Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Defensie | Staatscourant 2026, 22128 | interne regeling |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Defensie | Staatscourant 2026, 22128 | interne regeling |
10 juni 2026
Nr. MINDEF20260042481 / D2026-003652
De Staatssecretaris van Defensie
Gelet op het Algemeen militair ambtenarenreglement, het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie, het Inkomstenbesluit burgerlijke ambtenaren defensie en het Inkomstenbesluit militairen;
Besluit:
De Inkomstenregeling burgerlijke ambtenaren defensie wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel 3 vervalt onderdeel o, onder vervanging van de puntkomma door een punt aan het slot van onderdeel n.
B
In artikel 7, derde lid, wordt het bedrag ‘€ 55,74’ vervangen door ‘€ 59,64’.
C
In artikel 7, derde lid, wordt het bedrag ‘€ 59,64’ vervangen door ‘€ 62,62’.
D
In artikel 7, derde lid, wordt het bedrag ‘€ 62,62’ vervangen door ‘€ 63,87’.
E
Artikel 10 komt te luiden:
De ambtenaar die om redenen van dienst in het bezit dient te zijn van een Nederlands paspoort, heeft aanspraak op een tegemoetkoming in de kosten van de aanschaf van een Nederlands paspoort tot een maximumbedrag van € 100,– met inbegrip van de kosten van de daarvoor benodigde pasfoto’s tot een maximumbedrag van € 10,–.
De Inkomstenregeling militairen wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel 7, achtste lid, wordt het bedrag ‘€ 1011,43’ vervangen door ‘€ 1082,23’.
B
In artikel 7, achtste lid, wordt het bedrag ‘€ 1082,23’ vervangen door ‘€ 1136,34’.
C
In artikel 7, achtste lid, wordt het bedrag ‘€ 1136,34’ vervangen door ‘€ 1159,07’.
D
Na artikel 26a wordt een artikel ingevoegd, luidende:
1. De militair die een verplichting, bedoeld in artikel 139, tweede lid, van het Algemeen militair ambtenarenreglement heeft opgelegd gekregen, heeft aanspraak op een toelage indien:
a. de militair behoort tot een Snel Inzetbare Capaciteit eenheid bestemd voor mogelijke inzet in het kader van door Nederland aangegane verplichtingen voor de NAVO of de EU; en
b. de betreffende eenheid voor de periode van aanwijzing rekening dient te houden met de mogelijkheid om na een daartoe strekkende kennisgeving van de commandant binnen tien dagen te worden ingezet.
2. De toelage bedraagt voor de periode van aanwijzing € 3,– per dag.
E
Artikel 32a komt te luiden:
De militair die om redenen van dienst in het bezit dient te zijn van een Nederlands paspoort, heeft aanspraak op een tegemoetkoming in de kosten van de aanschaf van een Nederlands paspoort tot een maximumbedrag van € 100,– met inbegrip van de kosten van de daarvoor benodigde pasfoto’s tot een maximumbedrag van € 10,–.
F
In artikel 33, vierde lid, wordt ‘artikel 39, tweede lid, onder a, b, d, e ten 2e, f, g of i’ vervangen door ‘artikel 39, tweede lid, onder a, b, d, e ten 2e, f of g’.
G
In artikel 39 vervalt ‘in fase drie’.
H
De tabellen 8A tot en met 8C, 9 tot en met 11, 13, 14 tot en met 17 en 25 worden vervangen door de overeenkomstige tabellen opgenomen als bijlagen 1 tot en met 12 bij deze regeling.
I
De tabellen 8A tot en met 8C, 9 tot en met 11, 13, 14 tot en met 17 en 25 worden vervangen door de overeenkomstige tabellen opgenomen als bijlagen 13 tot en met 24 bij deze regeling.
J
De tabellen 8A tot en met 8C, 9 tot en met 11, 13, 14 tot en met 17 en 25 worden vervangen door de overeenkomstige tabellen opgenomen als bijlagen 25 tot en met 36 bij deze regeling.
De Regeling toelage bedrijfshulpverlening en toelage eerste medische bijstand defensiepersoneel wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel 4 wordt het bedrag ‘€ 322,04’ vervangen door ‘€ 344,58’.
B
In artikel 4 wordt het bedrag ‘€ 344,58’ vervangen door ‘€ 361,81’.
C
In artikel 4 wordt het bedrag ‘€ 361,81’ vervangen door ‘€ 369,05’.
D
In artikel 5 worden de bedragen ‘€ 161,01’, ‘€ 180,33’, ‘€ 341,38’ en telkens ‘€ 354,23’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 172,28’, ‘€ 192,95’, ‘€ 365,28’ en telkens ‘€ 379,03’.
E
In artikel 5 worden de bedragen ‘€ 172,28’, ‘€ 192,95’, ‘€ 365,28’ en telkens ‘€ 379,03’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 180,89’, ‘€ 202,60’, ‘€ 383,54’ en telkens ‘€ 397,98’.
F
In artikel 5 worden de bedragen ‘€ 180,89’, ‘€ 202,6’, ‘€ 383,54’ en telkens ‘€ 397,98’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 184,51’, ‘€ 206,65’, ‘€ 391,21’ en telkens ‘€ 405,94’.
G
In artikel 8 wordt het bedrag ‘€ 322,04’ vervangen door ‘€ 344,58’.
H
In artikel 8 wordt het bedrag ‘€ 344,58’ vervangen door ‘€ 361,81’.
I
In artikel 8 wordt het bedrag ‘€ 361,81’ vervangen door ‘€ 369,05’.
J
In artikel 10 worden de bedragen ‘€ 322,04’, ‘€ 386,46’, ‘€ 450,87’, ‘€ 515,25’ en telkens ‘€ 579,68’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 344,58’, ‘€ 413,51’, ‘€ 482,43’, ‘€ 551,32’ en telkens ‘€ 620,26’.
K
In artikel 10 worden de bedragen ‘€ 344,58’, ‘€ 413,51’, ‘€ 482,43’, ‘€ 551,32’ en telkens ‘€ 620,26’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 361,81’, ‘€ 434,19’, ‘€ 506,55’, ‘€ 578,89’ en telkens ‘€ 651,27’.
L
In artikel 10 worden de bedragen ‘€ 361,81’, ‘€ 434,19’, ‘€ 506,55’, ‘€ 578,89’ en telkens ‘€ 651,27’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 369,05’, ‘€ 442,87’, ‘€ 516,68’, ‘€ 590,47’ en telkens ‘€ 664,30’.
M
In artikel 11 wordt het bedrag ‘€ 296,28’ vervangen door ‘€ 317,02’.
N
In artikel 11 wordt het bedrag ‘€ 317,02’ vervangen door ‘€ 332,87’.
O
In artikel 11 wordt het bedrag ‘€ 332,87’ vervangen door ‘€ 339,53’.
De Regeling vergoeding voor overwerk, onregelmatigheid, beschikbaarheid en bereikbaarheid wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel 5b wordt het bedrag van ‘€ 55,97’ vervangen door ‘€ 59,89’.
B
In artikel 5b wordt het bedrag van ‘€ 59,89’ vervangen door ‘€ 62,88’.
C
In artikel 5b wordt het bedrag van ‘€ 62,88’ vervangen door ‘€ 64,14’.
D
Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt het bedrag ‘€ 94,58’ vervangen door ‘€ 100’.
2. In het derde lid wordt het bedrag ‘€ 94,58’ vervangen door ‘€ 100’.
E
Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid worden de bedragen ‘€ 100’ en ‘€ 105,95’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 110’ en ‘€ 110’.
2. In het derde lid worden de bedragen ‘€ 100’ en ‘€ 105,95’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 110’ en ‘€ 110’.
F
Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid worden de bedragen ‘€ 110’, ‘€ 110’ en ‘€ 116,89’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 114’, ‘€ 114’ en ‘€ 119,23’.
2. In het derde lid worden de bedragen ‘€ 110’, ‘€ 110’ en ‘€ 116,89’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 114’, ‘€ 114’ en ‘€ 119,23’.
G
Artikel 7a wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt het bedrag ‘€ 2,32’ vervangen door ‘€ 2,48’.
2. In het derde lid, onderdeel a, wordt het bedrag ‘€ 3,58’ vervangen door ‘€ 3,83’.
3. In het derde lid, onderdeel b, wordt het bedrag ‘€ 1,77’ vervangen door ‘€ 1,89’.
H
Artikel 7a wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt het bedrag ‘€ 2,48’ vervangen door ‘€ 2,60’.
2. In het derde lid, onderdeel a, wordt het bedrag ‘€ 3,83’ vervangen door ‘€ 4,02’.
3. In het derde lid, onderdeel b, wordt het bedrag ‘€ 1,89’ vervangen door ‘€ 1,98’.
I
Artikel 7a wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt het bedrag ‘€ 2,60’ vervangen door ‘€ 2,65’.
2. In het derde lid, onderdeel a, wordt het bedrag ‘€ 4,02’ vervangen door ‘€ 4,10’.
3. In het derde lid, onderdeel b, wordt het bedrag ‘€ 1,98’ vervangen door ‘€ 2,02’.
J
In het vijfde lid van artikel 9 worden de bedragen ‘€ 6,74’, ‘€ 7,55’ en ‘€ 8,33’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 7,21’, ‘€ 8,08’ en ‘€ 8,91’.
K
In het vijfde lid van artikel 9 worden de bedragen ‘€ 7,21’, ‘€ 8,08’ en ‘€ 8,91’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 7,57’, ‘€ 8,48’ en ‘€ 9,36’.
L
In het vijfde lid van artikel 9 worden de bedragen ‘€ 7,57’, ‘€ 8,48’ en ‘€ 9,36’ vervangen door onderscheidenlijk ‘€ 7,72’, ‘€ 8,65’ en ‘€ 9,55’.
De Regeling voorzieningen bij vredes- en humanitaire operaties wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel 6 wordt het bedrag ‘€ 133,64’ vervangen door ‘€ 150’.
B
In artikel 6 wordt het bedrag ‘€ 150’ vervangen door ‘€ 157,50’.
A
Het Sociaal Beleidskader Defensie 2012–2016 wordt verlengd tot en met 31 december 2024.
B
Het Sociaal Beleidskader Defensie 2012–2016 wordt verlengd tot en met 1 september 2026.
Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop het Wijzigingsbesluit arbeidsvoorwaardenakkoorden Defensie hoofdstuk 2 van 2021–2023, 2024 en 2025–2026 in werking treedt, met dien verstande dat:
1. artikel I, onderdelen A en B, artikel II, onderdelen A en H, artikel III, onderdelen A, D, G, J en M, artikel IV, onderdelen A, D, G en J, artikel V, onderdeel A en artikel VI, onderdeel A, terugwerken tot en met 1 januari 2024;
2. artikel II, onderdeel D terugwerkt tot 1 maart 2024;
3. artikel I onderdeel C, artikel II, onderdelen B en I, artikel III, onderdelen B, E, H, K, en N, artikel IV, onderdelen B, E, H en K en artikel V, onderdeel B, terugwerken tot en met 1 oktober 2024;
4. artikel I, onderdeel E, artikel II, onderdeel E en artikel VI, onderdeel B terugwerkt tot en met 1 januari 2025;
5. artikel I, onderdeel D, artikel II, onderdelen C en J, artikel III, onderdelen C, F, I, L en O en artikel IV, onderdelen C, F, I en L terugwerken tot en met 1 januari 2026.
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Staatssecretaris van Defensie voor deze De Hoofddirecteur Personeel B.J. de Greeff
|
aantal jaren in bezit van hoedanigheid van medisch specialist |
bedrag per maand |
|---|---|
|
0 |
2416,94 |
|
4 |
2525,17 |
|
8 |
2633,42 |
|
12 |
2741,62 |
|
Toelage officieren-arts, -tandarts en -apotheker (ad art. 7, lid 7, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2024 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
aantal jaren in bezit van hoedanigheid van arts, tandarts of apotheker |
bedrag per maand |
|||
|
ltz3/tlnt/ ltz2/elnt |
ltz2oc/kap |
ltz1/maj |
kltz/lkol en hoger |
|
|
0 |
561,93 |
561,93 |
561,93 |
561,93 |
|
1 |
631,98 |
641,71 |
657,65 |
641,71 |
|
2 |
706,23 |
729,81 |
760,32 |
725,63 |
|
3 |
783,91 |
835,26 |
867,88 |
809,57 |
|
4 |
863,70 |
947,60 |
983,01 |
899,06 |
|
5 |
987,17 |
1113,44 |
1154,36 |
1033,64 |
|
6 |
– |
1288,94 |
1308,36 |
1174,46 |
|
7 |
– |
1435,31 |
1464,47 |
1318,10 |
|
8 |
– |
1581,72 |
1615,02 |
1464,47 |
|
9 |
– |
– |
1755,14 |
1615,02 |
|
10 |
– |
– |
1630,96 |
1523,42 |
|
11 |
– |
– |
1499,85 |
1429,79 |
|
12 |
– |
– |
1368,72 |
1341,64 |
|
13 |
– |
– |
1259,80 |
1238,29 |
|
14 |
– |
– |
1144,64 |
1109,27 |
|
15 |
– |
– |
1039,19 |
1039,19 |
|
16 |
– |
– |
967,09 |
940,69 |
|
17 |
– |
– |
– |
858,14 |
|
18 |
– |
– |
– |
781,84 |
|
19 |
– |
– |
– |
706,23 |
|
20 |
– |
– |
– |
662,50 |
|
21 |
– |
– |
– |
616,03 |
|
22 |
– |
– |
– |
561,93 |
|
Toelage officieren-arts, -tandarts en -apotheker (ad art. 7, lid 6, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2024 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
aantal jaren in bezit van hoedanigheid van arts, tandarts of apotheker |
bedrag per maand |
|||
|
ltz3/tlnt/ ltz2/elnt |
ltz2oc/kap |
ltz1/maj |
kltz/lkol en hoger |
|
|
0 |
561,93 |
561,93 |
561,93 |
561,93 |
|
1 |
631,98 |
641,71 |
654,89 |
608,40 |
|
2 |
706,23 |
729,81 |
749,22 |
654,89 |
|
3 |
783,91 |
835,26 |
842,87 |
702,07 |
|
4 |
863,70 |
947,60 |
936,51 |
749,22 |
|
5 |
987,17 |
1113,44 |
1030,17 |
795,73 |
|
6 |
" |
" |
1123,83 |
842,87 |
|
7 |
" |
" |
1218,18 |
890,07 |
|
8 |
" |
" |
1123,83 |
1080,85 |
|
9 en hoger |
" |
" |
1080,85 |
" |
|
Overige toelagen Bedragen met ingang van 1 januari 2024 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
IRM ad artikel: |
bedrag per |
|||
|
kwartier |
uur |
maand |
||
|
Toelage militaire bijstand |
artikel 8 |
– |
5,55 |
– |
|
Ontberingstoelage |
artikel 13, lid 2 |
– |
– |
851,36 |
|
bedrag per sprong |
||||
|
groep 1 |
groep 2 |
groep 3 |
||
|
Toelage parachutespringen |
artikel 14 |
79,49 |
66,19 |
52,17 |
|
bedrag per dag |
||||
|
groep 1 |
groep 2 |
groep 3 |
||
|
Toelage munitieruimen |
artikel 19, lid 2 |
99,39 |
82,76 |
65,92 |
|
Toelage munitieruimen |
artikel 19, lid 4 |
11,87 |
9,84 |
7,86 |
|
Toelage gravendienst |
artikel 20 |
6,89 |
5,74 |
4,58 |
|
Toelage werkzaamheden in antennemast |
artikel 21 |
13,27 |
11,04 |
8,80 |
|
Toelage rij-instructie tanks, pantserrupsvoertuigen of gemechaniseerde vuurmonden |
artikel 22 |
11,83 |
9,82 |
7,82 |
|
Toelage mountain leaders |
artikel 25, lid 1 |
79,49 |
66,19 |
52,71 |
|
Toelage helikopterredders |
artikel 26, lid 2 |
82,76 |
82,76 |
65,92 |
|
bedrag per etmaal |
||||
|
groep 1 |
groep 2 |
groep 3 |
||
|
Toelage mijnendienst |
artikel 23, lid 1 |
47,50 |
39,54 |
31,50 |
|
Onderzeeboottoelage |
artikel 24, lid 2 |
81,23 |
67,66 |
53,90 |
|
Brevettoelage (ad art. 9 IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2024 |
|
|---|---|
|
bedrag per maand |
|
|
eerste partij |
17,33 |
|
solistenpartij |
34,65 |
|
Vliegtoelage (ad art. 10, lid 2, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2024 |
|
|---|---|
|
bedrag per maand |
|
|
basisbedrag |
27,09 |
|
Vlieggeld (ad art. 12, lid 7, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2024 |
|
|---|---|
|
maximum bedrag per kwartaal |
|
|
vlieggeld |
1.624,63 |
|
bijzonder vlieggeld |
812,31 |
|
Duiktoelage (ad artikel 15, lid 1, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2024 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
groep |
voor een kikvorsman of leerling-kikvorsman zonder gebruik van een ademhalingsapparaat |
voor een duiker, leerling-duiker, kikvorsman of leerling-kikvorsman met gebruik van een ademhalinsapparaat op een diepte |
||
|
tot 15 meter |
van 15 tot 45 meter |
vanaf 45 meter |
||
|
bedrag per minuut |
||||
|
1 |
0,23 |
1,62 |
3,27 |
4,83 |
|
2 |
0,20 |
1,40 |
2,72 |
4,03 |
|
3 |
0,15 |
1,13 |
2,18 |
3,20 |
|
Toelage verblijf onderwaterlaboratorium (ad artikel 16, lid 2, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2024 |
||
|---|---|---|
|
groep |
bij een verblijf in een onderwaterlaboratorium bij een verhoogde druk welke overeenkomt met de waterdruk op een diepte van 15 meter: |
|
|
korter dan 11 uur |
langer dan 11 uur |
|
|
bedrag per minuut |
bedrag per etmaal |
|
|
1 |
0,97 |
795,40 |
|
2 |
0,81 |
662,16 |
|
3 |
0,64 |
527,68 |
|
Toelage verblijf recompressietoestel (ad artikel 17, lid 1, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2024 |
|||
|---|---|---|---|
|
groep |
bij een verhoogde druk werlke overeenkomt met de waterdruk op een diepte: |
||
|
tot 15 meter |
van 15 tot 45 meter |
vanaf 45 meter |
|
|
bedrag per minuut |
|||
|
1 |
0,97 |
1,96 |
2,97 |
|
2 |
0,81 |
1,62 |
2,45 |
|
3 |
0,64 |
1,31 |
1,94 |
|
Toelage verblijf decompressietoestel (ad art. 18 IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2024 |
|
|---|---|
|
bedrag per keer |
49,69 |
|
Toelage meerdaagse dienstreis (ad art. 26a IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2024 |
|
|---|---|
|
bedrag per ZZF-dag |
59,64 |
|
Toelage officieren-medisch specialist (ad art. 7, lid 6, IRM) Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
|
|---|---|
|
aantal jaren in bezit van hoedanigheid van medisch specialist |
bedrag per maand |
|
0 |
2537,79 |
|
4 |
2651,43 |
|
8 |
2765,09 |
|
12 |
2878,70 |
|
Toelage officieren-arts, -tandarts en -apotheker (ad art. 7, lid 7, IRM) Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
aantal jaren in bezit van hoedanigheid van arts, tandarts of apotheker |
bedrag per maand |
|||
|
ltz3/tlnt/ ltz2/elnt |
ltz2oc/kap |
ltz1/maj |
kltz/lkol en hoger |
|
|
0 |
590,03 |
590,03 |
590,03 |
590,03 |
|
1 |
663,58 |
673,80 |
690,53 |
673,80 |
|
2 |
741,54 |
766,30 |
798,34 |
761,91 |
|
3 |
823,11 |
877,02 |
911,27 |
850,05 |
|
4 |
906,88 |
994,98 |
1032,16 |
944,01 |
|
5 |
1036,53 |
1169,11 |
1212,08 |
1085,32 |
|
6 |
– |
1353,39 |
1373,78 |
1233,18 |
|
7 |
– |
1507,08 |
1537,69 |
1384,00 |
|
8 |
– |
1660,81 |
1695,77 |
1537,69 |
|
9 |
– |
– |
1842,90 |
1695,77 |
|
10 |
– |
– |
1712,51 |
1599,59 |
|
11 |
– |
– |
1574,84 |
1501,28 |
|
12 |
– |
– |
1437,16 |
1408,72 |
|
13 |
– |
– |
1322,79 |
1300,20 |
|
14 |
– |
– |
1201,87 |
1164,73 |
|
15 |
– |
– |
1091,15 |
1091,15 |
|
16 |
– |
– |
1015,44 |
987,72 |
|
17 |
– |
– |
– |
901,05 |
|
18 |
– |
– |
– |
820,93 |
|
19 |
– |
– |
– |
741,54 |
|
20 |
– |
– |
– |
695,62 |
|
21 |
– |
– |
– |
646,83 |
|
22 |
– |
– |
– |
590,03 |
|
Toelage officieren-arts, -tandarts en -apotheker (ad art. 7, lid 6, IRM) Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
aantal jaren in bezit van hoedanigheid van arts, tandarts of apotheker |
bedrag per maand |
|||
|
ltz3/tlnt/ ltz2/elnt |
ltz2oc/kap |
ltz1/maj |
kltz/lkol en hoger |
|
|
0 |
590,03 |
590,03 |
590,03 |
590,03 |
|
1 |
663,58 |
673,80 |
687,63 |
638,82 |
|
2 |
741,54 |
766,30 |
786,68 |
687,63 |
|
3 |
823,11 |
877,02 |
885,01 |
737,17 |
|
4 |
906,88 |
994,98 |
983,34 |
786,68 |
|
5 |
1036,53 |
1169,11 |
1081,68 |
835,52 |
|
6 |
" |
" |
1180,02 |
885,01 |
|
7 |
" |
" |
1279,09 |
934,57 |
|
8 |
" |
" |
1180,02 |
1134,89 |
|
9 en hoger |
" |
" |
1134,89 |
" |
|
Overige toelagen Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
IRM ad artikel: |
bedrag per |
|||
|
kwartier |
uur |
maand |
||
|
Toelage militaire bijstand |
artikel 8 |
– |
5,83 |
– |
|
Ontberingstoelage |
artikel 13, lid 2 |
– |
– |
893,93 |
|
bedrag per sprong |
||||
|
groep 1 |
groep 2 |
groep 3 |
||
|
Toelage parachutespringen |
artikel 14 |
83,46 |
69,50 |
55,35 |
|
bedrag per dag |
||||
|
groep 1 |
groep 2 |
groep 3 |
||
|
Toelage munitieruimen |
artikel 19, lid 2 |
104,36 |
86,90 |
69,22 |
|
Toelage munitieruimen |
artikel 19, lid 4 |
12,46 |
10,33 |
8,25 |
|
Toelage gravendienst |
artikel 20 |
7,23 |
6,03 |
4,81 |
|
Toelage werkzaamheden in antennemast |
artikel 21 |
13,93 |
11,59 |
9,24 |
|
Toelage rij-instructie tanks, pantserrupsvoertuigen of gemechaniseerde vuurmonden |
artikel 22 |
12,42 |
10,31 |
8,21 |
|
Toelage mountain leaders |
artikel 25, lid 1 |
83,46 |
69,50 |
55,35 |
|
Toelage helikopterredders |
artikel 26, lid 2 |
86,90 |
86,90 |
69,22 |
|
bedrag per etmaal |
||||
|
groep 1 |
groep 2 |
groep 3 |
||
|
Toelage mijnendienst |
artikel 23, lid 1 |
49,87 |
41,52 |
33,07 |
|
Onderzeeboottoelage |
artikel 24, lid 2 |
85,29 |
71,04 |
56,59 |
|
Brevettoelage (ad art. 9 IRM) Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
|
|---|---|
|
bedrag per maand |
|
|
eerste partij |
18,20 |
|
solistenpartij |
36,38 |
|
Vliegtoelage (ad art. 10, lid 2, IRM) Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
|
|---|---|
|
bedrag per maand |
|
|
basisbedrag |
28,44 |
|
Vlieggeld (ad art. 12, lid 7, IRM) Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
|
|---|---|
|
maximum bedrag per kwartaal |
|
|
vlieggeld |
1.705,86 |
|
bijzonder vlieggeld |
852,93 |
|
Duiktoelage (ad artikel 15, lid 1, IRM) Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
groep |
voor een kikvorsman of leerling-kikvorsman zonder gebruik van een ademhalingsapparaat |
voor een duiker, leerling-duiker, kikvorsman of leerling-kikvorsman met gebruik van een ademhalinsapparaat op een diepte |
||
|
tot 15 meter |
van 15 tot 45 meter |
vanaf 45 meter |
||
|
bedrag per minuut |
||||
|
1 |
0,25 |
1,70 |
3,43 |
5,07 |
|
2 |
0,22 |
1,47 |
2,86 |
4,23 |
|
3 |
0,17 |
1,19 |
2,29 |
3,36 |
|
Toelage verblijf onderwaterlaboratorium (ad artikel 16, lid 2, IRM) Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
||
|---|---|---|
|
groep |
bij een verblijf in een onderwaterlaboratorium bij een verhoogde druk welke overeenkomt met de waterdruk op een diepte van 15 meter: |
|
|
korter dan 11 uur |
langer dan 11 uur |
|
|
bedrag per minuut |
bedrag per etmaal |
|
|
1 |
1,02 |
835,17 |
|
2 |
0,85 |
695,27 |
|
3 |
0,67 |
554,06 |
|
Toelage verblijf recompressietoestel (ad artikel 17, lid 1, IRM) Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
|||
|---|---|---|---|
|
groep |
bij een verhoogde druk werlke overeenkomt met de waterdruk op een diepte: |
||
|
tot 15 meter |
van 15 tot 45 meter |
vanaf 45 meter |
|
|
bedrag per minuut |
|||
|
1 |
1,02 |
2,06 |
3,12 |
|
2 |
0,85 |
1,70 |
2,57 |
|
3 |
0,67 |
1,38 |
2,04 |
|
Toelage verblijf decompressietoestel (ad art. 18 IRM) Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
|
|---|---|
|
bedrag per keer |
52,17 |
|
Toelage meerdaagse dienstreis (ad art. 26a IRM) Bedragen met ingang van 1 oktober 2024 |
|
|---|---|
|
bedrag per ZZF-dag |
62,62 |
|
Toelage officieren-medisch specialist (ad art. 7, lid 6, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
|
|---|---|
|
aantal jaren in bezit van hoedanigheid van medisch specialist |
bedrag per maand |
|
0 |
2588,55 |
|
4 |
2704,46 |
|
8 |
2820,39 |
|
12 |
2936,27 |
|
Toelage officieren-arts, -tandarts en -apotheker (ad art. 7, lid 7, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
aantal jaren in bezit van hoedanigheid van arts, tandarts of apotheker |
bedrag per maand |
|||
|
ltz3/tlnt/ ltz2/elnt |
ltz2oc/kap |
ltz1/maj |
kltz/lkol en hoger |
|
|
0 |
601,83 |
601,83 |
601,83 |
601,83 |
|
1 |
676,85 |
687,28 |
704,34 |
687,28 |
|
2 |
756,37 |
781,63 |
814,31 |
777,15 |
|
3 |
839,57 |
894,56 |
929,50 |
867,05 |
|
4 |
925,02 |
1014,88 |
1052,80 |
962,89 |
|
5 |
1057,26 |
1192,49 |
1236,32 |
1107,03 |
|
6 |
– |
1380,46 |
1401,26 |
1257,84 |
|
7 |
– |
1537,22 |
1568,44 |
1411,68 |
|
8 |
– |
1694,03 |
1729,69 |
1568,44 |
|
9 |
– |
– |
1879,76 |
1729,69 |
|
10 |
– |
– |
1746,76 |
1631,58 |
|
11 |
– |
– |
1606,34 |
1531,31 |
|
12 |
– |
– |
1465,90 |
1436,89 |
|
13 |
– |
– |
1349,25 |
1326,20 |
|
14 |
– |
– |
1225,91 |
1188,02 |
|
15 |
– |
– |
1112,97 |
1112,97 |
|
16 |
– |
– |
1035,75 |
1007,47 |
|
17 |
– |
– |
– |
919,07 |
|
18 |
– |
– |
– |
837,35 |
|
19 |
– |
– |
– |
756,37 |
|
20 |
– |
– |
– |
709,53 |
|
21 |
– |
– |
– |
659,77 |
|
22 |
– |
– |
– |
601,83 |
|
Toelage officieren-arts, -tandarts en -apotheker (ad art. 7, lid 6, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
aantal jaren in bezit van hoedanigheid van arts, tandarts of apotheker |
bedrag per maand |
|||
|
ltz3/tlnt/ ltz2/elnt |
ltz2oc/kap |
ltz1/maj |
kltz/lkol en hoger |
|
|
0 |
601,83 |
601,83 |
601,83 |
601,83 |
|
1 |
676,85 |
687,28 |
701,38 |
651,60 |
|
2 |
756,37 |
781,63 |
802,41 |
701,38 |
|
3 |
839,57 |
894,56 |
902,71 |
751,91 |
|
4 |
925,02 |
1014,88 |
1003,01 |
802,41 |
|
5 |
1057,26 |
1192,49 |
1103,31 |
852,23 |
|
6 |
" |
" |
1203,62 |
902,71 |
|
7 |
" |
" |
1304,67 |
953,26 |
|
8 |
" |
" |
1203,62 |
1157,59 |
|
9 en hoger |
" |
" |
1157,59 |
" |
|
Overige toelagen Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
IRM ad artikel: |
bedrag per |
|||
|
kwartier |
uur |
maand |
||
|
Toelage militaire bijstand |
artikel 8 |
– |
5,95 |
– |
|
Ontberingstoelage |
artikel 13, lid 2 |
– |
– |
911,81 |
|
bedrag per sprong |
||||
|
groep 1 |
groep 2 |
groep 3 |
||
|
Toelage parachutespringen |
artikel 14 |
85,13 |
70,89 |
56,46 |
|
bedrag per dag |
||||
|
groep 1 |
groep 2 |
groep 3 |
||
|
Toelage munitieruimen |
artikel 19, lid 2 |
106,45 |
88,64 |
70,60 |
|
Toelage munitieruimen |
artikel 19, lid 4 |
12,71 |
10,54 |
8,41 |
|
Toelage gravendienst |
artikel 20 |
7,37 |
6,15 |
4,91 |
|
Toelage werkzaamheden in antennemast |
artikel 21 |
14,21 |
11,82 |
9,42 |
|
Toelage rij-instructie tanks, pantserrupsvoertuigen of gemechaniseerde vuurmonden |
artikel 22 |
12,67 |
10,52 |
8,37 |
|
Toelage mountain leaders |
artikel 25, lid 1 |
85,13 |
70,89 |
56,46 |
|
Toelage helikopterredders |
artikel 26, lid 2 |
88,64 |
88,64 |
70,60 |
|
bedrag per etmaal |
||||
|
groep 1 |
groep 2 |
groep 3 |
||
|
Toelage mijnendienst |
artikel 23, lid 1 |
50,87 |
42,35 |
33,73 |
|
Onderzeeboottoelage |
artikel 24, lid 2 |
87,00 |
72,46 |
57,72 |
|
Brevettoelage (ad art. 9 IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
|
|---|---|
|
bedrag per maand |
|
|
eerste partij |
18,56 |
|
solistenpartij |
37,11 |
|
Vliegtoelage (ad art. 10, lid 2, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
|
|---|---|
|
bedrag per maand |
|
|
basisbedrag |
29,01 |
|
Vlieggeld (ad art. 12, lid 7, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
|
|---|---|
|
maximum bedrag per kwartaal |
|
|
vlieggeld |
1.739,98 |
|
bijzonder vlieggeld |
869,99 |
|
Duiktoelage (ad artikel 15, lid 1, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
||||
|---|---|---|---|---|
|
groep |
voor een kikvorsman of leerling-kikvorsman zonder gebruik van een ademhalingsapparaat |
voor een duiker, leerling-duiker, kikvorsman of leerling-kikvorsman met gebruik van een ademhalinsapparaat op een diepte |
||
|
tot 15 meter |
van 15 tot 45 meter |
vanaf 45 meter |
||
|
bedrag per minuut |
||||
|
1 |
0,25 |
1,73 |
3,50 |
5,17 |
|
2 |
1,50 |
1,50 |
2,92 |
4,31 |
|
3 |
0,17 |
1,21 |
2,34 |
3,43 |
|
Toelage verblijf onderwaterlaboratorium (ad artikel 16, lid 2, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
||
|---|---|---|
|
groep |
bij een verblijf in een onderwaterlaboratorium bij een verhoogde druk welke overeenkomt met de waterdruk op een diepte van 15 meter: |
|
|
korter dan 11 uur |
langer dan 11 uur |
|
|
bedrag per minuut |
bedrag per etmaal |
|
|
1 |
1,04 |
851,87 |
|
2 |
0,87 |
709,18 |
|
3 |
0,68 |
565,14 |
|
Toelage verblijf recompressietoestel (ad artikel 17, lid 1, IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
|||
|---|---|---|---|
|
groep |
bij een verhoogde druk werlke overeenkomt met de waterdruk op een diepte: |
||
|
tot 15 meter |
van 15 tot 45 meter |
vanaf 45 meter |
|
|
bedrag per minuut |
|||
|
1 |
1,04 |
2,10 |
3,18 |
|
2 |
0,87 |
1,73 |
2,62 |
|
3 |
0,68 |
1,41 |
2,08 |
|
Toelage verblijf decompressietoestel (ad art. 18 IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
|
|---|---|
|
bedrag per keer |
53,21 |
|
Toelage meerdaagse dienstreis (ad art. 26a IRM) Bedragen met ingang van 1 januari 2026 |
|
|---|---|
|
bedrag per ZZF-dag |
63,87 |
Met deze wijzigingsregeling worden de afspraken uit de arbeidsvoorwaardenakkoorden 2021–2023 (hoofdstuk 2), 2024 en 2025–2026 voor de sector Defensie geformaliseerd, voor zover het betreft ministeriële regelingen. De centrales van overheidspersoneel hebben ingestemd met de wijzigingen in de desbetreffende regelingen ter uitvoering van de gemaakte afspraken.1 De onderhavige regeling strekt ertoe deze afspraken2 vast te leggen en de afgesproken wijzigingen in genoemde regelingen door te voeren.
Als gevolg van de samenhang tussen de drie akkoorden alsmede de korte tijdspanne tussen de twee laatst afgesloten akkoorden is de uitwerking van de afspraken uit deze akkoorden in één wijzigingsregeling neergelegd. Voor zover die afspraken een wijziging van regels op het niveau van een algemene maatregel van bestuur vereisen, is daarin voorzien met het Wijzigingsbesluit arbeidsvoorwaardenakkoorden Defensie hoofdstuk 2 van 2021–2023, 2024 en 2025–2026.
De Staatssecretaris van Defensie heeft op 16 december 2023 en op 7 juli 2024 met de centrales van overheidspersoneel in de Sectorcommissie Defensie overeenstemming bereikt over een pakket aan maatregelen betreffende het arbeidsvoorwaardenbeleid voor de sector Defensie voor de periode van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2024 (hierna: akkoord 2024) respectievelijk 1 januari 2025 tot 1 september 2026 (hierna: akkoord 2025–2026). In deze wijzigingsregeling zijn de wijzigingen op het niveau van ministeriële regelingen als gevolg van de maatregelen opgenomen.
Dit onderdeel vervalt in verband met de afspraak in het akkoord 2024 dat de inkomenstoeslag van artikel 44a van het Inkomstenbesluit burgerlijke ambtenaren defensie (IRBAD) wordt ingebouwd in de salaristabel.
Wijzigingen als gevolg van de loonsverhogingen van respectievelijk 7% per 1 januari 2024, 5% per 1 januari 20253 en 2% per 1 januari 2026.
In artikel 32a van de Inkomstenregeling militairen (IRM) en artikel 10 IRBAD is bepaald dat aan de militair of burger die voor een inzet in het buiteland (bijvoorbeeld een plaatsing, uitzending, dienstreis of een andere dienstverrichting in het buitenland) in het bezit dient te zijn van een Nederlands paspoort, aanspraak heeft op een tegemoetkoming in de kosten van de aanschaf daarvan tot een maximumbedrag van € 100,–, met inbegrip van een maximumbedrag van € 10,– voor de pasfoto’s. De kosten kunnen worden gedeclareerd in de Selfservice onder overlegging van een bewijs van aanvraag en betaalbewijzen. Ook de eventuele kosten voor een tweede (dienst)paspoort kunnen op grond van dit artikel worden gedeclareerd.
Aan militairen kan op grond van artikel 139, tweede lid, van het Algemeen militair ambtenarenreglement door de commandant bij individuele aanwijzing de verplichting worden opgelegd om gedurende een bepaalde periode rekening te houden met mogelijke inzet op korte termijn. Militairen, behorende tot een eenheid die is aangewezen als Snel Inzetbare Capaciteit om voor de NAVO of de EU ingezet te kunnen worden, kunnen in dat kader worden verplicht om rekening te houden met mogelijke inzet binnen een bepaald aantal dagen na een daartoe strekkende kennisgeving. Indien dit 10 dagen of korter is, heeft de militair aanspraak op een pensioengevende toelage van € 3,– per dag (ongeacht of het een zaterdag, zondag, feestdag of overige dag is) voor de duur van de periode, of totdat de verplichting wordt opgeheven dan wel de militair naar een andere eenheid wordt overgeplaatst. De aanspraak blijft bestaan ongeacht de aanspraak op andere toelagen of vergoedingen over de bedoelde periode. De individuele aanwijzing is rechtspositioneel geen aanwijzing voor uitzending.
De voormalige FPS-ontslaggrond in artikel 39, tweede lid, onder i, van het AMAR is komen te vervallen. Tegelijkertijd heeft de i-grond een nieuwe invulling gekregen; deze grond wordt nu gebruikt voor manschappen en korporaals die opzettelijk niet voldoen aan de afspraken opgenomen in het individueel en bindend ontwikkel- en begeleidingstraject. Deze nieuwe ontslaggrond is een vorm van verwijtbaar ontslag en om die reden past het niet langer om aan in dat geval een proportionele diensttijdgratificatie toe te kennen; de i-grond is daarom geschrapt in de opsomming in artikel 33, vierde lid, IRM.
Door de afschaffing van het FPS, is ook de fasering binnen het FPS te vervallen Om die reden vervalt in artikel 39 IRM de zinsnede ‘in fase 3’.
Om te komen tot een duidelijker onderscheid tussen verschillende militaire activiteiten in de rechtspositie is in het akkoord 2024 afgesproken, de Regeling voorzieningen bij vredes- en humanitaire operaties (VVHO) en de Regeling vergoeding voor overwerk, onregelmatigheid, beschikbaarheid en bereikbaarheid (VROB) aan te passen en te komen tot een nieuwe Regeling militaire inzet (RMI). Daarbij krijgt de RMI als kenmerk dat inzet een hogere vergoeding kent dan varen en oefenen. Vooruitlopend op de uitwerking van deze regeling worden de navolgende maatregelen getroffen op het gebied van de nu geldende vergoedingen:
– Per 1 januari 2024:
De VROB-vergoeding voor groep 1 wordt verhoogd naar € 100. De VROB-bedragen in het kader van varen en oefenen en bijzondere inzet blijven voor groep 2 en 3 ongewijzigd.
– Per 1 januari 2025:
a. De VROB vergoedingen voor varen, oefenen en bijzondere inzet voor groep 1 en 2 worden verhoogd naar € 110.
b. De VROB-vergoeding voor groep 3 in het kader van varen, oefenen en bijzondere inzet blijft € 116,89.
– Per 1 januari 2026:
a. De VROB vergoedingen voor varen, oefenen en bijzondere inzet voor groep 1 en 2 worden verhoogd naar € 114.
b. De VROB-vergoeding voor groep 3 in het kader van varen, oefenen en bijzondere inzet wordt verhoogd naar € 119,23.
Vooruitlopend op de uitwerking van de RMI is afgesproken dat het belaste bedrag van de VVHO binnen de bestaande afspraken wordt verhoogd naar € 150. Hiermee wordt een natuurlijke verhouding tussen inzet en meerdaagse activiteiten tot stand gebracht.
De defensieorganisatie is continu in ontwikkeling. De komende jaren zal Defensie verder groeien, wat zal leiden tot veranderingen in alle onderdelen van de organisatie. Ook dan kan het voorkomen dat medewerkers bescherming van een sociaal beleidskader nodig hebben. Aangezien het Sociaal Beleidskader nog niet structureel is verankerd, wordt het Sociaal Beleidskader Defensie 2012–2016 met deze artikelen verlengd voor de looptijd van de desbetreffende arbeidsvoorwaardenakkoorden.
Voor de verschillende maatregelen (deels vanwege beleidskeuzes, deels om budgettaire redenen) zijn verschillende tijdstippen van inwerkingtreding afgesproken. Aangezien deze regeling naar verwachting pas in de loop van 2025 tot stand zal komen, is het onvermijdelijk dat aan de meeste maatregelen terugwerkende kracht moet worden verleend. Daartegen bestaat geen bezwaar, omdat het in alle gevallen steeds gaat om begunstigende maatregelen en niet om maatregelen met een benadelend karakter.
De Staatssecretaris van Defensie voor deze De Hoofddirecteur Personeel B.J. de Greeff
Zie voor de wijzigingen in het kader van hoofdstuk 2 van het arbeidsvoorwaardenakkoord 2021–2023 de brief aan de Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid van 19 november 2025, met kenmerk AP/25.0734, waarover tijdens de werkgroep van 13 januari 2026 overeenstemming is bereikt en voor de wijzigingen in het kader van de arbeidsvoorwaardenakkoorden 2024 en 2025–2026 de brief aan de Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid van 19 november 2025, met kenmerk AP/25.0733, waarover blijkens de rapportage van 5 december 2025, met kenmerk AP/25.0812, overeenstemming is bereikt.
De wijzigingen in de toenmalige Voorlopige Voorziening URAMAR zijn reeds doorgevoerd bij de formalisering van de Uitvoeringsregeling AMAR, zie Stcrt. 2026, 12682.
In de maanden oktober, november en december 2024 wordt deze loonsverhoging technisch en juridisch geoperationaliseerd in de vorm van een maandelijkse incidentele loonsverhoging. Vanaf januari 2025 wordt deze loonsverhoging omgezet in een structurele loonsverhoging.
Zie voor de wijzigingen in het kader van hoofdstuk 2 van het arbeidsvoorwaardenakkoord 2021–2023 de brief aan de Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid van 19 november 2025, met kenmerk AP/25.0734, waarover tijdens de werkgroep van 13 januari 2026 overeenstemming is bereikt en voor de wijzigingen in het kader van de arbeidsvoorwaardenakkoorden 2024 en 2025–2026 de brief aan de Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid van 19 november 2025, met kenmerk AP/25.0733, waarover blijkens de rapportage van 5 december 2025, met kenmerk AP/25.0812, overeenstemming is bereikt.
De wijzigingen in de toenmalige Voorlopige Voorziening URAMAR zijn reeds doorgevoerd bij de formalisering van de Uitvoeringsregeling AMAR, zie Stcrt. 2026, 12682.
In de maanden oktober, november en december 2024 wordt deze loonsverhoging technisch en juridisch geoperationaliseerd in de vorm van een maandelijkse incidentele loonsverhoging. Vanaf januari 2025 wordt deze loonsverhoging omgezet in een structurele loonsverhoging.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2026-22128.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.