Besluit van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 17 april 2026, nr. 2026-0000131705 houdende benoeming van een van de leden van de Commissie geschilbeslechting bij totstandkoming van prestatieafspraken als bedoeld in artikel 44 van de Woningwet (Benoemingsbesluit lid Adviescommissie geschilbeslechting prestatieafspraken Woningwet)

De Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,

Besluit:

Artikel 1

Met ingang van 1 april 2026 voor de duur van 4 jaar tot lid van de Adviescommissie geschilbeslechting prestatieafspraken Woningwet te benoemen, op schriftelijke voordracht uit de kring van organisaties die zich ten doel stellen de belangen van toegelaten instellingen te behartigen:,

Mevrouw E. Lamers

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum waarop het in de Staatscourant wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 april 2026.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, E. Boekholt-O’Sullivan

TOELICHTING

Dit besluit regelt de benoeming van een van de leden van de Adviescommissie geschilbeslechting prestatieafspraken Woningwet. Op grond van artikel 44 van de Woningwet kunnen geschillen die aan de totstandkoming van prestatieafspraken in de weg staan, worden voorgelegd aan de minister. De minister laat zich bij geschillen adviseren door een paritair samengestelde commissie, zoals opgenomen in artikel 40 van het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting (Btiv) en de voorwaarden zoals gesteld in artikel 19a tot en met 19d van de Regeling toegelaten instellingen volkshuisvesting (Rtiv).

Artikel 3 van het Instellingsbesluit Adviescommissie geschilbeslechting prestatieafspraken Woningwet, regelt de wijze waarop de (plaatsvervangende) leden worden voorgedragen voor benoeming (en tevens ontslag) door de Minister.

De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, E. Boekholt-O’Sullivan

Naar boven