Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 24 april 2026, kenmerk 4371128-1097101-DMO houdende de wijziging van de Regeling specifieke uitkering voor specialistische functies aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling in verband met het toevoegen van een activiteit waarvoor uitkering kan worden aangevraagd en het aanpassen van het aantal coördinerende gemeenten en de maximumbedragen [KetenID WGK028949]

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op de artikelen 3 en 5 van de Kaderwet VWS-subsidies;

Besluit:

ARTIKEL I

De Regeling specifieke uitkering voor specialistische functies aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 2, tweede lid, onderdeel d, komt te luiden:

  • d. Het bieden van opvang, begeleiding of behandeling aan slachtoffers van mensenhandel met multiproblematiek, waaronder voor het jaar 2026 tevens voorbereidende werkzaamheden ter realisatie van deze opvangplekken worden verstaan.

B

Artikel 4 komt te luiden:

De specifieke uitkering voor het jaar 2026 bedraagt per coördinerende gemeente per specialistische functie ten hoogste:

Specialistische functie

Specifieke uitkering

Coördinerende gemeente

Landelijk knooppunt huwelijksdwang en achterlating

€ 824.135,88

Den Haag

Landelijke coördinatie Centra Seksueel Geweld

€ 1.791.147,04

Utrecht

Hulp slachtoffers eergerelateerd geweld en seksuele uitbuiting

€ 3.950.036,00

Groningen

€ 2.195.522,36

Tilburg

Het bieden van opvang, begeleiding of behandeling aan slachtoffers van mensenhandel met multiproblematiek, met inbegrip van voorbereidende werkzaamheden hiervoor

€ 138.322,80

Alkmaar

€ 138.322,80

Almere

€ 1.437.125,69

Amsterdam

€ 712.117,21

Rotterdam

C

Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid vervalt, onder vernummering van het tweede tot en met vijfde lid tot eerste tot en met vierde lid.

2. In het eerste lid (nieuw) wordt ‘voor het jaar 2025 ingediend voor 1 april 2025’ vervangen door ‘voor het jaar 2026 ingediend voor 1 juli 2026’.

3. In het tweede lid (nieuw) komt ‘en tweede’ te vervallen.

D

Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid vervalt, onder vernummering van het tweede tot en met vierde lid tot eerste tot en met derde lid.

2. Het eerste lid (nieuw) wordt ‘Bij toepassing van artikel 5, tweede lid, beslist de Minister’ vervangen door ‘De Minister beslist’.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport, W.R.C. Sterk

TOELICHTING

Algemeen

De Regeling specifieke uitkering voor specialistische functies aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling (hierna: de Regeling) voorziet sinds 2021 in de financiering van specialistische functies ten behoeve van een integrale aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling, die door de gemeenten bovenregionaal zijn georganiseerd. Het gaat om de volgende specialistische functies:

  • 1. Landelijk knooppunt huwelijksdwang en achterlating.

  • 2. Landelijke coördinatie Centra Seksueel Geweld.

  • 3. Hulp slachtoffers eergerelateerd geweld en seksuele uitbuiting.

  • 4. Het bieden van opvang, begeleiding of behandeling aan slachtoffers van mensenhandel met multiproblematiek.

Met de onderhavige wijzigingsregeling zijn de activiteiten waarvoor een specifieke uitkering kan worden verstrekt voor het onderdeel opvang aan slachtoffer van mensenhandel met multiproblematiek voor het jaar 2026 uitgebreid naar voorbereidende werkzaamheden ter realisatie van deze opvangplekken, zijn de bedragen van de uitkeringen voor het jaar 2026 voor de functies genoemd onder 2 en 4 aangepast, en is de aanvraagperiode voor het jaar 2026 opgenomen.

Bij aanpassing van de bedragen is loon- en prijsbijstelling voor 2026 niet meegenomen.

Artikelsgewijs

Artikel I

Onderdeel A

In dit onderdeel is bepaald dat onder de activiteiten waarvoor een specifieke uitkering kan worden verstrekt voor het onderdeel opvang aan slachtoffer van mensenhandel met multiproblematiek voor het jaar 2026 tevens de voorbereidende activiteiten ter realisatie van deze opvangplekken worden verstaan. Om onduidelijkheid bij het indienen van de aanvraag van de uitkering te voorkomen, is besloten de voorbereidende werkzaamheden specifiek op te nemen in artikel 2 lid 2 sub d waarin de activiteiten waarvoor een uitkering aangevraagd kan worden zijn opgenomen. Dit gaat over het gereed maken van de opvanglocatie of het werven van gekwalificeerd personeel. Deze verduidelijking geldt alleen voor dit specifieke onderdeel van de uitkering. Deze verduidelijking geldt alleen voor dit specifieke onderdeel van de uitkering en alleen voor het jaar 2026.

Onderdeel B

In dit onderdeel zijn de bedragen van de uitkeringen voor het jaar 2026 voor de functies genoemd onder 2 en 4 aangepast. De bedragen voor de functies onder 1 en 3 zijn aangepast als gevolg van loon en prijsbijstelling in 2025.

Voor de landelijke coördinatie van de Centra Seksueel Geweld zijn additionele middelen toegevoegd ter versterking van de landelijke coördinatie van de centra seksueel geweld. De specifieke uitkering voor de landelijke coördinatie van de Centra Seksueel Geweld is daarom verhoogd van € 1.325.182 voor 2025 naar € 1.791.147,04 voor 2026.

In verband met een wijziging in het aantal coördinerende gemeenten en het aantal opvangplekken per coördinerende gemeente, is voor de opvang, begeleiding en behandeling van slachtoffers van mensenhandel met multiproblematiek een andere verdeling van middelen wenselijk dan voorgaande jaren. Gemeenten Enschede en Zwolle hebben aangegeven deze opvang niet langer aan te willen bieden. Het aantal plekken en de uitkering is, als gevolg hiervan, voor gemeenten Amsterdam en Rotterdam verhoogd.

Onderdeel C

In dit onderdeel is de aanvraagperiode voor het jaar 2026 bepaald. Daarnaast zijn de aanvraagperiode voor het jaar 2024 en de verwijzing bij de ontheffingsmogelijkheid naar het vervallen eerste lid verwijderd ter opschoning van de regeling.

De aanvraag tot verlening voor het jaar 2026 door de coördinerende gemeente wordt voor 1 juli 2026 (uiterlijk 30 juni 2026 om 23.59 uur) ontvangen.

Onderdeel D

De beslistermijn voor het besluit tot verlening van de uitkering gaat voor alle aanvragen in vanaf ontvangst van de aanvraag tot verlening van een uitkering. Hierdoor vervalt het eerste lid van de regeling en is de tekst van het tweede lid aangepast.

Artikel II

In afwijking van de systematiek van vaste verandermomenten en de termijn tussen publicatiedatum en tijdstip van inwerkingtreding bij regelgeving, treedt deze wijzigingsregeling in werking met ingang van dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Afwijking van het vaste verandermoment is gerechtvaardigd, zodat coördinerende gemeenten zo snel mogelijk geïnformeerd zijn over de aanvraagperiode en de nieuwe bedragen van de uitkeringen voor het jaar 2026.

De Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport, W.R.C. Sterk

Naar boven