Regeling van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, van 3 juni 2026, nr. 7507364, houdende wijziging van de Regeling toeslag rechterlijke ambtenaren avonduren, zaterdagen, zondagen en feestdagen in verband met indexering

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,

Gelet op artikel 6h, tweede lid, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren en artikel 1 van de Regeling toeslag rechterlijke ambtenaren avonduren, zaterdagen, zondagen en feestdagen;

Besluit:

ARTIKEL I

De Regeling toeslag rechterlijke ambtenaren avonduren, zaterdagen, zondagen en feestdagen wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 2, eerste lid, wordt ‘het jaar 2024: € 36,06’ vervangen door ‘het jaar 2025: € 38,51’.

B

In artikel 2, eerste lid, wordt ‘het jaar 2025: € 38,51’ vervangen door ‘het jaar 2026: € 40,26’.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, met dien verstande dat:

  • a. Artikel I, onderdeel A, terugwerkt tot en met 1 januari 2025;

  • b. Artikel I, onderdeel B, terugwerkt tot en met 1 januari 2026.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 3 juni 2026

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, K.T. van Bruggen

TOELICHTING

Algemeen

De Regeling algemene onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren, Regeling pikettoelage rechterlijke ambtenaren 2020, Regeling toeslag rechterlijke ambtenaren avonduren, zaterdagen, zondagen en feestdagen en de Regeling indexering onkostenvergoeding leden gerechtsbesturen en Raad voor de rechtspraak hebben alle betrekking op tegemoetkomingen voor rechterlijke ambtenaren, waarvan de geïndexeerde bedragen jaarlijks in dezelfde circulaire bekend worden gemaakt. Deze regelingen worden daarom al enkele jaren gelijktijdig geïndexeerd.

De indexering van de bedragen in de Regeling pikettoelage rechterlijke ambtenaren 2020 en de Regeling toeslag rechterlijke ambtenaren avonduren, zaterdagen, zondagen en feestdagen is afhankelijk van de uitkomsten van de cao-onderhandelingen, specifiek van de daarin gemaakte loonafspraken. De praktijk leert dat er in de sector Rechterlijke Macht slechts bij uitzondering een nieuw arbeidsvoorwaardenakkoord tot stand komt voordat het nog lopende akkoord afloopt. Gecombineerd met het gegeven dat er veelal relatief kortlopende akkoorden worden gesloten en dat deze veelal op data gedurende een kalenderjaar ingaan dan wel aflopen, leidt dit ertoe dat het percentage waarmee de bedragen in de twee bovengenoemde regelingen dienen te worden geïndexeerd vaak pas berekend kan worden als de voorgeschreven datum van indexering, te weten 1 januari van het betreffende kalenderjaar, al is gepasseerd. Dit maakt het doorgaans niet mogelijk dat de nieuwe bedragen op 1 januari in werking treden, en het dus voorkomt dat er terugwerkende kracht aan deze regelingen verleend moet worden.

Artikel 1

Ingevolge artikel 1 van de Regeling toeslag rechterlijke ambtenaren avonduren, zaterdagen, zondagen en feestdagen (hierna: de regeling) wordt het normbedrag van de toeslag jaarlijks geïndexeerd op basis van de in het voorgaande kalenderjaar gerealiseerde contractloonstijging op jaarbasis in de sector Rechterlijke Macht.

Onderdeel A

De contractloonstijging in 2024 bedraagt 6,79%. Daarmee komt de hoogte van dit normbedrag in 2025 op € 38,51.

Onderdeel B

De contractloonstijging in 2025 bedraagt 4,54%. Daarmee komt de hoogte van dit normbedrag in 2026 op € 40,26.

Artikel 2

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt voor artikel 1, onderdeel A terug tot en met 1 januari 2025 en voor artikel 1, onderdeel B terug tot en met 1 januari 2026. Dit is voor onderdeel A nodig teneinde de geïndexeerde bedragen voor het jaar 2025 nog toe te kunnen passen. Voor onderdeel B is de terugwerkende kracht nodig teneinde de nieuwe geïndexeerde bedragen toe te passen voor het gehele jaar 2026. Dit is te rechtvaardigen omdat uit de regeling volgt dat de indexering jaarlijks per 1 januari plaatsvindt. De indexeringen van de toeslag zijn eerder bij circulaire bekendgemaakt. De indexering is louter begunstigend voor de rechterlijke ambtenaren.

’s-Gravenhage, 3 juni 2026

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, K.T. van Bruggen

Naar boven