Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 6 maart 2025, nr. 2025-0000039258, tot wijziging van de Subsidieregeling financiële educatie voor onderwijsinstellingen in verband met het verlengen van de vervaltermijn

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Gelet op de artikelen 3 en 5 van de Kaderwet SZW-subsidies;

Besluit:

ARTIKEL I

De Subsidieregeling financiële educatie voor onderwijsinstellingen wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 7, derde lid, aanhef, wordt ‘onderdeel c’ vervangen door ‘onderdeel b’.

B

Artikel 15 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt ‘17 oktober 2026’ vervangen door ‘17 oktober 2028’.

2. In het tweede lid wordt ‘16 oktober 2026’ vervangen door ‘16 oktober 2028’.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.N.J. Nobel

TOELICHTING

1. Inleiding

Deze regeling wijzigt de Subsidieregeling financiële educatie voor onderwijsinstellingen. Met deze wijzigingsregeling is de vervaltermijn van de regeling verlengd en een technische wijziging doorgevoerd in verband met een kennelijke verschrijving. Deze wijzigingen worden hieronder toegelicht.

2. Verlenging vervaltermijn

Het Ministerie van SZW zet in op het voorkomen en vroegtijdig aanpakken van schulden. Hiertoe is in september 2023 een aanvraagtijdvak voor financiële educatie op het middelbaar beroepsonderwijs (verder te noemen: mbo-instellingen) geopend. Het doel van de subsidieregeling is om structurele aandacht te bevorderen voor effectieve financiële educatie binnen het onderwijs. Het tweede tijdvak richtte zich op het bevorderen van financiële educatie in het voortgezet onderwijs (verder te noemen: vo). In 2025 zal een derde tijdvak worden opengesteld voor een selectie van scholen binnen het primair onderwijs (verder te noemen: po).

Bij het ontstaan van de Subsidieregeling financiële educatie voor onderwijsinstellingen (toen nog genoemd: Subsidieregeling financiële educatie voor mbo-instellingen) was het uitgangspunt dat er verschillende regelingen voor de verschillende onderwijssectoren ontwikkeld zouden worden. Dit heeft er voor gezorgd dat de originele vervaltermijn van de regeling kwam te liggen op drie jaar. Uiteindelijk bleek het goed mogelijk om te werken met één regeling en daarbinnen met meerdere tijdvakken voor de verschillende onderwijssectoren. Vanuit praktische overwegingen is hiervoor gekozen. Om het derde tijdvak mogelijk te maken dat in 2025 wordt opengesteld voor een selectie van scholen binnen het primair onderwijs is het nodig om de vervaltermijn te verlengen van drie jaar naar vijf jaar (de maximale termijn conform de Comptabiliteitswet 2016). Daarin voorziet artikel I, onderdeel B, van deze wijzigingsregeling.

Het verlengen van de vervaltermijn gebeurt vooruitlopend op de wijziging die nodig is om het derde tijdvak in 2025 open te stellen. De reden daarvoor is dat de inhoudelijke voorbereiding van het derde tijdvak nog niet af is. Om tijdige openstelling van het derde tijdvak te waarborgen is ervoor gekozen om de onderhavige wijzigingsregeling, die vanwege de voorhangverplichting een langere procedure kent, separaat tot stand te brengen.

3. Herstel verschrijving

Met deze wijzigingsregeling wordt een kennelijke verschrijving hersteld in artikel 7, derde lid, aanhef. Er wordt voor effectieve financiële educatie verwezen naar het tweede lid, onderdeel c, terwijl dit is geregeld in het tweede lid, onderdeel b. Dit is geregeld met artikel I, onderdeel A, van deze wijzigingsregeling.

4. Voorhangprocedure

Artikel 4.10, zevende lid, van de Comptabiliteitswet 2016 schrijft voor dat een subsidieregeling die strekt tot wijziging van het tijdstip waarop die regeling vervalt niet eerder wordt vastgesteld dan 30 dagen nadat het ontwerp van die subsidieregeling schriftelijk ter kennis is gebracht van de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Een ontwerp van deze regeling is conform die bepaling op 14 januari 2025 ter kennis gebracht van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.1 Er zijn geen vragen gesteld naar aanleiding van deze voorhangprocedure.

5. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Er wordt afgeweken van het kabinetsbeleid van vaste verandermomenten en een minimuminvoeringstermijn voor regelgeving, zoals voorgeschreven in aanwijzing 4.17 van de Aanwijzingen voor de regelgeving. Het is noodzakelijk om de regeling zo snel mogelijk in werking te laten treden, zodat de Subsidieregeling financiële educatie voor onderwijsinstellingen in 2025 uitgebreid kan worden met nieuwe hoofdstukken en de betreffende scholen in het po tijdig subsidie kunnen aanvragen voor een periode van drie jaar.

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.N.J. Nobel


X Noot
1

Kamerstukken II 2024/25, 31 524, nr. 626.

Naar boven