Besluit van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 3 juli 2026, nr. IENW/BSK-2026/97980, houdende de aanwijzing van toezichthoudende medewerkers van de Divisies Havenmeester van Amsterdam en Rotterdam in verband met het toezicht op het Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn- en binnenvaart (Besluit aanwijzing toezichthouders Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn- en binnenvaart)

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,

Gelet op de artikelen 9.5.2, 18.1a, eerste lid, en 18.2b, eerste lid, onderdeel a, van de Wet milieubeheer en artikel 18.6 van de Omgevingswet;

BESLUIT:

Artikel 1 Aanwijzing toezichthouders

Als personen belast met het toezicht op de naleving van lozingsactiviteiten op een oppervlaktelichaam in beheer bij het Rijk van artikelen 4, 6, 32, 41, tweede lid, 45, tweede en derde lid, 47, tweede lid, 55, tweede lid, 58, 62, derde en vierde lid, 64, tweede lid, 68, derde, vierde, vijfde en zesde lid, 69, tweede lid, en 70, tweede lid, van het Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn- en binnenvaart worden aangewezen de medewerkers van de Divisie Havenmeester Amsterdam van Havenbedrijf Amsterdam N.V. en de medewerkers van de Divisie Havenmeester Rotterdam van Havenbedrijf Rotterdam N.V.

Artikel 2 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Artikel 3

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit aanwijzing toezichthouders Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn- en binnenvaart.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, V.P.G. Karremans

TOELICHTING

Met de invoering van de Omgevingswet zijn de grondslagen uit de Waterwet, waarop het Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn- en binnenvaart was gebaseerd, vervallen en deels overgegaan naar de Omgevingswet. Als gevolg hiervan waren medewerkers van de Divisie Havenmeester Amsterdam en Divisie Havenmeester Rotterdam niet langer als toezichthouders aangewezen voor een aantal toezichthoudende taken in verband met lozingsactiviteiten in het kader van het Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn- en binnenvaart, die met name zien op het ontgassen van binnenvaartschepen. Met dit besluit wordt deze omissie hersteld.

Met dit besluit worden diegenen die werkzaam zijn bij de Divisie Havenmeester van het Havenbedrijf Amsterdam N.V., te Amsterdam en diegenen die werkzaam zijn bij de Divisie Havenmeester van het Havenbedrijf Rotterdam N.V., te Rotterdam wederom aangewezen als toezichthouders zodat zij hun toezichthoudende taken zoals die tot de invoering van de Omgevingswet door hen werden uitgevoerd, kunnen voortzetten. De Divisies Havenmeester hebben intern geregeld, middels verschillende functieomschrijvingen, welke medewerkers de toezichthoudende taken uitvoeren.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, V.P.G. Karremans

Naar boven