Regeling van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, van 3 juni 2026, nr. 7507356, houdende wijziging van de Regeling pikettoelage rechterlijke ambtenaren 2020 in verband met indexering

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,

Gelet op artikel 6f, vierde lid, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren en artikel 2 van de Regeling pikettoelage rechterlijke ambtenaren 2020;

Besluit:

ARTIKEL I

De Regeling pikettoelage rechterlijke ambtenaren 2020 wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1, eerste lid, onder e, wordt ‘Met ingang van 1 januari 2024: € 351,85.’ vervangen door: ‘Voor de periode van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2024: € 351,85;’.

B

Na artikel 1, eerste lid, onder e, wordt ingevoegd:

  • ‘f. Voor de periode van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2025: € 375,74;

  • g. Met ingang van 1 januari 2026: € 392,80.’

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, met dien verstande dat:

  • a. Artikel I, onderdeel A, terugwerkt tot en met 1 januari 2024;

  • b. Artikel I, onderdeel B, onder f, terugwerkt tot en met 1 januari 2025;

  • c. Artikel I, onderdeel B, onder g, terugwerkt tot en met 1 januari 2026;

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 3 juni 2026

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, K.T. van Bruggen

TOELICHTING

Algemeen

De Regeling algemene onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren, Regeling pikettoelage rechterlijke ambtenaren 2020, Regeling toeslag rechterlijke ambtenaren avonduren, zaterdagen, zondagen en feestdagen en de Regeling indexering onkostenvergoeding leden gerechtsbesturen en Raad voor de rechtspraak hebben alle betrekking op tegemoetkomingen voor rechterlijke ambtenaren, waarvan de geïndexeerde bedragen jaarlijks in dezelfde circulaire bekend worden gemaakt. Deze regelingen worden daarom al enkele jaren gelijktijdig geïndexeerd.

De indexering van de bedragen in de Regeling pikettoelage rechterlijke ambtenaren 2020 en de Regeling toeslag rechterlijke ambtenaren avonduren, zaterdagen, zondagen en feestdagen is afhankelijk van de uitkomsten van de cao-onderhandelingen, specifiek van de daarin gemaakte loonafspraken. De praktijk leert dat er in de sector Rechterlijke Macht slechts bij uitzondering een nieuw arbeidsvoorwaardenakkoord tot stand komt voordat het nog lopende akkoord afloopt. Gecombineerd met het gegeven dat er veelal relatief kortlopende akkoorden worden gesloten en dat deze veelal op data gedurende een kalenderjaar ingaan dan wel aflopen, leidt dit ertoe dat het percentage waarmee de bedragen in de twee bovengenoemde regelingen dienen te worden geïndexeerd vaak pas berekend kan worden als de voorgeschreven datum van indexering, te weten 1 januari van het betreffende kalenderjaar, al is gepasseerd. Dit maakt het doorgaans niet mogelijk dat de nieuwe bedragen op 1 januari in werking treden, en het dus voorkomt dat er terugwerkende kracht aan deze regelingen verleend moet worden.

Artikel I

Artikel 6f van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren regelt dat de rechterlijk ambtenaar die is aangewezen voor het verrichten van piketwerkzaamheden een toelage ontvangt, welke toelage bestaat uit een vast bedrag en een bedrag voor de uren waarop daadwerkelijk piketwerkzaamheden worden verricht. Artikel 6f, vierde lid, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren biedt de grondslag om middels deze regeling regels ten aanzien van de hoogte van de pikettoelage te stellen.

Met deze regeling wordt de hoogte van het vaste bedrag aan pikettoelage op weekbasis bepaald voor de jaren 2025 en 2026. Dit bedrag wordt jaarlijks per 1 januari geïndexeerd op basis van de contractloonmutatie in de sector Rechterlijke Macht in het voorgaande kalenderjaar. In 2024 is de contractloonstijging 6,79% en in 2025 4,54%. Ook wordt ten behoeve van de inzichtelijkheid het bedrag van het gehele jaar 2024 alsnog opgenomen.

Artikel II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt voor artikel 1, onderdeel A terug tot en met januari 2024, voor artikel 1, onderdeel B, onder f, terug tot en met 1 januari 2025 en voor artikel 1, onderdeel B, onder g, terug tot en met 1 januari 2026. Dit is voor artikel 1, onderdelen A en B, onder f, nodig teneinde de geïndexeerde bedragen voor dat jaar nog toe te kunnen passen. Voor artikel 1, onderdeel B, onder g, is de terugwerkende kracht nodig teneinde de nieuwe geïndexeerde bedragen toe te passen voor het gehele jaar 2026. Dit is te rechtvaardigen omdat uit artikel 2 van de regeling volgt dat het vaste bedrag aan pikettoelage op weekbasis jaarlijks per 1 januari wordt geïndexeerd. De indexeringen van de vaste bedragen aan pikettoelage zijn eerder bij circulaire bekendgemaakt. De indexering is louter begunstigend voor de rechterlijke ambtenaren.

’s-Gravenhage, 3 juni 2026

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, K.T. van Bruggen

Naar boven