Kennisgeving besluit: -Bouwwerken, werken en objecten in de Noordzee nr. RWS-2026/12345 I

Logo Rijkswaterstaat

De minister van Infrastructuur en Waterstaat, geeft ingevolge artikel 12 van de Bekendmakingswet, kennis van het besluit (zaaknummer RWSZ2025-00021667) van 20 mei 2026, RWS-2026/12345 I, om te beschikken op de aanvraag van DEME Infra NL B.V. te Dordrecht om een vergunning op grond van de Omgevingswet. De omgevingsvergunning gaat over het verrichten van een beperkingengebiedactiviteit in de Noordzee als bedoeld in artikel 7.17, eerste lid, onder c, van het Besluit activiteiten leefomgeving. De aangevraagde activiteit omvat het aanleggen, in stand houden en verwijderen van vier, op korte afstand naast elkaar gelegen kabels met een lengte van 200 meter in de Noordzee. De kabels, behalve de kabeluiteinden, worden begraven in de zeebodem voor het testen van een nieuwe trencher. Om de visserij te waarschuwen voor de onbegraven kabeluiteinden dient vergunninghouder een markeringsboei bij de kabels te laten plaatsen of dient daarbij een wachtschip aanwezig te zijn totdat de kabels worden verwijderd. De kabels blijven tot uiterlijk 31 december 2027 aanwezig. De kabels moeten worden aangelegd tussen de volgende twee punten ETRS89 UTM31N (Lat/Long DMS): 51° 50’ 9.123” N 3° 37’ 43.088” E 51° 50’ 0.030” N 3° 37’ 37.589” E Terinzagelegging Het besluit en de vergunningaanvraag is van 26 mei 2026 tot en met 8 juli 2026 in te zien via het Rijkswaterstaat Publicatie Platform: https://open.rws.nl/ter-inzage. Inlichtingen Voor inhoudelijke vragen over dit besluit kunt u tijdens kantooruren contact opnemen met de afdeling Vergunningverlening (tel. 088-7974600) of een mail sturen aan vergunningverleningnoordzee@rws.nl. De contactpersoon kan uw vragen beantwoorden en het besluit met u doornemen. Bezwaar maken Belanghebbenden kunnen, binnen zes weken na de dag waarop dit besluit is bekendgemaakt, een bezwaarschrift indienen bij Rijkswaterstaat Zee en Delta, Afdeling Werkenpakket, Postbus 2232, 3500 GE UTRECHT. Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en tenminste het volgende te bevatten: • de naam en het adres van de indiener; • de dagtekening; • een duidelijke omschrijving van het besluit waartegen u bezwaar maakt (bijvoorbeeld door de datum en het kenmerk van het besluit te vermelden of door een kopie mee te sturen); • de reden waarom u bezwaar maakt. Wanneer u vragen heeft of wanneer u zich afvraagt of het indienen van een bezwaarschrift voor u een geschikte aanpak is, kunt u contact opnemen met Rijkswaterstaat, via telefoonnummer 088-7974600 of via e-mailadres vergunningverleningnoordzee@rws.nl. De afdeling vergunningverlening kan met u overleggen over de te volgen procedure en u informeren over andere mogelijkheden die Rijkswaterstaat u eventueel biedt om tot een oplossing te komen. Voorlopige voorziening Het indienen van een bezwaarschrift heeft geen schorsende werking. Indien tegen het besluit bezwaar is ingesteld en als onverwijlde spoed dat vereist kan de indiener van het bezwaar een verzoek doen tot het treffen van een voorlopige voorziening. Dit verzoek moet worden gericht aan de voorzieningenrechter van de rechtbank binnen het rechtsgebied waarin de indiener van het bezwaarschrift zijn woonplaats heeft of gevestigd is. Bij het verzoek dient een afschrift van het bezwaarschrift te worden overgelegd en zo mogelijk tevens een afschrift van de vergunning waarop het geschil betrekking heeft. Indiening kan ook via de site https://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht

Naar boven