen niet voor toewijzing in aanmerking.
Tijdens het interview heeft de beoordelingscommissie de gelegenheid om vragen te stellen. Dit kunnen ook nieuwe vragen zijn die niet door de referenten zijn opgeworpen. De aanvrager kan hier tijdens het interview in de discussie met de beoordelingscommissie op reageren. Op deze wijze wordt aanvullend hoor- en wederhoor toegepast. Het interview is een belangrijk onderdeel van de beoordelingen en kan leiden tot bijstelling van de beoordeling en de score van de aanvraag tot dan toe.
De beoordelingscommissie maakt op basis van het beschikbare materiaal een eigen afweging. Hierbij geldt dat de referentenrapporten en/of preadviezen in belangrijke mate richtinggevend zijn voor de uiteindelijke beoordeling, maar de beoordelingscommissie neemt deze niet per se onverkort over. De beoordelingscommissie weegt de argumenten van de referenten en/of preadviseurs (ook onderling) en bekijkt of in het weerwoord een goede reactie is geformuleerd op de kritische opmerkingen uit de referentenrapporten en/of preadviezen. De beoordelingscommissie heeft bovendien, anders dan de referenten, zicht op de kwaliteit van de overige ingediende aanvragen en weerwoorden. Dit brengt met zich mee dat de beoordelingscommissie tot een andere beoordeling kan komen dan de referenten. De beoordelingscommissie geeft alle aanvragen een eindscore, afgerond op twee decimalen.
De beoordelingscommissie stelt naar aanleiding van de bespreking een schriftelijk advies op aan het domeinbestuur over de kwaliteit en prioritering van de aanvragen. Dit advies baseert zij op de beoordelingscriteria. De aanvraag als geheel moet tenminste de kwalificatie ‘zeer goed’ krijgen om in aanmerking te komen voor de subsidie. Voor meer informatie over de kwalificaties zie Financiering aanvragen, hoe werkt dat? | NWO.
Advies beoordelingscommissie over toewijzen aanvullende middelen voor vrouwelijke onderzoekers (alleen voor ENW, TTW en Economie en Bedrijfskunde panel binnen SGW)
De beoordelingscommissies binnen de domeinen ENW en TTW, en binnen het panel Economie en Bedrijfskunde van SGW stellen een aanvullend advies op voor het domeinbestuur over de toewijzing van additionele middelen aan vrouwelijke onderzoekers. Binnen deze domeinen/panels worden de voorstellen van vrouwelijke onderzoekers, die niet op basis van het reguliere budget van deze Call for proposals gehonoreerd kunnen worden, maar wel een eindkwalificatie ‘zeer goed’ hebben ontvangen, opnieuw geprioriteerd op basis van hun ontvangen scores. Vervolgens worden deze aanvragen op volgorde van de prioritering per domein/cluster/panel toegewezen totdat het subsidieplafond voor dit additionele budget is bereikt.
Voor de besluitvorming toetst het domeinbestuur de gevolgde procedure en het advies van de beoordelingscommissie. De definitieve kwalificaties worden vastgesteld en over de toe- en afwijzing van de aanvragen wordt besloten. De aanvrager ontvangt na dit besluit van NWO bericht of de aanvraag is toegewezen of afgewezen. De aanvrager ontvangt ook een brief (per e-mail) met daarin het besluit.
Onderstaande richtlijnen en kaders zijn van toepassing tijdens de beoordeling van uw aanvraag.
Voor alle bij de beoordeling en/of besluitvorming betrokken personen en betrokken NWO-medewerkers is de NWO Code Persoonlijke Belangen van toepassing.
Het gebruik van generatieve AI is volledig uitgesloten bij de beoordeling van een aanvraag. Meer informatie over het beleid op generatieve AI vindt u op de website (NWO-beleid op het gebruik van generatieve artificial intelligence (GAI) | NWO).
NWO streeft naar een inclusieve cultuur, waarin geen plaats is voor bewuste of onbewuste barrières vanwege culturele, etnische of religieuze achtergrond, gender, seksuele oriëntatie, gezondheid of leeftijd (Diversiteit en inclusie | NWO). NWO biedt referenten en leden van een beoordelingscommissie handvatten voor het inclusief beoordelen bij de schriftelijke beoordeling en bij de vergadering van de beoordelingscommissie (Inclusief beoordelen | NWO).
NWO hanteert bij het beoordelen van het wetenschappelijke track record van aanvragers een brede definitie van wetenschappelijke output.
NWO verzoekt de beoordelingscommissie en referenten bij de beoordeling van de aanvragen niet af te gaan op indicatoren als de Journal Impact Factor of de h-index. Deze mogen niet worden vermeld in de aanvraag. Wel mogen naast publicaties ook andere wetenschappelijk producten worden vermeld, zoals datasets, patenten, software, code enzovoort.
De basis voor dit beleid ligt in de ‘San Francisco Declaration on Research Assessment’ (DORA), ondertekend door NWO. DORA is een wereldwijd initiatief dat beoogt de manier te verbeteren waarop onderzoek en onderzoekers worden beoordeeld. DORA bevat aanbevelingen voor onderzoeksfinanciers, onderzoeksorganisaties, wetenschappelijke tijdschriften en andere partijen.
Tegemoetkomingsregeling bij overmacht
Aanvragers die gedurende de beoordelingsprocedure verhinderd zijn om tijdig de benodigde input te leveren kunnen mogelijk een beroep doen op de Tegemoetkomingsregeling bij overmacht | NWO.
Tegemoetkomingsregeling kindverlof
Voor aanvragers die gedurende de beoordelingsperiode verlof hebben in verband met de komst van een kind (kindverlof) biedt NWO, voor instrumenten waarin geen medeaanvragers mogen worden opgevoerd, de mogelijkheid om gebruik te maken van de Tegemoetkomingsregeling kindverlof | NWO.
De aanvrager dient om gebruik te maken van deze regeling(en) een met redenen omkleed schriftelijk verzoek in bij NWO via de contactpersoon van deze ronde (zie hoofdstuk 6). Bij dit verzoek verstrekt de aanvrager alle informatie op grond waarvan NWO een beslissing kan nemen, met inbegrip van informatie waaruit blijkt dat de aanvrager is verhinderd om input te leveren wegens kindverlof en/of een overmachtssituatie.
Onder ex aequo verstaat NWO de situatie waarin twee of meer aanvragen op basis van hun gewogen score niet van elkaar te onderscheiden zijn. Een ex aequo situatie is relevant rondom de grens van het subsidieplafond of de selectiegrens. Of er sprake is van een ex aequo situatie wordt als volgt bepaald. Het uitgangspunt is de door de beoordelingscommissie opgestelde prioritering, met eindscores afgerond op 2 decimalen. De referentiescore is de score van de laagst geprioriteerde aanvraag binnen de grens van het subsidieplafond of de selectiegrens. Alle aanvragen met een score die 0,05 of minder van de referentiescore afliggen, worden in overweging genomen. Zo worden de aanvragen geselecteerd die binnen 0,10 gelijk zijn. Indien een ex aequo situatie zich voordoet op de grens van het subsidieplafond of de selectiegrens, dan zal ter stimulering van het aandeel vrouwen in de wetenschap de aanvraag van een vrouwelijke aanvrager als hoogste eindigen. Als de ex aequo situatie daarmee niet wordt doorbroken, zal de aanvraag met de hoogste score (op twee decimalen nauwkeurig) op het criterium Kwaliteit en innovatief karakter van het onderzoeksvoorstel als hoogste eindigen. Als de ex aequo situatie daarmee niet wordt doorbroken, zal de aanvraag die op basis van de eindscore door de meeste commissieleden het best is beoordeeld als hoogste eindigen. Als ook dan aanvragen gelijk eindigen bepaalt de beoordelingscommissie met behulp van een (anonieme) meerderheidsstemming de prioritering (conform artikel 2.2.6, vijfde lid van de NWO Subsidieregeling 2024). Als ook stemming geen uitsluitsel biedt, of niet gewenst is, wordt de ex aequo situatie doorgestuurd naar het domeinbestuur.
In dit hoofdstuk staan de voorwaarden en verplichtingen die gelden na toewijzing van de subsidie. Dit hoofdstuk is hoofdzakelijk relevant voor aanvragers van toegewezen aanvragen.
Na toewijzing van een aanvraag wordt de aanvrager automatisch de projectleider en het aanspreekpunt voor NWO. De onderzoeksorganisatie van de projectleider is de begunstigde en wordt penvoerder. De projectleider en penvoerder zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de uitvoering van het gehele project.
De projectleider van het project ontvangt namens het domeinbestuur een subsidieverleningsbesluit. Daarin staan ook specifieke formulieren of richtlijnen vermeld. Het startformulier en het datamanagementplan, definitieve begroting en (indien van toepassing) de consortiumovereenkomst dienen voor aanvang van het project te worden ingediend. Zonder deze documenten mag het project niet starten. De subsidie wordt uitbetaald in termijnen nadat aan alle startvoorwaarden is voldaan.
Om de start van het project aan te geven, dient gebruik te worden gemaakt van het startformulier. Het startformulier wordt tegelijk met het subsidieverleningsbesluit aan de projectleider gestuurd.
Projectleiders kunnen anderen machtigen om administratieve acties voor hun project uit te voeren in het ISAAC systeem. Meer informatie over de machtigingsregeling voor projectleiders staat hier: Machtigingsregeling voor projectleiders | NWO. ZonMw projectleiders kunnen geen anderen machtigen om administratieve acties voor hun project uit te voeren.
Bij goed onderzoek hoort verantwoord datamanagement. Voorafgaand aan de start van het project werkt de projectleider de datamanagementparagraaf (zie paragraaf 3.6) uit tot een datamanagementplan. Als er door referenten en de beoordelingscommissie advies gegeven is over datamanagement, dan kan daarvan gebruik worden gemaakt. De projectleider beschrijft in het plan of er gebruik gemaakt wordt van bestaande data of dat het om een nieuwe dataverzameling gaat en hoe de dataverzameling dan FAIR – vindbaar, toegankelijk, interoperabel en herbruikbaar – gemaakt wordt.
Het datamanagementplan moet worden afgestemd met een datasteward of vergelijkbare functionaris van de onderzoeksorganisatie waar het project wordt uitgevoerd. Het datamanagementplan moet voor de startdatum van het project via ISAAC bij NWO worden ingediend, bij ZonMw moet het datamangementplan voor startdatum van het project ingestuurd zijn via e-mail naar het programma e-mailadres (projectleiders worden hierover geïnformeerd). NWO beoordeelt het plan. Goedkeuring van het datamanagementplan door NWO is een voorwaarde voor de subsidieverlening. Het plan kan tijdens het onderzoek worden bijgesteld.
De verleende subsidie dient conform de door u in te zenden definitieve begroting te worden besteed. Doel van deze definitieve begroting is de financiële verantwoording te ondersteunen.
In uw begroting zoals ingediend bij de aanvraag heeft u reeds aangegeven welke begrotingsposten noodzakelijk zijn voor uitvoering van het onderzoek. Aangezien de begroting met inachtneming van de beoordelingscriteria is meegewogen in het uiteindelijk oordeel over uw aanvraag, en derhalve medebepalend is geweest voor de positie van uw aanvraag op de prioritering, dient de definitieve begroting aan te sluiten bij de begrotingsposten die u in uw aanvraag heeft genoemd.
In het geval van een consortiumovereenkomst is de volgende paragraaf van toepassing:
In de consortiumovereenkomst worden afspraken vastgelegd over intellectueel eigendom en publicatie, kennisoverdracht, geheimhouding, betalingen van cofinanciering en voortgangs- en eindverslagen. De NWO consortiumovereenkomst is beschikbaar in het Nederlands en in het Engels. De consortiumovereenkomst wordt aangegaan door alle projectpartners en ondertekend door tekenbevoegde personen binnen de betrokken organisaties en dient via het online aanvraagsysteem te worden ingediend voordat het project mag starten. De verantwoordelijkheid voor het regelen van de consortiumovereenkomst ligt bij de aanvrager.
NWO beoogt enerzijds dat de onderzoeksresultaten van door NWO gefinancierde projecten publiekelijk toegankelijk zijn, en anderzijds dat de verdere ontwikkeling van de onderzoeksresultaten wordt gestimuleerd door partijen de mogelijkheid te bieden om deze te exploiteren. Daarbij kan het wenselijk zijn om intellectuele eigendomsrechten over te dragen of een licentie te verlenen aan (één van) de bij het project betrokken private partijen. Het uitgangspunt is dat alle onderzoeksresultaten kunnen worden gepubliceerd met inachtneming van afspraken over publicatieprocedures. Dit wordt bepaald in de consortiumovereenkomst.
Tijdens de loop van het project houdt de projectleider NWO op de hoogte van de voortgang. Dit gebeurt op verschillende manieren.
Na toewijzing van het project zal een commissie conform artikel 3.3.2 van de NWO Subsidieregeling 2024 worden ingesteld ten behoeve van begeleiding en monitoring van het project. Meer informatie over deze commissie staat in het subsidieverleningsbesluit.
Deze commissie dient ter bevordering dat de kennis uit het onderzoek ook daadwerkelijk en effectief aan gebruikers wordt overgedragen. Voor Veni is een gebruikerscommissie alleen een verplicht onderdeel als er sprake is cofinanciering. Meer informatie over deze commissie staat in het subsidieverleningsbesluit.
Aanvullende definities en toelichtingen:
– Gebruikerscommissie: een commissie zoals bedoeld in artikel 3.3.2 van de NWO Subsidieregeling 2024. De gebruikerscommissie komt doorgaans samen in een halfjaarlijkse gebruikerscommissievergadering. Leden van de gebruikerscommissie zijn gebruikers, de projectleider, het eventueel op het project aangestelde personeel en een Programme Officer van NWO.
– Gebruikers: lid van de gebruikerscommissie. Gebruikers zijn natuurlijke personen of rechtspersonen, niet zijnde de aanvrager, die de projectleider kunnen adviseren over de richting van het project met als doel de toepassing van resultaten en voorziene en onvoorziene kansen op impact te maximaliseren. Bovendien kunnen gebruikers een belangrijke rol spelen in het verbinden van relevante partijen en het versterken van netwerken en ecosystemen. Dit doen zij onder andere door faciliteiten beschikbaar te stellen en nieuwe samenwerkingen te bevorderen.
Binnen de gebruikers wordt onderscheid gemaakt tussen academische en niet-academische gebruikers:
i. Academische gebruikers: Gebruikers die kunnen bijdragen aan het vergroten van de kansen op impact binnen het eigen, aanverwante of bredere wetenschapsveld. Voorbeelden van academische gebruikers zijn, maar zijn niet beperkt tot, personen afkomstig van nationale of internationale universiteiten, umc’s of onderzoeksorganisaties.
ii. Niet-academische gebruikers: Gebruikers die kunnen bijdragen aan het vergroten van de kansen op toepassing van de resultaten in de praktijk of de kansen op maatschappelijke impact, zoals culturele, economische, industriële, ecologische of sociale veranderingen. Voorbeelden van niet-academische gebruikers zijn, maar zijn niet beperkt tot, personen afkomstig van bedrijven; TO2-instellingen; klinieken; (patiënten)verenigingen; maatschappelijke organisaties; publieke organisaties; en overheidsinstellingen.
Voor de gebruikerscommissie gelden de volgende uitgangspunten:
• een gebruiker kan geen aanvrager zijn;
• een cofinancier is ook een gebruiker;
• gebruikers mogen uit zowel Nederland als het buitenland komen;
• het is de bedoeling dat gebruikers actief bij het project worden betrokken;
• kennisbenutting van de onderzoeksresultaten is een vast agendapunt van de gebruikerscommissievergaderingen. Hieronder vallen samenwerking met gebruikers, kennisbescherming en commercialisering van de kennis.
NWO wil op de hoogte blijven van alle output die het onderzoek oplevert, zowel wetenschappelijk als voor het brede publiek. Op de NWO-website is meer informatie te vinden over verschillende soorten output. Projectleiders kunnen deze output indienen via het ISAAC- of Mijn ZonMw-systeem.
Als er tijdens de looptijd van het project wijzigingen zijn ten opzichte van de toegewezen aanvraag en begroting dan moet de projectleider deze wijzigingen vooraf ter goedkeuring voor leggen aan NWO via een wijzigingsformulier. Zie ook art. 3.4 van de NWO Subsidieregeling 2024.
Hieronder staan de richtlijnen en kaders beschreven die van toepassing zijn op de uitvoering van het project.
Net zoals bij de beoordeling (zie hoofdstuk 4) is na toewijzing de Nationale leidraad kennisveiligheid van toepassing. NWO verwacht van projectleiders dat zij zich conformeren aan het kennisveiligheidsbeleid van de onderzoeksorganisatie. In het subsidieverleningsbesluit kunnen nadere voorwaarden zijn opgenomen ter bescherming van de kennisveiligheid. De Nationale leidraad kennisveiligheid vindt u op de website van de Rijksoverheid: Loket Kennisveiligheid.
Het is de verantwoordelijkheid van de projectleider om na te gaan of voor de uitvoering van het voorgestelde project een ethische verklaring of vergunning noodzakelijk is. Het wel of niet hebben van een ethische verklaring of vergunning op het moment van het aanvraagproces heeft geen invloed op de beoordeling van de aanvraag. Als er een ethische verklaring of vergunning nodig is voor (een deel van) het onderzoek dan moet de projectleider een kopie van deze verklaring of vergunning aan NWO verstrekken nadat het project is toegewezen, en in ieder geval uiterlijk voordat de uitvoering van het onderdeel van het project waarvoor de verklaring nodig is van start gaat. Het deel van het project waarvoor de verklaring en/of vergunning vereist is, kan uiteraard (nog) niet worden uitgevoerd zolang er geen verklaring of vergunning is verstrekt.
Onderzoek dient volgens de normen van de Nederlandse Gedragscode Wetenschappelijke Integriteit (2018) te worden uitgevoerd. In geval van (mogelijke) schending van deze normen, moet de projectleider NWO hiervan onmiddellijk op de hoogte stellen en alle relevante documenten aan NWO overleggen. Onderzoekers kunnen ook een klacht indienen bij de Commissie Wetenschappelijke Integriteit van hun onderzoeksorganisatie of bij het Meldpunt wetenschappelijke integriteit | NWO.
NWO hecht grote waarde aan de wetenschappelijke integriteit van door haar gefinancierd onderzoek en spant zich in om integriteitsschendingen te voorkomen en te signaleren. Niet-integer onderzoek kan immers leiden tot directe schade (bijvoorbeeld aan de omgeving of patiënten), en kan het publieke vertrouwen in de wetenschap en het vertrouwen tussen wetenschappers onderling aantasten.
Uit het project kan kennis voortkomen die geschikt is voor toepassing in de maatschappij. Bij het aangaan van afspraken over licentie- en/of overdracht van onderzoeksresultaten dient rekening te worden gehouden met de tien principes voor maatschappelijk verantwoord licentiëren, die te vinden zijn op de website van UMCNL.
Onderzoekers moeten de noodzakelijke acties ten aanzien van het Nagoya Protocol nemen. Het Nagoya Protocol zorgt voor een eerlijke verdeling van voordelen die voortvloeien uit het gebruik van genetische bronnen, inclusief (traditionele) kennis over deze bronnen (Access and Benefit Sharing; ABS). Onderzoekers die gebruik maken van deze bronnen (in of uit het buitenland) dienen zich op de hoogte te stellen van het Nagoya Protocol (Home | ABS Focal Point).
Het beleid van NWO met betrekking tot intellectueel eigendom (IE) is te vinden in de NWO Subsidieregeling 2024.
Projectleiders moeten een door NWO gefinancierd project uitvoeren in de tijd dat ze voor de begunstigde onderzoeksorganisatie werken. Indien een projectleider of een door NWO gefinancierde onderzoeker bij meerdere werkgevers is aangesteld, dient de niet-begunstigde werkgever afstand te doen van eventuele intellectuele eigendomsrechten die uit het project voortvloeien.
Uiterlijk drie maanden na het einde van de looptijd van het project levert de projectleider schriftelijk een inhoudelijk en financieel eindverslag in. Het niet of niet tijdig indienen van deze verslagen kan leiden tot het lager of op nihil vaststellen van de subsidie. De projectleider ontvangt een verzoek per e-mail, inclusief de deadline voor indiening. Een basis eindverslagsjabloon en een financieel eindverslagsjabloon zijn te vinden op: Het afsluiten van een project | NWO. Indien er een afwijkend eindverslagsjabloon voor het project geldt, ontvangt de projectleider daar te zijner tijd informatie over.
Om zekerheid te verkrijgen over of de subsidie op de juiste wijze is besteedt, vraagt NWO bij een vaststellingsverzoek om een controleverklaring / auditrapport uitgevoerd door een externe accountant wanneer:
– het Onderwijsaccountantsprotocol OCW/EZ niet van toepassing is op de begunstigde van een subsidie voor een project en de verleende subsidie boven de € 125.000 ligt;
– bij de financiering van een project door NWO een andere publieke financier dan het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) is betrokkenen en deze een controleverklaring vereist. In die gevallen maakt het niet uit of het Onderwijsaccountantsprotocol van toepassing is.
Het Onderwijsaccountantsprotocol OCW/EZ is van toepassing op door het Ministerie van OCW bekostigde rechtspersonen in de onderwijssectoren Primair Onderwijs (PO), Voortgezet Onderwijs (VO), Middelbaar Beroepsonderwijs (MBO) en Hoger Onderwijs (HO).
De penvoerder is verantwoordelijk voor het tijdig regelen van de controleverklaring. Deze verantwoordelijkheid blijft onverminderd van toepassing als de penvoerder een deel van de subsidie heeft besteed aan een andere partij. Stem dit op tijd af met de externe accountant.
Neem voor vragen over dit onderwerp tijdig, bij voorkeur bij de start van het project, contact op met NWO, zie hoofdstuk 6.
Open Science is de beweging die staat voor een meer open en participatieve onderzoekspraktijk waarbij publicaties, data, software en andere vormen van wetenschappelijke informatie in een zo vroeg mogelijk stadium gedeeld worden en voor hergebruik beschikbaar gesteld worden.
Wetenschappelijke publicaties over het project dienen Open Access beschikbaar te zijn volgens de Beleidsregel Open Access. Op de website van NWO staat beschreven welke opties er zijn voor het Open Access beschikbaar maken van verschillende typen publicaties zoals wetenschappelijke artikelen, boeken en boekhoofdstukken en proefschriften. Op de NWO-website staat ook informatie over de toepassing van licenties. Eventuele kosten voor Open Access publiceren dienen te worden begroot als onderdeel van de aanvraagbegroting.
Leidt NWO-onderzoek tot een publicatie of andere relevante onderzoeksoutput? Dan moet de penvoerder bij de acknowledgements NWO noemen als financier.
Vragen over de financiering van aanvragen?
Kijk voor meer informatie op Financiering aanvragen, hoe werkt dat? | NWO.
Vragen over de inhoud van deze ronde?
Bekijk onze website voor algemene vragen over het Talentprogramma of over de extensieregeling. U kunt hierover ook direct contact met ons opnemen via talent@nwo.nl.
Voor inhoudelijke vragen over deze ronde kan contact worden opgenomen met:
NWO-Talentprogramma
Domein ENW
Postbus 93460
2509 AC ’s-Gravenhage enw-veni@nwo.nl
NWO-Talentprogramma
Domein SGW
Postbus 93461
2509 AC ’s-Gravenhage sgw-veni@nwo.nl
NWO-Talentprogramma
Domein TTW
Postbus 3021
3502 GA Utrecht ttw-veni@nwo.nl
NWO-Talentprogramma
ZonMw
Postbus 93245
2509 AE ’s-Gravenhage veni@zonmw.nl
Technische vragen over het elektronische aanvraagsysteem ISAAC?
Voor vragen over ISAAC kan de handleiding ISAAC worden geraadpleegd (te vinden via de knop ‘help’ in ISAAC). Daarnaast kan er contact opgenomen worden met de ISAAC-helpdesk. De ISAAC-helpdesk is bereikbaar van maandag t/m vrijdag van 10.00 tot 17.00 uur CET/CEST op telefoonnummer +31 (0)70 34 40 600. U kunt uw vraag ook per e-mail stellen via isaac.helpdesk@nwo.nl. U ontvangt dan binnen twee werkdagen een reactie.
Technische vragen over het elektronische aanvraagsysteem Mijn ZonMw?
Neem bij technische vragen betreffende het gebruik van Mijn ZonMw contact op met de ZonMw servicedesk. Raadpleeg eerst de handleiding voordat u de helpdesk om advies vraagt. De ZonMw Service desk is van maandag t/m vrijdag tussen 8.00 tot 17.00 uur bereikbaar via +31 70 349 51 78 of servicedesk@zonmw.nl.
Voor genoemde salaristabellen en tarieven: zie Salaristabellen | NWO.
Personeel
Aanvrager Veni, Vidi of Vici
Voor de loonkosten van de aanvrager van de Veni, Vidi of Vici geldt het werkelijke brutosalaris van de aanvrager en de opslagen a, b en c in artikel 2.1 van het Akkoord Bekostiging Wetenschappelijk Onderzoek, met uitzondering van de indexering. Het is alleen toegestaan loonkosten op te voeren voor het gedeelte van de aanstelling dat aan project gerelateerde taken wordt besteed.
Voor de opslagen gelden de normpercentages uit het Akkoord, conform de UNL- en UMCNL-salaristabellen van het moment van de besluitdatum voor:
– vakantietoeslag;
– eindejaarsuitkering;
– vergoedingsopslag/VALK (opslag werkgeverslasten);
– opslag (incl. transitievergoeding).
Voor volgende jaren is het mogelijk rekening te houden met de te verwachten periodieke verhogingen en andere salarisverhogingen voor zover die op grond van de geldende cao worden verwacht.
Voor aanvragers van de Veni, Vidi of Vici is geen persoonsgebonden benchfee beschikbaar.
Bij inzet van ander personeel gelden de tarieven die bij het desbetreffende personeel zijn genoemd.
Additioneel personeel
Voor personeel dat werkzaam is bij een universiteit in het Koninkrijk der Nederlanden, universitair medisch centrum (umc) of een andere onderzoeksorganisatie, genoemd in artikel 1.1, eerste lid, sub c tot en met h van de NWO Subsidieregeling 2024 kunnen loonkosten worden opgevoerd voor onderstaande personeelsposities.
Niet-wetenschappelijk personeel
Financiering kan worden aangevraagd voor niet-wetenschappelijk personeel (NWP) dat nodig is voor de uitvoering van het project. Het kan bijvoorbeeld gaan om programmeurs, technisch assistenten, analisten of projectmanagers. De inzet van NWP moet worden beschreven in de aanvraag.
Afhankelijk van het functieniveau wordt gekozen uit de salaristabellen van het UNL of UMCNL voor NWP-mbo, NWP-hbo en NWP-academisch. Voor NWP is geen persoonsgebonden benchfee beschikbaar.
Financiering kan worden aangevraagd voor alle project-specifieke kosten met betrekking tot onder meer verbruiksgoederen, inkoop van diensten, materialen, kleine instrumenten, toegang tot (inter)nationale faciliteiten, software en onderzoeksmiddelen die na gebruik geen economische waarde meer hebben. Reis- en verblijfkosten (nationaal en internationaal) voor alle mensen die aan het project werken incl. buitenlandse gastonderzoekers, kosten voor de organisatie van (internationale) workshops en symposia, kosten voor datamanagement, publicaties, en kosten in het kader van citizen science vallen eveneens onder deze module. Maximaal 25% van het bij NWO aangevraagde materiele budget kan ingezet worden voor werk door derden (bijvoorbeeld laboratoriumanalyses, dataverzameling enz.).
In het onderzoek kunnen studenten worden ingezet. Indien de studenten bijdragen als onderdeel van hun curriculum, geldt het tarief volgens de gebruikelijke stagevergoeding van de universiteit of hogeschool. Indien de studenten als bijbaan naast hun studie als student-assistent bijdragen, geldt het tarief volgens Handleiding Overheidstarieven (HOT), tabel 2 onder 2.2 ‘gemiddelde totale loonkosten per salarisschaal’, kolom ‘Uurtarief productieve uren, exclusief btw’, schaal 1.
Reiskosten (nationaal en internationaal) worden alleen vergoed op basis van tweede klasse/economy class tarieven. Voor publicaties gelden de bepalingen in de paragraaf 5.5 Open Science. Kosten voor een controleverklaring kunnen alleen worden opgevoerd voor onderzoeksorganisaties die niet onderworpen zijn aan het onderwijsaccountantsprotocol van OCW voor maximaal € 5.000 per controleverklaring.
Het is niet toegestaan om kosten op te voeren voor:
– organisatie-infrastructuur en overhead, waaronder een volledig functionerende werkplek, huisvesting, kantoorautomatisering, personeelsadministratie, reiskosten woon-werk, opleiding, facilitair, HR-advies en bedrijfszorg, documentaire informatievoorziening en thuiswerkvergoeding;
– het gebruik en onderhoud van in eigen beheer ontwikkelde wetenschappelijke infrastructuur;
– reguliere onderwijsactiviteiten;
– leden van de gebruikerscommissie.
Financiering kan worden aangevraagd voor alle project-specifieke middelen ten behoeve van onderzoek of kosten met betrekking tot bouw of doorontwikkeling van wetenschappelijke infrastructuur die na afronding van het project economische waarde behouden, dan wel kunnen worden hergebruikt. De begunstigde verwerft na afloop van het project het eigendom over deze onderzoeksmiddelen. Indien de begunstigde winst realiseert uit het economisch eigendom van deze onderzoeksmiddelen, dan moeten deze winsten worden geïnvesteerd in primaire activiteiten van de begunstigde zoals bedoeld in artikel 3.1.4, lid 2, van de NWO Subsidieregeling 2024. Het gaat om de aanschaf van apparatuur met restwaarde voor de uitvoering van onderzoeken om investeringen in de opbouw of (verdere) ontwikkeling van wetenschappelijke infrastructuur. Loonkosten als onderdeel van de investering zijn op te voeren als personele kosten.
De kosten voor investeringen dienen in de aanvraag adequaat gespecificeerd en gemotiveerd te worden.
Subsidiabel zijn:
– kosten voor investeringen in wetenschappelijke apparatuur;
– kosten voor investeringen in datasets;
– loonkosten voor medewerkers met essentiële technische expertise noodzakelijk voor de ontwikkeling of bouw van een investering.
Niet-subsidiabel zijn:
– kosten voor infrastructurele voorzieningen die tot de gebruikelijke infrastructuur gerekend kunnen worden (volledig functionerende werkplek, huisvesting, kantoorautomatisering, personeelsadministratie, reiskosten woon-werk, opleiding, facilitair, HR-advies en bedrijfszorg, documentaire informatievoorziening, thuiswerkvergoeding);
– dataverzamelingen en eventuele bijbehorende software en bibliografieën die reeds op andere wijze beschikbaar zijn;
– overige personeelskosten, waaronder personeelskosten voor de exploitatie en het uitvoeren van onderzoek met de faciliteit;
– kosten voor onderhoud en gebruik van de apparatuur op een project. De kosten voor het gebruik van apparatuur op een project kunnen via het materieel budget aangevraagd worden.
Het aangevraagde budget dient in de aanvraag adequaat gespecificeerd te worden. Gebruik voor de bepaling van de tarieven de bepalingen van Personeel en Materieel.
Het is mogelijk om maximaal 5% van het subsidiebedrag in te zetten voor deze module. Het is niet verplicht om van deze module gebruik te maken. Voorbeelden van mogelijke kosten, maar niet gelimiteerd tot, zijn het maken van een lespakket, een haalbaarheidsstudie naar toepassingsmogelijkheden, kosten voor het indienen van een octrooiaanvraag of het gebruik maken van een business developer.
Het tarief op het moment van de besluitdatum is van toepassing. NWO past bij de toekenning zo nodig eenmalig ambtshalve een indexering toe van de loonkosten. Hierbij wordt de datum gehanteerd dat de tarieven ingaan. Indien de datum van bekendmaking van de tarieven later is dan de ingangsdatum, wordt de datum van bekendmaking gehanteerd. De tarieven van de Universiteiten van Nederland (UNL) gaan doorgaans in op 1 juli, van de Nederlandse Federatie van Universitair medische centra (UMCNL) op 1 augustus en van de Handleiding Overheidstarieven (HOT) op 1 januari.
Ambtshalve indexering heeft geen invloed op het subsidieplafond en het maximaal aan te vragen subsidiebedrag. Het subsidieplafond en het maximaal aan te vragen subsidiebedrag blijven ongewijzigd.
Indien cofinanciering is vereist dan wel toegestaan, heeft de ambtshalve indexering geen gevolgen voor de eisen aan eigen bijdragen en cofinanciering, noch voor de IE-rechten die uit de cofinanciering kunnen voortvloeien.
Alle activiteiten die worden aangevraagd onder deze budgetmodule moeten passen binnen de definitie van "Activiteiten inzake kennisoverdracht" die door de Europese Commissie wordt gehanteerd in de Kaderregeling betreffende staatssteun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie (PbEU 2022, C 414).
Onder 'andere academische prestaties' verstaat NWO onder meer bijdragen aan de ontwikkeling van wetenschappelijke theorieën en methoden, indicaties van zelfstandigheid, bijdragen aan Open Science en 'academic citizenship'.
NWO hanteert een brede definitie van het begrip wetenschap, waaronder ook technologie en klinisch onderzoek vallen.
Aspecten die kunnen worden meegenomen in de beoordeling van de haalbaarheid zijn onder meer passendheid van het netwerk en institutionele inbedding, het logische en technologische kader, planning en tijdschema, en middelen, zoals de toewijzing van personeel, data, tools, technologie en institutionele ondersteuning. NWO staat open voor de selectie van high risk – high gain projecten.
Maatschappelijke impact zijn de maatschappelijke (culturele, economische, industriële, ecologische of sociale) veranderingen die (mede) het gevolg zijn van door onderzoek gegenereerde kennis en kunde. Deze veranderingen dragen bij aan het welzijn van mens, planeet en maatschappij voor deze en toekomstige generaties.
Alle activiteiten die worden aangevraagd onder deze budgetmodule moeten passen binnen de definitie van "Activiteiten inzake kennisoverdracht" die door de Europese Commissie wordt gehanteerd in de Kaderregeling betreffende staatssteun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie (PbEU 2022, C 414).
Onder 'andere academische prestaties' verstaat NWO onder meer bijdragen aan de ontwikkeling van wetenschappelijke theorieën en methoden, indicaties van zelfstandigheid, bijdragen aan Open Science en 'academic citizenship'.
NWO hanteert een brede definitie van het begrip wetenschap, waaronder ook technologie en klinisch onderzoek vallen.
Aspecten die kunnen worden meegenomen in de beoordeling van de haalbaarheid zijn onder meer passendheid van het netwerk en institutionele inbedding, het logische en technologische kader, planning en tijdschema, en middelen, zoals de toewijzing van personeel, data, tools, technologie en institutionele ondersteuning. NWO staat open voor de selectie van high risk – high gain projecten.
Maatschappelijke impact zijn de maatschappelijke (culturele, economische, industriële, ecologische of sociale) veranderingen die (mede) het gevolg zijn van door onderzoek gegenereerde kennis en kunde. Deze veranderingen dragen bij aan het welzijn van mens, planeet en maatschappij voor deze en toekomstige generaties.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2026-23945.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.