Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Autoriteit Consument en Markt | Staatscourant 2026, 12571 | overige overheidsinformatie |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Autoriteit Consument en Markt | Staatscourant 2026, 12571 | overige overheidsinformatie |
Zaaknummer: ACM/25/198667
De Autoriteit Consument en Markt,
Gelet op artikel 3.121 van de Energiewet;
Besluit
De Systeemcode elektriciteit 2026 wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 10.17 wordt gewijzigd als volgt:
1. Het vierde lid komt te luiden:
4. Indien de meetinrichting, bedoeld in het derde lid, onderdeel b, nog niet is uitgelezen, de uitgelezen meterstanden niet volledig aaneengesloten zijn of de waarde van het verschil tussen aaneengesloten meterstanden niet valide is, gaat de systeembeheerder voor deze meterstanden, in afwijking van het derde lid, uit van de gegevens die hij overeenkomstig bijlage 13 bepaalt. Meterstanden zijn niet valide indien het verschil tussen opeenvolgende uitgelezen meterstanden van een energierichting kleiner of groter is dan wat technisch mogelijk is.
2. In het zesde lid wordt ‘het vierde lid’ vervangen door ‘het vijfde lid’.
3. In het achtste lid wordt na ‘bijlage 16’ ingevoegd ‘en voor systeemverliezen overeenkomstig bijlage 17’.
4. Het negende lid komt te luiden:
9. De transmissiesysteembeheerder en de andere systeembeheerders leggen de in het derde lid tot en met het achtste lid bedoelde meetgegevens met betrekking tot de allocatiepunten van aansluitingen op hun systemen per onbalansverrekeningsperiode, per balanceringsverantwoordelijke, per leverancier en, ingeval van profielallocatie, per profielcategorie vast in dagrapporten.
5. Het tiende lid komt te luiden:
10. De systeembeheerder stelt voor de aansluitingen, bedoeld in het negende lid, de allocatiemethode vast op:
a. “telemetrie” voor grote aansluitingen indien de meetinrichting van de aansluiting voldoet aan de eisen van paragraaf 4.3.2 van de Meetcode elektriciteit of de meetgegevens worden bepaald op basis van het zesde lid, onder a, van dit artikel;
b. “profielallocatie” voor grote aansluitingen indien een meetinrichting van de aansluiting alleen voldoet aan paragraaf 4.3.4 van de Meetcode elektriciteit;
c. “slimme-meter-allocatie” voor kleine aansluitingen indien deze is voorzien van een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit wordt gebruikt;
d. “profielallocatie” voor kleine aansluitingen indien deze is voorzien van een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit niet wordt gebruikt of de meetgegevens zijn bepaald op basis van het zesde lid, onder b van dit artikel;
6. In het elfde lid wordt ‘, vijfde en zevende’ vervangen door ‘tot en met het achtste’.
7. In het elfde lid, onderdeel d, wordt na ‘per leverancier’ ingevoegd ‘en per herkomstindicatie’.
B
In bijlage 16 wordt het eerste lid, gewijzigd als volgt:
1. Na ‘geprofileerde volume (TVGV)’ ingevoegd ‘en het in bijlage 17 bepaalde deel van de systeemverliezen dat veroorzaakt wordt door het totale veronderstelde systeemverlies onbetaald verbruik (VSOVB)’.
2. ‘zesde lid’ wordt vervangen door ‘zevende lid’.
3. De formule komt te luiden ‘RCF = 1 – (REV / (TVGV + VSOVB))’.
C
Bijlage 13 komt te luiden:
1. De systeembeheerder bepaalt voor elk systeemgebied per onbalansverrekeningsperiode de som van het volume voor afname, per balanceringsverantwoordelijke en per leverancier voor alle aansluitingen met de allocatiemethode “slimme-meter-allocatie” waarvan de uitgelezen meterstanden niet compleet of niet valide zijn overeenkomstig artikel 10.17, vierde lid, volgens de formule:
[berekende volume SMA afname]BRP,LV = Σ (- PFAPC x SJABRP, LV,PC,TP)
waarin:
PFAPC = de profielfractie afname van de betreffende profielcategorie voor het desbetreffende systeemgebied voor de betreffende onbalansverrekeningsperiode
SJABRP, LV,PC, TP = de standaardjaarafname van de allocatiepunten voor het desbetreffende systeemgebied van de betreffende balanceringsverantwoordelijke, de betreffende leverancier in de betreffende profielcategorie en de betreffende tariefperiode.
2. De systeembeheerder bepaalt voor elk systeemgebied per onbalansverrekeningsperiode de som van het volume voor invoeding, per balanceringsverantwoordelijke en per leverancier voor alle aansluitingen met de allocatiemethode “slimme-meter-allocatie” waarvan de uitgelezen meterstanden niet compleet of niet plausibel zijn overeenkomstig artikel 10.17, vierde lid, volgens de formule:
[berekende volume SMA invoeding]BRP,LV = Σ PFIPC x SJIBRP, LV,PC,TP
waarin:
PFIPC = de profielfractie invoeding van de betreffende profielcategorie voor het desbetreffende systeemgebied voor de betreffende onbalansverrekeningsperiode.
SJIBRP, LV,PC,TP = de standaardjaarafname van de allocatiepunten voor het desbetreffende systeemgebied van de betreffende balanceringsverantwoordelijke, de betreffende leverancier in de betreffende profielcategorie en de betreffende tariefperiode.
3. Indien de uitgelezen meterstanden niet volledig aaneengesloten zijn, berekent de systeembeheerder, in afwijking van het eerste en tweede lid, het volume voor afname en invoeding van een allocatiepunt door middel van interpolatie aan de hand van profielfracties.
D
Bijlage 17 komt te luiden
1. De systeembeheerder bepaalt voor elk systeemgebied per onbalansverrekeningsperiode het totale veronderstelde volume systeemverlies onbetaald verbruik (VSOVB) per systeemgebied, door de absolute waarde van het veronderstelde volume systeemverlies onbetaald verbruik afname (VSOVBA) en de absolute waarde van het veronderstelde volume systeemverlies onbetaald verbruik invoeding (VSOVBI) te sommeren.
2. De systeembeheerder bepaalt voor elk systeemgebied per onbalansverrekeningsperiode het gecorrigeerde volume systeemverlies afname (GSA) volgens de formule:
GSA = (VSA – VSOVBA) + (VSOVBA x RCF)
waarin:
RCF = overeenkomstig de in bijlage 16, eerste lid, bepaalde restantvolumecorrectiefactor,
GSA = gecorrigeerd systeemverlies afname,
VSA = verondersteld systeemverlies afname,
VSOVBA = het deel van het VSA dat veroorzaakt wordt door onbetaald verbruik.
3. De systeembeheerder bepaalt voor elk systeemgebied per onbalansverrekeningsperiode het gecorrigeerde volume systeemverlies invoeding (GSI) volgens de formule:
GSI = (VSI – VSOVBI) + (VSOVBI x (2 – RCF))
waarin:
RCF = de overeenkomstig de in bijlage 16, eerste lid, bepaalde restantvolumecorrectiefactor,
GSI = gecorrigeerd systeemverlies invoeding,
VSI = verondersteld systeemverlies invoeding,
VSOVBI = het deel van de VSVI dat veroorzaakt wordt door onbetaald verbruik.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
’s-Gravenhage, 26 maart 2026
Autoriteit Consument en Markt, namens deze: M.R. Leijten bestuurslid
Als u rechtstreeks belanghebbende bent, kunt u bezwaar maken tegen dit besluit. Stuur uw gemotiveerde bezwaarschrift naar de Autoriteit Consument en Markt, Juridische Zaken, postbus 16326, 2500 BH Den Haag. Graag ontvangen wij uw bezwaarschrift binnen zes weken na de dag waarop dit besluit bekend is gemaakt. In uw bezwaarschrift kunt u de Autoriteit Consument en Markt verzoeken in te stemmen met rechtstreeks beroep bij de bestuursrechter.
1. Met dit besluit wijzigt de Autoriteit Consument en Markt (hierna: de ACM) op voorstel van Netbeheer Nederland de Systeemcode elektriciteit. Dit besluit herziet de onbalansallocatie van kleine aansluitingen. De huidige systematiek maakt gebruik van profielen. Dit zijn schattingen op basis van historische jaarvolumes en generieke profielen. De nieuwe Energiewet voorziet in de mogelijkheid gebruik te maken van slimme meterdata. Met dit besluit wordt de zogenoemde collectieve slimme-meter-allocatie als nieuwe manier voor de onbalansallocatie ingevoerd. Daarnaast adresseert dit besluit het probleem van systeemverliezen in de onbalansallocatie. Tot nu toe wordt onbetaald verbruik hierin niet meegenomen. Dit besluit moderniseert de verdeling van het restantvolume op redelijke manier.
2. De ACM keurt op grond van artikel 3.121 van de Energiewet en artikel 36 van de Elektriciteitswet 1998 juncto artikel 7.42 van de Energiewet methoden of voorwaarden voor de energiemarkt goed, of stelt deze vast. Dit besluit is tot stand gekomen op basis van een voorstel van de gezamenlijke systeembeheerders dat de ACM op 9 oktober 2025 heeft ontvangen.
3. De ACM is van mening dat het voorstel geen technische voorschriften bevat bedoeld in Richtlijn 2015/1535. Om die reden zijn de voorwaarden in dit besluit niet in ontwerp ter notificatie aangeboden.
4. De ACM constateert dat het voorstel op 11 september 2025 in een overleg met representatieve organisaties is besproken. In het voorstel is een verslag opgenomen van dit overleg en de indieners hebben in het voorstel aangegeven welke gevolgtrekkingen zij hebben verbonden aan de zienswijzen die organisaties naar voren hebben gebracht. Naar het oordeel van de ACM voldoet het voorstel daarmee aan de vereisten bedoeld in artikel 3.120, tweede lid, van de Energiewet.
5. Onbalansallocatie is het proces waarbij de daadwerkelijke opwek en verbruik van energie worden toegewezen (gealloceerd) aan de balanceringsverantwoordelijke, om zo het verschil te bepalen tussen de voorspelde en feitelijke energiestroom. Dit proces is cruciaal om onbalans financieel af te wikkelen. Momenteel wordt voor de vaststelling van de onbalans van een balanceringsverantwoordelijke gebruikgemaakt van een profielenmethodiek. Deze methodiek houdt in dat het verbruik van een aangeslotene op basis van vooraf vastgestelde profielen op jaarbasis wordt toegerekend naar de kwartierverrekening (allocatie). Dit betreft een schatting en is geen afspiegeling van de werkelijkheid. Pas na het aflezen van de meterstand door de systeembeheerder kan het daadwerkelijke verbruik worden vastgesteld. Aan de hand van deze meterstanden wordt de daadwerkelijke onbalans toe gewezen en vindt de verrekening plaats (reconciliatie). Indien een meterstand niet of niet tijdig kan worden afgelezen, wordt het verbruik geschat. Als gevolg hiervan kennen zowel de onbalansallocatie als de reconciliatie een inherente mate van onnauwkeurigheid.
6. Deze methodiek heeft in het verleden naar behoren gewerkt maar door de toegenomen volatiliteit aan invoedings- en afnamevolumes is deze methode steeds slechter in staat om de daadwerkelijke onbalans toe te wijzen aan partijen die het veroorzaken. Met de uitrol van de slimme meter bij kleinverbruikers afgelopen decennium is slimme meter-data beschikbaar om de onbalansallocatie nauwkeuriger en sneller te laten plaatsvinden. Op 1 januari 2026 is de Energiewet inwerking getreden en daarmee ook artikel 2.5 van de Invoeringsregeling Energiewet. Dit artikel bepaalt dat de onbalansallocatie vanaf 1 mei 2026 moet plaatsvinden aan de hand van de slimme-meterdata, behalve voor aansluitingen met een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit of een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit administratief is uitgeschakeld. In dit besluit wordt de methodiek vastgelegd om de slimme-meterdata te verwerken.
7. Met dit besluit wordt artikel 10.17 van de Systeemcode elektriciteit 2026 op een aantal onderdelen aangepast. Zo wordt in een nieuw lid 10 bepaald dat de systeembeheerder de aansluitingen in zijn verzorgingsgebied indeelt naar allocatiemethode. Grote bemeterde aansluitingen worden ingedeeld in telemetrie. Kleine aansluitingen met communicatiefunctionaliteit worden ingedeeld bij de slimme-meterallocatie. Indien een grote of kleine aansluiting niet op afstand uitleesbaar is, wordt deze alsnog ingedeeld in een profielcategorie.
8. Indien meetgegevens van telemetrie of slimme-meter-allocatie, voor een periode niet beschikbaar of niet valide zijn, dient er een methode te zijn voor het vaststellen van voorlopige volumegegevens voor de onbalansallocatie. Hiertoe wordt een nieuw lid 4 aan artikel 10.17 toegevoegd waarin verwezen wordt naar een nieuwe bijlage 13. Deze bijlage bevat rekenregels om deze volumegegevens als nog vast te stellen. Deze rekenregels zien toe op zowel de afname als invoeding en zijn gebaseerd op de profielcategorie over die periode.
9. Daarnaast produceert de huidige methodiek volumes die overblijven na de toewijzing van de gemeten volumes, de berekende volumes en de systeemverliezen. Dit zijn de zogenoemde restantvolumes. Deze restantvolumes worden via een restantvolumecorrectiefactor aan alle klein- en grootverbruikersaansluitingen met profielallocatie toegewezen. De huidige systematiek voor het bepalen van systeemverliezen maakt geen onderscheid tussen systeemverliezen en verliezen als gevolg van fraude en contractloos gebruik van een aansluiting. Met de invoering van deze nieuwe onbalansallocatie daalt het aantal geprofileerde aansluitingen de komende jaren fors. Aangezien de geprofileerde aansluitingen niet de enigen zijn die restantvolumes veroorzaken, is het niet redelijk deze volumes enkel aan deze kleiner wordende groep toe te wijzen.
10. De systeemverliezen bestaan dus uit de componenten netverbruik, transportverbruik en onbetaald verbruik. Om tot een redelijke verdeling van de restantvolumes te komen, wordt met dit besluit het bepalen van de restantvolumecorrectiefactor voor geprofileerde aansluitingen aangepast. Hiertoe worden twee nieuwe begrippen geïntroduceerd, het veronderstelde netverlies onbetaald verbruik afname (VNOVBA) en het veronderstelde netverlies onbetaald invoeding (VNOVBI). Deze volumes zijn niet nauwkeurig te berekenen. Middels een nieuwe bijlage 17 wordt een berekening van het gecorrigeerd volume netverlies afname en inname geïntroduceerd, die rekening houdt met de VNOVBA en VNOVBI. Aan artikel 10.17, zevende lid, dat bepaalt hoe de meetgegevens voor geprofileerde aansluitingen samengesteld moeten worden, wordt een verwijzing naar deze nieuwe bijlage toegevoegd. Met deze toevoeging wordt een redelijke verdeling van de restantvolumes bereikt.
11. De ACM is van mening dat deze wijzigingen bijdragen aan het belang van een objectieve, transparante en niet discriminatoire handhaving van de energiebalans op een wijze die de kosten weerspiegelt. De ACM komt dan ook tot het oordeel dat de wijzigingen die Netbeheer Nederland voorstelt niet in strijd zijn met de belangen, regels en eisen bedoeld artikel 3.121, tweede lid, van de Energiewet.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2026-12571.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.