Intentieovereenkomst: Duurzame Mobiliteit in de Schoonmaaksector

Partijen

  • 1. De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, handelend in de hoedanigheid van bestuursorgaan en als vertegenwoordiger van de Staat der Nederlanden, namens deze: de directeur duurzame mobiliteit, mevrouw P. T. S. Werther, hierna te noemen: IenW

  • 2. Schoonmakend Nederland, vertegenwoordigd door de voorzitter van Schoonmakend Nederland, mevrouw T. Van Ark, hierna te noemen: Schoonmakend Nederland

Samen hierna te noemen: Partijen;

Overwegingen

Uit overleggen en werksessies van de rapportageverplichting1 werkgebonden personenmobiliteit (wpm) is gebleken dat verschillende branches specifieke aandachtspunten hebben ten aanzien van het verduurzamen van de mobiliteit. Ook hebben branches aangegeven geïnteresseerd te zijn in meer informatie om te verduurzamen. Daarom heeft IenW brancheorganisaties benaderd om in gesprek te gaan over de mogelijkheden om hun wpm te verduurzamen. Een brancheorganisatie behartigt de collectieve belangen van werkgevers uit een sector en is hiermee een cruciaal doorgeefluik naar het bedrijfsleven. Uit gesprekken tussen IenW en brancheorganisatie Schoonmakend Nederland is een duidelijk beeld ontstaan van de mobiliteitskansen, barrières en specifieke kenmerken van werkgevers in de schoonmaakbranche. Van de binnenlands mobiliteit komt 46% van de CO2 uitstoot uit werkgebonden personenmobiliteit. Ook binnen de schoonmaaksector is de CO2-uitstoot van mobiliteit significant ten opzichte van de totale CO2-uitstoot (op basis van zowel scope 3 emissies, als scope 1 en 2). Zo rapporteert Asito (top 5 grootste schoonmaakbedrijven van Nederland) dat het woon-werk verkeer en de lease auto’s verantwoordelijk zijn voor 77,6% van hun totale CO2-uitstoot in 2024. Mobiliteit is voor de schoonmaaksector sterk verbonden aan de bedrijfsvoering. Het is voor schoonmakers niet ongewoon om op één dag meerdere standplaatsen te bezoeken of tweemaal per dag naar dezelfde locatie te reizen. Vanwege de verwachtte positieve effecten van dagschoonmaak (een schoonmaakdienst gedurende de dag) op duurzame mobiliteit, willen Partijen zich als eerste focussen op dit onderwerp.

Met deze intentieovereenkomst maken IenW en Schoonmakend Nederland concrete afspraken die helpen de CO2-uitstoot van mobiliteit versneld te reduceren. IenW ondersteunt de brancheorganisatie bij het structureler oppakken van de acties. Schoonmakend Nederland gaat onderzoeken en informeren waar haar leden (grote en kleine werkgevers) tegenaan lopen en werkt mee aan de oplossingen. Vervolgens communiceert Schoonmakend Nederland de maatregelen, informatie en tools naar haar achterban.

Definities

In deze intentieovereenkomst wordt verstaan onder:

Demonstratieproject: een project waarin IenW met stakeholders nieuwe oplossingen test in de praktijk, zodat ze kunnen worden opgeschaald en geborgd in het mobiliteitssysteem.

Werkgebonden personenmobiliteit: zowel het woon-werkverkeer als de zakelijke mobiliteit van werknemers.

Doel

Het gezamenlijke doel is om duurzame mobiliteit een betere plek te geven in de bedrijfsvoering van werkgevers in de schoonmaaksector. Het gaat om het structureel verduurzamen van de werkgebonden personenmobiliteit. Door hier samen aan te werken willen Partijen de werkgevers in de schoonmaaksector meer handelingsperspectief bieden en duidelijkere handvatten meegeven.

Afspraken

De Partijen maken de volgende afspraken met elkaar.

  • 1. Duurzame mobiliteit wordt opgepakt in minstens drie werksessies tussen IenW en Schoonmakend Nederland. De sessies zijn bedoeld om een beter begrip te krijgen van het betreffende onderwerp en om de aan te pakken barrières en kansen in de schoonmaaksector te definiëren. Uit deze werksessies volgen acties die worden opgepakt door het kernteam. Dat kan volledig onder regie van IenW in een demonstratieproject, maar het kan ook onder regie van de sector zelf. De inhoud van deze sessies wordt vastgesteld door het kernteam.

    • a. Het thema van de eerste werksessie is; kansen voor dagschoonmaak en de effecten op mobiliteit. Hierbij wordt een klein onderzoek naar de kansen voor dagschoonmaak gedaan door een externe partij, gefinancierd door IenW. Relevante duurzaamheids- en bedrijfseffecten worden meegenomen om de aantrekkelijkheid van dagschoonmaak voor schoonmaakbedrijven én opdrachtgevers goed in kaart te brengen.

    • b. Voor de andere twee werksessies geldt dat komend jaar gekeken wordt welke concrete thema’s nog meer aandacht verdienen. Dit kan voortvloeien uit het thema dagschoonmaak of een ander mobiliteitsthema betreffen (bijv. mobiliteitsplan).

  • 2. De Partijen zullen alles in het werk stellen om de bevindingen uit de werksessies en de mogelijk nog open kennisgaten zo gestructureerd mogelijk op te pakken. Voor Schoonmakend Nederland houdt dit in ieder geval in:

    • a. dat ze intensief contact zal onderhouden met haar achterban om signalen op te vangen of praktische punten uit te zetten.

    Voor IenW houdt dit in ieder geval in dat:

    • b. ze zich sterk zal maken voor het aanvullend gebruik van het instrumentarium door de sector door het beter onder de aandacht brengen ervan (demonstratieproject, COVER-subsidie); en

    • c. verbindingen zal leggen met collega’s op relevante dossiers binnen het departement.

  • 3. De Partijen denken mee met de eigen middelen die ze hebben en tonen inzet en inspanning in de werksessies. Schoonmakend Nederland organiseert de werksessies en IenW brengt de mobiliteitsexpertise in. De Partijen proberen minimaal 2 eindproducten te realiseren, zoals:

    • a. Een rapportage naar

      • i. kansen en barrières voor dagschoonmaak; en

      • ii. handelingsperspectief en succesverhalen van dagschoonmaak.

    • b. Een model mobiliteitsplan voor de schoonmaaksector.

  • 4. Schoonmakend Nederland is verantwoordelijk voor het verspreiden van de eindproducten en opgedane kennis uit deze samenwerking naar hun achterban. Dit bestaat uit minimaal:

    • a. Het delen van de gerealiseerde eindproducten op de eigen website;

    • b. Het delen van het informatiepunt verduurzaming werkgebonden personen mobiliteit (van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO)) onder leden;

    • c. Het opzetten van een actieve webinar over (een van) deze thema’s voor leden.

  • 5. IenW is verantwoordelijk voor het delen van de gerealiseerde kennis op het informatiepunt verduurzaming werkgebonden personenmobiliteit bij de RVO.

  • 6. Het delen van de eindproducten van de samenwerking naar buiten (zoals via officiële publicaties) gaat via het kernteam.

  • 7. De uitkomsten van deze samenwerking en de eventuele intentie om daarmee na 1 mei 2027 samen door te gaan wordt door de Partijen gezamenlijk gepresenteerd op een nader te bepalen conferentie.

Governance

  • 1. Een kernteam van IenW en Schoonmakend Nederland is verantwoordelijk voor de dagelijkse voortgang en bestaat uit 4 personen; 2 personen vanuit IenW en 2 personen vanuit Schoonmakend Nederland. De vergaderfrequentie van het kernteam is eens in de vier weken.

  • 2. Het kernteam werkt onder toezicht van een stuurgroep. De stuurgroep bestaat uit de personen die deze overeenkomst ondertekenen (directeur-niveau). Deze stuurgroep komt alleen samen waar nodig voor escalatie en festiviteiten.

  • 3. De deelnemers van de werksessies zijn in elk geval de deelnemers van het kernteam. Het kernteam heeft ook de regie. Daarnaast wordt er per werksessie gekeken of het aansluiten van werkgevers uit de schoonmaaksector of andere betrokken organisaties van belang is. Per werksessie wordt afgesproken wie de voorzitter is en wie een verslag maakt.

Monitoring

Over de monitoring van de samenwerking maken de Partijen de volgende afspraken:

  • 1. Schoonmakend Nederland stelt de nodige data over de schoonmaaksector waar mogelijk beschikbaar.

  • 2. IenW stelt CO2-data beschikbaar op het niveau van de Standaard Bedrijfsindeling (SBI) codes op basis van de rapportageverplichting wpm.

  • 3. Onder verantwoording van het kernteam worden de (eind)producten/resultaten door Schoonmakend Nederland uitgezet bij de achterban. Schoonmakend Nederland houdt bij hoe zij haar achterban bereikt en wat de reacties hierop zijn.

Afdwingbaarheid

Deze intentieovereenkomst legt uitsluitend de gezamenlijke ambities van Partijen vast De hierin opgenomen afspraken vormen geen rechtens afdwingbare verplichtingen, maar beschrijven slechts voornemens tot samenwerking. Geen van de Partijen kan op basis van deze intentieovereenkomst worden verplicht tot het leveren van prestaties, het maken van kosten of het verlenen van medewerking. Iedere Partij behoudt het recht om de samenwerking te allen tijde te beëindigen zonder dat hierdoor enige aansprakelijkheid of schadeplicht ontstaat.

Gegevens delen

Partijen dragen er zorg voor dat concurrentiegevoelige en/of privacygevoelige informatie uitsluitend wordt gedeeld voor zover dit in overeenstemming is met de relevante internationale, Europese en nationale wettelijke kaders. Zij kunnen hiertoe nadere afspraken maken.

Toetreding

Andere partijen kunnen zich bij deze intentieovereenkomst aansluiten met schriftelijke instemming van de Partijen. Een nieuwe partij die zich bij de intentieovereenkomst wil aansluiten, dient een verzoek daartoe schriftelijk in bij het kernteam. Het verzoek tot toetreding en de verklaring tot instemming worden als bijlagen aan de intentieovereenkomst gehecht.

Inwerkingtreding en looptijd

Deze intentieovereenkomst treedt in werking op de dag van ondertekening door Partijen en eindigt op 1 mei 2027. Als Partijen dit nodig vinden kan de intentieovereenkomst voor een nader overeen te komen periode worden verlengd.

Openbaarmaking

Deze intentieovereenkomst wordt binnen twee weken na ondertekening door IenW in de Staatscourant gepubliceerd.

Aldus overeengekomen en in tweevoud ondertekend.

Den Haag, 4 juni 2026

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, namens deze: De directeur duurzame mobiliteit, P.T.S. Werther

De voorzitter van Schoonmakend Nederland, T. Van Ark


X Noot
1

Besluit CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit.


X Noot
1

Besluit CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit.

Naar boven