Wijziging Inkomstenregeling militairen

17 april 2026

Nr. D2026-002059 / MINDEF20260028655

De Staatssecretaris van Defensie,

Gelet op artikel 9, eerste en tweede lid, van het Besluit dienstreizen defensie, artikel 52, eerste lid, onder g, van het Inkomstenbesluit burgerlijke ambtenaren defensie, artikel 3, zesde lid, van het Inkomstenbesluit militairen, artikel 16, sub g, van het Inkomstenbesluit militairen en artikel 27 van het Verplaatsingskostenbesluit;

Besluit:

ARTIKEL I

In tabel 26 van de Inkomstenregeling militairen worden in de alfabetische volgorde de volgende vakgebieden ingevoegd: ‘spoedeisende geneeskunde’ en ‘sportgeneeskunde’.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst werkt terug tot en met 17 september 2025.

Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Defensie Voor deze De Hoofddirecteur Personeel B.J. de Greeff

TOELICHTING

Om aanspraak te maken op een Toelage Officier Medisch Specialist (TOMS) en eventueel een Aanvullende TOMS (ATOMS), zoals bedoeld in artikel 7 van de Inkomstenregeling militairen (IRM), moet een officier die werkzaam is als klinisch medisch specialist worden aangemerkt als ‘officier medisch specialist’. In artikel 1, onder h, van de IRM is de definitie van ‘officier medisch specialist’ opgenomen: ‘de officier die als klinisch medisch specialist werkzaam is in een van de in tabel 26 genoemde vakgebieden en als medisch specialist is ingeschreven in het bij het betreffende vakgebied behorende register van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst van de Koninklijke Maatschappij ter bevordering der Pharmacie of van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot de bevordering der Tandheelkunde.’

Uit het voorgaande vloeit voort dat moet zijn voldaan aan twee vereisten om als ‘officier medisch specialist’ te kunnen worden aangemerkt. Ten eerste moet de officier die werkzaam is als klinisch medisch specialist in een van de in tabel 26 van de IRM genoemde vakgebieden werkzaam zijn. Ten tweede moet de officier die werkzaam is als klinisch medisch specialist zijn ingeschreven in het bij zijn vakgebied behorende register van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG), van de Koninklijke Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP) of van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot de bevordering der Tandheelkunde (KNMT).

Zoals hierboven beschreven, kan een ‘officier medisch specialist’ eventueel aanspraak maken op TOMS en ATOMS. De TOMS en ATOMS zijn behoud maatregelen met als doel verschillen in de beloningspositie tussen personeel in de civiele zorg en defensiepersoneel met dezelfde kwalificaties te mitigeren. In tabel 26 van de IRM zijn de vakgebieden opgenomen waarbinnen een officier die werkzaam is als klinisch medisch specialist werkzaam moet zijn om als ‘officier medisch specialist’ te kunnen worden aangemerkt. In tabel 26 van de IRM zijn sportgeneeskunde en spoedeisende geneeskunde evenwel niet als vakgebied opgenomen, waardoor officieren werkzaam in deze vakgebieden dus geen aanspraak maken op de TOMS en ATOMS.

In verband met de huidige onzekere geopolitieke situatie en de daarmee samenhangende inzet van Defensie in het kader van hoofdtaak 1, is het van belang dat officieren die werkzaam zijn als klinisch medisch specialist in de vakgebieden sportgeneeskunde en spoedeisende geneeskunde behouden blijven voor Defensie. Ook de Militair Geneeskundige Autoriteit onderschrijft de toegevoegde waarde van de betreffende groepen officieren in de zorgketen vanwege hun cruciale rol en positie binnen de operationele en niet-operationele militaire gezondheidszorg. Zo worden de officieren die werkzaam zijn als klinisch medisch specialist in het vakgebied spoedeisende geneeskunde ingezet bij onder meer de eerste opvang bij trauma en spoedeisende geneeskunde in een rol 2 setting en verzorgen zij trainingen van algemeen militair artsen en ondersteunend geneeskundig personeel bij alle operationele commando’s. Ook worden officieren die werkzaam zijn als klinisch medisch specialist in het vakgebied spoedeisende geneeskunde ingezet als speciale staffunctionaris bij het Commando Luchtstrijdkrachten ter versterking en borging van de kwaliteit van de afvoer van de gewonden door de lucht. Ten slotte is de kennis en kunde van officieren die werkzaam zijn als klinisch medisch specialist in het vakgebied spoedeisende geneeskunde onontbeerlijk om deze kennis te borgen in opleidingsproducten en ter controle op de kwaliteit van de opleidingen. Officieren die werkzaam zijn als klinisch medisch specialist in het vakgebied sportgeneeskunde zijn bij Defensie actief binnen Trainingsgeneeskunde en Trainingsfysiologie van het Commando Landstrijdkrachten en vervullen een onmisbare bijdrage aan het inzetbaar personeelsbestand van de krijgsmacht.

Tegen deze achtergrond is het noodzakelijk dat grote ongewenste inkomensverschillen worden voorkomen en dat dit hoogwaardig gekwalificeerd personeel wordt behouden voor Defensie door hen een markt conforme beloning te geven ten opzichte van de civiele zorg. Daarom worden de vakgebieden sportgeneeskunde en spoedeisende geneeskunde opgenomen in tabel 26 van de IRM, zodat ook de officieren die werkzaam zijn als klinisch medisch specialist in de vakgebieden sportgeneeskunde en spoedeisende geneeskunde, indien voldaan aan de geldende vereisten, aanspraak maken op de eerder genoemde toelagen.

De Staatssecretaris van Defensie Voor deze De Hoofddirecteur Personeel B.J. de Greeff

Naar boven