Besluit beperking openbaarheid

Logo Utrecht

De commissaris van de Koning in de provincie Utrecht

Gelet op artikel 15, eerste lid, onder a van de Archiefwet 1995, artikel 10 van het Archiefbesluit 1995 en het advies van de algemene rijksarchivaris d.d. 2 mei 2023, met Zaaknummer 1263541.

Besluit:

Tot het stellen van de volgende beperkingen aan de openbaarheid van het

Archief commissaris van de Koningin in de provincie Utrecht, 1986-1997

Artikel 1

Met het oog op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer zijn in het Archief commissaris van de Koningin in de provincie Utrecht, 1986-1997, de inventarisnummers, genoemd in de eerste kolom beperkt openbaar tot 1 januari van het jaar, genoemd in de tweede kolom.

  • a.

    Stukken betreffende advisering over Koninklijke onderscheidingen:

Inventarisnummer

Beperkt openbaar tot 1 januari

199-212

2047

213-226

2048

227-240

2049

241-254

2050

255-267

2051

268-280

2052

281-293

2053

294-308

2054

309-321

2055

322-337

2056

338-367

2057

368-374

2057

375

2058

376-406

2059

407-418

2447

419-432

2049

433-444

2050

445-454

2051

455-466

2052

467-478

2053

479-488

2054

489-497

2055

498-506

2056

507-519

2057

520-547

2058

548-573

2059

Stukken betreffende (her)benoeming en functioneren van burgemeesters:

Inventarisnummer

Beperkt openbaar tot 1 januari

633

2064

634

2071

635

2071

636

2072

637

2070

638

2070

639

2071

640

2065

641

2064

642

2062

643

2069

644

2074

645

2065

646

2071

647

2066

648

2066

649

2067

650

2069

651

2068

652

2073

653

2069

654

2064

655

2065

656

2066

657

2071

658

2065

659

2064

660

2073

661

2065

662

2065

663

2065

664

2071

665

2066

666

2066

667

2063

668

2064

669

2064

670

2064

671

2065

672

2066

673

2065

674

2063

675

2071

676

2072

677

2067

678

2065

679

2071

680

2068

681

2067

682

2073

683

2062

684

2062

685

2065

686

2064

687

2069

688

2065

689

2070

690

2071

691

2063

692

2063

Artikel 2

Raadpleging of gebruik van de archiefbescheiden geborgen onder de inventarisnummers genoemd in artikel 1 is, tot openbaarwording, uitsluitend mogelijk na voorafgaande schriftelijke toestemming van de rijksarchivaris in de provincie Utrecht, die aan zijn toestemming voorwaarden kan verbinden.

Artikel 3

Het vervaardigen van reproducties van documenten geborgen onder de inventarisnummers genoemd in artikel 1 is, tot openbaarwording, uitsluitend mogelijk na voorafgaande schriftelijke toestemming van de rijksarchivaris in de provincie Utrecht, die aan zijn toestemming voorwaarden kan verbinden.

Artikel 4

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst. Dit besluit wordt als bijlage gevoegd bij de ‘Verklaring van Overbrenging van het Archief commissaris van de Koningin in de provincie Utrecht, 1986-1997’.

Utrecht, 16 maart 2026

De commissaris van de Koning in de provincie Utrecht,

Mr. J.H. Oosters

Bezwaar

Een belanghebbende kan tegen dit besluit bezwaar maken op grond van artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht. Dit kan door een bezwaarschrift in te dienen bij:

  • Provinciebestuur van de provincie Utrecht,

    Postbus 80300

    3508 TH Utrecht

De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt zes weken. De termijn vangt aan met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant, waarin het besluit is geplaatst.

Toelichting

Het uitgangspunt van de Archiefwet 1995 (hierna: de Archiefwet) is dat archiefbescheiden na overbrenging naar een archiefbewaarplaats openbaar zijn. Artikel 15 van de Archiefwet biedt gronden om alsnog noodzakelijke beperkingen aan die openbaarheid te stellen. De gronden voor beperking van de openbaarheid zijn eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer, belang van de Staat of zijn bondgenoten, of het voorkomen van onevenredige bevoordeling of benadeling van betrokkenen of derden. Conform de Archiefwet wordt het besluit tot beperking van de openbaarheid zover het rijkstaken van de commissaris betreft, na advies van de algemene rijksarchivaris vastgesteld, voorafgaand aan de overbrenging naar de rijksarchiefbewaarplaats in de provincie.

Voor het bepalen van beperkingen op de openbaarheid in dit archief zijn alle dossiers tijdens de archiefbewerking beoordeeld. Gekeken is naar persoonsgegevens, persoonlijke beleidsopvattingen en openbare orde en veiligheid ten aanzien van militaire terreinen, vliegvelden en nutsobjecten. Uiteindelijk speelt alleen de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer een rol bij twee aandachtsgebieden van de commissaris: Koninklijke onderscheidingen en burgemeesters, respectievelijk inventarisnummers 199-573 en 633-692. Deze dossiers worden openbaar respectievelijk na 60 en 75 jaar na datum van de jongste archiefbescheiden in de betreffende dossiers. De rijksarchivaris in de provincie Utrecht kan conform artikel 15, derde lid, van de Archiefwet de beperkingen ten aanzien van een verzoeker opheffen dan wel buiten toepassing laten, indien het belang van de gestelde beperking niet opweegt tegen diens belang tot raadpleging of gebruik van de archiefbescheiden.

De indeling van de dossiers van Koninklijke onderscheidingen is bij de archiefbewerking gehandhaafd. In de Vernietigingslijst archiefbescheiden provinciale en interprovinciale organen 1989/1994 (Stcrt. 14 juni 1994, nr. 110) staat dat alleen stukken betreffende voorstellen voor bijzondere personen permanent bewaard moeten worden. De rest wordt vernietigd 1 jaar na overlijden of 110 jaar na geboorte van de betrokkene.

Er is in dit geval voor gekozen om alle dossiers inzake Koninklijke onderscheidingen te bewaren. Ook de ingetrokken voorstellen en de negatieve besluiten zijn bewaard gebleven. De onderbouwing hiervoor is enerzijds omdat de opbouw van het archief het moeilijk maakt om de scheiding te maken, en anderzijds om een zo volledig mogelijk beeld te geven van de aanvragen voor Koninklijke onderscheidingen. Bovendien wordt op deze manier aangesloten bij het vorige archiefblok (1955-1985), waarin ook alle adviezen zijn bewaard. Deze dossiers krijgen, conform advies van de algemene rijksarchivaris, een beperking van 60 jaar na sluiting van het dossier.

Bij de burgemeestersdossiers is tijdens de bewerking een scheiding gemaakt tussen de inhoudelijke bescheiden uit het persoonsdossier enerzijds en de financiële stukken en stukken ter kennisgeving anderzijds. Alleen de inhoudelijke bescheiden worden overgebracht naar de rijksarchiefbewaarplaats. Daarbij zitten ook gegevens van andere kandidaten. Voor de dossiers geldt, in afwijking van het advies van de algemene rijksarchivaris, een termijn van 75 jaar na sluiting van het dossier. De algemene rijksarchivaris adviseerde om een termijn van 100 jaar na geboorte van de uiteindelijke burgemeester te hanteren. Motivatie van de keuze, voor 75 jaar na sluiting van het dossier, ligt in het feit dat medekandidaten in het sollicitatieproces aanzienlijk jonger dan de uiteindelijke benoemde burgemeester kunnen zijn. Het is van belang dat de gegevens van ook deze kandidaten buiten de openbaarheid worden gehouden.

Naar boven