Kennisgeving in het kader van de uitvoering van het project ViA15, Rijkswaterstaat

Rijkswaterstaat voert het project ViA15 uit. Voor de uitvoering van dit project zijn besluiten nodig.

Welke besluiten zijn genomen?

Voor de uitvoering van het Tracébesluit A12/A15 Ressen-Oudbroeken (ViA15) zijn onderstaande besluiten genomen.

Gemeente Lingewaard

  • Omgevingsvergunning voor het realiseren van een fietsonderdoorgang (KW63) onder de N839, onderdeel van de realisatie van het project ViA15, ter hoogte van de Van Elkweg, kadastraal bekend: gemeente Bemmel, sectie L, nummer 934 (kenmerk ODRA25AB2082).

  • Omgevingsvergunning voor het realiseren van een viaduct (KW25) ter hoogte van de Kampsestraat, kadastraal bekend gemeente: Angeren, sectie E, nummer 836 (kenmerk ODRA25AB2085).

De besluiten worden op de datum van publicatie van deze kennisgeving aan de aanvrager bekendgemaakt.

Waar en wanneer kunt u de stukken inzien?

Op de besluiten is de coördinatieregeling van de Algemene wet bestuursrecht (afdeling 3.5) van toepassing. Dit volgt uit de Omgevingswet (artikel 5.45 lid 2 en artikel 16.7). De Minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft de voorbereiding van het besluit gecoördineerd. De reguliere voorbereidingsprocedure (afdeling 4.1 van de Algemene wet bestuursrecht) is toegepast.

Om de stukken in te kunnen zien, kunt u van 26 maart 2026 tot en met 6 mei 2026 contact opnemen met de Omgevingsdienst Regio Arnhem. Dat kan via het telefoonnummer 026-3771600.

Hoe kunt u bezwaar maken?

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kunnen belanghebbenden bezwaar maken tegen de besluiten. Dit kan van 26 maart 2026 tot en met 6 mei 2026. Het bezwaarschrift moet worden gericht aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat en verstuurd worden naar:

Rijkswaterstaat Corporate Dienst

T.a.v. het afdelingshoofd BJV Projectadvisering

Postbus 2232

3500 GE Utrecht

Onder vermelding van zaaknummer 540377/540354

Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en ten minste het volgende te bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de datum;

  • een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht (kopie bijvoegen), en;

  • een opgave van de redenen waarom men zich met het besluit niet kan verenigen (motivering).

Het maken van bezwaar schorst de werking van de besluiten niet. Gelijktijdig met of na de indiening van het bezwaarschrift kunt u – bij een spoedeisend belang – verzoeken om het treffen van een voorlopige voorziening. Dit verzoek moet worden gericht aan de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag of (door burgers) via het Digitaal Loket: https://loket.raadvanstate.nl/digitaal-loket/.

Het verzoek dient te zijn ondertekend en dient ten minste het volgende te bevatten:

  • naam en het adres van de indiener;

  • de datum;

  • een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht (kopie bijvoegen);

  • de motivering van het verzoek, en;

  • een afschrift van het bezwaarschrift.

Voor het indienen van een verzoek om een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd.

Meer informatie?

Voor meer informatie over dit besluit kunt u contact opnemen met de mevrouw J. Elbrecht, telefoonnummer 026-3773139.

Naar boven