Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 13 maart 2026, kenmerk 4360218-1095270-WJZ, houdende wijziging van de Warenwetregeling algemene chemische productveiligheid en intrekking van de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten en de Warenwetregeling elektronische productnotificatie [KetenID WGK028590]

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op:

  • Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels, tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006;

  • artikel 9.3a.1 van de Wet milieubeheer;

Besluit:

ARTIKEL I

Na artikel 1 van de Warenwetregeling algemene chemische productveiligheid worden twee artikelen ingevoegd, luidende:

Artikel 1a

Het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) en het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum worden aangewezen als de organen, bedoeld in artikel 45, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels, tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006.

Artikel 1b

Deze regeling berust mede op artikel 9.3a.1 van de Wet milieubeheer.

ARTIKEL II

De Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten en de Warenwetregeling elektronische productnotificatie worden ingetrokken.

ARTIKEL III

In artikel 2, eerste lid, van de Regeling mandaatverlening inzake de bevoegdheid tot handhaving van de regels m.b.t. indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels wordt ‘het overtredingen van bij of krachtens titel 9.3a van de Wet milieubeheer en het Warenwetbesluit deponering informatie preparaten gestelde voorschriften’ vervangen door ‘overtreding van bij of krachtens titel 9.3a van de Wet milieubeheer gestelde voorschriften’.

ARTIKEL IV

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, S.Th.M. Hermans

TOELICHTING

I. Algemeen

1. Inleiding

Deze regeling strekt ertoe de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten en de Warenwetregeling elektronische productnotificatie in te trekken, omdat deze regelingen overbodig zijn geworden door Verordening (EG) nr. 1272/20081 inzake stoffen en mengsels (hierna: CLP-verordening). Enkel het voorschrift inzake de aanwijzing van het orgaan of de organen, bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de CLP-verordening, blijft gehandhaafd. Deze bepaling wordt toegevoegd aan de Warenwetregeling algemene chemische productveiligheid.

2. Gevolgen voor regeldruk

Deze regeling introduceert geen nieuwe (beleids)effecten die gevolgen voor de administratieve lasten voor de burger of het bedrijfsleven met zich brengen. De Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten en de Warenwetregeling elektronische productnotificatie worden ingetrokken. Het toevoegen van de bepaling inzake de aanwijzing van het orgaan, bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de CLP-verordening, aan de Warenwetregeling algemene chemische productveiligheid heeft geen gevolgen voor de administratieve lasten voor de burger of het bedrijfsleven. Het Adviescollege toetsing regeldruk (ATR) heeft het dossier niet geselecteerd voor een formeel advies omdat het geen gevolgen voor de regeldruk heeft.

3. Handhaafbaarheid en uitvoerbaarheid

Het ontwerp van deze regeling is in verband met de eventuele gevolgen voor de handhaafbaarheid en uitvoerbaarheid voorgelegd aan de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) ter toetsing. De regeling heeft geen gevolgen voor de NVWA en daarom acht de NVWA de regeling handhaafbaar, uitvoerbaar en fraudebestendig.

II. Artikelsgewijs

Artikel I

Het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (hierna: NVIC) is op grond van artikel 45, eerste lid, van de CLP-verordening aangewezen om informatie te ontvangen die van belang is voor preventieve en curatieve maatregelen, in het bijzonder in het geval van respons in noodgevallen. Artikel 45, lid 1 bis, van de CLP-verordening2 biedt de mogelijkheid om ook het Europees Agentschap voor chemische stoffen (hierna: ECHA) aan te wijzen voor het ontvangen van deze informatie. Het ECHA beheert het centrale indieningsportaal voor de geharmoniseerde informatie die in het kader van bijlage VIII van de CLP-verordening moet worden verstrekt. Degenen die gevaarlijke mengsels in de handel brengen, dienen deze informatie in de praktijk via dit portaal in. Het ECHA stelt de informatie aan het NVIC ter beschikking om te kunnen reageren op medische verzoeken met het oog op zowel preventieve als curatieve maatregelen, met name bij spoedgevallen. Om bij de praktijk aan te sluiten, wordt in artikel 1a van de Warenwetregeling algemene chemische productveiligheid zowel het NVIC als het ECHA aangewezen als organen, bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de CLP-verordening.

Door het overhevelen van de aanwijzing van het orgaan of de organen, bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de CLP-verordening van de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten naar de Warenwetregeling algemene chemische productveiligheid, geeft deze regeling voortaan mede uitvoering aan artikel 9.3a.1 van de Wet milieubeheer. Dit is opgenomen in artikel 1b van de Warenwetregeling algemene chemische productveiligheid.

Artikel II

Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten

De Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten bevatten bepalingen die nadere invulling gaven aan voorschriften ter implementatie van Richtlijn 67/548/EEG3 inzake gevaarlijke stoffen en Richtlijn 1999/45/EG4 inzake gevaarlijke preparaten. Beide richtlijnen zijn ingetrokken en vervangen door de CLP-verordening. De Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten gaf eveneens invulling aan etiketteringsvoorschriften ter implementatie van Richtlijn 91/414/EEG5 inzake gewasbeschermingsmiddelen en Richtlijn 98/8/EG6 inzake biociden. Richtlijn 91/414/EEG is ingetrokken en vervangen door Verordening (EG) 1107/2009.7 Richtlijn 98/8/EG is ingetrokken en vervangen door Verordening (EU) 528/20128.

Een aantal bepalingen van de Nadere regels verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen en preparaten is in de loop van de tijd al vervallen. Naar aanleiding van een interne evaluatie van deze regeling is gebleken dat vrijwel alle artikelen kunnen worden ingetrokken, omdat hetgeen bepaald was in deze artikelen nu in de CLP-verordening dan wel in Verordening (EG) 1107/2009 of Verordening (EU) 528/2012 is opgenomen. Overtredingen van voorschriften van de CLP-verordening zijn strafbaar gesteld in de Wet milieubeheer en overtredingen van voorschriften van Verordening (EG) 1107/2009 en Verordening (EU) 528/2012 zijn strafbaar gesteld in de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden.

Warenwetregeling elektronische productnotificatie

De Warenwetregeling elektronische productnotificatie gaf nadere invulling aan artikel 3, eerste lid, van het Warenwetbesluit deponering informatie preparaten. Dit artikel geeft uitvoering aan zowel artikel 17 van Richtlijn 1999/45/EG als aan artikel 23 van Richtlijn 98/8/EG. Beide richtlijnen zijn ingetrokken en de betreffende artikelen zijn vervangen door artikel 45 van de CLP-verordening. Informatie die aan het NVIC verstrekt moet worden, geschiedt overeenkomstig bijlage VIII van de CLP-verordening.

Artikel III

In artikel 2, eerste lid, van de Regeling mandaatverlening inzake de bevoegdheid tot handhaving van de regels m.b.t. indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels was een verwijzing opgenomen naar het Warenwetbesluit deponering informatie preparaten. Nu dit besluit wordt ingetrokken, omdat het overbodig is geworden door de CLP-verordening, kan deze verwijzing vervallen. Het overtreden van voorschriften van de CLP-verordening is strafbaar gesteld in de Wet milieubeheer.

Artikel IV

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Hiermee wordt afgeweken van het beleid van vaste verandermomenten voor wet- en regelgeving, omdat het reparatieregelgeving betreft (Ar. 4.17, vijfde lid, onder c).

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, S.Th.M. Hermans


X Noot
1

Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels, tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006.

X Noot
2

Verordening (EU) 2024/2865 van het Europees parlement en de Raad van 23 oktober 2024 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1272/2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels.

X Noot
3

Richtlijn 67/548/EEG inzake gevaarlijke stoffen van de Raad van 27 juni 1967 betreffende de aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke stoffen.

X Noot
4

Richtlijn 1999/45/EG van het Europees parlement en de Raad van 31 mei 1999 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke preparaten.

X Noot
5

Richtlijn 91/414/EEG van de Raad van 15 juli 1991 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen.

X Noot
6

Richtlijn 98/8/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden.

X Noot
7

Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad.

X Noot
8

Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden.


X Noot
1

Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels, tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006.

X Noot
2

Verordening (EU) 2024/2865 van het Europees parlement en de Raad van 23 oktober 2024 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1272/2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels.

X Noot
3

Richtlijn 67/548/EEG inzake gevaarlijke stoffen van de Raad van 27 juni 1967 betreffende de aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke stoffen.

X Noot
4

Richtlijn 1999/45/EG van het Europees parlement en de Raad van 31 mei 1999 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke preparaten.

X Noot
5

Richtlijn 91/414/EEG van de Raad van 15 juli 1991 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen.

X Noot
6

Richtlijn 98/8/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden.

X Noot
7

Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad.

X Noot
8

Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden.

Naar boven