Drogisterijbranche VDF 2025

Verbindendverklaring gewijzigde cao-bepalingen

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 27 maart 2025 tot wijziging van het besluit tot algemeenverbindendverklaring van bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst voor de drogisterijbranche VDF

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

Gelezen het verzoek van Vereniging van Drogisterij- en Aanverwante Filiaalbedrijven (VDF) mede namens de overige partijen bij bovengenoemde collectieve arbeidsovereenkomst, strekkende tot algemeenverbindendverklaring van gewijzigde bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst;

Partij ter ener zijde: Vereniging van Drogisterij- en Aanverwante Filiaalbedrijven (VDF);

Partijen ter andere zijde: CNV en FNV.

Gelet op de artikelen 2, 4 en 5 van de Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten;

Besluit:

Dictum I

Het besluit tot algemeenverbindendverklaring van bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst1 wordt met inachtneming van dictum II als volgt gewijzigd:

A

De onder dictum I opgenomen bepalingen worden als volgt gewijzigd:

Artikel 4.1.4. komt te luiden:

‘4.1.4. Periodieke loonsverhoging

De loonschalen die gelden zijn in deze CAO opgenomen in bijlage 1. Werknemers verdienen ten minste het wettelijk minimumuurloon rekening houdend met hun arbeidsuren per maand.’

Bijlage 1 komt te luiden:

‘BIJLAGE 1 LOONSCHALEN

LOONSCHALEN PER UUR

Groep

1

2

3

4

5

6

Leeftijd/ Functiejaren

           

16

5,59

6,31

       

17

6,10

6,80

       

18

7,09

7,44

7,97

8,13

   

19

8,46

8,62

9,08

9,26

   

20

11,25

11,45

11,91

12,15

12,38

 

21

14,06

14,27

14,85

14,90

15,62

16,85

1

14,09

14,45

15,02

15,09

15,90

17,12

2

14,17

14,62

15,19

15,34

16,03

17,38

3

 

14,79

15,36

15,59

16,33

17,57

4

 

14,96

15,54

15,85

16,57

17,82

5

 

15,13

15,71

16,10

16,82

18,10

6

 

15,31

15,98

16,35

17,06

18,35

LOONSCHALEN PER 4 WEKEN

Groep

1

2

3

4

5

6

Leeftijd/ Functiejaren

           

16

827,32

933,88

       

17

902,80

1.006,40

       

18

1.049,32

1.101,12

1.179,56

1.203,24

   

19

1.252,08

1.275,76

1.343,84

1.370,48

   

20

1.665,00

1.694,60

1.762,68

1.798,20

1.832,24

 

21

2.080,88

2.111,96

2.197,80

2.205,20

2.311,76

2.493,80

1

2.085,32

2.138,60

2.222,96

2.233,32

2.353,20

2.533,76

2

2.097,16

2.163,76

2.248,12

2.270,32

2.372,44

2.572,24

3

 

2.188,92

2.273,28

2.307,32

2.416,84

2.600,36

4

 

2.214,08

2.299,92

2.345,80

2.452,36

2.637,36

5

 

2.239,24

2.325,08

2.382,80

2.489,36

2.678,80

6

 

2.265,88

2.365,04

2.419,80

2.524,88

2.715,80

REFERENTIE LOONSCHALEN PER MAAND (DIT ZIJN REFERENTIEMAANDLONEN GEBASEERD OP 260 WERKBARE DAGEN PER JAAR)

Groep

11

21

3

4

5

6

Leeftijd/ Functiejaren

           

16

896,26

1.011,70

       

17

978,03

1.090,27

       

18

1.136,76

1.192,88

1.277,86

1.303,51

   

19

1.356,42

1.382,07

1.455,83

1.484,69

   

20

1.803,75

1.835,82

1.909,57

1.948,05

1.984,93

 

21

2.254,29

2.287,96

2.380,95

2.388,97

2.504,41

2.701,62

1

2.259,10

2.316,82

2.408,21

2.419,43

2.549,30

2.744,91

2

2.271,92

2.344,07

2.435,46

2.459,51

2.570,14

2.786,59

3

 

2.371,33

2.462,72

2.499,60

2.618,24

2.817,06

4

 

2.398,59

2.491,58

2.541,28

2.656,72

2.857,14

5

 

2.425,84

2.518,84

2.581,37

2.696,81

2.902,03

6

 

2.454,70

2.562,13

2.621,45

2.735,29

2.942,12’

X Noot
1

Bij het vaststellen van het maandloon dient rekening te worden gehouden met het aantal door de werknemer te werken arbeidsuren per maand, waarbij ten minste het minimumuurloon dient te worden betaald. Werknemers die dus meer dan 260 dagen in het kalenderjaar werkzaam zijn, dienen voor alle (extra) uren ten minste het minimumuurloon te ontvangen.

Dictum II

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en heeft geen terugwerkende kracht.

’s-Gravenhage, 27 maart 2025

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, namens deze, De directeur Uitvoeringstaken Arbeidsvoorwaardenwetgeving, P.S. Nanhekhan

Naar boven