Besluiten aanvragen ex artikel 4.2 Wet op het voortgezet onderwijs, nr. POR/202605/000028, Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Besluiten op basis van artikel 4.2 van de Wet op het voortgezet onderwijs op de aanvragen voor bekostiging van een nieuwe school of scholengemeenschap, met ingang van 1 augustus 2026.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap geeft kennis van de goedkeuring dan wel afwijzing van de volgende aanvragen die zijn ingediend voor 1 november 2025 in het kader van de procedure voor bekostiging van een nieuwe school of scholengemeenschap.

Een belanghebbende kan tegen een besluit, binnen zes weken na de dag waarop het besluit aan de aanvrager is toegezonden, schriftelijk bezwaar maken. De belanghebbende dient daartoe een bezwaarschrift in bij de Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs, onder vermelding van "Bezwaar", ter attentie van DUO, Postbus 30205, 2500 GE Den Haag. Meer informatie over het maken van bezwaar vindt u op www.bezwaarschriftenocw.nl. De verzenddatum van een beschikking is steeds bovenaan de tekst van de betreffende beschikking vermeld.

Stichting VO Abcoude te Abcoude; scholengemeenschap voor havo en vwo te Abcoude (datum van besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 28 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een scholengemeenschap, zoals bedoeld in artikel 4.2, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt:

De aanvraag betreft een bijzondere scholengemeenschap voor havo en vwo, genaamd Gein en Angstel Lyceum, te vestigen in het postcodegebied 1391, in de gemeente Abcoude.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 en 4.5, van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde scholengemeenschap voor havo en vwo niet voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 10 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 28 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd volgens het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting havo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor havo is 60 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 40.936. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 13.055, vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,40) komt dat uit op 70.497. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 72.

De stichtingsnorm voor een school voor havo als samenstellende school van een scholengemeenschap bedraagt 244. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 72, is niet aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor havo als onderdeel van een scholengemeenschap op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Belangstellingsmeting vwo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor vwo is 60 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 40.936. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 13.055. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,70) komt dat uit op 74.413,5. Rekening houdende met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6 van de WVO 2020, berekend op 76.

De stichtingsnorm voor een school voor vwo als samenstellende school van een scholengemeenschap bedraagt 293. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 76, is niet aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor vwo als onderdeel van een scholengemeenschap op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Ouderverklaringen versus steunverklaringen

In een begeleidende brief geeft u aan dat u zich realiseert dat het aantal ouderverklaringen onvoldoende potentieel oplevert voor goedkeuring. U bent van mening dat de wettelijk voorgeschreven systematiek die dit aantal ouderverklaringen heeft opgeleverd, geen juist beeld geeft van de daadwerkelijke belangstelling. U heeft een eigen onderzoek uitgevoerd waaruit volgens u wel voldoende belangstelling blijkt en u verzoekt mij hiermee rekening te houden bij de beoordeling. De wet kent echter een voorgeschreven prognosesystematiek waar ik niet van af kan wijken. De wet geeft mij daartoe geen mogelijkheden. Ik kan de resultaten van uw enquête dan ook niet betrekken bij de beoordeling van de vraag of er voldoende potentieel is voor de gevraagde scholengemeenschap.

Voor uw informatie bericht ik u dat de WVO 2020 wel de mogelijkheid biedt om met een zogenaamd marktonderzoek de belangstelling aan te tonen in plaats van met ouderverklaringen. Dat mag echter alleen in een beperkt aantal specifieke situaties. Verder worden er strikte eisen gesteld aan de wijze waarop en door wie dat marktonderzoek moet worden uitgevoerd. Ik verwijs u daarvoor naar het bepaalde in de Regeling voorzieningenplanning VO 2020.

Onderwijskwaliteit

In artikel 4.5 van de WVO 2020 is geregeld dat Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) de minister adviseert of de aanvraag voldoet aan de verplichtingen in artikel 4.5, tweede lid, onderdeel b, van de WVO 2020. Ik kan u hierover het volgende berichten.

Artikel 4.5a van de WVO 2020 bepaalt welke verplichtingen er zijn voor het indienen van een aanvraag voor bekostiging. Zo moeten bij de aanvraag onder andere documenten zijn gevoegd die laten zien op welke wijze u gaat voldoen aan de zogenaamde kwaliteitseisen. Ik verwijs u hiervoor naar het hiervoor genoemd artikel. Bij uw aanvraag ontbreken alle deze stukken. Artikel 4:5 van de Algemene Wet Bestuursrecht bepaalt dat ik een aanvrager in dergelijke situaties de gelegenheid moet geven de aanvraag binnen een redelijke termijn te completeren.

Uw aanvraag kan echter niet rekenen op voldoende belangstelling. Uw aanvraag voldoet daarmee niet aan één van de wettelijke bekostigingscriteria hetgeen op zichzelf staand grond is voor afwijzing van uw aanvraag. In artikel 4.5, lid 4a, van de WVO 2020 is bepaald dat indien de aanvraag wordt afgewezen op grond van de belangstellingsmeting in relatie tot de stichtingsnorm, het advies van de inspectie achterwege blijft. Een aanvraag kan immers alleen worden goedgekeurd wanneer zowel aan de stichtingsnormen als aan de verplichtingen in artikel 4.5, tweede lid onderdeel b, WVO 2020 wordt voldaan. Wanneer niet wordt voldaan aan de stichtingsnormen is het advies van de inspectie niet meer van invloed op het besluit en daardoor ook niet opportuun. Ik heb de ontbrekende stukken daarom niet opgevraagd en de inspectie niet om advies gevraagd.

Stichting voor Islamitisch Voortgezet Onderwijs in Rotterdam e.o. te Rotterdam; scholengemeenschap voor havo en vwo te Rotterdam (datum van besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 30 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een school, als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt.

De aanvraag heeft betrekking op een bijzondere scholengemeenschap voor havo en vwo genaamd Avicenna lyceum Rotterdam, te vestigen in het postcodegebied 3076 in de gemeente Rotterdam.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde scholengemeenschap voor havo en vwo met ingang van 1 augustus 2027 voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 18 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 30 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting havo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor havo betreft 241 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10 tot en met 12 jarigen in het voedingsgebied 53.895. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 16.912. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,4) komt dat uit op 91.324,8. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 286.

De stichtingsnorm voor een school voor havo bedraagt 244. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 286 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor havo op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Belangstellingsmeting vwo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor vwo betreft 270 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10 tot en met 12 jarigen in het voedingsgebied 53.895. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 16.912. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,7) komt dat uit op 96.398,4. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 338.

De stichtingsnorm voor een school voor vwo bedraagt 293. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 338 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor havo op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 24 februari 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

Vervolgprocedure

Over de procedure die u moet volgen om de bekostiging een aanvang te laten nemen, ontvangt u in het eerste kwartaal van het jaar dat de school van start mag, separaat een schriftelijk bericht.

Stichting Islamitisch Onderwijs Groene Hart te Gouda; school voor havo te Gouda (datum van besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een school, als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt.

De aanvraag heeft betrekking op een bijzondere school voor havo genaamd Risalah College, te vestigen in het postcodegebied 2804 in de gemeente Gouda.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde bijzondere school voor havo met ingang van 1 augustus 2027 voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 18 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting havo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor havo betreft 298 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10 tot en met 12 jarigen in het voedingsgebied 28.189. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 9.286. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,4) komt dat uit op 50.144,4. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 371.

De stichtingsnorm voor een school voor havo bedraagt 325. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 371 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor havo op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 27 februari 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

Zienswijze

De gemeente Gouda heeft met haar brief van 19 november 2025 een zienswijze ingediend als bedoeld in artikel 4.5, tiende lid, van de WVO 2020.

De zienswijze van de gemeente houdt kort gezegd het volgende in. In Gouda ontbreekt tot op heden islamitisch voortgezet havo-onderwijs, dus daarmee verrijkt en verbreedt dit initiatief daadwerkelijk het onderwijslandschap in Gouda. De gemeente steunt daarom het initiatief.

Vervolgprocedure

Over de procedure die u moet volgen om de bekostiging een aanvang te laten nemen, ontvangt u in het eerste kwartaal van het jaar dat de school van start mag, separaat een schriftelijk bericht.

Stichting Voortgezet Vrijeschool Onderwijs Fryslân te Goutum; scholengemeenschap voor mavo en havo te Leeuwarden (datum van besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 30 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een school, als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt.

De aanvraag heeft betrekking op een bijzondere scholengemeenschap voor mavo en havo genaamd Freya College, te vestigen in het postcodegebied 8925 in de gemeente Leeuwarden.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde scholengemeenschap voor mavo en havo met ingang van 1 augustus 2027 voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 19 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 30 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting mavo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor mavo betreft 234 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10 tot en met 12 jarigen in het voedingsgebied 7.613. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 2.383,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (3,9) komt dat uit op 9.295,65. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 200.

De stichtingsnorm voor een school voor mavo bedraagt 195. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 200 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor havo op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Belangstellingsmeting havo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor havo betreft 217 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12 jarigen in het voedingsgebied 7.613. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 2.383,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,4) komt dat uit op 12.870,9. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 257.

De stichtingsnorm voor een school voor havo bedraagt 244. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 257 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor havo op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 16 maart 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

Vervolgprocedure

Over de procedure die u moet volgen om de bekostiging een aanvang te laten nemen, ontvangt u in het eerste kwartaal van het jaar dat de school van start mag, separaat een schriftelijk bericht.

Stichting Islamitisch Primair Onderwijs Rijnmond te Rotterdam; scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo te Rotterdam (datum van besluit: 29 mei 2026)

Op 29 oktober 2025 heeft u een aanvraag ex artikel 4.2 van de Wet op het voorgezet onderwijs 2020 (WVO 2020) ingediend voor bekostiging van een scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo, genaamd het SAFA College, te vestigen in de gemeente Rotterdam in postcodegebied 3065. Met deze beschikking beslis ik op uw aanvraag.

BESLUIT

Uw verzoek voor bekostiging van een scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo wijs ik af, omdat u niet heeft voldaan aan de uitnodigingsplicht zoals bepaald in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel c, van de WVO 2020. Ik besluit derhalve de scholengemeenschap zoals hiervoor bedoeld niet voor bekostiging in aanmerking te brengen. Hieronder licht ik dit besluit toe.

Overwegingen

Het initiatief is gemeld op 23 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 29 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

Belangstellingsmeting

De belangstellingsmeting is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift en aan de hand van de daarvoor vereiste gegevens en de te hanteren formule zoals bedoeld artikel 4.6 van de WVO 2020. Met de belangstellingsmeting is berekend dat het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036 voldoet aan de stichtingsnormen als bedoeld in artikel 4.2, tweede lid, van de WVO 2020.

De uit te nodigen besturen

In artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel c, van de WVO 2020 en artikel 5, tweede lid, van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 is bepaald dat u bij uw aanvraag dient aan te tonen dat de bevoegde gezagsorganen van de scholen en vestigingen binnen het voedingsgebied van de gewenste scholengemeenschap door u zijn gevraagd om te overleggen over het voornemen tot het doen van een aanvraag voor bekostiging.

Met mijn e-mail van 18 juli 2025 heb ik u een overzicht gestuurd van alle besturen met scholen en vestigingen in het voedingsgebied van de gevraagde scholengemeenschap, die u op grond van artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel c, van de WVO 2020 voorafgaand aan uw aanvraag had moeten uitnodigen voor een overleg over het initiatief.

Met mijn mail van 14 december 2025 heb ik u bericht dat ik had geconstateerd dat van de 36 uit te nodigen besturen er 15 niet waren uitgenodigd. Ik heb u verzocht om voor 20 december aan te tonen dat u wel alle besturen had uitgenodigd.

Met uw mail van 19 december 2025 heeft u hierop gereageerd. U gaf aan dat u drie besturen wel degelijk had uitgenodigd en ook dat u de andere besturen aanvankelijk niet had uitgenodigd omdat zij geen vestigingen hadden die vielen binnen het door u gehanteerde voedingsgebied van 15 km hemelsbreed gemeten vanaf de beoogde postcode van vestiging. U gaf verder aan dat u de niet uitgenodigde besturen in december 2025 alsnog heeft uitgenodigd.

Met mijn mail van 12 februari 2026 heb ik u bericht dat ik nog steeds van mening was dat u niet heeft voldaan aan de uitnodigingsplicht en dat ik op grond daarvan het voornemen had uw aanvraag af te wijzen. Ik heb u tot 7 maart 2026 de gelegenheid gegeven om hierop te reageren.

Zienswijze

Op 5 maart 2026 heeft mevrouw A. Yandere namens u een zienswijze ingediend. In die zienwijze betoogt zij dat:

  • 1 een aanvrager ook met de hulpmiddelen en handreikingen die DUO biedt, niet goed kan vaststellen welke schoolbesturen moeten worden uitgenodigd voor het gesprek.

  • 2 u alle schoolbesturen die een school, scholengemeenschap of nevenvestiging in stand houden binnen een straal van 15 km hemelsbreed vanaf het gewenste postcodegebied, heeft uitgenodigd. De schoolbesturen die niet zijn uitgenodigd bevinden zich buiten deze straal van 15 km.

  • 3 er geen wettelijk grondslag is voor de gestelde termijn waarbinnen de gesprekken moeten plaatsvinden omdat de bepaling hierover in de Regeling Voorzieningenplanning VO 2020 (hierna de Regeling) onbevoegd is vastgesteld. U betoogt dat in artikel 4.5a, vierde lid, van de WVO 2020 alleen wordt bepaald dat bij ministeriele regeling voorschriften worden gegeven voor “de wijze waarop de aanvraag moet worden ingediend”, en dat deze bepaling geen grondslag kan zijn voor het voorschrijven van een termijn.

  • 4 nu er geen wettelijke grondslag is voor de in de Regeling genoemde termijn, er geen gevolgen kunnen worden verbonden aan uitnodigingen die zijn gedaan buiten de genoemde termijn.

  • 5 een afwijzing van uw aanvraag is volgens u onevenredig.

In reactie op uw zienswijze kan ik u het volgende berichten.

Ad 1 en ad 2

Indien en voor zover -ook met de hulpmiddelen van DUO- onduidelijk was welke besturen u had moeten uitnodigen dan heeft mijn mail van 18 juli 2025 elke onduidelijkheid daarover weggenomen. Met mijn mail had vanaf 18 juli 2025 voor u duidelijk moeten zijn welke besturen u had moeten uitnodigen. Pas in december 2025 heeft u de eerder niet uitgenodigde besturen alsnog uitgenodigd.

Naar aanleiding van uw zienswijze merk ik verder nog op dat van de 12 besturen die u niet heeft uitgenodigd, er 5 besturen vestigingen hebben die binnen de door u gehanteerde straal van 15 kilometer liggen.

Ad 3 en 4

De door u genoemde termijn zoals opgenomen in artikel 5 van de Regeling komt overeen met het bepaalde in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel c, van de WVO 2020. Hierin is immers bepaald dat bij de aanvraag een document moet worden gevoegd waaruit blijkt dat de gemeente van de beoogde plaats van vestiging, het samenwerkingsverband en de bevoegde gezagsorganen van de scholen en vestigingen binnen het voedingsgebied van de school, scholengemeenschap of nevenvestiging zijn gevraagd om te overleggen over het voornemen tot het doen van een aanvraag om bekostiging. Dit houdt in dat er een document bij de aanvraag moet zijn gevoegd waaruit blijkt dat de uitnodigingen in ieder geval vóór 1 november 2025 zijn gedaan en dat ook de voorgestelde overlegdatums voor de uiterste indiendatum van 1 november 2025 hadden moeten liggen. Gesprekken die na de uiterste indieningsdatum plaatsvinden kunnen niet meer gaan over het voornemen tot het indienen van de aanvraag. Ik ben het dus niet met u eens dat dit betekent dat u -nadat de aanvraag was ingediend- nog uitnodigingen kon sturen naar de eerder niet uitgenodigde schoolbesturen. Het feit dat u 12 besturen niet heeft uitgenodigd kon u dus niet herstellen, ook niet op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht.

Ad 5

Artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel c, van de WVO 2020 stelt nadrukkelijk dat een aanvrager de gemeente, het samenwerkingsverband en de bevoegde gezagsorganen van scholen en vestigingen binnen het voedingsgebied van de gewenste scholengemeenschap dient uit te nodigen.

Dit betreft één van de vereisten in de wet om voor bekostiging van een scholengemeenschap in aanmerking te komen. Het voldoen aan artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel c, van de WVO 2020 is nadrukkelijk onderdeel van de beslissing op uw aanvraag. Dit volgt uit artikel 4.2, tweede lid, onderdeel b, van de WVO 2020. Het is niet zo dat het ene vereiste in de wet zwaarder weegt dan het andere vereiste. U moet bij uw verzoek aan elk vereiste voldoen. Ik volg u niet in uw standpunt dat het feit dat u voldoende ouderverklaringen heeft behaald en aan de stichtingsnormen voldoet, de afwijzing van uw aanvraag in verband met het gesprek in de regio onevenredig zou maken.

Zoals al is aangegeven, is aan u een overzicht van alle uit te nodigen besturen toegezonden. Er is geen sprake van een belemmering aan uw kant voor het tijdig, voorafgaande aan het indienen van uw aanvraag, uitnodigen van alle besturen met vestigingen in het voedingsgebied van de door u gevraagde scholengemeenschap. Het gaat hier om een verplichting die voorafgaand aan het indienen van de aanvraag moet zijn vervuld. Afwijken van deze termijn is niet mogelijk, aangezien daarmee niet aan deze wettelijke verplichting wordt voldaan. Daarbij merk ik nog op dat het feit dat bestuurders achteraf hebben aangegeven geen behoefte te hebben aan een overleg, niets afdoet aan het feit dat u niet alle bevoegde gezagen voorafgaande aan uw aanvraag heeft uitgenodigd. Nu u niet heeft voldaan aan deze wettelijke verplichting en u daaraan wel had kunnen voldoen, zie ik geen aanleiding om de door u gevraagde scholengemeenschap voor bekostiging in aanmerking te brengen.

Geen advies inspectie noodzakelijk

In artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020 is geregeld dat de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) de minister adviseert of de aanvraag voldoet aan de verplichtingen in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, van de WVO 2020. Ik kan u hierover het volgende berichten. Met betrekking tot uw aanvraag wordt niet voldaan aan één van de wettelijke bekostigingscriteria, hetgeen op zichzelf staand een grond is voor afwijzing. Een aanvraag kan immers alleen worden goedgekeurd wanneer aan alle verplichtingen in de WVO 2020 en in de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 wordt voldaan. Wanneer niet wordt voldaan aan de verplichting van uitnodigen voor een overleg over het voornemen tot het doen van een aanvraag om bekostiging, is het advies van de inspectie niet meer van invloed op het besluit en daardoor ook niet opportuun. Ik heb daarom de inspectie niet om advies gevraagd.

Conclusie

Ik overweeg dat u niet heeft voldaan aan de verplichting zoals opgenomen in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel c, van de WVO 2020. Dit is aanleiding om uw aanvraag tot het voor bekostiging in aanmerking brengen van de door u gevraagde scholengemeenschap af te wijzen.

Stichting Innovatief Islamitisch Onderwijs Nederland e.o. te ’s-Gravenhage; scholengemeenschap voor vbo en pro te ’s-Gravenhage (datum van besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een scholengemeenschap, als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt:

De aanvraag heeft betrekking op een bijzondere scholengemeenschap voor vbo profiel DP, vbo profiel ZW en pro genaamd ‘AIDA College VMBO & PRO’, te vestigen in het postcodegebied 2515 in de gemeente ’s-Gravenhage.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde scholengemeenschap voor vbo en pro voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 27 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting vbo-profiel (DP)

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor het vbo profiel DP betreft 151 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 48.685. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 14.833,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (3,9) komt dat uit op 57.851. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2035, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6 van de WVO 2020, berekend op 126.

De stichtingsnorm voor een vbo-profiel als onderdeel van een scholengemeenschap bedraagt 120. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 126, is aannemelijk gemaakt dat het gewenste vbo-profiel op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Belangstellingsmeting vbo-profiel (ZW)

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor het vbo profiel ZW betreft 143 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 48.685. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 14.833,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (4,1) komt dat uit op 60.817. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2035, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6 van de WVO 2020, berekend op 125.

De stichtingsnorm voor een vbo-profiel als onderdeel van een scholengemeenschap bedraagt 120. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 125, is aannemelijk gemaakt dat het gewenste vbo-profiel op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Belangstellingsmeting pro

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor praktijkonderwijs betreft 124 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 48.685. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 14.833,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (4,8) komt dat uit op 71.200,8. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2035, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6 van de WVO 2020, berekend op 127.

De stichtingsnorm voor praktijkonderwijs als onderdeel van een scholengemeenschap bedraagt 90. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 127, is aannemelijk gemaakt dat het gewenste praktijkonderwijs op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 17 februari 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

Vervolgprocedure

Over de procedure die u moet volgen om de bekostiging een aanvang te laten nemen, ontvangt u in het eerste kwartaal van het jaar dat de school van start mag, separaat een schriftelijk bericht.

Stichting BOOR te Rotterdam; scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo te Nieuwerkerk aan den IJssel (datum van besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een scholengemeenschap, als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt:

De aanvraag heeft betrekking op een bijzondere scholengemeenschap voor havo en vwo genaamd ‘Gezamenlijke school Comenius en Thorbecke in Zuidplas voor mavo, havo en vwo’, te vestigen in het postcodegebied 2912 in de gemeente Zuidplas.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde scholengemeenschap voor havo en vwo voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 27 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting havo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor havo betreft 250 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10 tot en met 12 jarigen in het voedingsgebied 49.436. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 15.587,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,4) komt dat uit op 84.172,5. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 298.

De stichtingsnorm voor een school voor havo bedraagt 244. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 298 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor havo op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Belangstellingsmeting vwo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor vwo betreft 273 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10 tot en met 12 jarigen in het voedingsgebied 49.436. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 15.587,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,7) komt dat uit op 88.848,75. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 343.

De stichtingsnorm voor een school voor vwo bedraagt 293. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 343 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor vwo op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 16 maart 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

Zienwijze

De gemeente Zuidplas heeft met haar brief van 27 november 2025 een zienswijze ingediend als bedoeld in artikel 4.5, tiende lid, van de WVO 2020. De zienswijze van de gemeente houdt het volgende in. Gemeente Zuidplas heeft kennisgenomen van het initiatief van de schoolbesturen om een nieuwe school te stichten. CVO en BOOR opteren nadrukkelijk voor een locatie met kansen voor hun huidige voedingsgebied. Beide schoolbesturen vangen nu een groot deel van de bovenbouw van de twee scholen op in de eigen scholen in Capelle a/d IJssel (Comenius) en Rotterdam (Thorbecke). De verwachting is dat een andere locatie dan Nieuwerkerk aan den IJssel gevolgen heeft voor de schoolkeuze van leerlingen. De gemeente is momenteel op zoek naar een geschikte locatie.

Mede gelet op de gemeenteraadsverkiezingen wordt een definitief besluit pas in de tweede helft van 2026 verwacht.

De zienswijze van de gemeente heeft geen betrekking op in de wet opgenomen vereisten die ik moet betrekken bij de beoordeling van uw verzoek. Daarnaast heeft de gemeente wensen geuit die als zodanig geen onderdeel vormen van het toetsingskader. Gelet op het positieve advies van de inspectie en het feit dat voldaan wordt aan de stichtingsnormen kom ik tot het oordeel dat ik uw verzoek tot het voor bekostiging in aanmerking brengen van een bijzondere scholengemeenschap zal goedkeuren.

Vervolgprocedure

Over de procedure die u moet volgen om de bekostiging een aanvang te laten nemen, ontvangt u in het eerste kwartaal van het jaar dat de school van start mag, separaat een schriftelijk bericht.

Stichting de Ozonlaag te ’s-Gravenhage; school voor mavo te Roosendaal (datum van besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een school, als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt:

De aanvraag heeft betrekking op een bijzondere school voor mavo genaamd ‘Novum Saeculum Lyceum Roosendaal’, te vestigen in het postcodegebied 4701 in de gemeente Roosendaal.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde school voor mavo niet voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Voor de gevraagde mavo wordt voldaan aan de getalscriteria. Het advies van de inspectie over de te verwachten kwaliteit van de school is echter negatief.

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 28 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd volgens het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting mavo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor mavo betreft 308 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 10.538. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 3.402,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (3,9) komt dat uit op 13.269,75. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 271.

De stichtingsnorm voor een school voor mavo bedraagt 260. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 271 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor mavo op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 16 april 2025 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief niet voldoet aan alle deugdelijkheidseisen. De aanvraag voldoet niet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is negatief op het onderdeel D4. Extra ondersteuning (als bedoeld in artikel 2.41 van de WVO 2020).

Het bovenstaande betekent dat het advies van de inspectie over de te verwachten onderwijskwaliteit negatief is. Het advies is zorgvuldig tot stand gekomen en de overwegingen kunnen de conclusie dragen. Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

Stichting KennisKracht te Amsterdam; school voor vbo te Amsterdam (datum van besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een scholengemeenschap, zoals bedoeld in artikel 4.2, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt:

De aanvraag betreft een bijzondere scholengemeenschap voor vbo, mavo en havo, genaamd Veritas College, te vestigen in het postcodegebied 1063, in de gemeente Amsterdam. Uw aanvragen voor mavo en havo heeft u ingetrokken. Hierdoor blijft over een aanvraag voor een school voor vbo met twee profielen te weten het profiel Dienstverlening en Producten en het profiel Zorg en Welzijn.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 en 4,5, van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde school voor vbo niet voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 30 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd volgens het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting profiel Dienstverlening en Producten

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor het profiel Dienstverlening en Producten is 174 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 52.199. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 16.264,5. vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (3,9) komt dat uit op 63.431,55. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in 4.6, van de WVO 2020, berekend op 148.

De stichtingsnorm voor het profiel Dienstverlening en Producten als onderdeel van een school voor vbo met meer dan 1 profiel is 160. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 148, is niet aannemelijk gemaakt dat het gewenste profiel op januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Belangstellingsmeting profiel Zorg en Welzijn

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor het profiel Zorg en Welzijn is 192 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 52.199. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 16.264,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (4,1) komt dat uit op 66.684.45. Rekening houdende met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6 van de WVO 2020, berekend op 172.

Nu voor het profiel Dienstverlening en Producten niet wordt voldaan aan de stichtingsnorm geldt voor het overblijvende profiel Zorg en Welzijn de norm van 260 voor een school voor vbo met 1 profiel. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 172, is niet aannemelijk gemaakt dat een vbo school met 1 profiel, op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

In artikel 4.5, WVO 2020 is geregeld dat Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) de minister adviseert of de aanvraag voldoet aan de verplichtingen in artikel 4.5, tweede lid onderdeel b, WVO 2020. Ik kan u hierover het volgende berichten.

Uw aanvraag kan niet rekenen op voldoende belangstelling. Uw aanvraag voldoet daarmee niet aan één van de wettelijke bekostigingscriteria hetgeen op zichzelf staand grond is voor afwijzing van uw aanvraag. Een aanvraag kan immers alleen worden goedgekeurd wanneer zowel aan de stichtingsnormen als aan de verplichtingen in artikel 4.5, tweede lid onderdeel b, WVO 2020 wordt voldaan. Wanneer niet wordt voldaan aan de stichtingsnormen is het advies van de inspectie niet meer van invloed op het besluit en daardoor ook niet opportuun. Ik heb de inspectie daarom niet om advies gevraagd.

Stichting Gooise Scholenfederatie te Laren; scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo te Huizen door splitsing Gooise Scholenfederatie (datum van besluit: 12 juni 2026)

Naar aanleiding van de door u op 30 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een scholengemeenschap, zoals bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5, van de Wet op het voortgezet onderwijs (WVO), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt:

De aanvraag is aangemeld op 25 juni 2025. De aanvraag heeft betrekking op de splitsing van de schoolsoorten mavo, havo en vwo, van de Gooise Scholenfederatie (instellingsnummer 14SM) te Bussum, Huizen, Hilversum en Laren. Daarbij ontstaat in Huizen een zelfstandige scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo genaamd Huizermaat.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Voor alle gevraagde schoolsoorten en profielen wordt voldaan aan de getalscriteria. Het advies van de inspectie over de te verwachten kwaliteit van de scholengemeenschap is positief.

Prognose

In artikel 12 van de Regeling voorzieningenplanning VO 2020 (hierna de Regeling) is bepaald dat het aantal leerlingen van de te splitsen scholengemeenschap op de teldatum voorafgaand aan het kalenderjaar van de aanvraag minimaal gelijk is aan tweemaal de stichtingsnorm. Bij de aanvraag moet een splitsingsplan zijn gevoegd. Op grond van artikel 13 van de Regeling moet uit het splitsingsplan blijken dat op 1 januari van het elfde kalenderjaar na indiening van de aanvraag, elk van de samenstellende scholen en profielen van zowel de nieuw te vormen scholengemeenschap als de bestaande school voldoet aan de stichtingsnorm voor de betreffende profielen en schoolsoorten.

Op 1 oktober 2024 bedroeg het totaal aantal mavo (972), havo (1.250) en vwo (2.081) leerlingen van instellingsnummer 14SM, 4.303 leerlingen. De stichtingsnorm voor een scholengemeenschap met dezelfde samenstelling is 195 +244 + 293 = 732 leerlingen. Daarmee wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 12 van de Regeling.

Mavo:

2x de stichtingsnorm van 195 = minimaal 390 mavo-leerlingen op 1 oktober 2024;

Havo:

2 x de stichtingsnorm van 244 = minimaal 488 havo-leerlingen op 1 oktober 2024;

Vwo:

2 x de stichtingsnorm van 293 = minimaal 586 vwo-leerlingen op 1 oktober 2024

Uit de berekeningen in het bij de aanvraag gevoegde splitsingsplan blijkt dat de gevraagde schoolsoorten voor zowel de nieuwe school als de bestaande school op 1 januari 2036 aan de stichtingsnorm voldoen. U heeft de postcodes die deel uitmaken van het bestaande voedingsgebied en waar vbo, mavo, havo en/of vwo-leerlingen woonachtig zijn, verdeeld over de bestaande en de nieuwe school. De berekeningen komen uit op:

 

Nieuwe school:

Overblijvende school:

MAVO

314

733

HAVO

317

937

VWO

559

1.485

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 23 maart 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief. Het advies is zorgvuldig tot stand gekomen en kan de conclusie dragen.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies. Over de wijze waarop de registratie van de nieuwe school in RIO (voorheen Brin) zal plaatsvinden en de bekostiging een aanvang neemt zal ik u op korte termijn nog separaat informeren.

Stichting CVO te Rotterdam e.o.; scholengemeenschap voor mavo en één vbo-profiel te Berkel en Rodenrijs door splitsing Melachthon (datum van besluit: 3 juni 2026)

Naar aanleiding van de door u op 30 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een school voor mavo en vbo, zoals bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5, van de Wet op het voortgezet onderwijs (WVO), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt:

De aanvraag is aangemeld op 30 juni 2025. De aanvraag heeft betrekking op de splitsing van de schoolsoort mavo en het vbo profiel Dienstverlening en Producten (DP) van Melanchthon (instellingsnummer 31CG) te Bleiswijk, Bergschenhoek en Berkel en Rodenrijs. Daarbij ontstaat in Berkel en Rodenrijs een zelfstandige scholengemeenschap voor mavo en één vbo-profiel, genaamd Melanchthon Berkroden.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde scholengemeenschap voor mavo en vbo, voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Voor de gevraagde scholengemeenschap wordt voldaan aan de getalscriteria. Het advies van de inspectie over de te verwachten kwaliteit van de school is positief.

Prognose

In artikel 12 van de Regeling voorzieningenplanning VO 2020 (hierna de Regeling) is bepaald dat het aantal leerlingen van de te splitsen school, scholengemeenschap of vbo-profiel, op de teldatum voorafgaand aan het kalenderjaar van de aanvraag minimaal gelijk is aan tweemaal de stichtingsnorm. Bij de aanvraag moet een splitsingsplan zijn gevoegd. Op grond van artikel 13 van de Regeling moet uit het splitsingsplan blijken dat op 1 januari van het elfde kalenderjaar na indiening van de aanvraag, zowel de nieuw te vormen scholengemeenschap als de bestaande scholengemeenschap voldoen aan de stichtingsnorm.

Op 1 oktober 2024 stonden aan Melanchthon (instellingsnummer 31CG) 790 leerlingen ingeschreven in de schoolsoort mavo en 633 leerlingen in het vbo profiel DP. De stichtingsnorm voor scholengemeenschap bestaande uit een school voor mavo en een school voor vbo met één profiel is 195 voor de school voor mavo en 195 leerlingen voor het vbo- profiel. In totaal zijn tenminste 2x 195 = 390 mavoleerlingen en 2 x 195 = 390 DP leerlingen nodig om de mavo en het profiel DP van Melanchthon te kunnen splitsen. Met 790 mavoleerlingen en 633 DP leerlingen wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 12 van de Regeling.

Uit de berekeningen in het bij de aanvraag gevoegde splitsingsplan blijkt dat zowel de nieuwe school voor mavo als de bestaande school voor mavo binnen de scholengemeenschap op 1 januari 2036 aan de stichtingsnorm voldoen. U heeft de postcodes die deel uitmaken van het bestaande voedingsgebied en waar mavoleerlingen woonachtig zijn, verdeeld over de bestaande en de nieuwe school. Datzelfde heeft u gedaan voor het vbo profiel DP. De berekeningen die zijn uitgevoerd met gebruikmaking van het door mij geleverde cijfermateriaal komen uit op:

 

Nieuwe school:

Overblijvende school:

MAVO

383

359

DP

301

278

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 12 maart 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief. Het advies is zorgvuldig tot stand gekomen en kan de conclusie dragen.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies. Over de wijze waarop de registratie van de nieuwe scholengemeenschap in RIO (voorheen Brin) zal plaatsvinden en de bekostiging een aanvang neemt zal ik u op korte termijn nog separaat informeren.

Stichting Zaam te Amsterdam; school voor mavo te Monnickendam door splitsing ZAAM Noord (datum van besluit: 3 juni 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een school voor mavo, zoals bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5, van de Wet op het voortgezet onderwijs (WVO), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt:

De aanvraag is aangemeld op 30 juni 2025. De aanvraag heeft betrekking op de splitsing van de schoolsoort mavo, van ZAAM Noord (instellingsnummer 17VF) te Amsterdam en Monnickendam. Daarbij ontstaat in Monnickendam een zelfstandige school voor mavo, genaamd het Bernard Nieuwentijt College.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde school voor mavo, voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Voor de gevraagde school wordt voldaan aan de getalscriteria. Het advies van de inspectie over de te verwachten kwaliteit van de school is positief.

Prognose

In artikel 12 van de Regeling voorzieningenplanning VO 2020 (hierna de Regeling) is bepaald dat het aantal leerlingen van de te splitsen school op de teldatum voorafgaand aan het kalenderjaar van de aanvraag minimaal gelijk is aan tweemaal de stichtingsnorm. Bij de aanvraag moet een splitsingsplan zijn gevoegd. Op grond van artikel 13 van de Regeling moet uit het splitsingsplan blijken dat op 1 januari van het elfde kalenderjaar na indiening van de aanvraag, zowel de nieuw te vormen school als de bestaande school voldoet aan de stichtingsnorm.

Op 1 oktober 2024 stonden aan Zaam Noord (instellingsnummer 17VF) 604 mavo-leerlingen ingeschreven. De stichtingsnorm voor een zelfstandige school voor mavo is 260 leerlingen. De stichtingsnorm voor een mavo binnen een scholengemeenschap is 195 leerlingen. In totaal zijn ten minste 455 mavo-leerlingen nodig om de mavo te kunnen splitsen Met 604 leerlingen wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 12 van de Regeling.

Uit de berekeningen in het bij de aanvraag gevoegde splitsingsplan blijkt dat zowel de nieuwe school voor mavo als de bestaande school voor mavo binnen de scholengemeenschap op 1 januari 2036 aan de stichtingsnorm voldoen. U heeft de postcodes die deel uitmaken van het bestaande voedingsgebied en waar mavo-leerlingen woonachtig zijn, verdeeld over de bestaande en de nieuwe school. De berekeningen komen uit op:

 

Nieuwe school:

Overblijvende school:

MAVO

267

256

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 3 maart 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief. Het advies is zorgvuldig tot stand gekomen en kan de conclusie dragen.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies. Over de wijze waarop de registratie van de nieuwe school in RIO (voorheen Brin) zal plaatsvinden en de bekostiging een aanvang neemt zal ik u op korte termijn nog separaat informeren.

Stichting voortgezet vernieuwingsonderwijs Deventer, UiterWaarden te Deventer; uitbreiding Uiterwaarden met school voor vwo (datum van besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een school, als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt.

De aanvraag heeft betrekking op het toevoegen van een school voor vwo aan ‘De UiterWaarden’ (instellingsnummer 32KM), te vestigen in het postcodegebied 7413 in de gemeente Deventer.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde school voor vwo voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 11 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting vwo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor vwo betreft 319 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 13.180. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 4.232,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,7) komt dat uit op 24.125,3. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 409.

De stichtingsnorm voor het toevoegen van een school voor vwo aan een reeds bekostigde school voor havo bedraagt 293. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 409 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor vwo op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 25 maart 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

Vervolgprocedure

De licentie voor vwo zal per 1 augustus 2027 worden toegevoegd aan De Uiterwaarden (instellingsnummer 32KM).

Stichting Islamitisch Onderwijs (Sison); uitbreiding Focus College met school voor havo (datum van besluit: 12 juni 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een school, als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt.

De aanvraag heeft betrekking op het toevoegen van een school voor havo aan het ‘Focus College Amersfoort’ (instellingsnummer 32DR), te vestigen in het postcodegebied 3821 in de gemeente Amersfoort.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde school voor havo voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 13 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting havo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor havo betreft 314 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 22.681. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 7.274. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,4) komt dat uit op 39.279,6. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 381.

De stichtingsnorm voor het toevoegen van een school voor havo aan een reeds bekostigde school voor mavo bedraagt 244. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 381 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor havo op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 23 maart 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

Vervolgprocedure

De licentie voor havo zal per 1 augustus 2027 worden toegevoegd aan het Focus College Amersfoort (instellingsnummer 32DR).

Stichting voor Christelijk Voortgezet Onderwijs te Heerde; uitbreiding De Noordgouw met toevoegen van school voor vbo DP (datum van besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een school, als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt.

De aanvraag heeft betrekking op het toevoegen van een school voor vbo DP aan ‘De Noordgouw’ (instellingsnummer 00MP), te vestigen in het postcodegebied 8181 in de gemeente Heerde.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde school voor vbo DP voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 26 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting vbo DP

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor vbo DP betreft 245 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 11.165. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 3.472,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (3,9) komt dat uit op 13.542,75. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 206.

De stichtingsnorm voor het toevoegen van een school voor vbo DP aan een reeds bekostigde school bedraagt 195. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 206 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor vbo DP op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 16 maart 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

Vervolgprocedure

De licentie voor vbo DP zal per 1 augustus 2027 worden toegevoegd aan De Noordgouw (instellingsnummer 00MP).

Stichting Islamitisch Onderwijs Noord-Holland te Amsterdam; uitbreiding Fiducie College met toevoegen van school voor vwo (datum besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een school, als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt.

De aanvraag heeft betrekking op het toevoegen van een school voor vwo aan het ‘Fiducie College’ (instellingsnummer 32GD), te vestigen in het postcodegebied 1062 in de gemeente Amsterdam.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde school voor vwo voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 26 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting vwo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor vwo betreft 325 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 49.482. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 15.678,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,7) komt dat uit op 89.367,45. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 411.

De stichtingsnorm voor het toevoegen van een school voor vwo aan een reeds bekostigde school voor mavo en havo bedraagt 293. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 411 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor vwo op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 23 februari 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

Vervolgprocedure

De licentie voor vwo zal per 1 augustus 2027 worden toegevoegd aan het Fiducie College (instellingsnummer 32GD).

Stichting Scholé te Eemnes; uitbreiding Atel!er Eemnes met toevoegen van school voor vwo (datum besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van een school, als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt.

De aanvraag heeft betrekking op het toevoegen van een school voor vwo aan ‘Atel!er Eemnes’, te vestigen in het postcodegebied 3755 in de gemeente Eemnes.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde school voor vwo voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 27 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting vwo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor vwo betreft 220 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 29.199. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 9.867,5. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,7) komt dat uit op 56.244,75. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 297.

De stichtingsnorm voor het toevoegen van een school voor vwo aan een reeds bekostigde school voor havo bedraagt 293. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 297 is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor vwo op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 11 februari 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief voldoet aan alle deugdelijkheidseisen uit het Advieskader Nieuwe scholen. De aanvraag voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is positief.

Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

Vervolgprocedure

De licentie voor vwo zal per 1 augustus 2027 worden toegevoegd aan het ‘Atel!er Eemnes’.

Stichting de Ozonlaag te ’s-Gravenhage; uitbreiding Novum Saeculum Tilburg met toevoegen van twee vbo-profielen te Tilburg (datum van besluit: 29 mei 2026)

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2025 ingediende aanvraag voor bekostiging van twee vbo-profielen aan het Novum Saeculum Tilburg (Instellingsnummer 32JH), als bedoeld in artikel 4.2 tot en met 4.5 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt.

De aanvraag heeft betrekking op uitbreiding van het aanbod aan ‘Novum Saeculum Tilburg’, (Instellingsnummer 32JH) met twee vbo-profielen, te weten het profiel Economie en Ondernemen en het profiel Zorg en Welzijn.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.3 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde vbo-profielen niet voor bekostiging in aanmerking worden gebracht.

Overwegingen

Voor de gevraagde vbo-profielen wordt voldaan aan de getalscriteria. Het advies van de inspectie over de te verwachten kwaliteit van de profielen is echter negatief.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

Het initiatief is aangemeld op 27 juni 2025 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2025. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd volgens het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging.

Belangstellingsmeting profiel Economie en Ondernemen

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor het profiel Economie en Ondernemen is 161 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 18.427. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 5.937. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (3,8) komt dat uit op 22.560,6. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 138.

De stichtingsnorm voor het profiel Economie en Ondernemen als onderdeel van een scholengemeenschap voor mavo en vbo met meer dan 1 profiel is 120. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 138, is aannemelijk gemaakt dat het gewenste profiel op januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Belangstellingsmeting profiel Zorg en Welzijn

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor het profiel Zorg en Welzijn is 176 en op 1 januari 2025 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 18.427. Op 1 januari 2036 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 5.937. Vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (4,1) komt dat uit op 24.341,7. Rekening houdende met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2036, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6 van de WVO 2020, berekend op 163.

De stichtingsnorm voor het profiel Zorg en Welzijn als onderdeel van een scholengemeenschap voor mavo en vbo met meer dan 1 profiel is 120. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2036 wordt berekend op 163, is aannemelijk gemaakt dat het gewenste profiel op januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

Conform het bepaalde in artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 16 april 2026 advies uitgebracht over deze aanvraag. De inspectie concludeert dat het initiatief niet voldoet aan alle deugdelijkheidseisen. De aanvraag voldoet niet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, van de WVO 2020. Het advies van de inspectie over het initiatief is negatief op de onderdelen D1 Aanbod (de inhoud van een in onderwijstijd verzorgd samenhangend onderwijsprogramma, geldend voor de schoolsoort en leerweg, bedoeld in de artikelen 2.12 tot en met 2.17, 2.19 tot en met 2.27 en 2.37 van de WVO 2020 en de referentieniveaus) en D4 Extra ondersteuning (als bedoeld in artikel 2.41 van de WVO 2020).

Het bovenstaande betekent dat het advies van de inspectie over de te verwachten onderwijskwaliteit negatief is. Het advies is zorgvuldig tot stand gekomen en de overwegingen kunnen de conclusie dragen. Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies.

De Staatsecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, namens deze, de directeur Onderwijsinstellingen van de Dienst Uitvoering Onderwijs, H. van Es

Naar boven